323 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierecht(Art. 81 RO). Familierecht. Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen een door de kinderrechter verleende…
Parket bij de Hoge Raad|10 juni 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP7001
strekt tot uithuisplaatsing in het kader van een ondertoezichtstelling als bedoeld in art. 1:261 BW opgenomen. De kinderrechter neemt in dergelijke zaken als civiele rechter een beslissing, waartegen vervolgens hoger beroep … Bureau Jeugdzorg strekt tot uithuisplaatsing van een kind op de voet van art. 1:261 BW, het niet in werking treedt dan nadat de in dat artikel bedoelde machtiging van de kinderrechter
- Personen- en familierecht23 april 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/126HR RM/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1…
Parket bij de Hoge Raad|23 april 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO4611
23 april 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/126HR RM/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. [Verzoeker 1], 2. [Verzoekster 2], beiden wonende te [woonplaats], VERZOEKERS tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n STICHTING BUREAU JEUGDZORG NOORD-BRABANT, gevestigd te Roosendaal, VERWEERSTER in…
- Personen- en familierechtHoger beroepVrijwillige uithuisplaatsing. Machtiging van de rechter in dit geval niet noodzakelijk.
Gerechtshof Leeuwarden|24 juli 2012|ECLI:NL:GHLEE:2012:BX5437
overweegt als volgt. Uitgangspunt is dat uithuisplaatsing van een minderjarige uitsluitend geschiedt krachtens artikel 1:261 BW, derhalve niet zonder een door de kinderrechter aan de gezinsvoogdij-instelling verleende machtiging … sprake van een vrijwillige uithuisplaatsing en is een machtiging als bedoeld in artikel 1:261 BW niet noodzakelijk. Hetgeen WSJ nog ter onderbouwing van de noodzaak van een machtiging heeft aangevoerd acht
- Personen- en familierechtHoger beroepGeen sprake van vrijwillige uithuisplaatsing wanneer en zodra één of beide met gezag belaste ouders niet…
Gerechtshof Leeuwarden|19 april 2011|ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ4163
artikel 1:258 lid 3 BW uithuisplaatsing van een minderjarige uitsluitend geschiedt krachtens artikel 1:261 BW, derhalve niet zonder een door de kinderrechter aan de gezinsvoogdij-instelling verleende machtiging … geen sprake van een vrijwillige uithuisplaatsing en is een machtiging als bedoeld in artikel 1:261 BW noodzakelijk. Het hof zal dan ook de beschikking waarvan beroep bekrachtigen met verbetering
- Personen- en familierechtHoger beroepHet gedogen van een uithuisplaatsing door een ouder is niet een vrijwillige uithuisplaatsing die maakt dat…
Gerechtshof 's-Gravenhage|4 augustus 2010|ECLI:NL:GHSGR:2010:BN4497
machtiging over te gaan. Een uithuisplaatsing geschiedt immers alleen op grond van artikel 1:261 BW. Slechts indien het geval zich zou hebben voorgedaan van een door de vader bewerkstelligde en door … Burgerlijk Wetboek (BW), uithuisplaatsing van een minderjarige uitsluitend geschiedt krachtens artikel 1:261 BW, derhalve niet zonder een door de kinderrechter aan de gezinsvoogdij-instelling verleende machtiging als in dat artikel voorgeschreven
- Personen- en familierechtHoger beroepMoeder ontheven van gezag over zoon, die als baby ernstig letsel had opgelopen door mishandelingen. Ouders…
Gerechtshof Leeuwarden|24 februari 2011|ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ5132
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel -door … jaar en zes maanden uithuis is geplaatst krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW. 8. Ten aanzien van de ongeschiktheid en onmacht van de moeder om haar plicht tot verzorging
- Personen- en familierechtHoger beroepMachtiging tot uithuisplaatsing; op vrijwillige basis gerealiseerde uithuisplaatsing.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 maart 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:BZ8058
plaatsing van een minderjarige gedurende dag en nacht buiten het gezin alleen krachtens artikel 1:261 BW geschiedt, behoudens in de gevallen dat de met het gezag belaste ouder daartoe zonder bezwaar … continuering van dat verblijf en die behandeling wenst, een machtiging als bedoeld in artikel 1:261 BW niet langer noodzakelijk. De stichting heeft naar het oordeel van het hof haar stelling
- Personen- en familierechtEerste aanleg - meervoudigArt. 1:261. Machtiging uithuisplaatsing. Plaatsing bij de andere gezaghebbende ouder.
