251 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|24 september 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE6122Aangehaald in 5 uitspraken
toegepast moet worden omdat zich overschrijdingen van de redelijke termijn in de zin van artikel 6 EVRM hebben voorgedaan, in het bijzonder tussen zijn aanhouding en het instellen van de vordering … niet van dien aard dat van overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM gesproken moet worden. Het beroep op die overschrijding wordt daarom verworpen." 4.3. Het oordeel
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|9 juli 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE1332Aangehaald in 6 uitspraken
klacht dat de terechtzitting van het Hof van 19 september 2000 in strijd met art. 6 EVRM niet in haar geheel openbaar is geweest, althans dat het Hof de sluiting der deuren … redenen, mag bevelen dat het rechtsgeding, geheel of gedeeltelijk, met gesloten deuren zal plaatshebben. Art. 6 EVRM bepaalt met het oog op welke belangen op het beginsel van de openbaarheid inbreuk
- BestuursstrafrechtHoger beroepGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden|21 februari 2002|ECLI:NL:GHLEE:2002:AE0564
justitie. De zaak is derhalve niet berecht binnen een redelijke termijn als bedoeld in art. 6 EVRM. 3.3. Ter zitting van het hof heeft de vertegenwoordiger van de advocaat-generaal betoogd … gelet op de schending van art. 6 EVRM de administratieve sanctie dient te worden gematigd. 3.4. De aard en de geringe zwaarte van de in een procedure als de onderhavige
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepCentrale Raad van Beroep · Hoger beroep · Socialezekerheidsrecht
Centrale Raad van Beroep|9 augustus 2002|ECLI:NL:CRVB:2002:AE7138
hierna: het EVRM) neergelegde vereisten, zij in het voorliggende geval geen schending van artikel 6 EVRM aanwezig acht omdat appellante - met toestemming van de werknemer - in de bezwaarschriftprocedure wel inzage heeft gehad … waarmee is gegeven dat in eerste aanleg een schending heeft plaatsgehad van artikel 6 EVRM. Uit de hierboven genoemde uitspraak van 20 juli 2001 blijkt dat de Raad heeft overwogen
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|2 juli 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE2642
klaagt erover dat het hof door de aanvulling van de vordering af te wijzen art. 6 EVRM heeft geschonden. Het middel stelt dat indien de benadeelde partijen de kosten die direct samenhangen … hoger beroep, niet noodzakelijk was. 28. Het middel klaagt vervolgens over schending van art. 6 EVRM. Art. 6, eerste lid, EVRM bepaalt - voor zover van belang - dat: "In the determination
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|24 mei 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD9615
overschrijden door de Staat van de redelijke termijn bedoeld in artikel 6 EVRM; e. het niet aanbieden van enigerlei vorm van schadevergoeding; 2. de Staat te veroordelen tot vergoeding van de schade … beschouwen als "an independent tribunal" als bedoeld in art. 6 EVRM en de omstandigheid dat het EHRM pas op 19 april 1994 heeft geoordeeld - kort gezegd - dat het CBB niet kon worden
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|4 juni 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE3543
verklaring van de "april-getuige", is gehandeld in strijd met het in artikel 6 EVRM gegarandeerde recht op een eerlijk proces. Een verklaring waaraan een verstrekkend rechtsgevolg wordt verbonden, zoals het opzij … diens verklaring niet aan het dossier toe te voegen. Van strijd met het in artikel 6 EVRM gegarandeerde recht van de verdachte op een eerlijk proces is geen sprake. Het verweer
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|5 april 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD9145
vernietigingsgrond (HR 25 februari 2000, NJ 2000, 508 nt. HJS). Niettemin vloeit uit art. 6 EVRM voort dat rechters "must (...) indicate with sufficient clarity the grounds on which they based their decision … september 2001, NJB 2001, blz. 2094 (Hirvisaari). Of een motiveringsgebrek de grenzen van art. 6 EVRM overschrijdt, hangt onder meer af van de aard van de procedure en van de vraag
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepCentrale Raad van Beroep · Hoger beroep · Socialezekerheidsrecht
Centrale Raad van Beroep|21 november 2002|ECLI:NL:CRVB:2002:AF5675Aangehaald in 10 uitspraken
toekenning van de arbeidsongeschiktheidsuitkering aan haar werknemer. Voorts acht zij het in strijd met artikel 6 EVRM dat zij, anders dan gedaagde en de werknemer, de werknemer niet heeft kunnen laten onderzoeken … EVRM. Hoewel uit de rechtspraak van het EHRM voortvloeit dat schending van artikel 6 EVRM in hoger beroep kan worden hersteld, is de Raad, gelet op de aard van de procedure
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|12 februari 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD9222Aangehaald in 8 uitspraken
heeft verworpen dat in strijd met de art. 30-34 en 51 Sv en art. 6 EVRM aan de verdediging geen afschrift van deze stukken is verstrekt. 5.2.1. Het proces-verbaal … voor hem ontlastende zin. Aldus heeft het Hof, zonder in strijd te komen met art. 6 EVRM, een juiste maatstaf toegepast bij de afwijzing van het verzoek van de raadsman
