Zoekresultaten

Voor “"4 Rv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

147 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigCassatie
    Vermogensrecht. Ondernemingsrecht. Borgtocht en verjaring; art. 7:853 BW. Einde verjaringstermijn van…

    Hoge Raad30 juni 2017ECLI:NL:HR:2017:1182Aangehaald in 12 uitspraken

    niet de stelling van [eiser] heeft besproken dat Rabobank de stuitingsmogelijkheid van art. 54 lid 4 Rv heeft laten schieten. Deze klachten lenen zich voor gezamenlijke behandeling. 3.3.2 De vennootschap is ingevolge … worden door betekening van een akte van vervolging op de voet van art. 54 lid 4 Rv. De vraag of stuiting nodig was om de verjaring te voorkomen, was in die procedure

  • InsolventierechtCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Insolventierecht

    Hoge Raad6 oktober 2000ECLI:NL:HR:2000:AA7361Aangehaald in 9 uitspraken

    Rechtbank dat deze wijzigingen van eis afstuitten op het bepaalde in art. 134 lid 4 Rv., nu CXA Europe niet in het geding was verschenen. Aldus kwam de Rechtbank tot afwijzing … zich tegen de vermeerdering van eis verweerd, zich onder meer beroepend op art. 134 lid 4 Rv. Het Hof heeft deze verweren ongegrond bevonden (rov. 4.4-4.8). Voorts heeft het, wat ECCL

  • Burgerlijk procesrechtCassatie
    Procesrecht. Arbitrage. Executiegeschil op voet art. 438 Rv; opheffing beslag op IE-rechten. Leidt stand…

    Hoge Raad22 maart 2024ECLI:NL:HR:2024:464

    eindarrest van het gerechtshof Den Haag verkregen exequaturs op grond van art. 1062 lid 4 Rv van rechtswege vervallen, aldus de Russische Federatie en FKP. HVY hebben het voorgaande betwist … tenuitvoerlegging wegens vernietiging van het arbitraal vonnis als bedoeld in art. 1064 [1062, HR] lid 4 Rv is in deze situatie niet aan de orde.” 3 Beoordeling van het middel

  • Civiel recht overigCassatie
    Gezondheidsrecht, Wkkgz. Art. 9 lid 6 en art. 10 lid 3 Wkkgz. Vraag of nabestaanden van cliënt op grond van…

    Hoge Raad10 februari 2023ECLI:NL:HR:2023:202Aangehaald in 5 uitspraken

    interne incidentenregister, levert dit gewichtige redenen tot weigering op als bedoeld in art. 843a lid 4 Rv. Het verzoek ex art. 843a Rv tot afgifte van de twee PRISMA-onderzoeken moet worden … Wkkgz en/of gewichtige redenen als bedoeld in art. 843a lid 4 Rv. Onderdeel 1.2 richt zich tegen rov. 3.7.5-3.7.6 en neemt als uitgangspunt dat het hof daarin heeft geoordeeld

  • Burgerlijk procesrechtCassatie
    Procesrecht. Hoger beroep. Art. 337 lid 2 Rv. Openstelling tussentijds hoger beroep tussenvonnis…

    Hoge Raad17 december 2021ECLI:NL:HR:2021:1924Aangehaald in 58 uitspraken

    overeenkomstige toepassing op tussentijds hoger beroep van tussenbeschikkingen op de voet van art. 358 lid 4 Rv en op tussentijds beroep in cassatie op de voet van art. 401a lid 2 Rv … verzoekprocedures in verbinding met art. 426 lid 4 Rv. 3.2.7 Hetgeen hiervoor in 3.2.4-3.2.6 is overwogen, betekent dat de Hoge Raad gedeeltelijk terugkomt van zijn arresten van 23 januari 2004, ECLI

  • Civiel recht overigCassatie
    Voorlopig getuigenverhoor. Afwijzing van verzoek om verhoor met gesloten deuren te laten plaatsvinden (art…

    Hoge Raad21 december 2018ECLI:NL:HR:2018:2395Aangehaald in 30 uitspraken

    Hertogenbosch 4 februari 2016, ECLI:NL:GHSHE:2016:449). Op grond van artikel 358 lid 4 Rv kan hoger beroep van tussenbeschikkingen slechts tegelijk met dat van de eindbeschikking worden ingesteld, tenzij … AZ6646, rov. 3.3). Op die uitspraak is het bepaalde in art. 358 lid 4 Rv dus niet van toepassing. 3.7.2 De rechtszekerheid en de hanteerbaarheid van het recht, die mede ten grondslag

  • Burgerlijk procesrechtCassatie
    Procesrecht. Wet Bopz. Toetsing na cassatie en verwijzing van verzoek om machtiging: ex tunc of ex nunc? Kan…

