97 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigBodemzaakBevrijdende en verkrijgende verjaring (artikel 3:105 BW en 3:99 BW), inbezitneming door dempen stuk sloot…
Rechtbank Den Haag|19 september 2018|ECLI:NL:RBDHA:2018:16500
BW het houden van een goed voor zichzelf, hetgeen blijkens artikel 3:108 BW naar verkeersopvatting, met inachtneming van de in artikel 3:109 e.v. BW gegeven regels en op grond
- Civiel recht overigBodemzaakverjaring van de revindicatie van de Gemeente? verkrijgende verjaring van een stuk grond aan de walkant…
Rechtbank Amsterdam|14 februari 2007|ECLI:NL:RBAMS:2007:BA1510
goed voor zichzelf te houden. Voorts geldt dat op de voet van artikel 3:108 BW naar verkeersopvatting moet worden beoordeeld of de bewoners de tuinen bij de woonboten voor zichzelf danwel
- Civiel recht overigBodemzaakBeroep op verkrijgende verjaring ex artikel 3:105 BW afgewezen. Eiser heeft zich niet ondubbelzinnig als…
Rechtbank Noord-Holland|25 november 2020|ECLI:NL:RBNHO:2020:9897
Beroep op verkrijgende verjaring ex artikel 3:105 BW afgewezen. Eiser heeft
- GoederenrechtBodemzaakErfdienstbaarheid door verjaring.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|28 december 2022|ECLI:NL:RBZWB:2022:8081
3:107 BW omschrijft bezit als het houden van een goed voor zichzelf. Artikel 3:108 BW bepaalt dat de vraag of iemand een goed voor zichzelf houdt wordt beoordeeld naar verkeersopvattingen
- GoederenrechtBodemzaakVerkrijging recht van erfpacht door bevrijdende (extinctieve) verjaring op gronden van een energiecentrale.
Rechtbank Den Haag|10 januari 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:221
goed voor zichzelf houdt of voor een ander wordt op basis van artikel 3:108 BW beoordeeld naar verkeersopvatting met inachtneming van wettelijke regels en op grond van uiterlijke feiten. Het gaat
- GoederenrechtBodemzaakGemeente doet beroep op verkrijgende verjaring van een perceel grond. Dit slaagt niet omdat geen voor derden…
Rechtbank Amsterdam|20 december 2023|ECLI:NL:RBAMS:2023:8559
bezit) wordt vastgesteld naar verkeersopvattingen en op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). In de wet is verder bepaald dat vermoedt wordt dat diegene die een zaak houdt, dit voor
- GoederenrechtBodemzaakBeroep op bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW) van een strook gemeentegrond. In deze zaak speelt onder meer…
Rechtbank Den Haag|31 maart 2021|ECLI:NL:RBDHA:2021:3160
beoordeeld aan de hand van de verkeersopvatting en uiterlijke feiten, met inachtneming van artikel 3:108 BW en verder. De machtsuitoefening moet voortdurend zijn en daardoor het bezit van de oorspronkelijke bezitter
- Civiel recht overigBodemzaakContradictoir. Retentierecht van de aannemer tegenover de eigenaar van de teruggehouden onroerende zaak…
Rechtbank Oost-Brabant|15 januari 2014|ECLI:NL:RBOBR:2014:185
zaak is, een vraag die aan de hand van de maatstaven van art. 3:108 BW dient te worden beantwoord. Van een zodanige feitelijke macht kan bijvoorbeeld sprake zijn wanneer de zaak
- VerbintenissenrechtBodemzaakTussenvonnis: bewijsopdracht i.v.m. beroep op verkrijgende of bevrijdende verjaring wegens overbouwing op…
Rechtbank Noord-Holland|7 september 2022|ECLI:NL:RBNHO:2022:12238
naar verkeersopvatting met inachtneming van wettelijke regels en op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). In dit geval gaat het om het bezit van de uitbouw op een deel
- VerbintenissenrechtBodemzaakBurenrecht. Geschil over juridische erfgrens en gemeenschappelijke scheidsmuur (5:49 BW). Beroep op…
Rechtbank Noord-Holland|21 augustus 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:8636
vraag of iemand de voor bezit vereiste feitelijke macht uitoefent, moet volgens artikel 3:108 BW worden beantwoord naar de verkeersopvatting en op grond van uiterlijke feiten. Er geldt dus een objectieve
- GoederenrechtBodemzaakVerkrijgende verjaring. Na afsluiting met een hek in 1983, en ingebruikname van het achterliggende terrein…
