1.088 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Insolventierecht6 februari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/278HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1…
Parket bij de Hoge Raad|6 februari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO3045
zijn van een kennelijk onbehoorlijke taakvervulling door het bestuur in de zin van artikel 2:248 BW, dan is vereist dat geen redelijk denkend bestuur onder dezelfde omstandigheden tot een dergelijke praktijk
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBestuursaansprakelijkheid in faillissement. Feitelijk mede-beleidsbepaler. Peeters qq / Gatzen-vordering…
Rechtbank Rotterdam|22 mei 2013|ECLI:NL:RBROT:2013:CA2987
zijn voor (kort gezegd) het faillissementstekort wegens kennelijk onbehoorlijk bestuur als bedoeld in artikel 2:248 BW. Dit kennelijk onbehoorlijk bestuur is volgens de curator de oorzaak van het faillissement. Ter toelichting … faillissement van [bedrijf 1]. Ingevolge lid 7 namelijk wordt voor de toepassing van artikel 2:248 BW met een bestuurder gelijkgesteld degene die het beleid van de vennootschap heeft bepaald of mede
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBestuurdersaansprakelijkheid. Kennelijk onbehoorlijk bestuur, dat in belangrijke mate mede het faillissement…
Rechtbank Gelderland|30 september 2015|ECLI:NL:RBGEL:2015:6805
middellijk) bestuurder en/of feitelijk beleidsbepaler van [gefailleerde] onbehoorlijk hebben vervuld en ingevolge artikel 2:248 BW jo 2:11 BW hoofdelijk aansprakelijk zijn voor het totale faillissementstekort (inclusief faillissementskosten), voor zover … verplichtingen uit artikel 2:10 BW, weshalve op grond het tweede lid van artikel 2:248 BW onweerlegbaar vast staat dat het zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld en weerlegbaar wordt vermoed
- OndernemingsrechtEerste aanleg - meervoudigBestuurdersaansprakelijkheid? Vorderingen afgewezen omdat ofwel aansprakelijkheid niet is komen vast te staan…
Rechtbank Rotterdam|13 april 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:2679
Bestuurdersaansprakelijkheid? Vorderingen afgewezen omdat ofwel aansprakelijkheid niet is komen vast te staan -geen kennelijk onbehoorlijk bestuur als oorzaak faillissement- ofwel schade niet is komen vast te staan in geval van onrechtmatige betaling.
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigBestuurdersaansprakelijkheid. Dividenduitkering en betaling van holdingkosten voorafgaand aan faillissement…
Rechtbank Rotterdam|27 maart 2019|ECLI:NL:RBROT:2019:2935
althans gedaagde sub 4, althans gedaagde sub 5 op grond van artikel 2:248 BW te veroordelen tot betaling van het boedeltekort, te weten het bedrag van begroot EUR 1.850.000, te vermeerderen
- OndernemingsrechtBodemzaakGON hield zich bezig met een vorm van grondhandel die ook wel grondspeculatie wordt genoemd, en is in oktober…
Rechtbank Noord-Holland|13 november 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:11636
staat, Ten aanzien van VPN Holding en [gedaagde 2] Primair: bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW 1. voor recht verklaart dat VPN Holding en [gedaagde 2] hoofdelijk aansprakelijk zijn voor het bedrag
- Civiel recht overigBodemzaakOnbehoorlijk bestuur. Aansprakelijkheid bestuurder voor het tekort in het faillissement van vennootschap.
Rechtbank Oost-Brabant|18 maart 2026|ECLI:NL:RBOBR:2026:1772
belangrijke oorzaak van het faillissement is geweest zoals bedoeld in artikel 2:248 BW; 2. [gedaagde] te veroordelen tot betaling aan de boedel van [A] respectievelijk de curator, het tekort
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVorderingen van faillissementscurator op bestuurders failliete vennootschappen op grond van onttrokken activa…
Rechtbank Limburg|3 september 2025|ECLI:NL:RBLIM:2025:12772
Vorderingen van faillissementscurator op bestuurders failliete vennootschappen op grond van onttrokken activa en bestuurdersaansprakelijkheid worden afgewezen. De curator heeft zijn vorderingen, in het licht van de verweren, op alle onderdelen onvoldoende onderbouwd.
