789 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroepkinderalimentatie Bekrachtiging van de beschikking van de rechtbank.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|4 mei 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:1940
rechter-commissaris het vrij te laten bedrag op de voet van art. 295 lid 3 Fw op een hoger bedrag heeft bepaald. Van dit laatste is geen sprake. Uit de brieven
- InsolventierechtHoger beroepNiet te goeder trouw t.a.v. ontstaan schulden aan de Belastingdienst en UWV. Onvoldoende aannemelijk dat…
Gerechtshof Den Haag|23 juli 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:1978
voor te leggen, waarbij zij een beroep doet op de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Fw. Ter zitting van het hof heeft [appellante] haar standpunt toegelicht. 4. Het hof zal eerst
- Personen- en familierechtHoger beroepArtikel 288 lid 1 sub b en c Fw. Schuldenaar niet te goeder trouw. Onverantwoord ondernemerschap. Het is…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|30 september 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:5979
appellante] heeft een beroep gedaan op de hardheidsclausule zoals bedoeld in artikel 288 lid 3 Fw. Omdat de hardheidsclausule onder meer een uitzondering vormt op het vereiste van goede trouw als bepaald
- Civiel recht overigHoger beroepHet hof heeft de beslissing van de rechtbank tot afwijzing van het verzoek om te worden toegelaten tot de…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 oktober 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:7389
appellant sub 2] reeds thans op grond van de in artikel 288 lid 3 Fw genoemde hardheidsclausule tot de wettelijke schuldsaneringsregeling toe te laten. 3.8 Het hoger beroep faalt. Van overige bijzondere
- InsolventierechtHoger beroepToewijzing verzoek tot opheffing van op eigen aangifte uitgesproken faillissement onder het gelijktijdig…
Gerechtshof Den Haag|23 mei 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:1445
vallen. Tot slot heeft [appellant] een beroep gedaan op de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Fw. [appellant] heeft de oorzaken van zijn schulden, die in de zakelijke sfeer lagen, onder controle
- InsolventierechtHoger beroepVerzoek tot faillietverklaring afgewezen. Niet summierlijk gebleken van vorderingsrecht aanvrager.
Gerechtshof Den Haag|20 mei 2025|ECLI:NL:GHDHA:2025:2001
volgende voorop. Op grond van het bepaalde in artikel 1 en artikel 6 lid 3 Fw is voor een faillietverklaring vereist dat summierlijk blijkt van feiten en omstandigheden die aantonen
- Civiel recht overigHoger beroepVerzoek tot faillietverklaring alsnog afgewezen. Aan faillissementsaanvraag zijn enkel verbeurde dwangsommen…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|25 juni 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:4704
oorspronkelijke verzoek tot faillietverklaring van [appellant] zal alsnog worden afgewezen. Ingevolge artikel 15 lid 3 Fw heeft het hof de faillissementskosten en het salaris van de curator vast te stellen
- Civiel recht overigHoger beroepArtikel 288 lid 1, aanhef en onder b Fw. Bekrachtiging afwijzing verzoek om toepassing WSNP. Onvoldoende…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|31 augustus 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:6796
waarvan haar verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling op de voet van artikel 288 lid 3 Fw toch zou moeten worden toegewezen. Ook de aard en omvang van de deels nog recent
- Civiel recht overigHoger beroepBekrachtiging weigering toelating wettelijke schuldsaneringsregeling (pareringsverzoek). Niet te goeder trouw…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|1 oktober 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:8677
omstandigheden op grond waarvan het verzoek van [appellant] op de voet van artikel 288 lid 3 Fw toch zou moeten worden toegewezen - hierop is overigens geen beroep gedaan - is niet gebleken
- InsolventierechtHoger beroepGeen nieuwe feiten en omstandigheden bekend geworden, die op het tijdstip van de indiening van het…
Gerechtshof Den Haag|23 mei 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:1446
gestaan aan toelating. Daarnaast doet [appellante] een beroep op de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Fw. 3. De bewindvoerder heeft het volgende verklaard. Uit de door [appellante] overgelegde voorintake-rapportage
