2.093 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatie in belang der wet. Richtlijn ‘4.7.2 Kinderalimentatie’ uit Rapport Alimentatienormen versie 2010…
Parket bij de Hoge Raad|18 november 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BU4937
bijstandsniveau is gelegen, tenzij de rechter-commissaris op de voet van art. 295 lid 3 Fw anders heeft bepaald, moet worden aangenomen dat een saniet, behoudens bijzondere omstandigheden, niet over draagkracht beschikt … aanbeveling, die een wettelijke regeling als voorzien in artikel 295 leden 2 en 3 Fw niet vermag opzij te zetten. 3. Toelichting op het cassatiemiddel Onderdeel 1 de richtlijnen inzake kinderalimentatie
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. WSNP. Tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling. Verzwijging verduistering. Art. 350…
Parket bij de Hoge Raad|16 mei 2014|ECLI:NL:PHR:2014:644
schuldsaneringsregeling toegelaten door middel van toepassing van de hardheidsclausule van art. 288 lid 3 Fw. Hoewel zijn fraudeschuld aan de gemeente Veenendaal (ten bedrage van EUR 6.755,75) niet te goeder trouw … limitatieve opsomming) klaagt het middel dat het hof heeft miskend dat art. 350 lid 3 Fw een limitatieve opsomming van de beëindigingsgronden bevat, terwijl (aldus het middel) de onderhavige tussentijdse beëindiging hier
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigFaillissementswet, schuldsanering, tussentijdse beëindiging op grond van art. 350 lid 3 Fw op verzoek van…
Rechtbank Limburg|3 november 2020|ECLI:NL:RBLIM:2020:8753
Faillissementswet, schuldsanering, tussentijdse beëindiging op grond van art. 350 lid 3 Fw op verzoek van schuldeiser. Verzoek ontvankelijk? Schijnconstructie (onder de vlag van Hybride Ondernemen voortzetten van eigen onderneming) door als verkoopster
- InsolventierechtWSNP. Procesrecht; niet-ontvankelijkheid hoger beroep; fout griffie door toezending vonnis in eerste aanleg…
Parket bij de Hoge Raad|5 december 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BG5864
bepaalde in art. 355 lid 1 en 2 Fw in verbinding met art. 341 lid 3 Fw heeft geschonden door zonder redengeving de termijn waarbinnen de behandeling ter zitting dient plaats … indiening van het beroepschrift (art. 355 lid 2 in verbinding met art. 341 lid 3 Fw (oud)). De hiervoor vermelde termijnen zijn onder het nieuwe recht gehandhaafd
- InsolventierechtCassatieWSNP. Art. 3 lid 1 F. geeft voor indiening van verzoek om toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te…
Hoge Raad|29 januari 2010|ECLI:NL:HR:2010:BK4947Aangehaald in 25 uitspraken
voormelde enveloppe met inhoud - met als gevolg daarvan het verstrijken van de in artikel 3 Fw genoemde fatale termijn van veertien dagen - geheel voor zijn risico blijft. De tekst en de strekking … artikel 3 Fw bieden geen ruimte om, zoals door [verzoeker] wordt betoogd, aan te nemen dat het hier niet zou gaan om een fatale termijn." 3.4 Middel 1 is gericht tegen
- Civiel recht overigHoger beroep1. Niet aannemelijk dat schuldenlast te goeder trouw is ontstaan. Geen inzicht in boekhouding; de schuldenaar…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|16 maart 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:1880
ondernemerschap. 3.5 Het beroep van [appellant] op de hardheidsclausule als bedoeld in artikel 288 lid 3 Fw kan naar het oordeel van het hof evenmin tot toelating tot de schuldsaneringsregeling leiden. Artikel … 3 Fw is aan de wet toegevoegd met het oog op - in het bijzonder, doch niet uitsluitend - personen met verslavings- en/of psychosociale problemen die de omstandigheden die bepalend waren voor het ontstaan
- InsolventierechtHoger beroepGoede trouw. Gedragsmaatstaf. Van schuld kan in mindere mate een verwijt worden gemaakt. Geslaagd beroep op…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|22 november 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BU5556
