1.497 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieVervolgingsuitlevering naar de VS. De Rechtbank heeft, in aanmerking genomen dat in casu bij het bepalen van…
Hoge Raad|3 juli 2012|ECLI:NL:HR:2012:BW9987Aangehaald in 5 uitspraken
juistheid geoordeeld dat de verjaringstermijn voor de onderhavige feiten ingevolge art. 70, eerste lid onder 3°, Sr twaalf jaren beloopt, welke op grond van art. 71 Sr is aangevangen
- Strafrecht overigRechtsmacht. Ingevolge art. 2 Sr is de NL strafwet toepasselijk op ieder die zich in NL aan enig strafbaar…
Parket bij de Hoge Raad|2 februari 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BK6328
strafbaarheid een feit van algemene bekendheid zou zijn. Voorts had art. 5 lid 1 onder 3 Sr ten tijde van het ten laste gelegde een andere inhoud dan thans. Indertijd had Nederland … zoverre het middel ervan uitgaat dat op feit 3 art. 5 lid 1 onder 3 Sr zoals weergegeven in de schriftuur onder 3.4 van toepassing was. De in de schriftuur aangehaalde tekst
- Strafrecht overigConclusie AG. Vernieling (art. 350 Sr) en wederspannigheid (art. 180 Sr). Verdachte en aangeefster zijn…
Parket bij de Hoge Raad|24 september 2024|ECLI:NL:PHR:2024:844
deze zaak had de verdediging een beroep gedaan op de strafuitsluitingsgrond van art. 189 lid 3 Sr en gesteld dat deze bepaling ook van toepassing is op mensen die anders … verworpen en daartoe overwogen dat een extensieve uitleg van de uitzonderingsbepaling van art. 189 lid 3 Sr niet aangewezen is, omdat gelet op de rechtszekerheid grenzen moeten worden gesteld aan een uitzonderingsbepaling
- Strafrecht overigConclusie AG. Profijtontneming. Middel 1 klaagt dat hof meer voordeel heeft ontnomen dan betrokkene heeft…
Parket bij de Hoge Raad|28 november 2023|ECLI:NL:PHR:2023:1080
totale duur van de gijzeling voor de schadevergoedingsmaatregel en het maximum (art. 24c lid 3 Sr) van één jaar niet mag overschrijden. <footnote id="_d639450d
- Strafrecht overigConclusie AG. Doodslag op drie Amsterdamse vrouwen en het wegmaken van het lijk van één van hen. Twee zaken…
Parket bij de Hoge Raad|4 oktober 2022|ECLI:NL:PHR:2022:886
Conclusie AG. Doodslag op drie Amsterdamse vrouwen en het wegmaken van het lijk van één van hen. Twee zaken betreffen cold cases uit 2003 en 2004. De eerste drie middelen richten zich met verscheidene deelklachten tegen de bewezenverklaarde doodslagen en het wegmaken van het lijk. Middel 4 keert zich tegen de…
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Art. 337.3 Sr. Middel 1: klacht over onjuiste beëdiging raadsheren hof Den Bosch. Middel…
Parket bij de Hoge Raad|30 januari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:101
dagen.” 3.5 De in de bewezenverklaring tot uitdrukking gebrachte en aan art. 337 lid 3 Sr ontleende omstandigheid van het bedrijfsmatig handelen komt, hoewel in iets andere bewoordingen, ook voor … onderhavige zaak gaat om het in art. 337 lid 3 Sr voorkomende bestanddeel “als bedrijf uitoefent” vermag ik voor de uitleg van de daarin besloten liggende omstandigheid van het bedrijfsmatig handelen niet
- Strafrecht overigOp tegenspraakOfficier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in vervolging feiten 3 en 4 wegens verjaring. Vrijspraak…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|30 augustus 2023|ECLI:NL:RBZWB:2023:6028
gevangenisstraf van ten hoogste zes jaar gesteld. Ingevolge artikel 70, eerste lid onder sub 3, Sr bedraagt de verjaringstermijn van deze tenlastegelegde feiten twaalf jaar. Ingevolge artikel 71, onder sub 3, Sr
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|5 maart 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD8702
restaurant hebben verschaft door middel van inklimming, welke - hier aan art. 312, tweede lid sub 3°, Sr ontleende - term, is te verstaan in de daaraan in het normale spraakgebruik toekomende betekenis, geeft
- Strafrecht overigCassatieTelen hennep (art. 3.B Opiumwet), medeplegen diefstal elektriciteit d.m.v. verbreking (art. 311.1 Sr) en…
Hoge Raad|15 december 2020|ECLI:NL:HR:2020:2021
voor de hierna te vermelden duur met zich brengt.” 3.3.1 Artikel 22b lid 2 en 3 Sr luidde ten tijde van het bewezenverklaarde: “2. Een taakstraf wordt voorts niet opgelegd in geval
- Strafrecht overigCassatieArt. 343.3° Sr is een logische noch een systematische specialis van art. 343.1° Sr. HR verwijst naar…
Hoge Raad|5 december 2006|ECLI:NL:HR:2006:AZ0636
onrechte niet heeft ontslagen van rechtsvervolging aangezien te dezen art. 343, aanhef en onder 3°, Sr toepasselijk is terwijl de tenlastelegging niet alle bestanddelen van die strafbepaling bevat. 3.2. Overeenkomstig de tenlastelegging
- Strafrecht overigCassatieBedreiging met terroristisch misdrijf door in penitentiaire inrichting te zeggen dat verdachte op de Dam…
Hoge Raad|22 oktober 2024|ECLI:NL:HR:2024:1508
land of een internationale organisatie ernstig te ontwrichten of te vernietigen.” 2.4 Artikel 285 lid 3 Sr stelt de eis dat wordt gedreigd met een terroristisch misdrijf. Daaruit volgt
- Strafrecht overigCassatieOpiumwetdelicten; productie van en handel in synthetische drugs in georganiseerd verband vanuit verschillende…
Hoge Raad|19 januari 2021|ECLI:NL:HR:2021:67
combinatie met een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel als bedoeld in art. 22b lid 3 Sr is niet aan de orde, omdat dat naar het oordeel van het hof onvoldoende recht
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVeroordeling ontucht 249 sr.
