116 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOvereenkomst van borgtocht. Verjaring vordering op hoofdschuldenaar? Verlengingsgrond verjaringstermijn…
Rechtbank Den Haag|10 april 2013|ECLI:NL:RBDHA:2013:BZ8897
verjaring wordt gestuit of er sprake is van een (wettelijke) verlengingsgrond (vgl. art. 3:320 BW, art. 36 Fw). Door stuiting van de verjaring begint een nieuwe verjaringstermijn te lopen, terwijl tijdens
- Civiel recht overigHoger beroepGeldlening tussen (ex) echtgenoten. Verlengingsgrond verjaringstermijn. Artikelen 3:320 en 321, lid 1 sub a BW.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 november 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:4883
situatie de verjaringstermijn vijf jaar en zou deze op 1 januari 2014 aflopen. Artikel 3:320 BW bepaalt evenwel dat, wanneer een verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond
- Civiel recht overigVerwijzing na Hoge RaadBeslissing na verwijzing HR. Potovereenkomst naast huwelijksvoorwaarden. Vergoedingsrechten? Verjaring?…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|20 juni 2023|ECLI:NL:GHARL:2023:5167
zijn afgelopen tijdens het huwelijk, maar is op grond van artikel 3:320 BW in samenhang met 3:321 lid 1 sub a BW verlengd tot 6 maanden na ontbinding
- Personen- en familierechtHoger beroepHuwelijkse voorwaarden, stuiting van de verjaring, rechtsverwerking, in strijd met redelijkheid en…
Gerechtshof Amsterdam|27 maart 2008|ECLI:NL:GHAMS:2008:BE9149
geworden (bij voorbeeld de rentevorderingen over de tweede geldlening) op de voet van artikel 3:320 BW niet eerder verjaren dan zes maanden na ontbinding van het huwelijk. Ter terechtzitting in hoger
- Personen- en familierechtHoger beroepHuwelijkse voorwaarden. Geen verjaring. Geen vernietiging op grond van wilsgebreken.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|11 juli 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:5969
verjaring van de rechtsvordering tot vernietiging op grond van dwaling geen sprake is. Artikel 3:320 BW bepaalt dat wanneer een verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond of binnen
- InsolventierechtHoger beroepHerleving van een ontbonden rechtspersoon in een procedure tot faillietverklaring omdat summierlijk is…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|9 september 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:5538
niet. Gelet op artikel 2:23c lid 2 BW in combinatie met artikel 3:320 BW is sprake van een verlengingsgrond gedurende de periode waarin de vennootschap is opgehouden te bestaan
- Personen- en familierechtHoger beroepDe man heeft een vergoedingsvordering van € 567.826,- te vermeerderen met wettelijke rente. De man heeft een…
Gerechtshof Den Haag|31 maart 2026|ECLI:NL:GHDHA:2026:506
verzetten. Voor echtgenoten geldt een verlenging van de verjaringstermijn, het hof verwijst naar artikel 3:320 BW en artikel 3:321 BW. De echtscheiding van partijen is ingeschreven op 27 juni
- Civiel recht overigBodemzaakBorgtocht en verjaring. 7:853 BW. HR 30 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1182
Rechtbank Den Haag|6 december 2017|ECLI:NL:RBDHA:2017:14356
waarin de rechtspersoon had opgehouden te bestaan er een verlengingsgrond als bedoeld in art. 3:320 BW is ten aanzien van de verjaring van rechtsvorderingen tegen de rechtspersoon. Het feit
- Civiel recht overigHoger beroepAppel van ECLI:NL:RBNHO:2018:5245. ITD heeft onvoldoende gemotiveerd dat vordering op Gemeente nog aan haar…
Gerechtshof Amsterdam|17 november 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:3106
weten. De verlengingsgrond als bedoeld in artikel 2:23c lid 2 jo. 3:320 BW ten aanzien van de verjaring van rechtsvorderingen van de rechtspersoon is dan niet aan de orde
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|10 januari 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF1792
Voor zover de verjaring in 1995 al niet was voltooid, is dat ingevolge art. 3:320 BW in elk geval op zijn laatst op 1 juli 1996 gebeurd. Niet gesteld of gebleken
