138 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigKort gedingEiseres is meubelfabrikant van eigentijdse houten meubelen. Gedaagde verkoopt meubelen die grote gelijkenis…
Rechtbank Middelburg|19 augustus 2004|ECLI:NL:RBMID:2004:AR5164
voornoemde geboden overtreedt; G. de termijn zoals bedoeld in artikel 260 lid 1 Rv te stellen op zes maanden nadat tussen partijen terzake het in de dagvaarding bedoelde geschil een in kracht … maximum worden verbonden en de termijn als bedoeld in artikel 260 lid 1 Rv zal op zes maanden worden gesteld, nu dit door FBM niet is weersproken. 4.6. FBM is Morris
- Civiel recht overigCassatie29 oktober 2004 Eerste Kamer Nr. C03/166HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Hoge Raad|29 oktober 2004|ECLI:NL:HR:2004:AP4504Aangehaald in 10 uitspraken
inleidt en tot strekking heeft over te gaan in een executoriaal beslag (art. 704 lid 1 Rv.), als het niet van rechtswege komt te vervallen doordat de eis in de hoofdzaak
- Civiel recht overigCassatie6 februari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/202HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres…
Hoge Raad|6 februari 2004|ECLI:NL:HR:2004:AL7065Aangehaald in 9 uitspraken
opgeworpen exceptie van onbevoegdheid tijdig is voorgedragen. Deze exceptie had ingevolge art. 1022 lid 1 Rv. voorzover zij steunt op het arbitraal beding vóór alle weren moeten zijn opgeworpen
- Personen- en familierecht19 november 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/142HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De…
Parket bij de Hoge Raad|19 november 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AR2395
ondersteunen. Het principaal beroep 5. Middel I klaagt erover dat het hof art. 358 lid 1 Rv heeft geschonden. Het middel betoogt daartoe dat het hof geheel is voorbij gegaan … begrijpelijke en toereikende verwerping van de stelling van de vader. De in art. 358 lid 1 Rv neergelegde regel dat de verzoeker of belanghebbende die berust zal hebben in een eindbeschikking niet
- Civiel recht overigKort gedingBaguette de France maakt door brood op de markt te brengen onder de naam kornbol geen, maar door gebruik van…
Rechtbank Haarlem|4 mei 2004|ECLI:NL:RBHAA:2004:AO8911
worden gemaximeerd als na te melden. 5.18 De termijn als bedoeld in artikel 260 lid 1 Rv zal in redelijkheid worden gesteld op drie maanden na betekening van dit vonnis … honderdduizend euro). 6.6 Bepaalt de termijn als bedoeld in artikel 260 lid 1 Rv op drie (3) maanden na betekening van dit vonnis. 6.7 Veroordeelt Baguette de France in de kosten
- Civiel recht overig6 februari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/178HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Parket bij de Hoge Raad|6 februari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AN8069
zake. 2.8 De hiervoor genoemde vaste rechtspraak is thans gecodificeerd in art. 332 lid 1 Rv. waarin tot uitdrukking is gebracht dat de appellabiliteit wordt bepaald door de vordering waarover de rechter … Besluit van 9 november 1998, Stb. 624. Zie thans art. 332 lid 1 Rv
- Civiel recht overigCassatie14 mei 2004 Eerste Kamer Nr. C03/042HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende…
Hoge Raad|14 mei 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO3864
gebruik van de woorden "kosten rechtens" steeds een vordering als bedoeld in art. 52 lid 1 Rv. tot het uitvoerbaarverklaren bij voorraad van de proceskostenveroordeling ligt besloten, geeft dat oordeel blijk
- Civiel recht overig24 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R04/017HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|24 december 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AR4980
verzoeker] op dat punt als vaststaand moeten aannemen. Dat blijkt uit art. 149 lid 1 Rv, zoals het hof ook met juistheid heeft vastgesteld. [verzoeker] moge er - zoals het middel aanvoert - "sowieso … oordeel over proceskosten (zeker als dat aansluit bij de "hoofdregel" van art. 237 lid 1 Rv), geen inhoudelijke motivering(20). Bovendien lijkt mij duidelijk waarom het hof anders heeft geoordeeld
- Civiel recht overigCassatie17 september 2004 Eerste Kamer Nr. C03/134HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [De…
Hoge Raad|17 september 2004|ECLI:NL:HR:2004:AP0436
totaal, waarvan € 2.251,07 op de voet van art. 243 lid 1 Rv. te voldoen aan de Griffier en € 107,-- aan de dochter. Dit arrest is gewezen door de raadsheren J.B. Fleers
- Personen- en familierechtCassatie24 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/137HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Hoge Raad|24 december 2004|ECLI:NL:HR:2004:AR6162