- InsolventierechtHoger beroepAfwijzing verzoek tot wijziging van de met toepassing van art. 287a Fw tot stand gebrachte schuldregeling…
Gerechtshof Den Haag|21 juli 2016|ECLI:NL:GHDHA:2016:2649
betaling en de schuldsanering (vgl. art. 146, 165, 280, lid 1 en 340 lid 3 Fw) - voor het overige geen regeling in de Faillissementswet en is daardoor verder onderworpen aan de gewone
- InsolventierechtHoger beroepArrest na beantwoording van prejudiciële vragen door de Hoge Raad. Verlenging schuldsanering na afloop van de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 januari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:70
volgende bepaald. Ad 1. De beslissing om op voet van artikel 349a lid 2 en 3 Fw de termijn van de schuldsaneringsregeling te verlengen, kan worden genomen na het moment waarop
- Civiel recht overigHoger beroepWederpartij van appellant gaat failliet. Ten tijde van het faillissement had failliet een vordering op…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|30 september 2014|ECLI:NL:GHARL:2014:7526
boedel als 'onderpand' mag beschouwen voor de betaling van zijn vordering - mee art. 53 lid 3 Fw van overeenkomstige toepassing te achten in geval van cessie door de curator. 3.7 Hetgeen hiervoor
- InsolventierechtHoger beroepHet hof heeft het vonnis van de rechtbank, waarbij Brutra Materieel BV op verzoek van ABN AMRO bank in staat…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|24 april 2023|ECLI:NL:GHARL:2023:3437
wijze zoals hierna te melden. Daarnaast zal het hof, ingevolge artikel 15 lid 3 Fw, de bank veroordelen in de faillissementskosten. Nu de juistheid van de door de curator opgegeven faillissementskosten
- Civiel recht overigHoger beroepToelating tot de WSNP. Schulden niet te goeder trouw. Omvangrijke fraudevordering. Beroep op…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 november 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:9363
zich, zoals in dit geval, een weigeringsgrond voordoet, ingevolge het bepaalde in artikel 288 lid 3 Fw toch worden toegewezen, als voldoende aannemelijk is dat de schuldenaar de omstandigheden die bepalend zijn
- VerbintenissenrechtHoger beroepOmzetting stil pandrecht in vuistpand feitelijke handeling, in feitelijke macht brengen door bodemverhuur…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 september 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:4262
wordt gesteld de belangen van de belastingdienst te behartigen als bedoeld in artikel 57 lid 3 Fw. De curator vorderde subsidiair een bedrag van € 65.196,23, althans € 50.967,74, te vermeerderen
- Personen- en familierechtHoger beroepAlimentatie; draagkracht man die failliet is verklaard. Hof past jurisprudentie ter zake van alimentatie en…
Gerechtshof Arnhem|2 februari 2010|ECLI:NL:GHARN:2010:BL5756
bijstandsniveau is gelegen, tenzij de rechter-commissaris op de voet van art. 295 lid 3 Fw anders heeft bepaald, moet worden aangenomen dat een saniet, behoudens bijzondere omstandigheden, niet over draagkracht beschikt
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|10 februari 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:1035
tussentijdse beëindiging van de wettelijke schuldsanerigsregeling, zoals deze zijn neergelegd in artikel 350 lid 3 Fw. Het hof bekrachtigt dan ook het bestreden vonnis. 4 De beslissing Het hof, recht doende
- InsolventierechtHoger beroepHoger beroep inzake herstelbeschikking art. 31 Rv niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding Het hof is…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|8 maart 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:AT2442
hoger beroep. Aan beantwoording van de vraag of het bepaalde in artikel 15, lid 3, Fw in de weg staat aan het ingestelde hoger beroep, komt het hof derhalve niet
- InsolventierechtHoger beroepArt 288 lid 1 sub b FW en 288 lid 2 sub c Fw / CJIB schulden niet te goeder trouw / beroep op…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 november 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:3988
appellant] doet voorts een beroep op de hardheidsclausule als bedoeld in artikel 288 lid 3 Fw. Hij heeft spijt van zijn handelen in het verleden. Inmiddels, in ieder geval sinds de nieuwe
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.