- BestuursstrafrechtHoger beroepGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden|23 januari 2002|ECLI:NL:GHLEE:2002:AD9175
teneinde die toegang te verkrijgen. De betrokkene doet in dit verband een beroep op art. 6 EVRM. 3.3. Vooropgesteld moet worden dat een zekerheidstelling ingevolge de WAHV in het algemeen niet … zekerheidstelling in het onderhavige geval zou neerkomen op een ontoelaatbare beperking van het in art. 6 EVRM gegarandeerde recht op toegang tot een onafhankelijke rechterlijke instantie. 3.5. In februari 2000 heeft
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|1 oktober 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE5674
zijn merites te beoordelen, zodat het beginsel van fair trial als bedoeld in artikel 6 EVRM is geschonden en het openbaar ministerie op grond daarvan niet-ontvankelijk dient te worden verklaard … Voorts dient bij de beoordeling van het middel te worden vooropgesteld dat noch uit art. 6 EVRM, noch uit enige andere bepaling of rechtsregel voortvloeit dat de verdediging in het algemeen aanspraak
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|1 oktober 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE5674
zijn merites te beoordelen, zodat het beginsel van fair trial als bedoeld in artikel 6 EVRM is geschonden en het openbaar ministerie op grond daarvan niet-ontvankelijk dient te worden verklaard … gehoord." 3.3. Bij de beoordeling van het middel dient te worden vooropgesteld dat aan art. 6 EVRM in het algemeen niet het recht valt te ontlenen op inzage of afschrift van stukken
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|15 oktober 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE7382
cassatieberoep opgeworpen rechtsvragen, de beslissing in overeenstemming is met het geldende recht, waaronder art. 6 EVRM (vgl. HR 18 maart 1953, NJ 1953, 361 en HR 26 juni … behelst de klacht dat de redelijke termijn als bedoeld in het eerste lid van art. 6 EVRM in de cassatiefase is overschreden doordat de stukken te laat zijn ingezonden naar de griffie
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|22 oktober 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE7659
cassatieberoep opgeworpen rechtsvragen, de beslissing in overeenstemming is met het geldende recht, waaronder art. 6 EVRM (vgl. HR 18 maart 1953, NJ 1953, 361 en HR 26 juni … behelst de klacht dat de redelijke termijn als bedoeld in het eerste lid van art. 6 EVRM in de cassatiefase is overschreden doordat de stukken te laat zijn ingezonden naar de griffie
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|24 mei 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD9601
april 1994 (in de zaak Van den Hurk) geen gerecht in de zin van art. 6 EVRM is en [verweerder] daarom de vraag of de (ongegrondverklaring van zijn bezwaar tegen de) weigering … voorbereiden, vaststellen en handhaven van de rechtsgang bij het (niet aan de eisen van art. 6 EVRM beantwoordend) CBB. 3.3 De Rechtbank heeft de vorderingen van [verweerder] toegewezen. Het Hof heeft, voorzover
- BestuursstrafrechtHoger beroepGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden|19 juni 2002|ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6128
beperkt aantal gevallen gaat, moet daarvoor gelet op het in artikel 6 EVRM besloten liggende recht op toegang tot de rechter een voorziening worden getroffen." (Kamerstukken … hoewel de WAHV in dit geval niet voorziet in hoger beroep, dat het in art. 6 EVRM besloten liggende recht op toegang tot de rechter met zich meebrengt dat betrokkene, die erover
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|9 juli 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE2761
eerste middel 3.1. Het middel bevat de klacht dat het Hof in strijd met art. 6 EVRM, art. 121 Grondwet en art. 269 Sv, althans onvoldoende gemotiveerd, heeft bevolen om het afspelen … heeft zich bij zijn toetsing derhalve terecht georiënteerd op het bepaalde in art. 6 EVRM en de mede daaruit afgeleide beginselen van een goede procesorde alsmede op de op 1 april
- Strafrecht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Strafrecht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 november 2002|ECLI:NL:GHSHE:2002:AE9920
reactie is op diens handelen. Met betrekking tot de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM overweegt het hof het volgende. Het hof stelt voorop dat de redelijke termijn, zoals bedoeld … artikel 6 EVRM, een aanvang neemt op het moment dat vanwege de Nederlandse Staat jegens de betrokkene een handeling is verricht, waaraan deze in redelijkheid de verwachting kan ontlenen dat tegen
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|8 maart 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD9884
moederzaak, alleen ingaan op de aspecten van deze zaak waarin art. 6 EVRM een rol kan spelen, dus alleen op de middelen 1, 3 en 4. 3 Denkraam … uitspraak kon komen. 4.5 De vraag of zulks in het licht van art. 6 EVRM anders wordt doordat aanvankelijk een verhoging (boete) in de navorderingaanslag begrepen was, beantwoord ik ontkennend op grond
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.