736 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudignavorderingsaanslag; Voor de vraag of een nieuw feit aanwezig is, is slechts van belang of de bevoegde…
Rechtbank 's-Gravenhage|15 november 2011|ECLI:NL:RBSGR:2011:BV0534
vergelijkbaar is met de onderhavige situatie, waarbij de navorderingsaanslagen buiten de in artikel 11 lid 3 AWR genoemde termijn zijn opgelegd en/of uitdrukkelijk is besloten om geen primitieve aanslag op te leggen
- BelastingrechtHoger beroepWOZ. Gemeente maakt waardevaststelling opslagunits niet aannemelijk.
Gerechtshof Arnhem|9 augustus 2011|ECLI:NL:GHARN:2011:BR5477
2003/270, heeft de Hoge Raad overwogen dat binnen de aanslagtermijn van artikel 11, lid 3, AWR - eventueel tot behoud van rechten, indien tegen de aanvankelijk gegeven beschikkingen een rechtsmiddel is aangewend - terzake
- Bestuursrecht overigSchadevergoedingsuitspraakOverschrijding redelijke termijn voor de behandeling in de tweede fase (hoger beroep)
Gerechtshof Amsterdam|5 juni 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:2330
voor het doen van uitspraak voor de onderhavige bezwaarschriften op grond van art 25 lid 3 AWR (tekst 2003 resp. 2004) is verlengd. De benodigde en gegeven toestemming daarvoor van de Minister
- BelastingrechtHoger beroepArt. 30h en 30hb AWR. Naheffingsaanslag loonheffing. Vaststellingsovereenkomst. Belastingrente terecht in…
Gerechtshof Den Haag|18 juni 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:1858
jaar na afloop van het tijdvak waarover de belasting is verschuldigd (artikel 20, lid 3, AWR). In casu gaat het over het tijdvak 2017, zodat de termijn voor het opleggen
- BelastingrechtHoger beroepIn geschil zijn de opgelegde (navorderings)aanslagen IB/PVV over de jaren 2002 tot en met 2013. De inspecteur…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 juli 2020|ECLI:NL:GHSHE:2020:2353
In geschil zijn de opgelegde (navorderings)aanslagen IB/PVV over de jaren 2002 tot en met 2013. De inspecteur heeft verzuimd alle op de zaak betrekking hebbende stukken over te leggen. Aan het niet overleggen van een deel van die stukken verbindt het Hof consequenties: de inspecteur beschikt niet over een nieuw feit…
- BelastingrechtCorrectie naar waarde in het economisch verkeer (art. 4.22 Wet IB); genietingstijdstip…
Parket bij de Hoge Raad|26 april 2024|ECLI:NL:PHR:2024:463
Correctie naar waarde in het economisch verkeer (art. 4.22 Wet IB); genietingstijdstip vervreemdingsvoordelen; vereiste aangifte; omkering en verzwaring van de bewijslast. In deze conclusie gaat A-G Koopman in op de vraag wat moet worden verstaan onder een ‘niet onder normale omstandigheden gesloten overeenkomst’ in…
- BelastingrechtHoger beroepArtikel 5.1 e.v. Wet IB 2001; 67a AWR. Motiveringsbeginsel. Vermogensrendementsheffing. Individuele en…
Gerechtshof Den Haag|27 juli 2021|ECLI:NL:GHDHA:2021:1628
artikel 67a, lid 1, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) juncto artikel 9, lid 3, AWR bij beschikking een verzuimboete van € 369 opgelegd, omdat niet binnen de gestelde termijn aangifte
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigDe kwijtscheldingsvrijstelling van artikel 3.13 Wet IB 2001 mist toepassing nu eiser niet aannemelijk heeft…
Rechtbank 's-Gravenhage|1 februari 2012|ECLI:NL:RBSGR:2012:BV2968
vastgesteld, maar op basis van een aangifte, welke aangifte op grond van artikel 8, lid 3, AWR geen aanvraag is in de zin van artikel 1:3, derde lid AWB. (...) Eiser heeft
- BelastingrechtHoger beroepNaheffingsaanslagen LH terecht en tijdig opgelegd. 8:117 Awb. Relatieve competentie. Hof verklaart…
Gerechtshof Amsterdam|6 december 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:3587
Naheffingsaanslagen LH terecht en tijdig opgelegd. 8:117 Awb. Relatieve competentie. Hof verklaart onbevoegdheid rechtbank Noord-Holland voor gedekt. 8:63 Awb. Horen getuige kan niet redelijkerwijs bijdragen aan beoordeling zaak.
