59 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtHoger beroepBestuurder voormalige onderneming op grond van art. 36 Invorderingswet persoonlijk aansprakelijk gesteld…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 januari 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BP1389
slot doet [X.] een beroep op de hardheidsclausule op grond van artikel 288 lid 3 Fw. Hij wijst hierbij op het feit dat alle schulden verband houden met de onderneming C.E.L
- InsolventierechtWSNP. Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling; art. 288 lid 1, onder b, en lid 3 F…
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP4678
geweest en (b) dat omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot toepassing van artikel 288 lid 3 FW niet zijn aangevoerd of gebleken. 1.3 Het hof te Amsterdam heeft in hoger beroep
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof Amsterdam · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof Amsterdam|28 juni 2011|ECLI:NL:GHAMS:2011:BR1669
bijstandsniveau is gelegen, tenzij de rechter-commissaris op de voet van art. 295 lid 3 Fw anders heeft bepaald, moet worden aangenomen dat een saniet, behoudens bijzondere omstandigheden, niet over draagkracht beschikt
- Civiel recht overigHoger beroepOvernemen van procedure door bewindvoerder op de voet van artikel 27 lid 3 j° artikel 313 van de…
Gerechtshof 's-Gravenhage|27 december 2011|ECLI:NL:GHSGR:2011:BU9789
nemen dat in gevallen als het onderhavige de bewindvoerder overeenkomstig artikel 27 lid 3 Fw bevoegd is de appelprocedure over te nemen en de vrouw buiten het geding te doen stellen
- InsolventierechtFaillissement. Summierlijk blijken van vorderingsrecht. Redelijk belang aanvrager. (81 RO)
Parket bij de Hoge Raad|1 april 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP4798
betalen. Als een schuldeiser een dergelijke aanvraag met succes wil doen, vereist art. 6 lid 3 Fw dat summierlijk van diens vorderingsrecht blijkt. De hoogte van het vorderingrecht behoeft niet te worden
- InsolventierechtArt. 81 RO. WSNP. Afwijzing verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling; ontbreken goede trouw bij…
Parket bij de Hoge Raad|28 oktober 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BU2043
overweegt het hof dat het beroep van [verzoeker] op de hardheidsclausule van art. 288 lid 3 FW niet opgaat, omdat de omstandigheden die voor hem spreken thans nog onvoldoende opwegen tegen
- InsolventierechtHoger beroepTussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling op grond van artikel 350 lid 3 aanhef en sub c en f…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|12 april 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ1369
leest hierin dat de rechtbank toepassing heeft gegeven aan het bepaalde in artikel 288 lid 3 Fw. De vaststelling dat [X.] de omstandigheden die bepalend zijn geweest voor het ontstaan of onbetaald
- InsolventierechtFaillissement. Beroep tegen faillietverklaring. Toestand van hebben opgehouden te betalen; art. 6 lid 3 F. (81 RO)
Parket bij de Hoge Raad|8 april 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BQ0482
verzoek tot faillietverklaring ging indienen. 2.2 Voor faillietverklaring is volgens art. 6 lid 3 Fw vereist dat (summierlijk blijkt) van een vordering van een schuldeiser die het verzoek tot faillietverklaring doet
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRenvooiprocedure. Verweerder stelt zich wel maar concludeert niet voor antwoord. Samenhangend met andere…
Rechtbank Rotterdam|24 augustus 2011|ECLI:NL:RBROT:2011:BR6507
curator] is goed vergelijkbaar met de situatie die is geregeld door artikel 122 lid 3 Fw, dat indien degene die de bewisting van de verificatie heeft gedaan niet op de bepaalde terechtzitting
- Civiel recht overigHoger beroepSaniet is huurder van een bedrijfspand. In geschil is of de verschuldigde huurpenningen een boedelschuld…
Gerechtshof Leeuwarden|15 februari 2011|ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ0826