gaat via budgetbalans, een budgetbeheerder. Voorts stelt [X.] dat de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw wel toepassing vindt, omdat [X.] een regeling heeft getroffen met de gemeente Goes. Volgens … geweest voor het ontstaan van deze schuld, inmiddels onder controle heeft gekregen (art. 288 lid 3 Fw). 3.5.3. Het hof stelt voor alles vast dat waar het de beoordeling van de vraag
- InsolventierechtSprongcassatie. Insolventierecht. WHOA. Binding aan aspectenbeschikking ex art. 378 lid 9 Fw. Gezag van…
Parket bij de Hoge Raad|24 april 2026|ECLI:NL:PHR:2026:434
vereffening van het vermogen van de schuldenaar in faillissement (art. 384 lid 3 Fw). Voorts geldt de absolute priority rule , inhoudende, kort gezegd, dat bij de verdeling van de waarde
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigNiet-ontvankelijk in verzoek tot toepassing WSNP in verband met een niet tijdig gedaan verzoek. Verzoekster…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|26 oktober 2009|ECLI:NL:RBSHE:2009:BK2278
schulden bevestigd. Verzoekster vraagt om ondanks de overschrijding van de termijn zoals genoemd in art. 3 Fw, op grond van art. 15b Fw alsnog toegelaten te worden tot de schuldsaneringsregeling. Ingevolge … zodat art. 15b Fw toepassing mist. In art. 15b Fw wordt, anders dan in art 3 Fw, aan de rechtbank ter beoordeling voorgelegd de vraag of redelijkerwijs geoordeeld kan worden
- Civiel recht overigHoger beroepGeen verschoonbare termijnoverschrijding in de zin van artikel 15 b Faillissementswet (Fw). Appellant…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|16 februari 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:1067
zijn verzoek om te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling. Ingevolge artikel 15b juncto artikel 3 Fw is de mogelijkheid voor de schuldenaar om - nadat het faillissement is uitgesproken op verzoek … schuldenaar wegens hem niet toe te rekenen omstandigheden heeft nagelaten binnen de in artikel 3 Fw genoemde termijn van veertien dagen na verzending van de brief van de griffier opheffing
- InsolventierechtHoger beroepBekrachtiging weigering toelating nu deel schuldenlast gevolg is van een strafrechtelijke veroordeling…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|29 oktober 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:4407
geïnd. Tot slot doet [appellant] een nadrukkelijk beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw. 3.5. Hieraan is door en namens [appellant] ter zitting in hoger beroep - zakelijk weergegeven … slot herhaalt en benadrukt [appellant] zijn beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw. 3.6. Het hof komt tot de volgende beoordeling. 3.6.1. Ingevolge artikel 288 lid 1 aanhef
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGeschil tussen pandhouder en debiteur van pandgever. Diverse juridische verweren, Boas had nl al aan…
Rechtbank Utrecht|14 mei 2008|ECLI:NL:RBUTR:2008:BD1426
beroep op verrekening in dit geval niet in de weg. Gelet op artikel 234 lid 3 Fw c.q. artikel 53 lid 3 Fw komt Rabobank als pandhouder namelijk geen beroep … zich volgens Rabobank slechts beroepen op artikel 234 lid 3 c.q. artikel 53 lid 3 Fw indien zij tegen de boedel procedeert. 4.26. Partijen verschillen van mening over de vraag of Boas
- Civiel recht overigProcesrecht. Dagvaarding; niet-ontvankelijkheid wegens niet tijdige inschrijving ter rolle?; instemming met…
Parket bij de Hoge Raad|14 maart 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC1245
onder 7.7 heeft overwogen, niet om de toepassing van art. 42 lid 3 Fw gaat maar om een zuivere toepassing van art. 42 lid 2 Fw, nu sprake is geweest … rechtsoverweging 7.7 van de gevolgen van zijn oordeel dat het hier om art. 42 lid 3 Fw gaat, ligt het terechte uitgangspunt van het hof besloten dat de vraag of benadeling aanwezig
- InsolventierechtHoger beroepGeen toelating tot schuldsaneringsregeling in verband met het ontbreken van goede trouw ten aanzien van de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 april 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:1417
