Zoekresultaten

Voor “"3:302 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

345 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Onrechtmatige publicatie in jaarverslag? De Raad van Commissarissen van gedaagde heeft conclusies getrokken…

    Rechtbank Amsterdam29 november 2017ECLI:NL:RBAMS:2017:9011

    worden betrokken. In dat kader valt op dat [Eiser] op de voet van artikel 3:302 BW een verklaring voor recht vraagt voor zichzelf “en zijn collega’s”. [Eiser] is echter niet … vragen om omtrent die rechtsverhouding een verklaring voor recht uit te spreken (zie artikel 3:302 BW) en zal hierna slechts rekening worden gehouden met zijn belang. 4.4. Tussen partijen is niet

  • OndernemingsrechtHoger beroep
    Nietigheid besluit tot vaststelling van de jaarrekening. Fundamenteel totstandkomingsgebrek. Voldoende belang…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch30 januari 2024ECLI:NL:GHSHE:2024:246

    onderdeel van de grief stelt het hof voorop dat op grond van artikel 3:302 BW de rechter op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon omtrent die rechtsverhouding … slotsom is dat de rechtbank terecht en op juiste gronden met toepassing van artikel 3:302 BW de (primair) door [geïntimeerden] gevorderde verklaring voor recht heeft uitgesproken. Aan bewijslevering komt

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Aandelentransactie. Tegenstrijdig belang. Bevoegdheid van de Nederlandse rechter. Toepasselijk recht…

    Gerechtshof Arnhem10 november 2009ECLI:NL:GHARN:2009:BL8328

    Aandelentransactie. Tegenstrijdig belang. Bevoegdheid van de Nederlandse rechter. Toepasselijk recht. Ontvankelijkheid van aandeel- en certificaathouders. Rechtskracht van transacties. Onrechtmatig handelen.

  • VerbintenissenrechtHoger beroep
    Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Verbintenissenrecht

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch17 april 2018ECLI:NL:GHSHE:2018:1603

    gedaagde geen recht." De onjuistheid van dit oordeel volgt volgens Dexia onmiddellijk uit art. 3:302 BW. Aan de voorwaarden van deze bepaling is voldaan, zodat Dexia het (spiegelbeeldig) recht heeft … rechtsverhouding betrokken persoon kan een verklaring voor recht vorderen omtrent die rechtsverhouding (art. 3:302 BW). Een partij bij een overeenkomst, zoals Dexia in deze zaak, behoort tot de onmiddellijk

  • Civiel recht overigHoger beroep
    dexia waiverzaak toegang tot de rechter en buitengerechtelijke kosten

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch23 oktober 2018ECLI:NL:GHSHE:2018:4336

    gedaagde geen recht." De onjuistheid van dit oordeel volgt volgens Dexia onmiddellijk uit art. 3:302 BW. Aan de voorwaarden van deze bepaling is voldaan, zodat Dexia het (spiegelbeeldig) recht heeft … rechtsverhouding betrokken persoon kan een verklaring voor recht vorderen omtrent die rechtsverhouding (art. 3:302 BW). Een partij bij een overeenkomst, zoals Dexia in deze zaak, behoort tot de onmiddellijk

  • Civiel recht overig
    Financieel recht. Effectenlease (Dexia). Negatieve verklaring voor recht; daarvoor vereist belang; stelplicht…

    Parket bij de Hoge Raad21 december 2018ECLI:NL:PHR:2018:1429Aangehaald in 8 uitspraken

    middel. 5.5 Ik schets eerst het juridisch kader voor deze klachten. Art. 3:302 BW bepaalt dat de rechter, op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon, omtrent die rechtsverhouding

  • Civiel recht overigBodemzaak
    Eindvonnis: bewijs van eigendomsverkrijging door verkrijgende of bevrijdende verjaring geslaagd. Verklaring…

