345 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigVerdeling gemeenschap; mede-eigendom. Geschil tussen voormalige levenspartners over verkoop van…
Parket bij de Hoge Raad|12 juni 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BH9283
deelgenoten, gericht op de wijze van verdeling(9). Deze wilsverklaringen kunnen volgens art. 3:37 BW in iedere vorm geschieden en kunnen in een of meer gedragingen besloten liggen … stand kan komen. De wilsverklaringen, met inbegrip van het aanbod, kunnen volgens art. 3:37 BW in iedere vorm geschieden en kunnen in een of meer gedragingen besloten liggen (zie hiervóór onder
- Civiel recht overigMedische aansprakelijkheid; schadevordering voor bij een operatie opgelopen lichamelijk letsel. Bevrijdende…
Parket bij de Hoge Raad|4 april 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC3569
gebied, is opgesteld. Voorts is volgens de rechtbank voldaan aan het vereiste van artikel 3:37 BW, nu uit de in het geding gebrachte stukken is gebleken dat [verweerder … onjuiste rechtsopvatting ten aanzien van het bepaalde in de artikelen 3:33 - 3:37 BW. Uit de producties 4 en 5 bij cva blijkt dat de medisch adviseur van de verzekeraar
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|8 februari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:ZC8109
bestaan van de overeenkomst, daarmee het gelijkheidsbeginsel en art. 3:33 en 3:37 BW schendende; - het Hof heeft het eigendomsgrondrecht van art. 1 Eerste Protocol EVRM onjuist geïnterpreteerd. 3. Wettelijke bepalingen … strijd is met art. 26 IVBPR en met de art. 3:33 en 3:37 BW. Ik merk op dat deze beperking ook een afwijking inhoudt van de gewone vrije bewijsleer
- BelastingrechtArt. 25, lid 3, aanhef en letter a, art. 49 en art. 75 Wet IB 1964. Art. I, onderdeel O, lid 1 en lid 4…
Parket bij de Hoge Raad|21 januari 2011|ECLI:NL:PHR:2011:BO0391
Art. 25, lid 3, aanhef en letter a, art. 49 en art
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|8 oktober 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:7691
locatie Arnhem is gebeurd, is niet helder geworden. Gelet op de ontvangsttheorie van artikel 3:37 BW komst zulks evenwel voor rekening van de verzender. 3.10 Het hof stelt derhalve vast
- Civiel recht overigHoger beroepHoger beroep na verwijzing door HR 3 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:144; geen bekrachtiging; wel verplichting…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|23 januari 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:724
bereikt (art. 3:69 BW in verbinding met de art. 3:33 BW en 3:37 BW). Het hof heeft niet vastgesteld dat de bekrachtigingsverklaring, die naar zijn oordeel in de oprichtingsakte
- Civiel recht overigHoger beroepArbeidsrecht, arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, aanzegverplichting, art. 7:668 BW. Heeft de…
Gerechtshof Den Haag|13 oktober 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:1847
brief van 11 mei 2019 en, gelet op het bepaalde in artikel 3:37 BW, meer in het bijzonder op de vraag of [werknemer] deze brief heeft bereikt. [werknemer] stelt
- VerbintenissenrechtOvereenkomstenrecht. Procesrecht. Bewijs dat afspraak tot stand is gekomen. Onbegrijpelijk oordeel daarover?…
Parket bij de Hoge Raad|23 september 2022|ECLI:NL:PHR:2022:842Aangehaald in 31 uitspraken
Overeenkomstenrecht. Procesrecht. Bewijs dat afspraak tot stand is gekomen. Onbegrijpelijk oordeel daarover? Afstand van recht. Toetsing proceskostenveroordeling in cassatie: misslag? Belang voortbouwklacht in cassatie.
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigPer post gestuurde Algemene Voorwaarden.
