Zoekresultaten

Voor “"3:4 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

197 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Belastingrecht
    Verlaagde tarief voor ‘woonhuizen’ (art. 14(2) Wet BvR). Verkaveling in 8 bouwkavels en 1 openbare-wegperceel…

    Parket bij de Hoge Raad14 februari 2025ECLI:NL:PHR:2025:202

    zaak, ook als die op iemand anders’ grond staan. Bestanddelen zijn volgens art. 3:4 BW al hetgeen volgens verkeersopvatting onderdeel van een zaak is en zaken die zodanig verbonden zijn

  • Belastingrecht
    Verlaagde tarief voor ‘woonhuizen’ (art. 14(2) Wet BvR). Verkaveling in 8 bouwkavels en 1 openbare-wegperceel…

    Parket bij de Hoge Raad14 februari 2025ECLI:NL:PHR:2025:201

    zaak, ook als die op iemand anders’ grond staan. Bestanddelen zijn volgens art. 3:4 BW al hetgeen volgens verkeersopvatting onderdeel van een zaak is en zaken die zodanig verbonden zijn

  • Civiel recht overig
    Geschil over de ontbinding van koopovereenkomst m.b.t. een keuken c.a. wegens niet-plaatsbare afzuigkap (81 RO).

    Parket bij de Hoge Raad3 februari 2006ECLI:NL:PHR:2006:AU9718

    aangevoerd dat de afzuigkap een bestanddeel is van het fornuis als bedoeld in art. 3:4 BW. Stadsherstel heeft in haar antwoordakte verwezen naar hetgeen zij eerder had aangevoerd. 1.8. Bij vonnis … folder van Atag, een bestanddeel is van het fornuis als bedoeld in art. 3:4 BW, dat mede gezien de gecompliceerde partijverhouding redelijkheid en billijkheid ten deze gebieden aan te nemen

  • BelastingrechtEerste aanleg - meervoudig
    Overdrachtsbelasting. Vriesinstallaties moeten naar verkeersopvattingen als bestanddelen van het onroerende…

    Gerechtshof Arnhem31 januari 2007ECLI:NL:GHARN:2007:AZ9796

    stelling dat het hierbij gaat om bestanddelen (van het vrieshuis) als bedoeld in artikel 3:4 BW. 3. Het geschil, de standpunten en conclusies van partijen 3.1. Tussen partijen is voor … geen zelfstandige betekenis. 4.3. Artikel 4 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek (3:4 BW) dat bepaalt wanneer een zaak bestanddeel is van een (andere) zaak, kent twee afzonderlijke zelfstandige dragende

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Verplaatste scheidingsmuur tussen woningen; gevolgen voor eigendom? schade?

    Gerechtshof 's-Gravenhage27 januari 2009ECLI:NL:GHSGR:2009:BH2432

    betwist, brengt het bepaalde in art. 5:20 sub e in verbinding met art. 3:4 BW mee dat [Appellant] ook gerechtigd is tot dat deel dat de perceelsgrens overschrijdt, aangezien … deel dient te worden aangemerkt als een bestanddeel in de zin van art. 3:4 BW van de [Appellant] toebehorende onroerende zaak. Dit deel maakt immers onderdeel uit van de door [Appellant

  • Civiel recht overig
    Vermenging verpande en niet-verpande zaken. Pandrecht op vloeibaar aluminium. Oordeel hof over verhouding…

    Parket bij de Hoge Raad17 april 2015ECLI:NL:PHR:2015:504

    geval sprake is van een ‘hoofdzaak’ en een ‘bestanddeel’ in de zin van art. 3:4 BW. 2 Feiten In cassatie kan van de volgende feiten worden uitgegaan. (i) Op 13 december

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Is de zonwering roerend of onroerend

    Rechtbank Rotterdam24 juli 2015ECLI:NL:RBROT:2015:5262

    onroerend is dient te worden beoordeeld aan de hand van artikelen 3:3 en 3:4 BW. 5.5 De vraag of de onderhavige zonwering als een bestanddeel als bedoeld in artikel 3 … bestanddelen van die woning(en) moet worden aangemerkt in de zin van artikel 3:4 BW en daardoor onroerend is. 5.8 Nu de onderhavige zonwering niet als bestanddeel van de woning

