1.086 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Burgerlijk procesrechtEerste aanleg - enkelvoudigIncident voeging (art. 222 lid 1 Rv). Toewijzing. De beoordeling van de aansprakelijkheid van de…
Rechtbank Rotterdam|1 april 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:3927
onmiddellijk, respectievelijk middellijk bestuurder van Gameworld kennelijk onbehoorlijk hebben vervuld als bedoeld in artikel 2:248 BW en dat de onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak is van het faillissement; II. dat JCGroup
- InsolventierechtBodemzaakFaillietverklaring. Verweerster is geturboliquideerd en stelt dat geen belang is bij een faillissement…
Rechtbank Den Haag|16 oktober 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:16981
Wanneer niet wordt voldaan aan deze verplichting heeft in geval van faillissement ingevolge artikel 2:248 BW het bestuur van de vennootschap zijn taak kennelijk onbehoorlijk vervuld en wordt vermoed dat deze
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigVerzet tegen uitdelingslijst bij vereenvoudigde afwikkeling van faillissement (art. 137a Fw, art. 137e Fw…
Rechtbank Alkmaar|18 maart 2008|ECLI:NL:RBALK:2008:BD0525
boedel aansprakelijk is wegens onbehoorlijke taakvervulling (art. 2:9 BW), kennelijk onbehoorlijk bestuur (art. 2:248 BW) en/of persoonlijk verwijtbaar handelen (art. 6:162 BW). Zij hebben daartoe aangevoerd -kort samengevat
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid onvoldoende onderbouwd. Beide gronden van HR 18-02-2000, NJ 2000/295.
Gerechtshof Leeuwarden|21 juni 2011|ECLI:NL:GHLEE:2011:BQ8772
Dienaangaande overweegt het hof dat alleen de curator bevoegd is een vordering ex artikel 2:248 BW in te stellen, zodat de onderhavige grief faalt. 16. Grief 7 is gericht tegen
- InsolventierechtBeschikkingCurator stelt dat de boedel een vordering heeft op een feitelijk bestuurder en verwijst hierbij naar een…
Rechtbank Den Haag|26 september 2017|ECLI:NL:RBDHA:2017:11904
aansprakelijk is voor het gehele faillissementstekort. Voor aansprakelijkheid van [verweerder] op grond van artikel 2:248 BW dient te kunnen worden vastgesteld dat [verweerder] feitelijk bestuurder is geweest zoals bedoeld in artikel
- Civiel recht overigOp tegenspraakIPR. De rechtbank is o.g.v. art. 8 onder 1 EEX-Vo II bevoegd t.a.v. de Belgische gedaagde, ook indien…
Rechtbank Oost-Brabant|15 november 2017|ECLI:NL:RBOBR:2017:6041
midden kan blijven of op een vordering die is gebaseerd op art. 2:248 BW (in samenhang met art. 2:11 BW) het recht moet worden toegepast dat wordt aangewezen door
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigWat betreft het beroep op niet-ontvankelijkheid van de curator in zijn vordering overweegt de rechtbank het…
Rechtbank Arnhem|4 juli 2007|ECLI:NL:RBARN:2007:BB0141
Looman en/of als een onbehoorlijke vervulling van hun taak in de zin van art. 2:248 BW konden worden aangemerkt. Dit is van belang voor zover de gedaagden zich, zoals hieronder nader
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigHeeft gedaagde sub 2, als middellijk bestuurder, voldaan aan de administratieplicht van artikel 2:10 BW?
