137 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- VerbintenissenrechtBodemzaakVordering verklaring voor recht dat sprake is van een door verjaring gevestigde erfdienstbaarheid van weg…
Rechtbank Noord-Holland|15 mei 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:4138
beëindiging van het bezit door verloop van 20 jaren (artikelen 3:105 en 3:306 BW). De vraag of sprake is van bezit dient te worden beantwoord aan de hand van artikel
- Civiel recht overigBodemzaakBurenrecht. Verjaring. Raamopening binnen twee meter van de erfgrens. Vordering tot verwijdering…
Rechtbank Den Haag|8 januari 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:67
toestand pas in 2020 is aangevangen en de verjaringstermijn 20 jaar bedraagt (art. 3:306 BW). In zoverre is de vordering van [eisende partij] dus toewijsbaar. 2.14. Uit de hiervoor weergegeven bewijslevering
- Civiel recht overigBodemzaak27 jaar na meerderjarig worden van de erfgenaam behoeft geen rekening en verantwoording meer te worden…
Rechtbank Noord-Holland|2 december 2015|ECLI:NL:RBNHO:2015:10401
haar optiek, hiermee 24 jaar gewacht. Daarmee is de in artikel 3:306 BW genoemde verjaringstermijn van 20 jaar verstreken. Niet is gebleken dat eiseres de vordering op een of andere wijze
- Civiel recht overigBodemzaakExtinctieve verjaring. Door de Gemeente gedoogd gebruik van strook grond? Belang van rechtszekerheid.
Rechtbank Noord-Holland|10 januari 2018|ECLI:NL:RBNHO:2018:206
goeder trouw. De in dit artikel bedoelde verjaringstermijn bedraagt in beginsel twintig jaar (artikel 3:306 BW). De termijn van verjaring van een rechtsvordering strekkende tot beëindiging van het bezit
- Civiel recht overigBodemzaakVerkrijgende verjaring en verwijzing naar schadestaat
Rechtbank Noord-Holland|13 november 2019|ECLI:NL:RBNHO:2019:8857
voltooid, dat goed, ook al was zijn bezit niet te goeder trouw. In artikel 3:306 BW is bepaald dat indien de wet niet anders bepaalt een rechtsvordering verjaart door verloop
- Civiel recht overigBodemzaakBurengeschil over bamboe. De bamboe staat o.b.v. een plaatselijke gewoonte op toegestande afstand van naburg…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|13 augustus 2025|ECLI:NL:RBZWB:2025:5405
erfgrens. Tot slot stelt [gedaagde] dat de vordering tot verwijdering op grond van artikel 3:306 BW jo 3:314 BW is verjaard. Volgens [gedaagde] is de bamboe in 2004 door haar
- Civiel recht overigBodemzaakBeroep op extinctieve verjaring; aanvang verjaringstermijn. Gedaagde heeft percelen grond gepacht van de…
Rechtbank Amsterdam|14 april 2010|ECLI:NL:RBAMS:2010:BN0322
zaak, ook al was zijn bezit niet te goeder trouw. Ingevolge artikel 3:306 BW is de verjaringstermijn 20 jaar. 4.9. Nu [A] c.s. de grond reeds sinds begin jaren zeventig zonder
- VerbintenissenrechtBodemzaakVerkoop strook grond door gemeente niet onrechtmatig. Geen verjaring.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|20 mei 2026|ECLI:NL:RBZWB:2026:4596
zaak (verkrijgende verjaring). Uit artikel 3:105 lid 1 BW in samenhang met artikel 3:306 BW volgt dat een bezitter, ook al was zijn bezit niet te goeder trouw
- Civiel recht overigBodemzaakStrook grond. Beroep op bevrijdende verjaring afgewezen.