    Hoge Raad12 juli 2019ECLI:NL:HR:2019:1202Aangehaald in 22 uitspraken

    deze uitspraak een rechter-commissaris uit haar midden aanwijzen (overeenkomstig het huidige art. 15 lid 4 Rv). In het licht van de hierna in 3.2.4 weer te geven rechtspraak die is ingezet … beslissen zaak, wanneer de meervoudige kamer besluit op de voet van art. 15 lid 4 Rv een uit haar midden aangewezen rechter-commissaris met de behandeling ter zitting te belasten. Die laatste

  • Civiel recht overigCassatie
    Procesrecht. Betekenis van art. 30p Rv; exclusieve regeling van de mondelinge uitspraak? Diverse regels voor…

    Hoge Raad20 april 2018ECLI:NL:HR:2018:650Aangehaald in 27 uitspraken

    gronden daarvoor betreft), zoals ook valt af te leiden uit art. 30p lid 4 Rv. In het geval dat ervoor is gekozen om toepassing te geven aan art. 30p Rv … bepaling nog mogelijk, zoals volgt uit het juist hiervoor met betrekking tot art. 30p lid 4 Rv overwogene. Beoordeling van de klachten 3.5.1 De rechtbank heeft in deze zaak, overeenkomstig het hiervoor

  • Civiel recht overigCassatie
    Enquête; tussentijds beroep; art. 401a, 426 Rv. Beschikking ondernemingskamer waarbij verweerster in cassatie…

    Hoge Raad25 mei 2012ECLI:NL:HR:2012:BW0242Aangehaald in 6 uitspraken

    voet van art. 401a lid 2 Rv. in verbinding met art. 426 lid 4 Rv. uitsluitend beroep in cassatie kan worden ingesteld tegelijk met het beroep tegen de eindbeschikking, tenzij de rechter … omtrent enig deel van het verzochte een einde heeft gemaakt. 4.3 In art. 426 lid 4 Rv. in verbinding met art. 401a lid 2 Rv. wordt bepaald dat van een tussenbeschikking beroep

  • Civiel recht overigCassatie
    Procesrecht. Subjectieve cumulatie van verschillende, voor afzonderlijke berechting vatbare…

    Hoge Raad21 november 2008ECLI:NL:HR:2008:BF1032Aangehaald in 21 uitspraken

    stukken zijn dan ook aan te merken als conclusies of akten waarvoor art. 84 lid 4 Rv. geldt en niet als producties waarvoor de verplichting van art. 85 lid 1 Rv … Rv. Het hof heeft daarom - kennelijk op de voet van art. 85 lid 4 Rv. - geen rekening gehouden met deze producties. Dit oordeel geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Onbegrijpelijk

  • Civiel recht overigCassatie
    Procesrecht. Cassatie. Incidentele beslissingen over schorsing van geding tussen onder curatele gestelde…

    Hoge Raad22 juni 2018ECLI:NL:HR:2018:982Aangehaald in 7 uitspraken

    geding worden ingeroepen. Het vorenstaande is niet anders in het in art. 225 lid 4 Rv bedoelde geval dat schorsing niet meer kan plaatsvinden omdat de schorsingsgrond zich weliswaar aandient tijdens … geen toepassing wordt gegeven aan art. 225 Rv, dan wel schorsing ingevolge art. 225 lid 4 Rv niet meer kan plaatsvinden, en het geding – op de voet

  • InsolventierechtCassatie
    Insolventierecht, procesrecht. Schorsing van geding wegens faillietverklaring (art. 29 Fw). Is art. 29 Fw van…

    Hoge Raad18 december 2020ECLI:NL:HR:2020:2100Aangehaald in 12 uitspraken

    indiening ter griffie van het beroepschrift (art. 359 Rv in verbinding met art. 278 lid 4 Rv), respectievelijk het verzoekschrift tot cassatie (art. 426a lid 1 Rv in verbinding … 4 Rv). 3.3.5 Voorts geldt voor de hiervoor in 3.3.3 bedoelde toepassing van art. 29 Fw dat niet van belang is welke partij het rechtsmiddel aanwendt. Ongeacht of de schuldeiser

  • Civiel recht overigCassatie
    Procesrecht. Dagvaarding tegen foutieve verschijndag; herstelexploot niet tijdig aangebracht; herstel…

    Hoge Raad10 april 2015ECLI:NL:HR:2015:927Aangehaald in 15 uitspraken

    Hoge Raad (…) volgt dat als een herstelexploot in de zin van artikel 125 lid 4 Rv slechts kan gelden een exploot dat een nieuwe rechtsdag aanzegt en dat gevolgd wordt door inschrijving … juni 2012, Stb. 291) was vervat in art. 125 lid 4 Rv – luidt als volgt: “De aanhangigheid van het geding vervalt indien het exploot van dagvaarding niet uiterlijk