- Civiel recht overigHoger beroepPeeters/Gatzen-vordering; aansprakelijkheid extern insolventie-adviseur; gezamenlijkheid van schuldeisers;
Gerechtshof Amsterdam|17 mei 2016|ECLI:NL:GHAMS:2016:1901Aangehaald in 6 uitspraken
maart 2005. 3.3 De rechtbank heeft de in eerste aanleg mede op artikel 2:248 BW gebaseerde vorderingen van de curator afgewezen (onder meer) omdat de curator onvoldoende feitelijk had onderbouwd … gehandeld (rov. 4.3). 3.4 De curator heeft in hoger beroep de op artikel 2:248 BW gebaseerde vorderingen laten vallen en pretendeert alleen nog vorderingen tot schadevergoeding wegens onrechtmatige daad ten behoeve
- Civiel recht overigHoger beroepongeoorloofde dividenduitkering; art.. 2:216 BW; art. 42 en 45 Fw; onrechtmatige daad. Zie voorts…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 juli 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:2551
betaling aan de curator van het tekort in de boedel als bedoeld in artikel 2:248 BW, thans belopende een bedrag van € 491.818,49 te vermeerderen met het door de rechtbank nader … vorderingen na verwijzing niet wezenlijk gewijzigd. De primaire vordering is gegrond op art. 2:248 BW in verbinding met art. 2:11 BW. De rechtbank heeft de vordering van de curator
- InsolventierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Insolventierecht
Hoge Raad|8 juni 2001|ECLI:NL:HR:2001:AB2053Aangehaald in 111 uitspraken
heeft het Hof het volgende vooropgesteld: "(…) dat de bepaling van art. 2:248 BW niet ziet op aansprakelijkheid voor, en dus "bestraffing" van onopzettelijke domheden of beleidsfouten, die gerekend kunnen worden
- VerbintenissenrechtBeroepsaansprakelijkheid advocaat. Stuiting verjaring 3:317 BW. Betekenis HR 11 januari 2002…
Parket bij de Hoge Raad|31 januari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:119
Beroepsaansprakelijkheid advocaat. Stuiting verjaring 3:317 BW. Betekenis HR 11 januari 2002
- Civiel recht overigBodemzaakEindvonnis. Omvang van de rechten van de pandhouder op vermogensbestanddelen van failliet, voor en na datum…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|9 september 2026|ECLI:NL:RBZWB:2026:8751
Eindvonnis. Omvang van de rechten van de pandhouder op vermogensbestanddelen van failliet, voor en na datum faillissement. Pandrechten op NOW en TVL gelden?
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigGeen bestuurdersaansprakelijkheid. Volstortingsplicht en inbrengtransactie. Wel twee deelvorderingen…
Rechtbank Den Haag|26 november 2014|ECLI:NL:RBDHA:2014:14467
kennelijk onbehoorlijk bestuur van de naderhand gefailleerde dochter-BV in de zin van art. 2:248 BW oplevert en/of een onrechtmatige daad. Dit geldt met name in die gevallen waarbij door
- InsolventierechtCassatieFaillissement. Bestuurdersaansprakelijkheid. Gestelde grondslag van vordering niet behandeld. Beoordeling…
Hoge Raad|10 oktober 2014|ECLI:NL:HR:2014:2932Aangehaald in 61 uitspraken
recht dat [verweerders] hoofdelijk aansprakelijk zijn uit hoofde van bestuurdersaansprakelijkheid als bedoeld in art. 2:248 BW. Voorts vordert de curator [verweerders] hoofdelijk te veroordelen tot betaling van het faillissementstekort. Aan deze
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigFaillissementspauliana, bestuurdersaansprakelijkheid.
Rechtbank Overijssel|2 mei 2018|ECLI:NL:RBOVE:2018:1717
belangrijke oorzaak van het faillissement. Ik stel u derhalve op grond van artikel 2:248 BW en artikel 2:9 BW aansprakelijk voor het tekort in de boedel. Het totaal … zijn taak als bestuurder van [B] kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld als bedoeld in artikel 2:248 BW; dat deze kennelijk onbehoorlijke taakvervulling van gedaagde een belangrijke oorzaak van het faillissement
- OndernemingsrechtEerste aanleg - meervoudigIn geschil is of [gedaagde sub 1] als bestuurder en [gedaagde sub 2] als feitelijk beleidsbepaler…
Rechtbank Midden-Nederland|18 december 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:6907
niet in de weg aan het instellen van een vordering op grond van artikel 2:248 BW (zie lid 6 van dit artikel). Het onbehoorlijk bestuur wordt vermoed een belangrijke oorzaak … meer een bestuursverbod worden opgelegd in geval van bestuurdersaansprakelijkheid in de zin van artikel 2:248 BW. Daarvan is in dit geval sprake. Volgens [gedaagde sub 1] is het opleggen
- OndernemingsrechtEerste aanleg - enkelvoudigOnbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 lid 1 BW door selectieve toedeling van inkomsten van een…
Rechtbank Gelderland|15 september 2021|ECLI:NL:RBGEL:2021:4910
Onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 lid 1 BW
- InsolventierechtBodemzaakTussenvonnis. Bestuurdersaansprakelijkheid. Failissementspauliana. Artikel 54 Fw.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|5 juli 2023|ECLI:NL:RBZWB:2023:4754
Flex Company BV uit hoofde van kennelijk onbehoorlijke taakvervulling als bedoeld in artikel 2:248 BW, nader op te maken bij staat, te vermeerderen met wettelijke rente; II. gedaagden hoofdelijk te veroordelen
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigBestuurdersaansprakelijkheid, administratieplicht en deponeringsplicht: .
Rechtbank Overijssel|30 november 2016|ECLI:NL:RBOVE:2016:5194
bestuurders niet aan deze administratie- en deponeringsverplichtingen hebben voldaan, heeft op grond van art. 2:248 BW tot gevolg dat a) vaststaat dat het bestuur zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.