93 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtVennootschapsbelasting; art. 3.92, 5.1, 5.2 en 5.3 Wet IB 2001. Cessie om niet van huurtermijnen door…
Parket bij de Hoge Raad|9 oktober 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BF3856
Vennootschapsbelasting; art. 3.92, 5.1, 5.2 en 5.3 Wet IB 2001. Cessie om niet van huurtermijnen door aandeelhouder aan vennootschap. Kostenarresten onder de Wet IB 2001? Nr. 07/11868 Mr. P.J. Wattel Procureur-Generaal
- BelastingrechtBelanghebbende is, middellijk door Landgoed BV (hierna: de BV), eigenaar van een NSW-landgoed. Het…
Parket bij de Hoge Raad|17 december 2015|ECLI:NL:PHR:2015:2516
Wet- en regelgeving, parlementaire behandeling, jurisprudentie en literatuur Relevante wet- en regelgeving 4.1 Artikel 5.3 Wet IB 2001 luidt voor zover van belang in cassatie: 1. De rendementsgrondslag is de waarde … instandhouding van het NSW-landgoed een gelijkluidende eis als bovenstaande. Parlementaire behandeling artikel 5.3 Wet IB 2001 4.7 De regering heeft in de memorie van toelichting haar uitgangspunt bij het bepalen
- Belastingrecht(i) Box 3; Renteswap met negatieve waarde; negatieve ‘bezitting’? ‘Schuld’? Geen van beide? (ii) Boeten voor…
Parket bij de Hoge Raad|11 oktober 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1134
(i) Box 3; Renteswap met negatieve waarde; negatieve ‘bezitting’? ‘Schuld’? Geen van beide? (ii) Boeten voor verzwijging Liechtensteins vermogen te hoog? Feiten: (i) de belanghebbende heeft € 7 miljoen geleend tegen een variabele rente. De lening valt voor 55,03% in box 1 en voor 44,97% in box 3. Om het renterisico af…
- BelastingrechtCassatieRendementsgrondslag; spontane storting voordat belastingaanslag is opgelegd.
Hoge Raad|2 maart 2007|ECLI:NL:HR:2007:AU6474Aangehaald in 6 uitspraken
kalenderjaar 2001 tot de bezittingen moet worden gerekend in de zin van artikel 5.3 Wet IB 2001. Het Hof heeft die vraag bevestigend beantwoord. Daartegen richt zich het middel … depotstorting waarvan het beloop behoort tot de bezittingen als bedoeld in artikel 5.3 Wet IB 2001; immers nu voor die berekening de materiële belastingschuld buiten aanmerking blijft, kan de storting niet worden
- BelastingrechtHoger beroepInkomstenbelasting. Box 3. Onteigende aandelen. Schending eigendomsrecht? Buitensporige last?
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|28 februari 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:1614Aangehaald in 9 uitspraken
over het inkomen uit sparen en beleggen zoals geregeld in de artikelen 5.2 en 5.3 Wet IB 2001 te zijnen aanzien vanaf 1 februari 2013 is strijd is met artikel … stelt vast dat met betrekking tot de in de artikelen 5.2 en 5.3 Wet IB 2001 geregelde belastingheffing tussen partijen uitsluitend in geschil is of daarbij is voldaan aan de hiervoor vermelde
- Belastingrecht- Belastingverdrag Nederland – Frankrijk, - box 3, - bij voorkomingsbreuk rekening houden met financieringsschuld.
Parket bij de Hoge Raad|1 december 2006|ECLI:NL:PHR:2006:AV5017
- Belastingverdrag Nederland – Frankrijk, - box 3, - bij voorkomingsbreuk rekening houden met financieringsschuld.
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende heeft zijn - in art. 5.3, onder b, Wet IB uitgezonderde - ib-schuld (zonder instemming van de…
Gerechtshof Amsterdam|23 april 2015|ECLI:NL:GHAMS:2015:2191
stelt de inspecteur zich op het standpunt dat de Belastingschuld op basis van artikel 5.3 Wet IB 2001 niet in aanmerking mag worden genomen bij het berekenen van de rendementsgrondslag als bedoeld
- Belastingrecht[X] (hierna: belanghebbende) verhuurt kunstwerken aan de Dienst Musea voor Moderne Kunst van de gemeente [Q]…
Parket bij de Hoge Raad|22 oktober 2013|ECLI:NL:PHR:2013:1138
wetsvoorstel Wet IB 2001 is over het bepalen van de rendementsgrondslag in artikel 5.3 Wet IB 2001 vermeld: Roerende zaken die niet voor persoonlijke doeleinden worden ge- of verbruikt worden
- BelastingrechtCassatieBox 3; art. 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM. De heffing in box 3, waartoe het bezit van de verhuurde…
Hoge Raad|29 september 2017|ECLI:NL:HR:2017:2517Aangehaald in 33 uitspraken
saldo van het geheel van bezittingen en schulden als omschreven in artikel 5.3 Wet IB 2001 en dus niet over de opbrengst van een specifieke belegging, zoals in dit geval de huuropbrengst
- BelastingrechtHoger beroepBerekening heffingsrente vanaf 1 juli 2007 terwijl voordelen pas op 3 december 2007 zijn uitbetaald is…
Gerechtshof Amsterdam|7 januari 2010|ECLI:NL:GHAMS:2010:BK8945