  • Burgerlijk procesrechtCassatie
    Procesrecht. Zekerheidstelling voor proceskosten (art. 224 Rv). Vrijstelling van verplichting tot…

    Hoge Raad25 november 2022ECLI:NL:HR:2022:1740Aangehaald in 17 uitspraken

    verzoek van FISA op de voet van art. 616 lid 4 Rv heeft het hof bij beschikking in het incident de termijn voor zekerheidstelling verlengd tot 17 november 2020. 2.5 Vervolgens heeft … bedrag aan [verweerders] zelf. Ook heeft FISA op de voet van art. 616 lid 4 Rv voorwaardelijk verzocht om verlenging van de termijn voor zekerheidstelling. 2.6 In zijn tweede arrest

  • Civiel recht overigCassatie
    Onrechtmatige tv-uitzending? Opnames met verborgen camera. Vordering tot afgifte van het volledige beeld- en…

    Hoge Raad29 september 2017ECLI:NL:HR:2017:2518Aangehaald in 8 uitspraken

    uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting over art. 843a lid 4 Rv, omdat een algemene en absolute beperking van het inzagerecht, door dit per definitie achter te stellen bij andere bewijsmiddelen zoals getuigenbewijs … vierde lid erom dat een behoorlijke rechtsbedeling gewaarborgd is. Daarom ligt in art. 843a lid 4 Rv niet in haar algemeenheid de eis besloten dat een vordering tot inzage in of afgifte

  • Civiel recht overigCassatie
    Procesrecht. Exhibitievordering (art. 843a Rv). Bedrijfsgeheimen. Bewijsbeslag. Maatstaf voor aannemen van…

    Hoge Raad28 september 2018ECLI:NL:HR:2018:1775Aangehaald in 29 uitspraken

    Procesrecht. Exhibitievordering (art. 843a Rv). Bedrijfsgeheimen. Bewijsbeslag. Maatstaf voor aannemen van rechtsbetrekking

  • Civiel recht overigCassatie
    Enquêterecht. Vervolg HR 25 juni 2010, LJN BM0710, NJ 2010/370. Certificering van aandelen die ex art. 2:356…

    Hoge Raad23 maart 2012ECLI:NL:HR:2012:BV1056Aangehaald in 13 uitspraken

    toepassing van de verzoekschriftprocedure van art. 261 e.v. Rv. Op grond van art. 282 lid 4 Rv. kan iedere belanghebbende in die procedure een zelfstandig verzoek indienen, mits dit betrekking heeft … geen genoegzame reden om aan andere belanghebbenden, in afwijking van art. 282 lid 4 Rv., deze mogelijkheid te onthouden. Aan het onthouden van die mogelijkheid aan hen kleeft bovendien het bezwaar

  • OndernemingsrechtCassatie
    Jaarrekeningrecht; verboden aanvulling van rechtsgronden; maatstaf art. 2:362 BW en betekenis Richtlijnen…

    Hoge Raad10 februari 2006ECLI:NL:HR:2006:AU7473Aangehaald in 18 uitspraken

    Jaarrekeningrecht; verboden aanvulling van rechtsgronden; maatstaf art. 2:362 BW en betekenis Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving, motivering van het oordeel over de wijze van berekening van duurzame waardevermindering in art. 2:387 lid 4 BW.

  • Civiel recht overigCassatie
    Arbitrage; art. 1027 Rv. Verzoek tot benoeming arbiters kan worden afgewezen indien aanstonds en zonder nader…

    Hoge Raad21 oktober 2011ECLI:NL:HR:2011:BQ8777

    praktijk toegesneden wetstoepassing brengt mee dat, ondanks het bepaalde in art. 1027 lid 4 Rv., het verzoek tot benoeming van arbiters kan worden afgewezen indien, zoals in dit geval, aanstonds en zonder … bestaat. De klacht faalt. Het hof heeft met juistheid de bepaling van art. 1027 lid 4 Rv., eerste volzin, aldus uitgelegd dat een verzoek tot benoeming van arbiters kan worden afgewezen indien

  • Civiel recht overigCassatie
    Procesrecht. Strafvordering; geen taak voor de burgerlijke rechter bij de beoordeling of de staat in de…

    Hoge Raad19 maart 2010ECLI:NL:HR:2010:BL1116Aangehaald in 1.113 uitspraken

    rechter het bedrag van deze kosten alsnog begroten op de voet van art. 237 lid 4 Rv. Het oordeel van het hof getuigt dus niet van een onjuiste rechtsopvatting. Indien de rechter

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.