Rechtbank Maastricht|31 januari 2007|ECLI:NL:RBMAA:2007:AZ7717
instructies (de algemene voorwaarden dus) gedaagde hebben bereikt in de zin van art. 3:37 BW. 2.2.1 Eiseres heeft vervolgens bij akte alleen stukken overgelegd waaruit met goede wil slechts geconcludeerd
- Civiel recht overigHoger beroep7:370 en 376 BW. Opzegging. Verzet tijdig? Tekortkomingen pachter. Tussentijdse vervreemding fosfaatrechten…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|20 oktober 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:8518
pachter hebben bereikt. Daarvoor gelden - zoals [pachter] terecht aanvoert - de regels van artikel 3:37 BW. De afzender, dus [verpachter] , draagt voor de ontvangst de bewijslast. Vast staat dat [pachter] het exploot
- Civiel recht overigHoger beroepHoger Beroep. Koopovereenkomst woning. Terhandstelling per e-mail. Matiging contractuele boete.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 september 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:7213
terhandstelling. De verklaring heeft [appellant] dan immers bereikt (in de zin van artikel 3:37 BW) en [appellant] kon vervolgens over het digitale stuk beschikken. Grief VI slaagt niet. 4.6. Grieven
- Civiel recht overigBodemzaakRelatieve bevoegdheid, forumkeuzebeding in betwiste overeenkomst, ongebondenheid in hoofdzaak aan oordeel in…
Rechtbank Amsterdam|10 december 2008|ECLI:NL:RBAMS:2008:BH2127
Weens Koopverdrag). De overeenkomst komt vervolgens tot stand door ontvangst van de aanvaarding (artikel 3:37 BW). Ondertekening door IP De Aar van de overeenkomst is geen vereiste voor totstandkoming
- Civiel recht overigBeschikkinghuurcommissie - niet-ontvankelijk
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba|8 maart 2016|ECLI:NL:OGEAA:2016:148
geval 17 februari 2015 niet heeft bereikt. Ingevolge het derde lid van artikel 3:37 BW heeft in dat verband te gelden dat de in voormelde brief neergelegde verklaring van [geïntimeerde
- Civiel recht overigHoger beroepBetaling facturen drinkwaterbedrijf. Is er een overeenkomst tot stand gekomen?
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|20 april 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:3898
worden gedaan en ze kunnen ook in een of meer gedragingen besloten liggen (artikel 3:37 BW). Een overeenkomst hoeft dan ook niet schriftelijk vastgelegd (en ondertekend) te worden om tot stand
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVerzekeringsrecht. 14-dagen termijn artikel 7:934 BW
Rechtbank Midden-Nederland|17 juni 2015|ECLI:NL:RBMNE:2015:5061
BW zouden kunnen voldoen, kan onbesproken blijven. Gelet op de ontvangsttheorie bepaald in artikel 3:37 BW heeft een tot een persoon gerichte verklaring (in dit geval de aanmaning van artikel
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigIn 2015 droeg Van Lanschot Bankiers een deel van haar zakelijke vastgoedleningen over aan een niet bancaire…
Rechtbank Amsterdam|4 september 2019|ECLI:NL:RBAMS:2019:6359
moeten worden bepaald of in die gedragingen op grond van het bepaalde in artikel 3:37 BW een verklaring besloten ligt dat (alsnog) werd ingestemd met de contractsoverneming. Alegre c.s. heeft zich
- Civiel recht overigHoger beroepArtt. 6.2; 3:37; 3:307; 3:317; 3:320 en 3:321 BW Incasso van openstaande geldvordering. Correspondentie per…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|19 september 2023|ECLI:NL:GHARL:2023:7810
hier later nog op terug. 3.9. Dan het beroep van de bank op art. 3:37 BW. Maatstaf voor de beoordeling van de vraag of de mededeling van de bank door [appellant
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigZorgverzekeringsovereenkomst. Incassokosten afgewezen, omdat 14-dagenbrief niet voldeed.
Rechtbank Rotterdam|14 juni 2024|ECLI:NL:RBROT:2024:7988
dergelijke brief heeft pas werking als [gedaagde] deze brief ook heeft ontvangen (artikel 3:37 BW). 3.3. [eiseres] zegt dat zij [gedaagde] op 24 augustus 2023 een brief heeft gestuurd als bedoeld
- Civiel recht overigHoger beroepKort geding tegen executie op grond van recht van hypotheek, verstrekt aan (voormalige) Frieslandbank. Is…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|26 maart 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:2708
verwarring over de verhouding tussen Friesland Bank en Rabobank zijn betalingsverplichting heeft opgeschort (artikel 3:37 BW) - helemaal duidelijk is dat niet - faalt dit betoog. Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, valt niet
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe vordering tot betaling van premies uit 2016 en 2018 is verjaard. Zilveren Kruis heeft onvoldoende…
Rechtbank Midden-Nederland|11 maart 2026|ECLI:NL:RBMNE:2026:811
uitgesproken op 11 maart 2026. Artikel 3:307 BW Artikel 3:317 BW Artikel 3:37 BW
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.