Zoekresultaten

Voor “"2:248 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

1.088 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigHoger beroep
    Tussenarrest. Wet schuldsanering natuurlijke personen. Verlenging van de termijn van de schuldsanering tot…

    Gerechtshof Amsterdam20 november 2025ECLI:NL:GHAMS:2025:3135

    curator in dit faillissement is een procedure jegens [appellant] begonnen op grond van artikel 2:248 BW. In artikel 2:248 BW is bepaald dat indien het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk … heeft [appellant] nog andere schuldeisers. 2.10. Van onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 BW kan slechts worden gesproken als geen redelijk denkend bestuurder – onder dezelfde omstandigheden – aldus gehandeld

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Hoger beroep · Civiel recht overig

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden27 augustus 2019ECLI:NL:GHARL:2019:6935

    appellante] hun taak als indirect bestuurder van Nowa Wies in de zin van artikel 2:248 BW kennelijk onbehoorlijk hebben vervuld en dat deze onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak … curator ten aanzien van deze overige feiten en omstandigheden, in het kader van artikel 2:248 BW, geen verwijten maakt aan UBC. De grieven I en II treffen doel

  • Civiel recht overig
    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening…

    Parket bij de Hoge Raad9 april 2020ECLI:NL:PHR:2020:359

    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuldenaar (art. 6:145 BW). Redelijkheid en…

  • OndernemingsrechtHoger beroep
    Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement: vordering ex artikel 2:248 lid 1 BW, artikel 2:9 BW en artikel…

    Gerechtshof Den Haag14 mei 2024ECLI:NL:GHDHA:2024:778

    verwijten valt, laat staan dat zij evident onbehoorlijk hebben bestuurd. Aansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW 6.4 Het hof neemt bij zijn beoordeling, net als de rechtbank, het volgende tot uitgangspunt

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    De rechtbank verklaart voor recht dat partij B 1 en 2 hun taak als bestuurders van het bedrijf onbehoorlijk…

    Rechtbank Overijssel8 januari 2025ECLI:NL:RBOVE:2025:49

    2] de taak als bestuurders van [bedrijf 1] B.V. onbehoorlijk hebben vervuld ex artikel 2:248 BW en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement; II. [partij … worden ingegaan. 5 De beoordeling in conventie 5.1. De curator beroept zich op artikel 2:248 BW als grondslag voor de aansprakelijkheid van [partij B 1] en [partij B 2]. Op grond

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Ten onrechte is omzet niet in de administratie van de gefailleerde vennootschap…

    Rechtbank Rotterdam4 december 2013ECLI:NL:RBROT:2013:9721

    aanzien van [gedaagden 1 + 2] (als bestuurders) uit hoofde van bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW en/of artikel 2:9 BW en/of artikel 6:162 BW verklaart voor recht dat [gedaagden … 2] als (middellijk) bestuurders van MSS hun taak ex artikel 2:248 BW en/of artikel 2:9 BW en/of artikel 6:162 BW onbehoorlijk hebben vervuld; verklaart voor recht dat [gedaagden

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Bank eist krediet op als blijkt van vervalste voorraadadministratie (alleen…

    Rechtbank Zwolle-Lelystad17 oktober 2007ECLI:NL:RBZLY:2007:BD0106

    belangrijke oorzaak is geweest van het faillissement in de zin van art. 2:248 BW. De [gedaagden] hebben immers nagelaten ervoor zorg te dragen dat de administratie van de vennootschappen waarvan … curator aangevoerd dat, voor zover niet toegekomen kan worden aan toepassing van art. 2:248 BW, hij zijn vordering grondt op onrechtmatig handelen van de [gedaagden], zowel jegens de vennootschappen als jegens

  • Civiel recht overig
    5 september 2003 Eerste Kamer Nr. C01/052HR MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…

    Parket bij de Hoge Raad5 september 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF7852

    noemen [B]) aangesproken door verweerder in cassatie, de curator, van deze vennootschappen uit art. 2: 248 BW voor het tekort in de beide vennootschappen. Hierbij beroept de curator zich op de omkeringen … bewijslast van lid 2 van art. 2: 248 BW, omdat de boekhouding van [B] over 1986 zijns inziens niet op orde was en de jaarrekeningen van beide vennootschappen over 1987 niet tijdig

  • Insolventierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht

    Parket bij de Hoge Raad21 december 2001ECLI:NL:PHR:2001:AD2684

    curator de bevoegdheid acties tegen de bestuurders in te stellen op grond van art. 2:248 BW of art. 42 Fw. Wanneer de curator nalatig is, kan de individuele crediteur zich … systeem van de Faillissementswet wordt ontleend berust op de art 2:138 en 2:248 BW. Ingevolge die bepalingen kan de curator onder bepaalde omstandigheden bestuurders en andere beleidsbepalers die zich

  • Civiel recht overigHoger beroep
    faillissement, bestuurdersaansprakelijkheid, matiging

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch10 december 2013ECLI:NL:GHSHE:2013:5969

    primaire grondslag van aansprakelijkheid op grond van de artikelen 2:138 BW en 2:248 BW) dat [geïntimeerde] als bestuurder van de Stichting en indirect bestuurder van de B.V. aansprakelijk is voor … primaire grondslag van aansprakelijkheid op grond van de artikelen 2:138 BW en 2:248 BW) heeft de curator [geïntimeerde] kennelijk onbehoorlijk bestuur verweten inzake de hierboven onder 4.1.9. beschreven handelwijze