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOntslag wegens faillissement. In opzeggingsbrief doorbetaling loon over de opzegtermijn toegezegd door…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|28 februari 2008|ECLI:NL:RBSHE:2008:BC6148
worden aangemerkt, niet is onderworpen aan de verlengde verjaringstermijn in de zin van artikel 3:320 BW. 9. De rechter-commissaris in het faillissement van Daf I heeft zich bij brief
- Burgerlijk procesrechtHoger beroepprocesrecht, betekenis akte niet dienen, afwikkeling huwelijkse voorwaarden
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|3 juli 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:2812
procesrecht, betekenis akte niet dienen, afwikkeling huwelijkse voorwaarden
- Civiel recht overigHoger beroepAansprakelijkheid bestuurder; Decharge; Verjaring.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|7 september 2010|ECLI:NL:GHSHE:2010:BN8034
geval grond voor verlenging van de verjaring. Dat betekent - op grond van artikel 3:320 BW - dat de verjaringstermijn die zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond doorloopt totdat zes maanden
- Civiel recht overigHoger beroepPensioengeschil over nakoming pensioentoezegging aan directeur in 1991 en voorwaardelijke instemming met…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|12 februari 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:1382
heeft zich nog wel beroepen op verlenging van de verjaringstermijn op grond van artikel 3:320 BW in samenhang met artikel 3:321sub f BW, maar het hof oordeelt dat van opzettelijk
- Civiel recht overigHoger beroepverzoek tot matiging terugbetaling kosten BZV formele relatie: CUR201800860
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|24 augustus 2021|ECLI:NL:OGHACMB:2021:314
artikel 3:321 lid 1, aanhef en onder d, BW in verbinding met artikel 3:320 BW neergelegde verlengingsgrond voor de verjaring tussen rechtspersonen en hun bestuurders. Dat een eenmaal aangevangen verjaringstermijn
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEiser heeft het bedrijf de opdracht gegeven om een geheel nieuwe praktijkruimte voor zijn tandartsenpraktijk…
Rechtbank Overijssel|8 januari 2025|ECLI:NL:RBOVE:2025:47
verjaringstermijn verlengd met zes maanden na afloop daarvan (artikelen 7:761 lid 3 en 3:320 BW). 5.4. Vaststaat dat [eiser] op 28 januari 2020 aan [bedrijf] heeft medegedeeld dat er bollingen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigrechten en verplichtingen van niet gehuwde samenwoners ten opzichte van elkaar
Rechtbank Amsterdam|30 november 2022|ECLI:NL:RBAMS:2022:8046
afdwingbaar. Dat zou niet anders zijn indien de rechtbank met analogische toepassing van artikel 3:320 BW een verlengingsgrond van toepassing zou achten, omdat dan alsnog teveel tijd is verstreken tussen
- Personen- en familierechtHoger beroep kort gedingKort geding. Vordering vrouw uit hoofde van vennootschapsovereenkomst. Opheffen beslagen. Gezag van gewijsde…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|13 juli 2021|ECLI:NL:GHSHE:2021:2194
3:321 lid 1, aanhef en onder a, BW in samenhang met art. 3:320 BW werd verlengd tot zes maanden daarna zijn verstreken. Anders dan de man meent, betekent het feit
- Personen- en familierechtHoger beroepHuwelijkse voorwaarden: beroep op dwaling bij tot standkoming is verjaard. Inhoud verrekenbeding vastgesteld…
Gerechtshof Arnhem|13 juni 2006|ECLI:NL:GHARN:2006:AY5543
zodat destijds een grond voor verlenging bestond. De verjaringstermijn loopt op grond van artikel 3:320 BW in dat geval door totdat zes maanden na het verdwijnen van de verlengingsgrond zijn verstreken
- Personen- en familierechtHoger beroeppersonen- en familierecht; verjaring van geldvordering; schadevergoedingsvordering
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|20 juni 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:2019
artikel 3:321 lid 1, aanhef en onder a, BW in samenhang met artikel 3:320 BW werd verlengd tot zes maanden daarna zijn verstreken. De verjaringstermijn van de voorliggende vordering
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.