2.093 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtHoger beroepartikel 350 lid 3 Fw / c-grond / een beëindiging geschiedt indien de schuldenaar een of meer van zijn uit de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|7 december 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:4082
artikel 350 lid 3 Fw / c-grond / een beëindiging geschiedt indien de schuldenaar een of meer van zijn uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen niet naar behoren nakomt / er is geen boedelachterstand, maar
- InsolventierechtInsolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal…
Parket bij de Hoge Raad|21 juni 2017|ECLI:NL:PHR:2017:526
niet heeft gevraagd. Hiermee is voldaan aan de intrekkingsgrond van artikel 242 lid 1 sub 3 Fw. 5.8. Citicorp betoogt met grief 4 dat PTIF in Brazilië actief stappen heeft ondernomen … verrichten (art. 228 lid 1 Fw). Uit art. 242 lid 1 aanhef en sub 3 Fw blijkt dat overtreding van deze bepaling een grond is voor intrekking van de surseance
- Personen- en familierecht17 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R04/035HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|17 december 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AR2783
faillietverklaring omvat, alsmede hetgeen hij gedurende het faillissement verkrijgt. Art. 21, aanhef en onder 3, Fw bepaalt dat buiten het faillissement blijven de gelden die aan de gefailleerde worden verstrekt ter voldoening … Fw bepaalt evenwel dat hetgeen is vermeld in art. 21 onder 3 Fw buiten de boedel valt. Art. 21 onder 3 Fw ziet op gelden die aan de gefailleerde worden verstrekt
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Procesrecht. Pluraliteitsvereiste. Obligatielening waarbij trustee privatieve last ex…
Parket bij de Hoge Raad|25 april 2025|ECLI:NL:PHR:2025:495
relevant is dat eerst sprake is van een schuldeiser als bedoeld in art. 6 lid 3 Fw indien die partij zelf in rechte een vorderingsrecht geldend kan maken. Heeft die partij … alleen nog die partij te gelden als schuldeiser in de zin van art. 6 lid 3 Fw. In casu is dat volgens DBS2 alléén de Stichting. Het subonderdeel wijst ter verdere onderbouwing
- Civiel recht overigDoor failliet ingesteld cassatieberoep in een door curator overgenomen geding; niet-ontvankelijkheid, art. 27…
Parket bij de Hoge Raad|12 april 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BZ1065
Door failliet ingesteld cassatieberoep in een door curator overgenomen geding; niet-ontvankelijkheid, art. 27 lid 3 Fw (HR 11 januari 2002, LJN AD4929, NJ 2003/311 en HR 23 april 2010, LJN BL5450
- InsolventierechtArt. 81 RO. Verzoek omzetting faillissement in schuldsanering, art. 15b Fw. Voorwaarden van art. 288 Fw…
Parket bij de Hoge Raad|5 oktober 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BX5785
uitoefening van haar onderneming toch tot de schuldsaneringsregeling wordt toegelaten (artikel 288 lid 3 Fw). De Hoge Raad verwijst het geding naar het gerechtshof te 's-Gravenhage ter verdere behandeling en beslissing … over haar gedrag tegenover hem, niet aan de voorwaarde voor toepassing van artikel 288 lid 3 Fw is voldaan. Immers, niet voldoende aannemelijk is dat [verzoekster] anders dan vóór het faillissement thans
- Civiel recht overigVerzoek tot faillietverklaring. Bestaan steunvordering, faillissementstoestand, art. 6 lid 3 Fw. Na…
Parket bij de Hoge Raad|3 mei 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BZ1058
Verzoek tot faillietverklaring. Bestaan steunvordering, faillissementstoestand, art. 6 lid 3 Fw. Na mondelinge behandeling maar voor uitspraak ingekomen verklaring, mogelijkheid tot heropening van de behandeling, motiveringsplicht rechter gelet op ingrijpende gevolgen faillissement
- InsolventierechtWSNP. Hoger beroep tegen beslissing op verzoek tot verhoging van de ingevolge art. 295 lid 2 F van rechtswege…
Parket bij de Hoge Raad|30 oktober 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BJ7537
overwoog dat het beroepschrift zich richt tegen een beslissing als bedoeld in art. 295 lid 3 Fw. In art. 315 lid 2 Fw is bepaald dat tegen een zodanige beslissing geen hoger … beslagvrije voet en de (eventuele) vaststelling van het nominale bedrag ex art. 295 lid 3 Fw, wordt uitsluitend de optelsom van beide bedragen in het dictum van de beschikking genoemd
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigWHOA, Toewijzing verzoek homologatie van een akkoord
Rechtbank Amsterdam|2 augustus 2023|ECLI:NL:RBAMS:2023:6160
Dutch Holding een groep vormen als bedoeld in artikel 2:24b BW (artikel 372 lid 3 Fw). 1 De procedure 1.1. Diebold Dutch Holding heeft op 1 juni 2023 ter griffie
- InsolventierechtHoger beroepDe enkele omstandigheid dat [appellant sub 1.] voorafgaand aan zijn verzoek om te worden toegelaten tot de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|20 juni 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:CA4016
trouw zijn geweest, hebben appellanten een beroep gedaan op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw. Appellanten hebben daarbij aangevoerd dat zij voldoende maatregelen hebben genomen waarmee zij hun problematiek onder … ontstaan of onbetaald laten van de schulden, onder controle heeft gekregen (artikel 288 lid 3 Fw). In dit verband overweegt het hof dat artikel 288 lid 3 Fw
- InsolventierechtInsolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal…
Parket bij de Hoge Raad|19 mei 2017|ECLI:NL:PHR:2017:529