schuldsaneringsregeling. Tot slot doet [appellant] een beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw. 3.5. Hieraan is door en namens [appellant] ter zitting in hoger beroep - zakelijk weergegeven - het volgende … slot doet [appellant] wederom een nadrukkelijk beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw. 3.6. Het hof komt tot de volgende beoordeling. 3.6.1. Ingevolge artikel 288 lid 1 aanhef
- InsolventierechtArt. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Verzoek verhuurder tot faillietverklaring huurder. Betaling door een…
Parket bij de Hoge Raad|25 juni 2021|ECLI:NL:PHR:2021:731
voor het summierlijk zijn gebleken van het vorderingsrecht in de zin van art. 6 lid 3 Fw. Er is geen sprake van ontbinding en evenmin is beroep gedaan op verrekening … faillissement wordt aangevraagd door een schuldeiser moet summierlijk van zijn vorderingsrecht blijken (art. 6 lid 3 Fw). Dit is een voorwaarde voor het uitspreken van de faillietverklaring . Indien het bestaan
- InsolventierechtHoger beroepBekrachtiging van niet-ontvankelijk verklaring door de rechtbank nu verzoeker verzuimd heeft om voorafgaand…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 september 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:3548
aanzien van zijn schuldenlast nadrukkelijk een beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw nu er weliswaar sprake is van een aanzienlijke schuldenlast maar hij aantoonbaar veel van de schulden … noch aan een inhoudelijke toets van het beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw. 3.6.6. Zoals hiervoor is overwogen is [appellant] op grond van het bepaalde in artikel
- InsolventierechtHoger beroepRelatie verzoek gedwongen schuldsanering met verzoek toelating schuldsanering. Restrictieve uitleg artikel…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 december 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BU7393
rechtbank ziet evenmin aanleiding voor toepassing van de hardheidsclausule als bedoeld in artikel 288 lid 3 Fw, nu niet aannemelijk is geworden dat het laten ontstaan van de desbetreffende schuld het gevolg … voldoen of acties zijnerzijds om verhaal door schuldeisers juist te frustreren. Ingevolge artikel 288 lid 3 Fw kan het verzoek evenwel worden toegewezen indien voldoende aannemelijk is dat de schuldenaar de omstandigheden
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|6 december 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE9258
brief van 21 september 1998 heeft de curator met verwijzing naar artikel 40 lid 3 Fw de arbeidsovereenkomst met [eiser] opgezegd per 2 november 1998. Voor de opzegging is geen toestemming verleend … opzegging van de arbeidsovereenkomst door de curator op grond van art. 40 lid 3 Fw(15) aan [eiser] kon worden tegengeworpen nadat de faillietverklaring van ISA was vernietigd. Het onderdeel betoogt
- InsolventierechtHoger beroepBekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b nu…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 december 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:5522
onder controle heeft gekregen zodat het verzoek van [appellant] op grond van artikel 288 lid 3 Fw alsnog toegewezen dient te worden. Zo beschikt [appellant] al meerdere jaren in het geheel niet … oordeel dat het beroep van [appellant] op de hardheidsclausule ex art. 288, lid 3 Fw niet kan slagen nu hij onvoldoende inzichtelijk heeft weten te maken welke omstandigheden die bepalend zijn geweest
- InsolventierechtArt. 81 RO. WSNP. Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling; art. 288 lid 1, onder b, en lid 3 F.
Parket bij de Hoge Raad|27 januari 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV0640
voorafgaand aan het indienen van het verzoekschrift en omstandigheden als bedoeld in art. 288 lid 3 Fw evenmin aannemelijk zijn geworden. 1.3 Dit vonnis is door het hof Arnhem bij arrest … trouw en, voor zover nodig, de gronden voor toepassing van de in art. 288 lid 3 Fw neergelegde hardheidsclausule aannemelijk te maken.(6) Alleen al daarop lopen de onderdelen stuk. Niettemin
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.