Zoekresultaten

Voor “"3:316 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

377 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • VerbintenissenrechtCassatie
    Verbintenissenrecht. Overeenkomstenrecht. Stuiting verjaring rechtsvordering tot ontbinding, art. 3:317 BW…

    Hoge Raad14 november 2025ECLI:NL:HR:2025:1685

    schriftelijke aanmaning indien deze binnen zes maanden wordt gevolgd door een in art. 3:316 BW omschreven stuitingshandeling (kort gezegd: een daad van rechtsvervolging). Voor de verjaring van rechtsvorderingen in het algemeen … voorts dat deze wordt gestuit door een stuitingshandeling die voldoet aan de in art. 3:316 BW en art. 3:318 BW gestelde eisen. In het stelsel van art. 3:317 BW

  • Civiel recht overigCassatie
    Effectenlease-overeenkomst. Geldt voor het Dexia Aanbod het toestemmingsvereiste van art. 1:88 BW? Belang bij…

    Hoge Raad19 mei 2017ECLI:NL:HR:2017:936Aangehaald in 157 uitspraken

    effectenleaseovereenkomsten alle mogelijke vorderingen in verband met die overeenkomsten op de voet van artikel 3:316 BW de eventuele verjaring heeft gestuit en geschorst tot de dag na de dag waarop … wordt ingesteld en deze alsnog tot toewijzing leidt. Blijkens de wetsgeschiedenis van art. 3:316 BW dient bij de zinsnede ‘of op andere wijze is geëindigd’ onder meer te worden gedacht

  • Burgerlijk procesrecht
    Verjaring van dwangsommen (art. 611g Rv). Dwangsomschuldenaar maakt executiegeschil aanhangig en…

    Parket bij de Hoge Raad4 oktober 2024ECLI:NL:PHR:2024:1005

    vordering in reconventie in die kwalificeert als een eis in de zin van art. 3:316 BW, dan is de schuldeiser opnieuw goed af, maar niet als hij dat nalaat

  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Vorderingen zijn verjaard. Artikel 3:316 lid 2 BW is van toepassing.

    Rechtbank Amsterdam25 oktober 2017ECLI:NL:RBAMS:2017:8339

    gestuit door het instellen van een eis of iedere andere daad van rechtsvervolging (artikel 3:316 BW) of door een mededeling van de schuldeiser (artikel 3:317 BW). [eiser] heeft … beslissing in een deelgeschil. Dit verzoekschrift kwalificeert als een eis als bedoeld in artikel 3:316 BW, zodat [eiser] in beginsel met dit verzoekschrift wederom de verjaring heeft gestuit. [eiser] heeft echter

  • Civiel recht overigCassatie
    Verzekeringsrecht. Brandverzekering. Is vordering tegen verzekeraar verjaard? Art. 7:942 (oud) BW; aanvang…

    Hoge Raad26 februari 2016ECLI:NL:HR:2016:335Aangehaald in 16 uitspraken

    geval van afwijzing, naast de stuiting op de wijze als voorzien in art. 3:316 BW, mede stuiting op de wijze als voorzien in art. 3:317 BW mogelijk te maken, opdat … afwijzing overeenkomstig art. 7:942 lid 2 (oud) BW niet langer uitsluitend art. 3:316 BW van toepassing is, maar ook de andere bepalingen van de algemene verjaringsregeling (van titel 3.11 BW

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Intellectuele-eigendomsrecht. Domeinnamen. Vordering dat voor recht wordt verklaard dat de geïntimeerden…

    Gerechtshof Amsterdam14 januari 2020ECLI:NL:GHAMS:2020:44

    verjaring is gestuit door handelingen van [appellant] als gerechtigde in de zin van artikel 3:316 BW en door handelingen van [appellant] als schuldeiser in de zin van artikel 3:317 alsook … worden uiteenlopende vormvereisten gesteld aan de stuiting in die verschillende gevallen. 3.9 Ingevolge artikel 3:316 BW wordt de verjaring van een rechtsvordering gestuit door het instellen van een eis, alsmede door

  • Civiel recht overig
    Caribische zaak. Invordering aanslag winstbelasting. Vordering tot verklaring voor recht dat het…

