Zoekresultaten

Voor “"3:317 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

822 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Tekortkoming in de nakoming. Onrechtmatige daad. Beroepsfout notaris. Beroep op verjaring. Artikel 3:310 en…

    Rechtbank Rotterdam2 december 2020ECLI:NL:RBROT:2020:12340

    nakoming. Onrechtmatige daad. Beroepsfout notaris. Beroep op verjaring. Artikel 3:310 en 3:317 BW. De verjaring is niet gestuit namens de kinderen van eisers. Eisers hebben niet gesteld noch is gebleken

  • Civiel recht overig
    Overheidsaansprakelijkheid voor vernietigde vergunningen jegens aanvrager daarvan. HR 15 juni 1979…

    Parket bij de Hoge Raad12 februari 2016ECLI:NL:PHR:2016:50

    BH2598, NJ 2009/515 (Barneveld/Sierkstra). Maatstaf voor causaliteit. Stuiting van verjaring (art. 3:317 BW). HR 18 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2741, NJ 2015/382. Feitelijk oordeel. 14/06319 mr. Keus Zitting

  • Civiel recht overig
    Procesrecht. Verjaring verschuldige dwangsommen krachtens art. 611g Rv; brief die in het kader van tussen…

    Parket bij de Hoge Raad9 april 2010ECLI:NL:PHR:2010:BL3866

    tussen partijen gevoerde onderhandelingen is verstuurd vormt geen stuitingshandeling in de zin van 3:317 BW; redelijkheid en billijkheid; tevergeefs beroep op art. 6:2 BW. Zaaknr. 08/03935 Mr. Huydecoper Zitting

  • Civiel recht overig
    Verbintenissenrecht. Overeenkomst; wanprestatie; prospectusaansprakelijkheid; bekwame tijd in de zin van art…

    Parket bij de Hoge Raad8 oktober 2010ECLI:NL:PHR:2010:BM9615

    afhankelijk van omstandigheden van het geval; nietigheid; onverschuldigde betaling; stuiting verjaring; maatstaf van art. 3:317 BW. Nr. 08/04586 Mr. L. Timmerman Zitting 25 juni 2010 Conclusie inzake 1. [Eiser

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Verkeersongeluk waarbij auto is doorgereden.Verjaring, maar de verjaring is geldig gestuit waardoor aan…

    Gerechtshof Arnhem7 april 2009ECLI:NL:GHARN:2009:BI2790

    regels van boek 3 titel 11 van het Burgerlijk Wetboek, in het bijzonder artikel 3:317 BW. Deze grieven lenen zich voor gezamenlijke behandeling. 4.3 Met [appellant] is het hof van oordeel … daarentegen te beschouwen als een aanvulling op de algemene regel van stuiting van artikel 3:317 BW. In de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen wordt de stuiting overeenkomstig die algemene regel immers niet expliciet

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Tussenvonnis. Oordeel over verjaring. Uitleg van artikelen 3:116 en 3:117 BW met verwijzing naar Hoge Raad 8…

    Rechtbank Overijssel17 april 2013ECLI:NL:RBOVE:2013:CA0216

    daad van rechtsvervolging ingetrokken, dan stuit zij de verjaring niet. 3. (…) 18. Artikel 3:317 BW luidt voor zover thans relevant als volgt: 1. De verjaring van een rechtsverordening tot nakoming … meer door een stuitingshandeling (een schriftelijke aanmaning of mededeling) op de voet van artikel 3:317 BW. 22. Volgens [eiseres] klopt deze uitleg van de artikelen 3:116 en 3:117 BW

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad3 juni 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF6983

    september 2001 zou niet als een stuitingshandeling in de zin van art. 3:317 BW kunnen worden aangemerkt omdat daarin niet is vermeld dat alle rechten op nakoming zijn voorbehouden en deze … BW van overeenkomstige toepassing. Stuiting van de verjaring op de voet van art. 3:317 BW door middel van een schriftelijke aanmaning is dus niet mogelijk. Deze mogelijkheid werd door de wetgever