kalenderjaar tot de bezittingen moet worden gerekend in de zin van artikel 5.3 Wet IB 2001. Overwogen is: “In de bepaling ligt, mede gelet op de hiervoor weergegeven ratio daarvan, besloten … depotstorting waarvan het beloop behoort tot de bezittingen als bedoeld in artikel 5.3 Wet IB 2001; immers nu voor die berekening de materiële belastingschuld buiten aanmerking blijft, kan de storting niet worden
- BelastingrechtCassatieVermogen van Stichting Particulier Fonds niet toegerekend aan oprichter. Oprichter heeft geen vermogensrecht…
Hoge Raad|15 maart 2013|ECLI:NL:HR:2013:BZ4218Aangehaald in 9 uitspraken
erflaatster moet worden gerekend tot de bezittingen als bedoeld in artikel 5.3 Wet IB 2001. 3.3. Het Hof heeft geoordeeld dat de erflaatster niet over het vermogen van D kon beschikken
- BelastingrechtCassatieArt. 14 EVRM; art. 1 EP; art. 5.2 Wet IB 2001; Wet rechtsherstel box 3 (Herstelwet)…
Hoge Raad|6 juni 2024|ECLI:NL:HR:2024:705Aangehaald in 83 uitspraken
gaat hierbij om het werkelijke rendement over de volledige in artikel 5.3 Wet IB 2001 bedoelde heffingsgrondslag, zonder aftrek van het bedrag van het heffingvrije vermogen. In dit verband verdient nog opmerking
- BelastingrechtCassatieArt. 47 AWR; Art. 52a AWR; vragen Inspecteur naar buitenlandse bankrekeningen zonder verwijzing naar gegevens…
Hoge Raad|2 juli 2021|ECLI:NL:HR:2021:1045Aangehaald in 6 uitspraken
buitenland aangehouden bankrekeningen behoren tot de bezittingen die de in artikel 5.3 Wet IB 2001 omschreven rendementsgrondslag vormen, behoeft die vraag ook geen nadere toelichting inzake het mogelijke belang voor de belastingheffing
- BelastingrechtGemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 31 december 2018 inzake: 18/00690, ECLI:NL:PHR:2018:1438…
Parket bij de Hoge Raad|31 december 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1443Aangehaald in 12 uitspraken
Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 31 december 2018 inzake: 18/00690, ECLI:NL:PHR:2018:1438 17/05606, ECLI:NL:PHR:2018:1439 17/05609, ECLI:NL:PHR:2018:1440 17/05610, ECLI:NL:PHR:2018:1441 18/00480, ECLI:NL:PHR:2018:1442
- BelastingrechtCassatieArt. 14 EVRM; art. 1 EP; art. 5.2 Wet IB 2001; Wet rechtsherstel box 3 (Herstelwet)…
Hoge Raad|6 juni 2024|ECLI:NL:HR:2024:704Aangehaald in 62 uitspraken
gaat hierbij om het werkelijke rendement over de volledige in artikel 5.3 Wet IB 2001 bedoelde heffingsgrondslag, zonder aftrek van het bedrag van het heffingvrije vermogen. In dit verband verdient nog opmerking
- BelastingrechtCassatieArt. 5.2, art. 3.92 Wet IB 2001. Storting op derdenrekening notaris onder vermelding “agiostorting”…
Hoge Raad|12 juli 2019|ECLI:NL:HR:2019:1177
erflater in het jaar 2013 tot de rendementsgrondslag als bedoeld in artikel 5.3 Wet IB 2001 behoort. 2.2.2 Het Hof heeft geoordeeld dat de Inspecteur aannemelijk heeft gemaakt
- BelastingrechtBelanghebbende bezat op 1 januari 2013 een effectenportefeuille, geheel bestaande uit beursgenoteerde…
Parket bij de Hoge Raad|15 december 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1397Aangehaald in 5 uitspraken
voorgaande vormt onverkorte toepassing van de regels van de artikelen 5.2 en 5.3 Wet IB 2001 in het jaar 2013 in het concrete geval van belanghebbende een individueel en buitensporige last
- BelastingrechtCassatieart. 1.7, lid 2, aanhef en letter c, en art. 3.82, aanhef en letter b, Wet IB 2001; art. 10, lid 2, en art…
Hoge Raad|9 april 2021|ECLI:NL:HR:2021:518Aangehaald in 6 uitspraken
dergelijk pensioenrecht wordt in aanmerking genomen bij de bepaling van de rendementsgrondslag van artikel 5.3 Wet IB 2001. De situatie van de in Nederland wonende grensarbeider 4.3.1 Voor de in Nederland wonende
- BelastingrechtCONCLUSIE PG, Inkomstenbelasting 2001. De drie zaken, waarin ik heden concludeer, hebben betrekking op de…
Parket bij de Hoge Raad|2 maart 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AU6479
recht, in het bijzonder van het gelijkheidsbeginsel als beginsel van behoorlijke wetgeving, juncto art. 5.3 Wet IB 2001, doordat het Hof heeft geoordeeld dat er een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat voor … onderscheid dat art. 5.3 Wet IB 2001 bij de bepaling van de rendementsgrondslag maakt tussen in aanmerking te nemen schulden en niet in aanmerking te nemen belastingschulden, zulks ten onrechte
- BelastingrechtCONCLUSIE PG, Inkomstenbelasting/ premie volksverzekeringen 2002.
Parket bij de Hoge Raad|5 januari 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AV5024
CONCLUSIE PG, Inkomstenbelasting/ premie volksverzekeringen 2002.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.