Rechtbank Noord-Holland|3 februari 2021|ECLI:NL:RBNHO:2021:1072
rechthebbende (artikel 3:314 lid 2 BW) en is voltooid na 20 jaren (artikel 3:306 BW). De vraag of sprake is van ‘bezit’, dient te worden beantwoord aan de hand
- Civiel recht overigBodemzaakWoonarken. Verjaring art. 3:99 en 3:105 BW. Feitelijke, kadastrale en juridische erfgrens strook grond en…
Rechtbank Den Haag|18 december 2019|ECLI:NL:RBDHA:2019:14310
grond verkregen door verloop van de verjaringstermijn van artikel 3:105 BW jo. 3:306 BW, aangezien de rechtsvordering strekkende tot beëindiging van het bezit van mijn cliënt na verloop
- GoederenrechtBodemzaakVonnis over het gebruik van een strook grond van het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimpenerwaard door…
Rechtbank Den Haag|3 september 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:22983
verkrijgt dat goed door bevrijdende verjaring (artikel 3:105 lid 1 BW jo artikel 3:306 BW). De verjaringstermijn begint te lopen op de dag na de dag waarop de inbezitneming heeft
- GoederenrechtBodemzaakVordering tot ontruiming van garageboxen. Het betoog van gedaagden dat zij het eigendomsrecht van de…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|3 juli 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:4564
rechtsvordering strekkende tot beëindiging van dat bezit is verjaard (artikel 3:105 jo. 3:306 BW). Indien de verjaringstermijn onder oud recht (vóór 1 januari 1992) is aangevangen, is overgangsrecht van toepassing
- GoederenrechtBodemzaakVordering eigenaar/verhuurder tot snoeien van coniferen. Vordering deels afgewezen. Uitsluitend snoeien van…
Rechtbank Den Haag|8 november 2023|ECLI:NL:RBDHA:2023:16568
onrechtmatige toestand (artikel 3:314 BW). De verjaringstermijn bedraagt 20 jaar (artikel 3:306 BW). Deze termijn begint met de aanvang van de dag, volgende waarop de onmiddellijke opheffing van die toestand
- Civiel recht overigBodemzaakErfdienstbaarheid. Verjaring. Erfdienstbaarheid die niet alleen bestaat in het moeten dulden van het gebruik…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|25 september 2013|ECLI:NL:RBZWB:2013:7248
verkrijgt, ook al was zijn bezit niet te goeder trouw. Op grond van artikel 3:306 BW verjaart zo’n rechtsvordering door verloop van twintig jaren vanaf het moment dat het bezit
- Civiel recht overigBodemzaakEigendomsverkrijging stuk grond door verjaring (artikel 3:105 BW). Geen onrechtmatige daad van gedaagde…
Rechtbank Amsterdam|1 november 2017|ECLI:NL:RBAMS:2017:10319
goeder trouw. De in artikel 3:105 BW bedoelde verjaringstermijn is twintig jaar (artikel 3:306 BW) en vangt aan op de dag nadat een niet-rechthebbende bezitter is geworden (artikel 3
- Civiel recht overigBodemzaakVerjaring schutting. Camera privacy
Rechtbank Limburg|5 augustus 2026|ECLI:NL:RBLIM:2026:7351
zijn bezit niet te goeder trouw. Dit is bevrijdende verjaring. Uit artikel 3:306 BW volgt dat de verjaringstermijn bij bevrijdende verjaring voor onroerende zaken 20 jaar is. Dit houdt
- Civiel recht overigBodemzaakAppartementseigenaar moet meewerken aan onderzoek naar de vraag of zijn parketvloer voldoet aan de…
Rechtbank Amsterdam|18 augustus 2026|ECLI:NL:RBAMS:2026:8687
norm van de splitsingsakte is aangelegd, dan geldt op grond van artikel 3:306 BW voor het instellen van een rechtsvordering een verjaringstermijn van 20 jaar. Die verjaringstermijn begint te lopen
- GoederenrechtBodemzaakEindvonnis. Niet geslaagd in bewijsopdracht. Geen verkrijging van een perceel water door bevrijdende verjaring.
Rechtbank Den Haag|4 december 2019|ECLI:NL:RBDHA:2019:13759
Eindvonnis. Niet geslaagd in bewijsopdracht. Geen verkrijging van een perceel water door bevrijdende verjaring.
- VerbintenissenrechtBodemzaakPartijen zijn buren van elkaar. Zij hebben onenigheid over een aantal zaken die zich rondom de erfgrens…
Rechtbank Limburg|10 december 2025|ECLI:NL:RBLIM:2025:12110
verwijdering van de den is verjaard op grond van artikel 3:314 juncto 3:306 BW, omdat de den er al ruim 20 jaar staat. 5.3. De rechtbank wijst de vordering
- VerbintenissenrechtBodemzaakBurengeschil; boom in verboden zone 5:42; aanvangsmoment verjaringstermijn; onrechtmatige hinder 5:37…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|21 juni 2023|ECLI:NL:RBZWB:2023:4483
toestand een einde te maken, tenzij die vordering is verjaard. Op grond van artikel 3:306 BW in samenhang met 3:314 BW verjaart een vordering tot opheffing van een onrechtmatige toestand
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.