zijn. Een dergelijke uitleg past niet in het systeem van de wet. Art. 305 lid 3 Fw. biedt de verhuurder de mogelijkheid om, indien tijdens de toepassing van de schuldsaneringsregeling de huur
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigafwijzing dwangakkoord: Van belang is dat verweerster ten tijde van de totstandkoming van de…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|14 januari 2011|ECLI:NL:RBSHE:2011:BP3063
artikel 288 lid 1 Fw dan wel aan het bepaalde in artikel 288 lid 3 Fw. Van een grond voor afwijzing van het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling is niet gebleken
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigDe omstandigheid dat het UWV in gevallen als het thans voorliggende wettelijk niet is toegestaan in te…
Rechtbank Amsterdam|28 juni 2011|ECLI:NL:RBAMS:2011:BR5511
werkt, er een gerede kans bestaat dat [A] gezien het bepaalde in art. 288 lid 3 Fw (de keer ten goede) toch in aanmerking zou kunnen komen voor toelating tot de wettelijke
- InsolventierechtArt. 81 RO. WSNP. Verzoek tot tussentijdse beëindiging. Oordeel hof dat geen sprake is van feiten en…
Parket bij de Hoge Raad|20 mei 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BQ2739
geen sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden zoals bedoeld in art. 350 lid 3 Fw. Uit het proces-verbaal van de zitting van 26 oktober 2010 blijkt dat er uitgebreid gesproken
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Niet summierlijk gebleken van feiten en omstandigheden die aantonen dat schuldenaar in…
Parket bij de Hoge Raad|21 januari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO7527
stoelt op een onjuiste opvatting omtrent de artikelen 1 lid 1 en 6 lid 3 Fw. Deze artikelen beletten het hof niet om te oordelen dat het in de reden ligt
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig"Hoger beroepen tegen beschikking afkoelingsperiode ex art. 63a Fw. Executoriale verkoop woning door…
Rechtbank Arnhem|20 juni 2011|ECLI:NL:RBARN:2011:BQ8586
opbrengen dan de vordering van CMIS en het meerdere, gelet op art. 57 lid 3 Fw aan de gezamenlijke crediteuren toekomt. 2.9. De rechter-commissaris heeft hierop bij beschikking van 16 juni
- InsolventierechtFaillissementsrecht. Niet summierlijk gebleken van feiten en omstandigheden die aantonen dat schuldenaar in…
Parket bij de Hoge Raad|21 januari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO7525
stoelt op een onjuiste opvatting omtrent de artikelen 1 lid 1 en 6 lid 3 Fw. Deze artikelen beletten het hof niet om te oordelen dat het in de reden ligt
- Civiel recht overigProcesrecht. Een verzoek een met schending van het beginsel van hoor en wederhoor gegeven beslissing te…
Parket bij de Hoge Raad|27 mei 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BP8693
Procesrecht. Een verzoek een met schending van het beginsel van hoor en wederhoor gegeven beslissing te herstellen door die terug te nemen of te herzien valt niet binnen het bereik van art. 31 Rv. Als zonder behoorlijke oproeping van de curator, op de voet van art. 27 F. wordt beslist tot verval van instantie, welke…
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVordering van de curator op de bestuurder van een failliete vennootschap. De bestuurder is van mening dat de…
Rechtbank Rotterdam|9 november 2011|ECLI:NL:RBROT:2011:BU4859
tussen deze (rechts)personen en evenmin ingaat op de mogelijke toepasselijkheid van artikel 42 lid 3 Fw. 4.7.1. Toepassing van de criteria van artikel 42 Fw leidt tot de volgende beoordeling
- InsolventierechtFaillissement (art. 57 F.); verleggingsregeling als bedoeld in art. 12 lid 4 Wet op de omzetbelasting 1968…
Parket bij de Hoge Raad|25 februari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO7109
sprake was en dat mitsdien het bepaalde in art. 57 lid 3 Fw volledig van kracht was. In de literatuur wordt (al dan niet stilzwijgend) ervan uitgegaan dat de mogelijkheid van oneigenlijke
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.