maand zal verstrekken. 3.2 Tegen een zodanige beschikking staat ingevolge art. 824 lid 1 Rv. geen hogere voorziening open, behoudens cassatie in het belang der wet. 3.3 De man moet dus niet
- Personen- en familierecht23 april 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/126HR RM/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1…
Parket bij de Hoge Raad|23 april 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO4611
verschaft, merk ik het volgende op. Het hof heeft toepassing gegeven aan art. 809 lid 1 Rv en heeft de minderjarige gelegenheid gegeven om buiten aanwezigheid van partijen haar mening over … fase was reeds gepasseerd: de ouders waren al van het gezag ontheven. Art. 810 lid 1 Rv verleent de rechter de bevoegdheid om het advies van de Raad voor de kinderbescherming
- Civiel recht overig15 oktober 2004 Eerste Kamer Nr. C03/199HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres]…
Parket bij de Hoge Raad|15 oktober 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AP4491
horen van [betrokkene 1] en hemzelf als getuigen, in strijd met art. 166 lid 1 Rv onbesproken heeft gelaten. Volgens het middel had het hof op het bewijsaanbod moeten beslissen
- Civiel recht overig16 januari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/208HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser]…
Parket bij de Hoge Raad|16 januari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AM2341
tenuitvoerlegging in geval van derdenbeslag op een uitkering als bedoeld in art. 82 lid 1 Rv. oud en komt, ook zonder dat de veroordeelde met het beslag bekend is, aan het beginsel … doen van de verklaring is de derde-beslagene krachtens art. 477 lid 1 Rv. oud verplicht de volgens zijn verklaring verschuldigde geldsommen aan de deurwaarder te voldoen door uitbetaling tot het bedrag
- Civiel recht overigCassatie9 juli 2004 Eerste Kamer Nr. C03/071HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Hoge Raad|9 juli 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO9495
beschikking van de president openstaat, beoordeeld dient te worden met toepassing van art. 989 lid 1 Rv. Het middel is derhalve gegrond. Nu DPS de bestreden beslissing niet heeft uitgelokt of verdedigd
- Civiel recht overigHoger beroepschadevergoeding na strafvervolging; onschuldpresumptie; art. 6 EVRM
Gerechtshof 's-Gravenhage|11 november 2004|ECLI:NL:GHSGR:2004:AY4933
Staat op 23 januari 2003 in het geding heeft gebracht, aangezien art. 347 lid 1 Rv. meebrengt dat na de memorie van antwoord (in het incidenteel appel) geen schriftelijke uitwisseling van standpunten
- Civiel recht overigHoger beroepVordering tot teruggave van sieraden en uitzet. Appellant is niet ontvankelijk in het beroep tegen het…
Gerechtshof Arnhem|17 februari 2004|ECLI:NL:GHARN:2004:AO7328
vonnis van 12 maart 2003 gegeven eindbeslissing. Hiertegen dient - ingevolge artikel 339 lid 1 Rv - binnen drie maanden vanaf de dag van de uitspraak van het vonnis te worden geappelleerd. Nu [appellant
- Civiel recht overigHoger beroep kort geding[appellant] heeft gesteld dat hij op 22 april 2003 een tweetal ontbindende voorwaarden heeft bedongen en dat…
Gerechtshof Arnhem|17 februari 2004|ECLI:NL:GHARN:2004:AO7330
appellant] op te leggen veroordeling, staat het bepaalde in respectievelijk artikel 611a lid 1 Rv en artikel 585 aanhef en sub a Rv eraan in de weg dat nakoming van deze veroordeling
- Personen- en familierechtHoger beroepOverlegging stukken eerste aanleg: het niet overleggen van deze stukken door de raadsman van de man staat er…
Gerechtshof 's-Gravenhage|12 mei 2004|ECLI:NL:GHSGR:2004:AP0508
daaraan stelt. De wet stelt immers in de artikelen 359 Rv jo 278 lid 1 RV de eis dat het appèlschrift een duidelijke omschrijving van het verzoek en de gronden waarop
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigkantonzaak; verstekperikelen bij vordering tot verklaring derdenbeslag
Rechtbank Zwolle|18 februari 2004|ECLI:NL:RBZWO:2004:AO3983
derde-beslagene in het geheel geen verklaring heeft afgelegd, is geschreven artikel 477a, lid 1, Rv., dat bepaalt dat de derde- beslagene die in gebreke blijft verklaring te doen, op vordering
- Civiel recht overig12 maart 2004 Eerste Kamer Nr. C03/115HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres]…
Parket bij de Hoge Raad|12 maart 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO1315
maanden te rekenen vanaf de dag van de uitspraak. Dit volgt uit art. 402 lid 1 Rv. 6. Over de aanvangsdatum en de einddatum van de cassatietermijn vermeldt Veegens (Cassatie in burgerlijke
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.