156 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overig11 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/283HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1…
Parket bij de Hoge Raad|11 februari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR4474
juni 2003), alwaar het hof als volgt heeft overwogen: "5.6.3. Art. 455 lid 1 Rv heeft ten aanzien van executoriaal beslag met "baten voortgebracht door de in beslag genomen zaken" met name … subonderdeel 2.1 betoogt [eiser] dat het oordeel van het hof dat art. 455 lid 1 Rv. niet van toepassing is op het conservatoir beslag, rechtens onjuist althans onvoldoende gemotiveerd
- Personen- en familierecht14 januari 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R03/094HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|14 januari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR3646
verzoekschriftprocedures, tenzij de aard van de zaak zich hiertegen verzet (art. 284 lid 1 Rv)(3). De aard van de alimentatieprocedure, een contentieuze, niet-spoedeisende verzoekschriftprocedure, verzet zich niet tegen toepasselijkheid … cassatieverzoekschrift is op 21 augustus 2003, derhalve binnen de termijn van art. 426 lid 1 Rv, ter griffie van de Hoge Raad ingekomen. 3 Zie bijv. Stein/Rueb, Compendium Burgerlijk procesrecht
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOnrechtmatige daad. Slaan na hinderlijk of irritant gedrag. De zorgvuldigheid die in het maatschappelijk…
Rechtbank Zwolle-Lelystad|20 april 2005|ECLI:NL:RBZLY:2005:AU0649
gedaagde sub 2] zich daar ten tijde van de betekening bevond (artikel 46 lid 1 Rv). Betekening had dienen plaats te vinden met inachtneming van de bepalingen van artikel 54 e.v. Rv
- Civiel recht overig29 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/286HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: De stichting…
Parket bij de Hoge Raad|29 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS9032
betrekking tot de tenuitvoerlegging. Op grond van art. 234 Rv., dat in art. 418a lid 1 Rv. van overeenkomstige toepassing is verklaard voor de cassatieprocedure, kan echter alsnog een incidentele vordering … voorraadverklaring de enige mogelijkheid om de schorsende werking van een tussentijds appel (art. 337 lid 1 Rv.) te doorbreken. Bij de overige tussenuitspraken is volgens deze schrijvers de behoefte aan uitvoerbaar
- Civiel recht overig30 september 2005 Eerste Kamer Nr. C04/153HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DE…
Parket bij de Hoge Raad|30 september 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT5154
beoordeling van de cassatieklachten (ook) buiten beschouwing moet blijven - dat volgt uit art. 419 lid 1 Rv. 15) Leest men de stukken zoals ik dat, op de zojuist aangegeven manier
- Civiel recht overig29 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/279HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: De stichting…
Parket bij de Hoge Raad|29 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS8913
betrekking tot de tenuitvoerlegging. Op grond van art. 234 Rv., dat in art. 418a lid 1 Rv. van overeenkomstige toepassing is verklaard voor de cassatieprocedure, kan echter alsnog een incidentele vordering … voorraadverklaring de enige mogelijkheid om de schorsende werking van een tussentijds appel (art. 337 lid 1 Rv.) te doorbreken. Bij de overige tussenuitspraken is volgens deze schrijvers de behoefte aan uitvoerbaar
- Personen- en familierecht8 juli 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/078HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De…
Parket bij de Hoge Raad|8 juli 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT4542
ingevolge het bepaalde in art. 166 lid 1 in samenhang met art. 353 lid 1 Rv, een partij in hoger beroep tot getuigenbewijs moet worden toegelaten indien zij voldoende specifiek bewijs aanbiedt … hebben gedaan. (...)' Deze uitgangspunten gelden m.i. op grond van art. 284 lid 1 Rv in gelijke mate voor alimentatieprocedures als de onderhavige.(20) 3.8. Het betreffende bewijsaanbod
- Civiel recht overig29 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/281HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: De stichting…
Parket bij de Hoge Raad|29 april 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AS8917
betrekking tot de tenuitvoerlegging. Op grond van art. 234 Rv., dat in art. 418a lid 1 Rv. van overeenkomstige toepassing is verklaard voor de cassatieprocedure, kan echter alsnog een incidentele vordering … voorraadverklaring de enige mogelijkheid om de schorsende werking van een tussentijds appel (art. 337 lid 1 Rv.) te doorbreken. Bij de overige tussenuitspraken is volgens deze schrijvers de behoefte aan uitvoerbaar
- Civiel recht overigCassatie18 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/292HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiser…
Hoge Raad|18 februari 2005|ECLI:NL:HR:2005:AS3640