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    - geschil rond de eigendom van 606 stoelen; is een bioscoop zonder stoelen een bioscoop? - volgens de…

    Rechtbank Zwolle-Lelystad14 januari 2009ECLI:NL:RBZLY:2009:BI3417

    rechtbank zal eerst beoordelen of de stoelen op basis van het bepaalde in artikel 3:4 BW bestanddelen van het pand zijn en daarmee krachtens artikel 5:3 BW – als bestanddelen … pand – tot de eigendom van [A] behoren. Artikel 3:4 BW bevat twee toetsingscriteria: 1. de verkeersopvatting (lid 1); 2. het al dan niet mogelijk zijn van afscheiding zonder beschadiging van betekenis

  • BelastingrechtHoger beroep
    Overdrachtsbelasting. Warmtekrachtkoppeling is onroerend. Twee belanghebbenden. Belanghebbende 1 heeft te…

    Gerechtshof 's-Gravenhage7 maart 2012ECLI:NL:GHSGR:2012:BW1076

    3:3 BW moet worden gekwalificeerd dan wel subsidiair op de voet van artikel 3:4 BW. Belanghebbende beantwoordt de vraag zowel primair als subsidiair ontkennend en de Inspecteur in tegenovergestelde … eveneens kwalificeert als een onroerende zaak in de zin van artikel 3:4 BW buiten behandeling. 7.8. Belanghebbende heeft een beroep gedaan op het Besluit van de staatssecretaris van 14 juli

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad25 oktober 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE6999

    vraag of iets bestanddeel van een zaak is in de zin van art. 3:4 BW - niet kunnen worden gebezigd als zelfstandige maatstaf voor de beoordeling van de vraag of een zaak … genomen dat graftekens niet kunnen worden aangemerkt als bestanddeel in de zin van art. 3:4 BW. In dat verband overwoog het Hof dat graftekens in het algemeen niet zodanig

  • GoederenrechtKort geding
    De levering van de woning wordt belemmerd door de stichting. De stichting pretendeert eigenaar te zijn van…

    Rechtbank Noord-Holland5 augustus 2021ECLI:NL:RBNHO:2021:6742

    daartoe behorende bestanddelen. Voor de inkleuring van het begrip bestanddeel, wordt gekeken naar artikel 3:4 BW. Daarin is bepaald dat hetgeen krachtens verkeersopvatting onderdeel van een zaak uitmaakt en hetgeen zodanig … worden, zijn zij niet bestemd om duurzaam ter plaatste te blijven. De in artikel 3:4 BW genoemde verkeersopvatting, mag daarom niet van doorslaggevend belang zijn, aldus de stichting. 5.7. De voorzieningenrechter

  • Personen- en familierechtHoger beroep
    Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch13 april 2021ECLI:NL:GHSHE:2021:1090

    bestrijdt dat de kledingkast en de buitenkeuken een bestanddeel (in de zin van art. 3:4 BW) vormen van de woning. De kledingkast en de buitenkeuken zijn door hem zelf gemaakt/geplaatst … Vervolgens wordt het beroep van de vrouw op bestanddeelvorming in de zin van art. 3:4 BW besproken. Overeenkomst partijen 4.4.4. Het hof stelt voorop dat een rechtshandeling

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad28 februari 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF0131

    deze steiger moet worden beschouwd als een bestanddeel in de zin van art. 3:4 BW van het aan hem in eigendom toebehorende perceel; hij vordert - in conventie - een verklaring voor recht … geen bestanddeel is van de onroerende zaak van [eiser] in de zin van art. 3:4 BW. Het Hof tekende daarbij aan dat hetgeen [eiser] daarover in hoger beroep nog te berde

  • Civiel recht overigCassatie
    Kan een ‘portacabin’ onroerend zijn in de zin van art. 3:3 lid 1 BW dat een duurzame vereniging met de grond…

    Hoge Raad31 oktober 1997ECLI:NL:HR:1997:ZC2478Aangehaald in 51 uitspraken

    perceel. Daartoe heeft de Rabobank met een beroep op de art. 3:3 en 3:4 BW gesteld dat de portacabin onroerend is. De Ontvanger heeft zulks bestreden, zich op het standpunt

  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Zonwering en keukenapparatuur: roerend of onroerend?