    Parket bij de Hoge Raad14 december 2018ECLI:NL:PHR:2018:1424

    Caribische zaak. Invordering aanslag winstbelasting. Vordering tot verklaring voor recht dat het invorderingsrecht is verjaard. Heeft verlening van uitstel van betaling naar het tot juni 2014 geldende recht stuitende werking? (Art. 13 (oud) Landsverordening invordering directe belastingen en HR 7 juni 1935, NJ 1935,…

  • Civiel recht overigCassatie
    14 mei 2004 Eerste Kamer Nr. C02/258 HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. N.V…

    Hoge Raad14 mei 2004ECLI:NL:HR:2004:AO3852

    door de inleidende dagvaarding. Onder "het instellen van een eis" als bedoeld in art. 3:316 BW is immers slechts te verstaan het instellen van een eis van de zijde … juist zijn. Zoals ook het hof heeft overwogen, volgt uit de tekst van art. 3:316 BW en de wetsgeschiedenis (Parl. Gesch. Boek 3, blz. 932 e.v.) dat onder "het instellen

  • Strafrecht overig
    Beklag, beslag. Opeisen eigendom binnen termijn ex art. 3:86.3 BW door verzekeringsmaatschappij. HR herhaalt…

    Parket bij de Hoge Raad2 juli 2013ECLI:NL:PHR:2013:948

    waarop ook de oorspronkelijke termijn zonder stuiting zou zijn verstreken. 4.10. Dat art. 3:316 BW van overeenkomstige toepassing is verklaard lijkt erop te wijzen dat de wetgever onder het “opeisen … Praktisch gesproken lijkt die verandering weinig verschil te maken, aangezien de in de artt. 3:316 BW e.v. neergelegde stuitingsregeling van overeenkomstige toepassing werd verklaard op de vervaltermijn. Met de eerdere ruimhartigheid

  • Civiel recht overig
    Verjaring. Vereisten voor stuiting verjaring; vraag of processtukken in eerdere procedure mogelijk een…

    Parket bij de Hoge Raad24 december 2010ECLI:NL:PHR:2010:BO5216

    Volledigheidshalve ga ik nader op de juridische merites van deze kwestie in. Ingevolge art. 3:316 BW kan, voor zover hier van belang, de verjaring van een rechtsvordering worden gestuit door … worden volstaan met een minder zware formaliteit voor de stuiting van verjaring dan art. 3:316 BW voorschrijft - maakt de wet gewag van een mededeling waarin de schuldeiser zich ondubbelzinnig zijn recht

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Verjaring en stuiting van individuele vorderingen nadat collectieve actie ex artikel 3:305a BW is geëindigd…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden21 februari 2023ECLI:NL:GHARL:2023:1540Aangehaald in 25 uitspraken

    schadeclaims van de individuele afnemers en meegedeeld dat zij op de voet van artikel 3:316 BW de verjaring van de zorgplichtschendingsvorderingen in de meest ruime zin van het woord stuit … zolang op de collectieve rechtsvordering nog niet is beslist. In de systematiek van artikel 3:316 BW ligt immers besloten dat wanneer de verjaring wordt gestuit door het instellen

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Geschil tussen beherend vennoot van een CV en een groep commanditaire vennoten. Uitleg van de CV-akte inzake…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden6 oktober 2015ECLI:NL:GHARL:2015:7490

    Geschil tussen beherend vennoot van een CV en een groep commanditaire vennoten. Uitleg van de CV-akte inzake bindend advies clausule. Beschouwingen over terugverwijzen naar de rechtbank of niet. Vordering tot vernietiging van een bindend advies is niet verjaard. Bedoelde vordering wordt afgewezen.

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Civiel recht. Bodemzaak. Eindvonnis. Bijzondere overeenkomst. Koop en ruil. Koop onroerende zaak

    Rechtbank Limburg29 januari 2025ECLI:NL:RBLIM:2025:2098

    omdat niet artikel 3:317 (lid 1) BW van toepassing is, maar artikel 3:316 BW. 4.10. Zoals overwogen, zijn de vorderingen van [eiser] primair gebaseerd op de stelling … toepassing is, maar lid 2 van dat artikel wél. Uit het bepaalde in artikel 3:316 BW en artikel 3:317 lid 2 BW volgt dat de verjaring in dit geval

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Verjaring. Acties jegens anderen dan thans aangesproken makelaar stuiten niet