Rechtbank Rotterdam|21 maart 2007|ECLI:NL:RBROT:2007:BA1309
administratie voldoet aan artikel 2:10 BW. 2.10. Dit strookt met artikel 2:248 BW. Er is sprake van het wettelijk vermoeden van onbehoorlijke taakvervulling indien het bestuur niet heeft voldaan
- Civiel recht overigHoger beroepbestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 6:162 BW; toepassing van de criteria van 8 december 2006…
Gerechtshof 's-Gravenhage|16 september 2008|ECLI:NL:GHSGR:2008:BF4107
bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 6:162 BW; toepassing van de criteria
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigSchending boekhoudplicht (artikel 2:10 BW). Beroep op disculpatie slaagt (artikel 2:248 lid 3 BW)
Rechtbank Utrecht|21 december 2011|ECLI:NL:RBUTR:2011:BV2943
onbehoorlijk bestuur, zo stelt [gedaagden c.s.], niet aan haar worden verweten (artikel 2:248 BW lid 3). 4.5. Voorzover [gedaagden c.s.] met deze stelling betoogt dat in dit een en ander
- Civiel recht overigHoger beroepDe transactie vond derhalve pas plaats toen de insolventie van [X.] voor [A.] vaststond. Naar de curator…
Gerechtshof Arnhem|9 september 2003|ECLI:NL:GHARN:2003:AK0124
Zutphen van 25 oktober 2001 (productie 2 bij de inleidende dagvaarding) ingevolge artikel 2:248 BW aansprakelijk voor het bedrag van de schulden van [X.] voor zover deze niet door vereffening
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOpenbare betekening; curator spreekt bestuurder aan; curator gehouden om een kopie van de dagvaarding toe te…
Rechtbank Rotterdam|19 september 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:10855
taak als bestuurder van [eiser] kennelijk onbehoorlijk hebben vervuld als bedoeld in artikel 2:248 BW; (ii) voor recht te verklaren dat deze kennelijk onbehoorlijke taakvervulling van Gedaagden, althans [gedaagde 1] , althans
- Civiel recht overigBijdrageplicht hoofdelijke schuldenaren; regresvordering; art. 6:10 lid 2 BW; niet voldaan aan stelplicht…
Parket bij de Hoge Raad|4 mei 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BV6769
schade op te maken bij staat: (i) primair wegens kennelijk onbehoorlijk bestuur (art. 2:248 BW); (ii) subsidiair wegens kennelijk onbehoorlijke taakvervulling (art. 2:9 BW); (iii) meer subsidiair wegens onrechtmatige daad
- Civiel recht overigHoger beroepAansprakelijkheid van een bestuurder van een stichting actief op het gebied van welzijnswerk (leren en…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|31 december 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:9960
geval, worden beantwoord. Kennelijk onredelijk bestuur in de zin van art. 2:138 en 2:248 BW doet zich slechts voor als geen redelijk denkend bestuurder onder dezelfde omstandigheden aldus zou hebben
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBestuurdersaansprakelijkheid. Bestuurder maakt voldoende aannemelijk dat economische tegenspoed belangrijke…
Rechtbank Haarlem|22 december 2010|ECLI:NL:RBHAA:2010:BP6188
conclusie dat [de curator] niet slaagt in zijn primaire beroep op artikel 2:248 BW. 4.11. Voor een beroep op art. 2:9 BW en/of art. 6:162 BW is evenmin plaats
- Civiel recht overigHoger beroepBewijsvermoeden dat kennelijk onbehoorlijk bestuur belangrijke oorzaak van faillissement was, in hoger beroep…
Gerechtshof Amsterdam|8 maart 2011|ECLI:NL:GHAMS:2011:BR6707
opzicht een verwijt van onbehoorlijk bestuur in de zin van het bepaalde in artikel 2:248 BW kan worden gemaakt, dan zou dat de omstandigheid zijn dat hij deze situatie – ten aanzien
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid. Onbehoorlijke taakvervulling bestuur. Disculpatie bestuurder? Art. 2:248 lid 3 BW?
Gerechtshof Den Haag|20 augustus 2013|ECLI:NL:GHDHA:2013:5386
curator op de voet van het eerste lid van artikel 2:248 BW aannemelijk te maken dat nochtans de kennelijk onbehoorlijke taakvervulling mede een belangrijke oorzaak van het faillissement is geweest. (Hoge
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigIncident. Vrijwaring. Artikel 210 lid 1 Rv. Toewijzing.
Rechtbank Rotterdam|10 augustus 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:7489
Curator q.q. legt aan zijn vorderingen - kort gezegd - primair kennelijk onbehoorlijk bestuur (artikel 2:248 BW), subsidiair onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW), meer subsidiair onterechte dividenduitkering (artikel 2:216 BW
- Civiel recht overigKort gedingEiser heeft onvoldoende onderbouwd dat hij zijn woon- of vaste verblijfplaats in Nederland heeft. Dit…
Rechtbank Overijssel|6 juni 2019|ECLI:NL:RBOVE:2019:3048
vonnis van deze rechtbank d.d. 23 april 2014 is [eiser] op grond van artikel 2:248 BW aansprakelijk geacht voor de tekorten in de beide faillissementen. Bij (onherroepelijk) arrest van het gerechtshof
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigPauliana, verrekening en onrechtmatig handelen. Koop van activa, betaling koopprijs door verrekening met…
Rechtbank Rotterdam|28 januari 2015|ECLI:NL:RBROT:2015:698
beoordeling 4.1. De Curator stelt dat [gedaagden]op de voet van artikel 2:248 BW aansprakelijk zijn voor het boedeltekort van [eiser], nu zij moeten worden aangemerkt als feitelijk beleidsbepaler
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.