    Rechtbank Midden-Nederland25 oktober 2017ECLI:NL:RBMNE:2017:6748

    onroerende gehuurde. Deze vraag dient te worden beoordeeld aan de hand van artikelen 3:4 BW. 2.4 Artikel 3:4, eerste lid, BW bepaalt dat al hetgeen volgens verkeersopvatting onderdeel … zonwering in onderhavig geval (als bestanddeel van het gehuurde in de zin van artikel 3:4 BW) aangemerkt dient te worden en derhalve als onroerende aanhorigheid van het gehuurde (artikel

  • Civiel recht overigHoger beroep kort geding
    Opheffing pandhouderbeslag gevorderd. Zijn anodes in ovens zelfstandige roerende zaken gebleven? Ja, geen…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch4 december 2012ECLI:NL:GHSHE:2012:BY5208

    eventuele bestanddeelvorming van de anodes in relatie tot de ovens gegeven door artikel 3:4 BW. 4.5.4.Partijen zijn het erover eens dat de anodes uit de ovens verwijderd kunnen worden zonder beschadiging … kring van handelaren in en eigenaars van dergelijke machines (zie parlementaire geschiedenis bij art. 3:4 BW, blz. 72 e.v.) . Voorts zal het hof zo veel als mogelijk aansluiting zoeken

  • BelastingrechtHoger beroep
    In hoger beroep is in geschil of de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting terecht is opgelegd. Het geschil…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden4 juni 2013ECLI:NL:GHARL:2013:CA2228

    wettelijke bepalingen op geen enkele andere wijze dan door middel van natrekking (artikel 3:4 BW) onroerend in de zin van artikel 3:3 BW kan worden. Dit vereist dat de stacaravan … door belanghebbende opgeworpen vraag of de stacaravan eerst door natrekking als bedoeld in artikel 3:4 BW, bestanddeel van een (andere) onroerende zaak kan worden. Voor de door belanghebbende voorgestane volgorde

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Lichtbakken onderdeel gebouw; huur

    Gerechtshof Amsterdam1 september 2009ECLI:NL:GHAMS:2009:BK9425

    uitmaakt van het winkelpand. Deze vraag moet worden beantwoord aan de hand van artikel 3:4 BW. Het eerste lid daarvan bepaalt dat al hetgeen volgens verkeersopvatting onderdeel van een zaak uitmaakt … zaak. Indien dit niet opgaat, komt het tweede lid van artikel 3:4 BW aan de orde. Dit bepaalt dat een zaak die met een hoofdzaak zodanig verbonden wordt dat zij daarvan

  • Strafrecht overig
    Conclusie AG. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op personenauto waarin gestolen onderdelen zijn gemonteerd…

    Parket bij de Hoge Raad3 april 2018ECLI:NL:PHR:2018:289

    aangebracht. Er was niets met het voertuig aan de hand. Op grond van artikel 3:4 BW is klager door natrekking rechtmatig eigenaar geworden van alle onderdelen in de Mercedes. Deze goederen

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Gerechtshof Arnhem · Hoger beroep · Civiel recht overig

    Gerechtshof Arnhem2 oktober 2001ECLI:NL:GHARN:2001:AD4563

    praktijk levende opvattingen. Geïntimeerde verwijst in dit verband naar de parlementaire geschiedenis van artikel 3:4 BW. Uit die geschiedenis blijkt echter niet dat het begrip "verkeersopvatting" op de door Geïntimeerde gestelde … betekenis aan een van de zaken plaatsvinden. Gelet op het bepaalde in artikel 3:4 BW kan de kelder mitsdien niet als bestanddeel van de woning van Geïntimeerde beschouwd worden en behoort

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.