  • Civiel recht overigTussenuitspraak
    Gebreken schilderwerk aan een motorjacht: verjaring, klachtplicht, vervalbeding, deskundigenbericht over…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden19 februari 2019ECLI:NL:GHARL:2019:1547

    november 2013 kan worden beschouwd als een stuitingshandeling in de zin van artikel 3:317 BW, wat door Mast wordt betwist. 4.5 De rechtbank heeft onbestreden vastgesteld dat de verjaring … brief van 8 november 2013 als stuitingshandeling in de zin van artikel 3:317 BW moet worden aangemerkt. Het criterium ter beoordeling van de vraag of sprake is van een stuitingshandeling

  • Civiel recht overigVerwijzing na Hoge Raad
    Vervolg van hof Den Haag 1 april 2014 ECLI:NL:GHDHA:2014:4597 en HR 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3618…

    Gerechtshof Amsterdam14 februari 2017ECLI:NL:GHAMS:2017:460

    daargelaten de vraag of Allianz deze destijds als stuitingshandeling in de zin van artikel 3:317 BW had moeten aanmerken, tot 2 juli 2009 geen aanspraak is gemaakt op uitkering … maart 2005 al dan niet als een stuitingshandeling in de zin van artikel 3:317 BW had te gelden, onbesproken kan laten. Ook indien dit het geval zou zijn, zou de daardoor

  • Civiel recht overigCassatie
    Personenvennootschap. Verjaring. Stuiting van verjaring vordering op vof en haar vennoten. Afzonderlijke…

    Hoge Raad17 juli 2020ECLI:NL:HR:2020:1315Aangehaald in 17 uitspraken

    beantwoording van de vraag of een schriftelijke mededeling op grond van art. 3:317 BW als een stuiting kan worden opgevat, niet alleen moet worden gelet op de tekst van de mededeling … geldend wordt gemaakt. 3.3.1 Met betrekking tot een stuitingsverklaring als bedoeld in art. 3:317 BW, gericht aan een vof, geldt het volgende. 3.3.2 Verklaringen ‘jegens de vof’, waaronder een stuitingsverklaring, zijn

  • Civiel recht overig
    Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige overheidsdaad. Vordering tot schadevergoeding in verband met toepassing…

    Parket bij de Hoge Raad12 oktober 2012ECLI:NL:PHR:2012:BX5638

    tijdig actie tegen een verjaring te ondernemen op grond van art. 3:316 en 3:317 BW. 2.9. Voor zover de eerstgenoemde klacht bedoeld is als rechtsklacht ("ten onrechte"), gaat zij niet

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Tussenarrest. Vraag of de vordering tot terugbetaling van de koopprijs van een tuinkamer na ontbinding van de…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden30 mei 2023ECLI:NL:GHARL:2023:4592

    deze verjaring voor 18 augustus 2019 is gestuit. Dat kan op grond van artikel 3:317 BW door een schriftelijke aanmaning of een schriftelijke mededeling waarin de schuldeiser – in dit geval [appellante … vordering behoorlijk kan verweren. Bij de beoordeling of de mededeling aan de in artikel 3:317 BW gestelde eisen voldoet, dient niet alleen te worden gelet op de formulering daarvan, maar

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Non-conformiteit woning, asbest in woning, klachtplicht: welke vorderingen vallen onder 7:23? en verjaring…

    Rechtbank Utrecht8 augustus 2007ECLI:NL:RBUTR:2007:BB1417

    augustus 2003 dient te worden beschouwd als een stuitingshandeling als bedoeld in artikel 3:317 BW. Bij deze brief hebben [eisende partij] [gedaagde partij] immers, ook wat betreft het gebrek Asbest … vordering tot ontbinding, de vordering tot ontbinding weliswaar onder het tweede lid van artikel 3:317 BW valt, maar dat dit niet wegneemt dat de vordering tot schadevergoeding, ondanks de combinatie, onder

  • Civiel recht overigKort geding
    Eiser vordert schadevergoeding van de Staat wegens onrechtmatige daad (onrechtmatige opsporingsmethodes)…