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Curator heeft haar stelling dat gedaagde feitelijk beleidsbepaler beschouwd…

    Rechtbank Midden-Nederland28 mei 2014ECLI:NL:RBMNE:2014:1995

    legt, zullen deze vorderingen waar mogelijk gezamenlijk worden beoordeeld. 4.2. Op grond van artikel 2:248 BW is iedere bestuurder jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk voor het tekort indien het bestuur zijn … belangrijke oorzaak is van het faillissement. Lid 7 van artikel 2:248 BW bepaalt dat met een bestuurder gelijk wordt gesteld degene die het beleid van de vennootschap heeft bepaald of mede

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. Het hof komt op grond van drie van de vijf verwijten die de…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch16 april 2024ECLI:NL:GHSHE:2024:1323

    toewijzing door de rechtbank van de vorderingen van de curator uit hoofde van artikel 2:248 BW. 6.2 De curator heeft van zijn kant onder aanvoering van twee grieven incidenteel hoger beroep … beroep centraal staat is of [appellant] als bestuurder van IIC op grond van artikel 2:248 BW aansprakelijk is jegens de boedel van IIC voor het boedeltekort op grond van de hiervoor

  • OndernemingsrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Formeel en feitelijk bestuurders worden aangesproken voor tekort in het faillissement.

    Rechtbank Amsterdam1 februari 2023ECLI:NL:RBAMS:2023:405

    curator stelt dat [gedaagde 1] en [gedaagde 2] daarom op grond van artikel 2:248 BW aansprakelijk zijn voor het tekort in het faillissement van [gefailleerde] . Toetsingskader 4.3. Artikel 2:248, eerste … dezelfde omstandigheden - op dezelfde wijze zou hebben gehandeld. 4.4. Het tweede lid van artikel 2:248 BW bepaalt dat het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld indien het niet heeft voldaan

  • InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Corona geen belangrijke oorzaak van het faillissement. Bestuurder en feitelijk…

    Rechtbank Midden-Nederland3 mei 2023ECLI:NL:RBMNE:2023:1523

    belangrijke oorzaak van het faillissement is. 3.3. Het tweede lid van artikel 2:248 BW vormt een wettelijk vermoeden daarvoor. Daarin is bepaald dat het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld … faillissement ten grondslag ligt. 3.4. Daarnaast is het zevende lid van artikel 2:248 BW in deze zaak relevant. Op grond daarvan wordt degene die het beleid van de vennootschap heeft bepaald

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid; faillissement; kennelijk onbehoorlijke taakvervulling; administratieplicht…

    Rechtbank Rotterdam20 januari 2021ECLI:NL:RBROT:2021:627

    taak als bestuurder kennelijk onbehoorlijk hebben vervuld als bedoeld in artikel 2:248 BW; 2. dat aannemelijk is dat deze kennelijk onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak van het faillissement … vordering van de curator is in de eerste plaats gebaseerd op artikel 2:248 BW in verbinding met artikel 2:10 BW. Op grond van het eerste lid van artikel 2:248

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Aansprakelijkheid in verband met oneigenlijke doorstart. Onrechtmatige daad. Curator heeft onvoldoende…

    Rechtbank Rotterdam17 juni 2015ECLI:NL:RBROT:2015:4517

    voor de door de crediteuren geleden schade (het boedeltekort) op de voet van artikel 2:248 BW, en is [gedaagde8] c.s hoofdelijk aansprakelijk op grond van artikel 6:162 BW … voor de door de crediteuren geleden schade (het boedeltekort) op de voet van artikel 2:248 BW, en [gedaagde8] c.s op grond van artikel 6:162 BW jo. 6:166 BW

  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Kennelijk onbehoorlijke taakvervulling belangrijke oorzaak van faillissement…

    Rechtbank Gelderland2 november 2022ECLI:NL:RBGEL:2022:7368

    en/of [gedaagde 1] , al dan niet gezamenlijk, uit hoofde van het bepaalde in artikel 2:248 BW (jo. 2:11 BW) hoofdelijk aansprakelijk zijn voor het bedrag van de schulden [failliete … grond van vaste rechtspraak geldt dat van kennelijk onbehoorlijke taakvervulling, zoals bedoeld in 2:248 BW, sprake is als geen redelijk denkend bestuurder onder dezelfde omstandigheden aldus zou hebben gehandeld

  • InsolventierechtCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Insolventierecht

    Hoge Raad21 december 2001ECLI:NL:HR:2001:AD2684Aangehaald in 20 uitspraken

    ontvankelijk verklaard. Gelet op het lex specialis-karakter van de mogelijkheden die de art. 2:248 BW en 42 F. de curator bieden om acties in te stellen tegen een bestuurder, onderscheidenlijk … niet - wat het geldend maken van de vordering tegen [verweerder 1] betreft - in art. 2:248 BW, welk artikel slechts in het geval van kennelijk onbehoorlijke taakvervulling door het bestuur

  • BelastingrechtHoger beroep
    Invordering. Inlenersaansprakelijkheid. Disculpatie?

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden1 november 2022ECLI:NL:GHARL:2022:9261

    Invordering. Inlenersaansprakelijkheid. Disculpatie?

  • InsolventierechtEerste aanleg - meervoudig
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Faillissement.

    Rechtbank Overijssel27 augustus 2014ECLI:NL:RBOVE:2014:4877

    door [gedaagden 1], en dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement. Artikel 2:248 BW is van toepassing. 3.2. Voorts zijn de boekhoudverplichtingen geschonden. Jaarstukken zijn niet of veel

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.