Rechtbank Roermond|20 mei 2009|ECLI:NL:RBROE:2009:BI4877
opvoeding, staan, naar het oordeel van de rechtbank letter noch strekking van artikel 1:261 BW, gelezen in samenhang met artikel 1:263, tweede lid en onder c, BW, noch artikel 1 … reden valt niet in te zien dat een minderjarige op grond van artikel 1:261 BW niet zou kunnen worden geplaatst bij de andere ‘gezaghebbende’ ouder, maar wel bij een niet gezaghebbende
- Personen- en familierechtEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Roermond · Eerste aanleg - enkelvoudig · Personen- en familierecht
Rechtbank Roermond|19 december 2002|ECLI:NL:RBROE:2002:AF2586
instelling kan worden ontvangen in haar verzoek. Het onderhavige verzoek is gebaseerd op artikel 1:261 BW. Het eerste lid van dat artikel bepaalt -verkort weergegeven- dat de kinderrechter de gezinsvoogdij-instelling … geen sprake is van uit huis plaatsen in de zin van genoemd artikel 1:261 BW. Geheel ten overvloede merkt de kinderrechter nog op dat op grond van de verkregen inlichtingen
- Personen- en familierechtHoger beroepuithuisplaatsing Hof bekrachtigt uithuisplaatsing, nu beide ouders vaststelling hoofdverblijf van kind bij…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 november 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:4622
slot stelt de vader dat niet voldaan is aan de gronden van artikel 1:261 BW, nu de situatie sinds december 2013 inmiddels dusdanig is gewijzigd dat een uithuisplaatsing niet langer noodzakelijk … voldaan is, en nog steeds wordt voldaan, aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. Het hof overweegt daartoe dat de ouders onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat de situatie dermate
- Civiel recht overigWet griffierechten burgerlijke zaken. Dat eerst na ommekomst van de termijn van vier weken griffierecht is…
Parket bij de Hoge Raad|8 juli 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BQ3890
nacht buiten het gezin geschiedt (behoudens een hier niet toepasselijke uitzondering) alleen krachtens art. 1:261 BW; zie art. 1:258 lid 3 BW. Art. 1:261, waarop het hof kennelijk
- Personen- en familierechtHoger beroepMandaat, rechtsgeldigheid indicatiebesluiten, machtiging uithuisplaatsing, ondertoezichtstelling.