Rechtbank Noord-Holland|6 november 2019|ECLI:NL:RBNHO:2019:11477
inachtneming van de wettelijke regels en overigens op grond van de uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Voor de beantwoording van de vraag of iemand een zaak in bezit heeft genomen
- Civiel recht overigBodemzaakGeschil over eigendom strook grond. Bezit aangevangen onder OBW en eigendom verjaart na inwerkingtreding NBW.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|15 oktober 2025|ECLI:NL:RBZWB:2025:7008
BW). Of iemand een goed bezit, wordt krachtens artikel 3:107 lid 1 jo. 3:108 BW naar verkeersopvatting objectief beoordeeld, met inachtneming van de regels die in de daaropvolgende wetsartikelen worden
- GoederenrechtBodemzaakEisers doen een beroep op de eigendom van een strook grond vanwege verkrijgende verjaring. Zij vorderen de…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|9 augustus 2023|ECLI:NL:RBZWB:2023:5608
achtneming van de wettelijke regels en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Daarin ligt besloten dat het bezit ondubbelzinnig en openbaar kenbaar is. Dat is het geval wanneer
- Civiel recht overigBodemzaakVerkrijging strook grond door bevrijdende verjaring? Onrechtmatige daad? Schadevergoeding op de voet van…
Rechtbank Noord-Holland|24 januari 2018|ECLI:NL:RBNHO:2018:512
bezitter is geworden. Uit art. 3:107 lid 1 BW in verbinding met art. 3:108 BW volgt dat de vraag of iemand bezitter is moet worden beantwoord naar de verkeersopvatting
- Civiel recht overigBodemzaakerfgrensgeschil; verjaring naar oud en nieuw recht
Rechtbank Noord-Holland|15 oktober 2014|ECLI:NL:RBNHO:2014:9609
artikel 3:109 BW en volgende en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW) wordt bepaald of men voor zichzelf of voor een ander houdt. De (niet naar buiten
- GoederenrechtBodemzaakurenrecht. Geschil tussen buren over gebruik van een strook grond die tussen hun woningen is gelegen. Geen…
Rechtbank Den Haag|12 oktober 2022|ECLI:NL:RBDHA:2022:10382
urenrecht. Geschil tussen buren over gebruik van een strook grond die tussen hun woningen is gelegen. Geen sprake van openbare weg in de zin van de Wegenwet. Er is evenmin door verjaring een erfdienstbaarheid ontstaan. Afwijzing vorderingen.
- GoederenrechtBodemzaakVerjaring. De rechtbank oordeelt dat mede op grond van de uiterlijke omstandigheden in samenhang bezien (een…
Rechtbank Noord-Holland|16 april 2025|ECLI:NL:RBNHO:2025:4317
strook grond. 4.3. Uit artikel 3:107 lid 1 BW in verbinding met artikel 3:108 BW volgt dat de vraag of iemand bezitter is, moet worden beantwoord naar verkeersopvatting, met inachtneming
- VerbintenissenrechtBodemzaakBurengeschil over de plaats van de schutting ten opzichte van de kadastrale erfgrens en het doortrekken van…
Rechtbank Noord-Holland|15 oktober 2025|ECLI:NL:RBNHO:2025:11824
vraag of iemand de voor bezit vereiste feitelijke macht uitoefent, moet volgens artikel 3:108 BW worden beantwoord naar de verkeersopvatting en op grond van uiterlijke feiten. Er geldt dus een objectieve
- GoederenrechtBodemzaakBeroep op extinctieve verjaring slaagt. Tussen partijen is geen perfecte koopovereenkomst tot stand gekomen
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|23 november 2022|ECLI:NL:RBZWB:2022:6970
3:107 BW omschrijft bezit als het houden van een goed voor zichzelf. Artikel 3:108 BW bepaalt dat de vraag of iemand een goed voor zichzelf houdt, wordt beoordeeld naar verkeersopvattingen
- Civiel recht overigBodemzaakVerklaring voor recht. Aan haar vordering heeft [Naam EENMANSZAAK] het volgende ten grondslag gelegd. Primair…
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba|5 april 2023|ECLI:NL:OGEAA:2023:236
sprake is geweest van een bezit van erfdienstbaarheid, moet naar verkeersopvattingen worden beoordeeld (artikel 3:108 BW). Hierbij het gaat om feitelijke omstandigheden, zoals gedragingen en een bestendige toestand waaruit een bevoegdheid
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.