Rechtbank Noord-Nederland|21 november 2022|ECLI:NL:RBNNE:2022:4371
betrachten professionaliteit en daarmee ontuchtig in de betekenis van art. 249 lid 1 sub 3 Sr. De rechtbank acht daarmee wettig en overtuigend bewezen dat verdachte ontucht heeft gepleegd … schuldige aan onder meer het misdrijf van art. 249 lid 1 sub 3 Sr dat in de uitoefening van diens beroep begaat, hij van de uitoefening daarvan kan worden ontzet. De rechtbank
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVeroordeling met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit of mede…
Rechtbank Gelderland|6 juni 2025|ECLI:NL:RBGEL:2025:5563
aanzien van een minderjarige, op grond van artikel 71, eerste lid, aanhef en onder 3, Sr aan op de dag na die waarop het slachtoffer achttien jaren is geworden. Dit betekent … augustus 2010. De destijds geldende verjaringstermijn was op grond van artikel 70, aanhef en onder 3, Sr twaalf jaren voor artikel 247 (oud), eerste lid, Sr. Dit betekent dat de verjaringstermijn
- Strafrecht overigCassatieOnttrekking aan het verkeer tav ad informandum gevoegd feit.’s Hofs oordeel t.a.v. het horloge waarop het ad…
Hoge Raad|10 maart 2009|ECLI:NL:HR:2009:BG3504
vastgesteld dat een strafbaar feit is begaan" zoals bedoeld in art. 36b, eerste lid onder 3°, Sr. Die opvatting is onjuist. Het gaat bij de voeging ad informandum om een buitenwettelijke afdoening
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigGevangenisstraf van 204 dagen waarvan 120 dagen voorwaardelijk voor medeplichtigheid aan poging tot doodslag…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|17 april 2009|ECLI:NL:RBSHE:2009:BI1433
omdat uit de jurisprudentie1 volgt dat een medeplichtige onder de uitzonderingsbepaling van art. 189 lid 3 Sr. valt. 3.2 De raadsman heeft het verweer gevoerd dat [verdachte] vrijgesproken dient te worden … officier van justitie eens dat een medeplichtige onder de uitzonderingsbepaling van art. 189 lid 3 Sr. valt, op grond waarvan overigens ontslag van rechtsvervolging zou moeten volgen. Zij komt echter
- Strafrecht overigConclusie AG. Diefstal (art. 310 Sr), meermalen gepleegd. Voor twee diefstallen (gepleegd op verschillende…
Parket bij de Hoge Raad|29 augustus 2023|ECLI:NL:PHR:2023:693
personen of goederen het opleggen van de maatregel eist (art. 38m lid 1 onder 3° Sr). 3.3.6 Ten aanzien van het eerste motiveringsgebrek met betrekking tot de voorwaarde … aanzien van de overige eisen gesteld in art. 38m lid 1 onder 2° en onder 3° Sr, waarmee de onderhavige zaak zich onderscheidt van de voornoemde arresten waarin de Hoge Raad casseerde
- Strafrecht overigCassatie in het belang der wetCassatie in het belang der wet. Mogelijkheid van instellen h.b. in geval rechter tul van voorwaardelijke…
Hoge Raad|6 maart 2020|ECLI:NL:HR:2020:389Aangehaald in 13 uitspraken
termijn, ten hoogste gelijk aan de proeftijd, heeft te voldoen: (...).” - Artikel 14g lid 1 en 3 Sr: “1. Indien enige gestelde voorwaarde niet wordt nageleefd kan de rechter, na ontvangst
- Strafrecht overigConclusie AG. Een afbeelding en een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging…
Parket bij de Hoge Raad|18 juni 2024|ECLI:NL:PHR:2024:742
daarvoor kennelijk een andere grondslag heeft gehanteerd. Art. 36b, eerste lid onder 3°, Sr maakt immers onttrekking aan het verkeer van inbeslaggenomen voorwerpen mogelijk indien bij de rechterlijke uitspraak waarbij, niettegenstaande vrijspraak … alle rechtsvervolging, wordt vastgesteld dat een strafbaar feit is begaan. Art. 36b, eerste lid onder 3°, Sr omvat aldus onder meer een situatie als de onderhavige, waarin de verdachte
- Strafrecht overigProfijtontneming. De beslissing op een vordering a.b.i. art. 36e Sr dient op straffe van nietigheid de inhoud…
Parket bij de Hoge Raad|29 juni 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BM9426
deze methode op p. 301-303 onder het kopje "Toepassing van art. 36e lid 3 Sr in de ontnemingspraktijk" bespreekt en opmerkt: "De vermogensvergelijking en de kasopstelling hebben in bewijsrechtelijk opzicht … voordeel. Dit sluit aan bij de wetsgeschiedenis. In de constructie van art. 36e lid 3 Sr laten de omvang en de verkrijging van het voordeel zich immers niet goed scheiden
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.