Gerechtshof Amsterdam|30 oktober 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:BZ8584
lokken en een verzoek als bedoeld in artikel 1:254 en artikel 1:261 BW in rechte aanhangig te maken. Hieraan doet niet af dat de moeder en de kinderen geen verstandelijke … ondertoezichtstelling, niet eerder in werking treedt dan nadat de machtiging als bedoeld in artikel 1:261 BW van de kinderrechter is verkregen. In de door WSJ bij haar inleidende verzoeken overgelegde indicatiebesluiten
- Personen- en familierechtHoger beroepontheffing gezag, onderzoek onafhankelijk en objectief, strafrechtelijke veroordeling, ontuchtige…
Gerechtshof Amsterdam|5 augustus 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:3151
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel, door
- Personen- en familierechtEerste aanleg - meervoudigGedwongen ontheffing. Ouders zijn het eens met plaatsing in een residentiele instelling, maar verzetten zich…
Rechtbank Groningen|19 januari 2010|ECLI:NL:RBGRO:2010:BL0217
tenminste zes maanden blijkt of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1: 261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat dat deze maatregel - door … onder toezicht is gesteld en uit huis is geplaatst krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW. De rechtbank dient vervolgens te beoordelen of de ondertoezichtstelling en de uithuisplaatsing onvoldoende zijn
- Personen- en familierechtEerste aanleg - enkelvoudigArtikel 1:266; 1:268 BW. Gedwongen ontheffing van de moeder die alleen het gezag heeft. De ouders zijn in…
Rechtbank Groningen|1 november 2011|ECLI:NL:RBGRO:2011:BV1412
tenminste zes maanden blijkt of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat dat deze maatregel - door … sinds juli 2008 uit huis zijn geplaatst krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW. Gelet op hetgeen de rechtbank heeft overwogen ten aanzien van de onmacht van de moeder
- Personen- en familierechtEerste aanleg - meervoudigOntheffing. Tav vader toegewezen. Tav moeder afgewezen, nog perspectief op (terug-)plaatsing bij haar.
Rechtbank Haarlem|8 december 2009|ECLI:NL:RBHAA:2009:BL9859
behoeden. Tevens bestaat er, aldus de Raad, gegronde vrees, dat de maatregel van artikel 1:261 BW onvoldoende is om de dreiging bedoeld in artikel 1:254 BW af te wenden … tenminste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel door ongeschiktheid
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGedaagde had minderjarige voor dat zij een machtiging uithuisplaatsing had verkregen van moeder bij vader…
Rechtbank Amsterdam|4 december 2014|ECLI:NL:RBAMS:2014:8503
Burgerlijk Wetboek (BW) is bepaald dat uithuisplaatsing van een minderjarige alleen plaatsvindt krachtens artikel 1:261 BW. Dit artikel bepaalt dat voor een uithuisplaatsing machtiging van de rechter is vereist. In zoverre … naam 4] was, maar dit lijkt in strijd met het bepaalde in artikel 1:261 BW, te weten dat voorafgaand een machtiging moet zijn gegeven en niet achteraf. Artikel
- Personen- en familierechtEerste aanleg - enkelvoudigBekrachtiging voorlopige ondertoezichtstelling voor een periode van drie maanden. Nu niet vaststaat dat alle…
Rechtbank Assen|11 maart 2011|ECLI:NL:RBASS:2011:BP7443
gewenst is. De vraag evenwel is of daartoe de maatregel als bedoeld in art. 1:261 BW noodzakelijk is. Gelet op het feit dat zowel de ouders als de Raad … kinderrechter het verzoek van de Raad om de maatregel als bedoeld in art. 1:261 BW met betrekking tot [minderjarige 2] toe te passen afwijzen, omdat vooralsnog de noodzaak daartoe ontbreekt
- Personen- en familierechtEerste aanleg - meervoudigOntheffing van het gezag. Ouders ongeschikt en onmachtig om de minderjarige te verzorgen en op te voeden. De…
Rechtbank Groningen|18 januari 2011|ECLI:NL:RBGRO:2011:BP7483
tenminste zes maanden blijkt of na een uithuisplaatsing krachtent het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat dat deze maatregel - door … sinds juni 2007 uit huis is geplaatst krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW. De vader deelt de mening van de Raad dat het toekomstperspectief van [minderjarige] in het pleeggezin ligt
- Personen- en familierechtEerste aanleg - meervoudigGeen verzet tegen OTS en UHP. Toch gedwongen ontheffing van moeder. Verzoek vader om met het gezag te worden…
Rechtbank Groningen|19 januari 2010|ECLI:NL:RBGRO:2010:BL0204
tenminste zes maanden blijkt of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1: 261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat dat deze maatregel - door … onder toezicht zijn gesteld en uit huis zijn geplaatst krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW. De moeder heeft bij monde van haar advocaat verweer gevoerd tegen de verzochte maatregel
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.