70 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie AG. Beleggingsfraude. Eerste middel is gericht tegen de gang van zaken ter terechtzitting waar…
Parket bij de Hoge Raad|15 september 2020|ECLI:NL:PHR:2020:805
Conclusie AG. Beleggingsfraude. Eerste middel is gericht tegen de gang van zaken ter terechtzitting waar verdachte noch diens raadsman aanwezig waren wegens vooraf toegewezen aanhoudingsverzoek. Tweede middel: had zittingsrechter zelf mogen beslissen op wrakingsverzoek? De conclusie strekt tot vernietiging en…
- Civiel recht overigHoger beroepCiviele hoger beroepsprocedure benadeelde partij ex art. 421 lid 4 Rv, immateriële schadevergoeding
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|2 juni 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:1700
tegen dit strafvonnis hoger beroep ingesteld. 3.2. [appellant] komt op grond van artikel 421 lid 4 Sv in hoger beroep van de (gedeeltelijke) afwijzing van zijn vordering betreffende immateriële schade en voert … geen hoger beroep is ingesteld, kan de benadeelde partij op grond van artikel 421 lid 4 Sv tegen dat deel van de vordering dat is afgewezen in hoger beroep komen
- Strafrecht overigConclusie A-G. Beklag tegen beslag n.a.v. rechtshulpverzoek, art. 552a Sv, 552d Sv en art. 13a WOTS. N.a.v…
Parket bij de Hoge Raad|28 januari 2020|ECLI:NL:PHR:2020:58Aangehaald in 5 uitspraken
artt. 552a en 552d lid 2 Sv beroep in cassatie open. Art. 552d lid 4 Sv bevat tegenwoordig voor zaken als de onderhavige (waarin het beklag betrekking heeft op de uitvoering … geweest. 1.6. Van veel belang is de vraag naar de toepasselijkheid van art. 552d lid 4 Sv voor de behandeling in cassatie overigens niet. De schrifturen zijn niet binnen veertien dagen ingediend
- Strafrecht overigCassatieGrootschalige oplichting van particuliere beleggers. Feitelijk leiding geven aan door rechtspersoon begaan…
Hoge Raad|26 mei 2020|ECLI:NL:HR:2020:917Aangehaald in 5 uitspraken
worden geweigerd indien horen ter terechtzitting niet noodzakelijk is te achten.” 2.3.2 Artikel 322 lid 4 Sv, dat in hoger beroep van overeenkomstige toepassing is, heeft geen betrekking op beslissingen die zijn
- Strafrecht overigOpenlijke geweldpleging, art. 141 Sr. Middelen m.b.t. 1. schending redelijke termijn bij betekening…
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2020|ECLI:NL:PHR:2020:832
verstekmededeling is uitgereikt. 15. Aan het middel is ten grondslag gelegd dat artikel 336 lid 4 Sv, dat ter implementatie van Richtlijn 2010/64/EU van het Europees Parlement en de Raad … uitvoeren, zoals voorgeschreven door de Richtlijn die ten grondslag ligt aan artikel 366 lid 4 Sv. 19. Het middel kan niet tot cassatie leiden. 20. Beide middelen falen en kunnen
- Strafrecht overigHoger beroepGepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 augustus 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:2684
zonder dat de rechter-commissaris een machtiging heeft gegeven als bedoeld in artikel 255, lid 4, Sv. Deze eis wordt inderdaad gesteld in genoemd artikel, maar dan gaat het om de gevallen … hier een sepotbeslissing. Er was nog geen vervolging ingesteld. Het bepaalde in artikel 255, lid 4, Sv is dus niet aan de orde, hetgeen betekent dat het openbaar ministerie bij nieuwe bezwaren
- Strafrecht overigCassatieArt. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. aanwezig hebben cocaïne (art. 2.C Opiumwet) en voorbereidingshandelingen…
Hoge Raad|21 april 2020|ECLI:NL:HR:2020:773Aangehaald in 6 uitspraken
mededelingen, bedoeld in artikel 260 lid 3, tweede volzin, Sv en artikel 260 lid 4 Sv. Aan deze verplichting kan worden voldaan door het verstrekken van een integrale vertaling van de dagvaarding
- Strafrecht overigCassatie in het belang der wetCorona-uitspraak, COVID-19. Cassatie in het belang van de wet. Jeugdzaak. Is toelaatbaar dat strafzaak op tz…
Hoge Raad|15 december 2020|ECLI:NL:HR:2020:2037Aangehaald in 13 uitspraken
terechtzitting voorvalt.” 4.1.2 De algemene maatregel van bestuur waarnaar artikel 131a leden 2 en 4 Sv verwijst, betreft het Besluit videoconferentie. Dit besluit bevat onder meer de volgende bepalingen. - Artikel
- Strafrecht overigHoger beroepMensenhandel. Ontvankelijkheid openbaar ministerie na sepot. Artikel 255 Wetboek van Strafvordering…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|8 juli 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:5298
vermeld dat met deze aanvraag tevens machtiging wordt gevraagd als bedoeld in artikel 255 lid 4 Sv. De rechter-commissaris is ervan op de hoogte gesteld dat de zaak geseponeerd … machtiging tap, is impliciet ook sprake van toewijzing van de vordering ex artikel 255 lid 4 Sv. Oordeel hof Het hof ziet zich ter beoordeling van hetgeen hiervoor besproken is voor verschillende