niet anders heeft bepaald, en het niet gaat om gevallen waarin art. 75 lid 1 Rv. van toepassing is, kan beroep in cassatie van deze tussenarresten door [eiseres 3], [eiseres
- Personen- en familierecht8 juli 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/113HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De…
Parket bij de Hoge Raad|8 juli 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT4557
eindbeschikking, tenzij de rechter anders heeft bepaald of art. 75 lid 1 Rv van toepassing is. Art. 75 lid 1 Rv is hier niet van toepassing. De beschikking van de rechtbank, voor
- Civiel recht overigCassatie11 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/283HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1…
Hoge Raad|11 februari 2005|ECLI:NL:HR:2005:AR4474
Onderdeel 2.1 keert zich tevergeefs tegen het oordeel van het hof dat art. 455 lid 1 Rv. niet van overeenkomstige toepassing is op een conservatoir beslag als destijds door [verweerder
- Civiel recht overigInvorderingszaak, verzet tegen tenuitvoerlegging van een dwangbevel van een bedrijfsvereniging wegens…
Parket bij de Hoge Raad|14 oktober 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT7538
overweegt dat uit [het; CvB] in dit geval toepasselijke artikel 94 lid 1 Rv (oud) volgt dat het exploot alleen nietig is indien [eiser] door de gestelde gebreken (onredelijk) zou zijn benadeeld … ervan uitgaan dat onbetwist is dat de betekening aan de persoon of woonplaats ex artikel 1 Rv (oud) niet heeft plaatsgehad, ontberen zij feitelijke grondslag: de ontvanger heeft in hoger beroep immers
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingParallel met de positie van eiser respectievelijk gedaagde, gaat niet zover dat de beslagene die in kort…
Gerechtshof Amsterdam|28 juli 2005|ECLI:NL:GHAMS:2005:AU5257
woonachtige Y in materiële zin procespartij is), zij ingevolge het bepaalde in artikel 224 lid 1 Rv verplicht zijn op vordering van Forward zekerheid te stellen voor de proceskosten en schadevergoeding
- Civiel recht overigHoger beroepHet hof overweegt als volgt. [appellant] heeft als productie 1 bij de memorie van grieven een foto overgelegd…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|9 augustus 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:BD8074
gemaakt, zal het hof overeenkomstig het bepaalde in artikel 353 lid 1 jo. 130 lid 1 Rv. recht doen op de vermeerderde eis. Het hof merkt daarbij echter reeds
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigNietige dagvaarding. Onvoldoende feitelijke onderbouwing van de vordering. Art. 111 Rv.
Rechtbank Maastricht|1 juni 2005|ECLI:NL:RBMAA:2005:AT6814
artikel 111 lid 2 aanhef en sub d Rv, hetgeen ingevolge artikel 120 lid 1 Rv in beginsel de nietigheid daarvan met zich meebrengt. Het beroep van [gedaagde] op deze nietigheid treft
- Civiel recht overigVoorlopige voorzieningNiet-ontvankelijkheid vanwege te laat ingediend verzoek onderhandse verkoop.
Rechtbank Dordrecht|28 september 2005|ECLI:NL:RBDOR:2005:AU3530
Verzoekster stelt dat zij ondanks de overschrijding van de termijn genoemd in artikel 548 lid 1 Rv. toch het verzoek heeft ingediend om verdere vertraging en oplopende kosten te voorkomen. Voorts stelt
- Civiel recht overig18 maart 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/083HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|18 maart 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR8211
euro in totaal, waarvan 1.664,07 euro op de voet van art. 243 lid 1 Rv. te betalen aan de griffier, en 77,- euro te betalen aan [betrokkene 1]. [Opposant] heeft voormeld
- Civiel recht overigHoger beroepTegen [geïntimeerde] is door de rechtbank verstek verleend. Na tussenvonnis, waarbij [appellant] is…
Gerechtshof Leeuwarden|27 juli 2005|ECLI:NL:GHLEE:2005:AU0216
zien, en die is voorzien van een goedschrift als bedoeld in art. 158 lid 1 Rv. In deze akte, die door de rechtbank kennelijk ten onrechte is aangeduid als een notariële akte
- Civiel recht overigHoger beroepHuurster klaagt erover dat de kantonrechter een fundamenteel rechtsbeginsel heeft geschonden, het beginsel…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 juni 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:AU4078
ontkracht, zodat die vordering moet worden afgewezen. 4.2. De appellabiliteit 4.2.1. Ingevolge artikel 332 lid 1 Rv staat tegen het vonnis van de kantonrechter geen hoger beroep open nu de vorderingen waarover
- Personen- en familierechtEerste aanleg - enkelvoudigkantonzaak, machtiging tot verwerping, erfrecht. Omdat wettelijik vertegenwoordiger van minderjarige…
Rechtbank Zwolle-Lelystad|3 januari 2005|ECLI:NL:RBZLY:2005:AR8668
beginsel dient dit verzoek derhalve door de Duitse rechter te worden beoordeeld, evenwel onverminderd art. 1 Rv, dat voorrang geeft aan verdragsbepalingen. In het onderhavige geval is de kantonrechter van oordeel
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.