    Rechtbank 's-Gravenhage23 september 2010ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8067

    plaatsvindt door het instellen van een eis, dan wel aan het bepaalde in artikel 3:317 BW, op grond waarvan de verjaring wordt gestuit door een schriftelijke aanmaning of door een schriftelijke … inhoud van deze brieven niet voldoet aan de eisen van artikel 3:317 BW. Ten aanzien van voormelde brief van 7 december 2007 heeft gedaagde aangevoerd dat deze brief onvoldoende specifiek

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad1 december 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA8718

    deze beoordeling staat centraal de vraag of de brief in de zin van art. 3:317 BW kan worden opgevat als een schriftelijke mededeling waarin de schuldenaar zich ondubbelzinnig zijn recht … brief van 30 december 1992 stuitende werking in de zin van art. 3:317 BW toekomt, hetgeen - aldus het middel - van belang is indien deze brief [verweerder] heeft bereikt op een moment

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Partijen hebben met elkaar een overeenkomst van aanneming tot werk gesloten. Eiseres stelt dat de…

    Rechtbank Noord-Holland4 december 2024ECLI:NL:RBNHO:2024:13968

    vordering tot (vervangende) schadevergoeding. De verjaring van een vordering kan volgens artikel 3:317 BW worden gestuit door middel van een schriftelijke mededeling waarin de schuldeiser, in dit geval [eiseres] , zich ondubbelzinnig … zich het recht op nakoming voor te behouden (in de zin van artikel 3:317 BW). De rechtbank stelt ook vast dat er in de drie jaar voorafgaand aan de brief

  • Civiel recht overig
    Art. 81 lid 1 RO. Schadevaring (art. 8:1002 BW). Kan voor schade aan oliedrukkabel, die door dekschuit is…

    Parket bij de Hoge Raad1 september 2017ECLI:NL:PHR:2017:903

    zodat deze niet tot gevolg kunnen hebben dat de stuiting als bedoeld in art. 3:317 BW heeft plaatsgevonden. De in de brief van 19 oktober 2006 opgenomen vermelding (weergegeven in randnummer

  • Civiel recht overig
    Procesrecht. Verzekeringsrecht. Cassatieberoep tegen veroordeling in kort geding tot betaling van bedrag aan…

    Parket bij de Hoge Raad16 september 2011ECLI:NL:PHR:2011:BQ7051

    gevolmachtigd agenten van Erasmus c.s. jegens laatstgenoemden in de zin van art. 3:317 BW geldt als schriftelijke mededeling waarin SGS zich ondubbelzinnig zijn recht op nakoming voorbehoudt. Zoals bekend moet … 3:37 lid 2 BW). Algemeen aanvaard is dat de verjaring via art. 3:317 BW kan worden gestuit door een gevolmachtigde. Denk hierbij aan een verzekeraar(7) en een advocaat

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad30 maart 2001ECLI:NL:PHR:2001:AB0807

    maart 1995 is voltooid. Stuiting van een vordering als de onderhavige vindt ingevolge art. 3:317 BW plaats door een schriftelijke aanmaning of door een schriftelijke mededeling waarin de schuldeiser zich ondubbelzinnig … aangevoerd dat de verjaring is gestuit door een schriftelijke mededeling als bedoeld in art. 3:317 BW. De door het Hof als zodanige mededeling aangemerkte brief d.d. 6 september 1993 is door

  • ArbeidsrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Tussenvonnis. Beroep op 236 Rv slaagt niet. Vordering deels verjaard. Voor zover geen sprake is van verjaring…

    Rechtbank Noord-Holland31 maart 2021ECLI:NL:RBNHO:2021:6786

    behoudt zich dan ook ondubbelzinning het recht op nakoming voor, zoals bedoeld in art. 3:317 BW. Verder vernam ik dat het loon van de heer [eiser] met 20% werd teruggebracht … betreft behoudt hij zich ondubbelzinning het recht op nakoming voor, zoals bedoeld in art. 3:317 BW. […]’ 2.19. Bij brief van 6 september 2018 heeft [eiser] aan Tata Steel geschreven: ‘Hierbij

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.