    Rechtbank Noord-Holland22 februari 2023ECLI:NL:RBNHO:2023:939

    ingeschakelde deskundige daarom niet voor vergoeding in aanmerking. in reconventie Verklaring van recht (artikel 3:302 BW) 2.10. Aangezien het verweer van [gedaagde/eiser1] c.s. slaagt, is de verklaring van recht … merkt de rechtbank op dat een verklaring van recht in de zin van artikel 3:302 BW uitsluitend werking heeft tussen partijen (en hun rechtsopvolgers onder algemene en bijzondere titel) en inschrijfbaar

  • OndernemingsrechtBeschikking
    Verzocht primair verklaring voor recht dat vennootschap niet is ontbonden na turboliquidatie (art. 2:19 lid 4…

    Rechtbank Rotterdam7 november 2024ECLI:NL:RBROT:2024:11189

    ontbindingsbesluit. 3 Het verzoek 3.1. Verzoekster verzoekt in haar verzoekschrift op grond van artikel 3:302 BW een verklaring voor recht dat de vennootschap niet is ontbonden. Verzoekster onderbouwt dit als volgt … deze rechtbank. 4.2. Verzoekster is belanghebbende bij het verzoek in de zin van artikel 3:302 BW, omdat zij als voormalig enig aandeelhouder en bestuurder van de vennootschap een onmiddellijk betrokken persoon

  • Burgerlijk procesrechtBeschikking
    Verzoekers zijn derden die zelf geen enkel vermogensrechtelijk belang hebben. Zij dienen het algemeen belang…

    Rechtbank Den Haag4 maart 2021ECLI:NL:RBDHA:2021:2427

    openbaar uitgesproken op 4 maart 2021. Sv.: Wetboek van Strafvordering artikel 3:302 BW Artikel 3:40 BW. Zie artikel 3:303 BW. Zie onder meer: HR 18 mei 2018, ECLI … artikelen 2:14 en 2:15, respectievelijk artikel 2:9 BW. Artikel 3:302 BW. type: 206 coll

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Overweging over belang bij de verklaring voor recht. Dat belang is er ook al hebben de procespartijen met…

    Rechtbank Middelburg19 januari 2011ECLI:NL:RBMID:2011:BP5079

    rechtsverhouding tussen [eiseres, verweerster in het incident] en de belastingdienst. Op grond van artikel 3:302 BW kan [eiseres, verweerster in het incident] geen verklaring van recht jegens [gedaagde, eiseres … haar vordering. Dat verweer wordt verworpen. De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 3:302 BW een vordering tot een verklaring voor recht kan worden ingesteld door een onmiddellijk

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Voor het geval in zaak C/10/703740 komt vast te staan dat Fidus (BSR) aansprakelijk is voor de door Ismaiel…

    Rechtbank Rotterdam9 september 2026ECLI:NL:RBROT:2026:12580

    tekort is geschoten in de op haar rustende zorgplicht jegens [naam]. 4.2. Artikel 3:302 BW bepaalt dat op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon, de rechter omtrent … recht wordt gevorderd. Dit betekent dat niet voldaan is aan de vereisten van artikel 3:302 BW. Dit leidt ertoe dat de vordering onder 1 niet toewijsbaar is en wordt afgewezen. Vordering

  • Civiel recht overigPrejudiciële beslissing
    Prejudiciële procedure (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing…

    Hoge Raad21 mei 2021ECLI:NL:HR:2021:748Aangehaald in 15 uitspraken

    verlenen aan de pleegouders voor een vakantie met de minderjarige; II. ingevolge art. 3:302 BW voor recht te verklaren dat in de rechtsverhouding tussen de gecertificeerde instelling en de ouder

  • Civiel recht overigCassatie
    Ontvankelijkheid in cassatie, hoedanigheid procespartij. Tussenarrest, art. 401a Rv. Belang bij vordering en…

    Hoge Raad29 juni 2012ECLI:NL:HR:2012:BU5630Aangehaald in 24 uitspraken

    declaratoir wordt verlangd. Zij hebben daarbij dus voldoende belang in de zin van art. 3:302 BW. Met hetgeen zij overigens vorderen stellen [verweerders] niet slechts, zoals [eisers] kennelijk veronderstellen