- BelastingrechtHoger beroepInkomstenbelasting. In geschil is of inspecteur de genoemde boekwinst terecht tot de in 2008 door…
Gerechtshof Den Haag|18 maart 2014|ECLI:NL:GHDHA:2014:1772
door belastingplichtigen dan wel de adviseur geen beroep worden gedaan op artikel 16 lid 3 Awr. In het geval dat de Hoge Raad ten gunste van de Belastingdienst zal beslissen
- BelastingrechtHoger beroepGerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Hoger beroep · Belastingrecht
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|23 juni 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:4305
doen van aangifte IB/PVV kan ingevolge artikel 67a AWR in samenhang met artikel 9, lid 3, AWR slechts sprake zijn van een verzuim, indien de aangifte niet binnen een door de inspecteur
- BelastingrechtHerzieningHerzieningsverzoek. IB/PVV. Geen novum.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|25 februari 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:1138
heeft geageerd tegen de belastingaanslag. Naar het oordeel van het Hof brengt artikel 24a, lid 3, AWR echter niet mee dat, in een geval als dit, waarin een deskundige gemachtigde namens belanghebbende
- Bestuursrecht overigHoger beroepStichting die zeiltochtjes organiseert met, en zo mogelijk door, gehandicapten is een ANBI in de zin van art…
Gerechtshof Den Haag|8 september 2016|ECLI:NL:GHDHA:2016:2625
uitgeoefende werkzaamheden. Omschrijving algemeen nut en parlementaire toelichting 7.5. Ingevolge artikel 5b, lid 3, Awr wordt onder algemeen nut in de zin van dit artikel beschouwd: a. welzijn; (…) e. gezondheidszorg; f. jeugd
- BelastingrechtHoger beroepOverdrachtsbelasting. Onroerendezaakrechtspersoon? Zeggenschap zonder economische gerechtigdheid en belang…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 september 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:2596
daarom het verzoek van belanghebbende niet voorgelegd aan DGBel, team cassatie. 4.14. Artikel 28, lid 3, AWR bepaalt dat de sprongcassatie kan worden ingesteld indien de belanghebbenden en onze Minister van Financiën
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigDe inspecteur heeft terecht belastingrente in rekening gebracht nu belanghebbende een onjuiste aangifte heeft…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|27 december 2018|ECLI:NL:RBZWB:2018:7177
termijn beperkt tot maximaal negentien weken na de ontvangst van de aangifte (artikel 30fc, lid 3 AWR). Op basis van artikel 30hb AWR is de belastingrente gelijk aan de wettelijke rente voor
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigBuitenlandse rekening op naam van echtgenote De navorderingsaanslagen zijn tijdig en voortvarend opgelegd…
Rechtbank Breda|3 juli 2012|ECLI:NL:RBBRE:2012:BX8346
tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel 16, lid 3, AWR is verstreken. De rechtvaardiging (...)voor de aan toepassing van artikel 16, lid 4, AWR verbonden beperking
- BelastingrechtIs het percentage van belastingrente voor de vennootschapsbelasting bepaald in art. 1(b) Bbi in strijd met…
Parket bij de Hoge Raad|26 september 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1044Aangehaald in 8 uitspraken
aangewezen (art. 25e(1) AWR). Tegen deze collectieve uitspraak staan geen rechtsmiddelen open (art. 25e(3) AWR). 5 Amicus curiae-procedure 5.1 De Hoge Raad gebruikt in deze procedure het instrument
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigKB-Lux De navorderingsaanslagen zijn met voldoende voortvarendheid opgelegd. De in rekening gebrachte…
Rechtbank Breda|16 mei 2012|ECLI:NL:RBBRE:2012:BW9351
tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel 16, lid 3, AWR is verstreken. De rechtvaardiging die het Hof van Justitie aanwezig heeft geacht voor de aan toepassing
- BelastingrechtHoger beroepKB-Lux Hoogte van het saldo op 31 januari 1994 vormt onvoldoende bewijs dat het aan opzet van belanghebbende…
Gerechtshof Amsterdam|3 mei 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:BW5424
geval niet aan af dat van de inspecteur ingevolge artikel 27l, lid 3, AWR een griffierecht wordt geheven. Het Hof verwijst daartoe naar het arrest van de Hoge Raad van 15 april
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigBPM. De rechtbank komt tot de conclusie dat het aan de stukken te ontlenen sterke vermoeden dat de ingebouwde…
Rechtbank Haarlem|11 juli 2007|ECLI:NL:RBHAA:2007:BC4988
naheffingsaanslag 25 april 2005 is, heeft verweerder deze binnen de termijn van artikel 20, lid 3 AWR opgelegd. 4.10. Wat de boete betreft overweegt de rechtbank dat aannemelijk is dat eiseres opzettelijk
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.