- Strafrecht overigConclusie AG. Economische zaak. Vervolg op ECLI:NL:HR:2016:1391. Uitleg terugwijzingsopdracht. Analoge…
Parket bij de Hoge Raad|25 augustus 2020|ECLI:NL:PHR:2020:730
cassatieberoep zijn beperkt tot bepaalde bewezenverklaarde feiten en waarin op grond van art. 423 lid 4 Sv resp. analoog aan art. 423 lid 4 Sv de straf voor het andere feit
- Strafrecht overigConclusie A-G. 344a lid 3 Sv. De vraag is of de melding van de openlijke geweldpleging bij de politie…
Parket bij de Hoge Raad|18 februari 2020|ECLI:NL:PHR:2020:72
persoon te ondervragen of te doen ondervragen.” Art. 360 lid 1, voor zover relevant, en 4 Sv, die luiden: “1. Van het gebruik als bewijsmiddel van (…) schriftelijke bescheiden als bedoeld in artikel … blijk geven zelfstandig de betrouwbaarheid van de anonieme verklaring te hebben onderzocht. Art. 360 lid 4 Sv stelt nietigheid op het ontbreken van deze nadere motivering. Cassatie volgt echter niet, indien
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVeroordeling voor een woninginbraak in vereniging en twee pogingen daartoe tot een gevangenisstraf van 12…
Rechtbank Noord-Holland|14 juli 2020|ECLI:NL:RBNHO:2020:5216
verdediging en officier van justitie van oordeel dat op grond van artikel 56 lid 4 Sv de fouillering pas had mogen plaatsvinden ná de aanhouding. Dit maakt dat de fouillering … kunnen zijn uitgevoerd. De rechtbank constateert dat aan de andere voorwaarde van art. 56 lid 4 Sv is voldaan, omdat de hierboven genoemde omstandigheden tevens ernstige bezwaren tegen verdachte opleveren
- Strafrecht overigCAG over o.m. witwassen. Vraag of verbeurdverklaring deel inbeslaggenomen geldsbedragen voldoende is…
Parket bij de Hoge Raad|14 januari 2020|ECLI:NL:PHR:2020:2
CAG over o.m. witwassen. Vraag of verbeurdverklaring deel inbeslaggenomen geldsbedragen voldoende is gemotiveerd. Conclusie strekt tot vernietiging ten aanzien van de strafoplegging.
- VerbintenissenrechtBodemzaakvordering opheffing strafrechterlijk anderbeslag; schijnconstructie lening en hypotheek voorshands bewezen.
Rechtbank Den Haag|15 april 2020|ECLI:NL:RBDHA:2020:3303
artikel 94a lid 3 Wetboek van Strafvordering (oud) (hierna Sv (oud), nu artikel 94a lid 4 Sv) gelegd op de vordering die MIT uit hoofde van de leningsovereenkomsten op [A] stelt
- VerbintenissenrechtBodemzaakAansprakelijkheid van de Staat voor door gedaagde geleden schade tgv strafvorderlijke maatregelen staat vast…
Rechtbank Den Haag|30 december 2020|ECLI:NL:RBDHA:2020:14127
Aansprakelijkheid van de Staat voor door gedaagde geleden schade tgv strafvorderlijke maatregelen staat vast. In geschil is of gedaagde aanspraak kan maken op hogere vergoedingen.
- Strafrecht overigCassatieBeklag ex art. 552a Sv strekkende tot teruggave van onder klaagster (rechtspersoon) ter uitvoering van…
Hoge Raad|24 november 2020|ECLI:NL:HR:2020:1870
Sv aangevoerde argumenten geen bespreking behoeven. De rechtbank merkt op dat in art. 552p lid 4 Sv expliciet verwezen wordt naar art. 552a Sv. Dit betekent naar het oordeel van de rechtbank
- Civiel recht overigWrakingDe wrakingskamer wijst het verzoek tot wraking af wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid en bepaalt dat een…
Rechtbank Overijssel|13 maart 2020|ECLI:NL:RBOVE:2020:1983
wrakingskamer zal daarom op de voet van artikel 39 lid 4 Rv/5 15 lid 4 Sv, 8:18 lid 4 Awb bepalen dat een volgend verzoek tot wraking in deze zaak niet
- Strafrecht overigWrakingWraking politierechter wegens afwijzen aanhoudingsverzoek i.v.m. verhindering raadsman. Wrakingsverzoek is…
Rechtbank Noord-Holland|13 februari 2020|ECLI:NL:RBNHO:2020:8944
hoger beroep gaan. Het wrakingsverzoek moet worden afgewezen met toepassing van artikel 515 lid 4 Sv, omdat - gezien de lichtvaardigheid van het verzoek en de voorspelbare uitkomst daarvan - gebleken is van misbruik
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerzoek afgewezen, omdat het kennelijk ongegrond is. De beslissing van de rechters vormt geen grond tot wraking..
Rechtbank Amsterdam|15 oktober 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:5024
Sv over te gaan is niet een beslissing in de zin van artikel 322 lid 4 Sv. Het handelt dus niet om een beslissing die bij een nieuwe aanvang van het onderzoek
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigEen rechterlijke (tussen)beslissing is geen grond tot wraking. In de motivering van deze beslissing is niets…
Rechtbank Amsterdam|15 oktober 2020|ECLI:NL:RBAMS:2020:6800
Sv over te gaan is niet een beslissing in de zin van artikel 322 lid 4 Sv. Het handelt dus niet om een beslissing die bij een nieuwe aanvang van het onderzoek
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.