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Uitgifte in erpacht van landgoed "Het Meijerink" aan gemeente Zutphen om onder meer een sportveldencomplex te…

    Rechtbank Zutphen7 april 2004ECLI:NL:RBZUT:2004:AO7172

    personen bij de rechtsverhouding tussen de stichting en de gemeente, als bedoeld in art. 3:302 BW. Ook is geen sprake van voldoende belang in de zin van art. 3:303 BW … toegegeven dat de woorden "bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon" als bedoeld in art. 3:302 BW ingeval van een gevorderde verklaring voor recht als hier aan de orde, niet onmiddellijk lijken

  • Civiel recht overigBodemzaak
    Strafrechtelijk handhaven van verbod op hulp bij zelfdoding is niet onrechtmatig. Geen strijd met artikel 8 EVRM.

    Rechtbank Den Haag14 december 2022ECLI:NL:RBDHA:2022:13394

    Strafrechtelijk handhaven van verbod op hulp bij zelfdoding is niet onrechtmatig. Geen strijd met artikel 8 EVRM.

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad31 maart 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA5319

    middel stelt de vraag aan de orde of een verklaring voor recht (art. 3:302 BW) kan worden gegeven in een verzoekschriftprocedure als de onderhavige. De rechtbank heeft deze vraag ontkennend beantwoord … onder 3 primair kan terstond een ontkennend antwoord op deze vraag worden gegeven. Art. 3:302 BW bepaalt dat een verklaring voor recht uitsluitend kan worden gegeven op vordering

  • Civiel recht overigBeschikking
    WWZ. In de arbeidsovereenkomst van 2004 zijn partijen overeengekomen dat die overeenkomst in de plaats kwam…

    Rechtbank Oost-Brabant28 december 2022ECLI:NL:RBOBR:2022:6258

    WWZ. In de arbeidsovereenkomst van 2004 zijn partijen overeengekomen dat die overeenkomst in de plaats kwam van de arbeidsovereenkomst uit 2002. In de arbeidsovereenkomst uit 2004 hebben partijen nieuwe afspraken gemaakt over hun arbeidsverhouding. Werknemer heeft niet gesteld noch is zulks op andere wijze gebleken…

  • Civiel recht overigBodemzaak
    Collectieve actie over kostencomponent stadsverwarming. Ontbreken rechtsgrond voor het in rekening brengen…

    Rechtbank Oost-Brabant26 januari 2022ECLI:NL:RBOBR:2022:207

    Collectieve actie over kostencomponent stadsverwarming. Ontbreken rechtsgrond voor het in rekening brengen van periodieke, geindexeerde en rentedragende aansluitbijdrage. Ontvankelijkheid claimstichting.

  • VerbintenissenrechtBodemzaak
    Centraal in deze zaak staat de vraag of het beding in het testament van erflater - dat als de zoon van…

    Rechtbank Noord-Holland13 december 2023ECLI:NL:RBNHO:2023:13537

    zijn zij niet langer onmiddellijk bij deze rechtsverhouding betrokken in de zin van artikel 3:302 BW. [eiser 1] en [eiser 2] moeten daarom niet-ontvankelijk worden verklaard in hun vorderingen jegens … niet-ontvankelijkheid van [eiser 1] en [eiser 2] in hun vordering. Artikel 3:302 BW bepaalt dat op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon de rechter omtrent die rechtsverhouding

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    ontvankelijkheid, art 3:302 en 3:303 BW, ondeelbare rechtsverhouding

    Rechtbank Amsterdam13 oktober 2021ECLI:NL:RBAMS:2021:5732

    eisers] c.s. niet ontvankelijk dienen te worden verklaard, omdat aan de vereisten van artikel 3:302 BW en 3:303 BW niet is voldaan. Tussen [eisers] c.s. en [gedaagde] bestaat namelijk geen … vereisten van de artikelen 3:302 en 3:303 BW. 4.3. Artikel 3:302 BW bepaalt dat een rechter op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon omtrent die rechtsverhouding

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.