    Rechtbank Rotterdam22 maart 2017ECLI:NL:RBROT:2017:2962

    kantoor verbonden advocaten zijn gevoerd komt evenmin stuitende werking als bedoeld in art. 3:316 BW toe, nu dat procedures jegens anderen dan Baljon&Mora betreft. Anders dan [eisers] hebben aangevoerd … komt aan de formulering van art. 3:316 BW ( gerechtigde , niet partij) niet de betekenis toe dat een procedure jegens een ieder die met het feitencomplex van doen heeft, in dit geval

  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Partijen twisten over de vraag of de vier door gedaagde aan eiseres geleverde bestelbussen non-conform zijn…

    Rechtbank Noord-Holland7 mei 2025ECLI:NL:RBNHO:2025:5069

    aanmaning, indien deze binnen zes maanden wordt gevolgd door een stuitingshandeling als in artikel 3:316 BW omschreven. Uit artikel 3:316 BW volgt kort gezegd dat de verjaring van een rechtsvordering … artikel 3:317 lid 2 BW in combinatie met artikel 3:316 BW, is de vordering tot partiële ontbinding in ieder geval op eind maart 2021 verjaard. Alle berichten die door Onere

  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Uitleg fraudeclausule in bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering. Verzekerde hoedanigheid. Verjaring.

    Rechtbank Amsterdam15 januari 2020ECLI:NL:RBAMS:2020:157

    april 2017 een nieuwe procedure te starten, zodat van een stuiting als bedoeld in 3:316 BW evenmin sprake is, aldus Chubb. 4.5. Het feit dat het instellen … rechte op grond van het tweede lid van artikel 3:316 BW zijn stuitende werking verliest in het geval de ingestelde eis niet tot toewijzing heeft geleid en niet binnen zes maanden

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Kort geding. Vordering curator tot meewerken aan bindend advies. Door betaling van de…

    Rechtbank Oost-Brabant28 december 2020ECLI:NL:RBOBR:2020:6661

    samenwerkingsovereenkomst omdat daartoe strekkende vorderingen inmiddels op grond van het bepaald in artikel 3:316 BW zijn verjaard. Qander stelt zich daarnaast op het standpunt dat de curator zijn recht om nakoming … echter een andere juridische basis dan in het vorige kort geding, namelijk artikel 3:316 BW in plaats van artikel 3:307 BW. De voorzieningenrechter zal daarom alsnog beoordelen of dat beroep

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    vorderingsgerechtigdheid; ‘door-to-door’ cognossement; vervoerdersaansprakelijkheid; verjaring/stuiting…

    Rechtbank Rotterdam27 mei 2020ECLI:NL:RBROT:2020:13246

    geldt als een ingestelde eis die de verjaring stuit in de zin van artikel 3:316 BW. Niet gebleken is dat hier sprake is van een ‘schriftelijke vordering’ als bedoeld in artikel … bedoeld in artikel 32 lid 2 CMR, maar ‘het instellen van een eis’ (3:316 BW) of ‘de erkenning van een vordering’ (3:318 BW) niet: “(…) Artikel 32 lid 2 CMR belet

  • Civiel recht overig
    Contractenrecht. Overeenkomsten gesloten door onder bewind gestelde. Bewindvoerders vorderen vernietiging op…

    Parket bij de Hoge Raad27 januari 2017ECLI:NL:PHR:2017:40

    deze brieven niet binnen zes maanden door een stuitingshandeling als omschreven in art. 3:316 BW zijn gevolgd. Subonderdeel 1.2 komt op tegen de overweging dat [eisers] in het geheel niet meer … stuiting, krachtens art. 25 Rv, aan art. 3:317 lid 2 jo art. 3:316 BW had moeten toetsen, zodat een reactie op dat stuitingsberoep niet nodig was vanwege het vaststaande feit

  • Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    College van Beroep voor het bedrijfsleven · Eerste aanleg - meervoudig · Bestuursrecht overig

    College van Beroep voor het bedrijfsleven25 juli 2001ECLI:NL:CBB:2001:AB3010

    begint de verjaringstermijn naar mijn mening te lopen. U meent dat gelet op artikel 3:316 BW een eventuele verjaring is gestuit, omdat binnen de termijn tot dagvaarding is overgegaan. Ik wijs … vergoeden. Ik meen dan ook dat het beroep op het gestelde in artikel 3:316 BW niet kan slagen. Gelet op het vorenstaande zie ik geen aanleiding om de door u bestreden

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.