deze zaak moeten worden opgeroepen voor de mondelinge behandeling (art. 244 lid 3 Fw). Er zijn door betrokkenen op 1 mei, 3 mei en 4 mei met het oog op beantwoording … mogen zijn. Oi Coop wijst in dit verband op de tekst van art. 243 lid 3 Fw en stelt dat art. 243 en 244 Fw in samenhang moeten worden gelezen. Volgens
- InsolventierechtHoger beroepBekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b met…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|2 juni 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:2205
appellante] van mening dat de rechtbank ten onrechte de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw niet heeft toegepast. [appellante] draagt hiertoe aan dat zij sedert januari 2015 onder budgetbeheer … oordeel dat het beroep van [appellante] op de hardheidsclausule ex art. 288, lid 3 Fw niet kan slagen nu zij onvoldoende inzichtelijk heeft weten te maken welke omstandigheden, die bepalend zijn geweest
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBeroep curator op artikel 42 Fw slaagt; Vernietiging onderliggende rechtshandelingen leidt tot vordering uit…
Rechtbank Gelderland|16 januari 2019|ECLI:NL:RBGEL:2019:1127
Fw slaagt; Vernietiging onderliggende rechtshandelingen leidt tot vordering uit onverschuldigde betaling; artikel 42 lid 3 Fw gaat niet op; geen sprake van gewekt vertrouwen in de zin van artikel 3
- InsolventierechtHoger beroepSchuldenaren niet-ontvankelijk in hun verzoek verklaard op grond van onverschoonbaar verzuim, beroepschrift…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|13 april 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:1619
goeder trouw is geweest verzoekt hij om toepassing van de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw. [appellant] grijpt elke gelegenheid aan om fulltime aan de slag te gaan en [appellante] heeft … slot herhaalt mr. Hermans het beroep van [appellant] op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw. 3.7. Het hof komt tot de volgende beoordeling. 3.7.1. De uitspraak in eerste aanleg dateert
- Civiel recht overigFaillissement pandgever. Pandhouder verleent last tot incasso. Art. 1022 lid 1 Rv; moet beroep op…
Parket bij de Hoge Raad|12 april 2013|ECLI:NL:PHR:2013:BZ7391
debiteur van verpande vordering zijn tegenvordering verrekenen met overeenkomstige toepassing van art. 53 lid 3 Fw zonder dat lasthebber beroep toekomt op art. 6:136 BW? HR 18 november 2005, ECLI
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Moeten de gefailleerde en de schuldeisers worden gehoord over de salarisvaststelling van…
Parket bij de Hoge Raad|6 februari 2026|ECLI:NL:PHR:2026:151
Fw. Bij een vernietiging van het faillissement op een rechtsmiddel is art. 15 lid 3 Fw de grond voor die vaststelling. Als het faillissement wordt opgeheven bij gebrek aan baten … procesinleiding nr. 41-43). - Op grond van de wetsgeschiedenis van het huidige art. 71 lid 3 Fw moet worden vastgesteld dat de wetgever er bij de implementatie van de Richtlijn bewust voor
- InsolventierechtHoger beroepToelatingsverzoek afgewezen nu verzoekster onvoldoende aannemelijk heeft weten te maken dat zij een…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|29 januari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:282
appellante]. Tot slot doet [appellante] een nadrukkelijk beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw nu zij sinds de zomer van 2011 al geen contact meer heeft gehad met [schuldeiser … thans onder controle. Voorts benadrukt [appellante] haar beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw. [appellante] geeft aan dat zij graag wil werken en daarom voortdurend solliciteert, dat haar psychosociale
- InsolventierechtEerste aanleg - meervoudigWHOA-zaak. Verzoek aspecten die van belang zijn in het kader van het tot stand brengen van een akkoord…
Rechtbank Midden-Nederland|31 maart 2022|ECLI:NL:RBMNE:2022:1329
heeft gevraagd om een antwoord op de volgende vragen: i) Klassenindeling: Volgens artikel 374 lid 3 Fw dient een pandhouder in een aparte klasse te worden ingedeeld voor het gedeelte … worden bij het bepalen van de gesecureerde positie van Rabobank (ex artikel 374 lid 3 Fw). Is deze stelling juist? v) Cash-out: Heeft Rabobank het recht te kiezen voor een uitkering
- InsolventierechtHoger beroepBekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b nu…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|3 maart 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:900
zijn clusterschuld aan het CJIB een beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw daar hij op dit moment geen motorvoertuig meer op zijn naam heeft staan … aanzien van zijn clusterschuld aan het CJIB op de hardheidsclausule ex art. 288, lid 3 Fw niet kan slagen nu hij onvoldoende inzichtelijk heeft weten te maken welke omstandigheden die bepalend zijn
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Betekenis van 'toestand van te hebben opgehouden te betalen'. Misbruik van bevoegdheid…
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 2023|ECLI:NL:PHR:2023:613
heeft opgehouden te betalen, in staat van faillissement wordt verklaard. Art. 6 lid 3 Fw werkt dit verder uit met de bepaling dat de faillietverklaring wordt uitgesproken, indien summierlijk blijkt … deze. Dat SHV een vordering heeft en dus aan laatstgenoemde voorwaarde van art. 6 lid 3 Fw is voldaan, is niet in geschil, zoals het hof vaststelt in rov. 3.5. Het gaat
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.