193 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepVordering uit ouderlijke boedelverdeling. Verjaring? Gezag van gewijsde. Zuivere aanvaarding?
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 augustus 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:7342
overbedeling van erflaatster aan [geïntimeerde] geen verbintenis uit overeenkomst in de zin van artikel 3:307 BW, maar is deze schuld ontstaan door en ten gevolge van de verdeling die de erflater
- Civiel recht overigHoger beroepBW art. 6:2 en 6:248. Bijna vijf jaar na het einde van de overeenkomst wordt voor het eerst op de…
Gerechtshof Arnhem|10 augustus 2010|ECLI:NL:GHARN:2010:BN4011
eveneens de memorie van antwoord zich nog beroepen op de verjaringstermijn van artikel 3:307 BW. Die termijn is echter niet van toepassing op een vordering tot verklaring voor recht als hier
- Civiel recht overigHoger beroepproceskosten -deels- voor winnende partij wegens onzorgvuldig procederen.
Gerechtshof Arnhem|19 november 2002|ECLI:NL:GHARN:2002:AT6594
deze vordering is verjaard op grond van het eerste of tweede lid van artikel 3:307 BW, derhalve of de vordering is verjaard op 1 januari 1993 (primair standpunt van Hoge Hexel
- Civiel recht overigHoger beroepHet beroep van het Eilandgebied op verjaring van de vorderingen slaagt. De overige grieven behoeven geen…
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba|25 mei 2010|ECLI:NL:OGHNAA:2010:BN7651
bedoeld onder II A van de overeenkomst op dat moment opeisbaar geworden. Ingevolge artikel 3:307 BW zijn deze vorderingen omstreeks mei 2005 verjaard. Eerst bij brief van 25 augustus 2006 hebben
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|7 november 2002|ECLI:NL:GHSHE:2002:AF1048
rechtsvordering tot nakoming mitsdien aangevangen op 12 mei 1993, zodat deze vordering ingevolge art. 3:307 BW zonder stuiting zou zijn verjaard op 12 mei 1998. 4.4. Weliswaar is die verjaring ingevolge
- Civiel recht overigHoger beroepVoortzetting van tussenarrest van 29 september 2009 LJN BR6625 Tegoed aan vakantiedagen, bewijs, rechtsverwerking.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|9 augustus 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BR6628
sprake van verjaring van de onderhavige vordering op grond van het bepaalde in artikel 3:307 BW. Ook het beroep op de klachttermijn van artikel 6:89 BW
- Civiel recht overigHoger beroepNakoming echtscheidingsconvenant mbt echtelijke woning. Bedoeling van partijen. Verjaring rechtsvordering.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|22 juni 2004|ECLI:NL:GHSHE:2004:AR2537
juli 2001. 4.3.4. De stelling van de vrouw dat haar vordering ingevolge artikel 3:307 BW niet is verjaard, omdat de vordering (van de kinderen) nog niet opeisbaar is geworden, gaat niet
- Civiel recht overigHoger beroepverschotten betaald door advocatenkantoor voor advocaat die een zaak voor zichzelf voert, hof kwalificeert…
Gerechtshof Den Haag|7 februari 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:153
nooit was gedeclareerd, brengt dat niet mee dat de vordering niet is verjaard. Artikel 3:307 BW houdt, anders dan de artikelen 3:309-3:311 BW, geen rekening met de mogelijkheid
- Civiel recht overigHoger beroepVordering tot doen van een uitkering uit hoofde van een aansprakelijkheidsverzekering voor particulieren…
Gerechtshof 's-Gravenhage|31 januari 2012|ECLI:NL:GHSGR:2012:BV2353
titel 7.17 BW, zodat aanvankelijk de algemene verjaringstermijn van vijf jaar uit artikel 3:307 BW van toepassing was. Indien wordt aangenomen dat de verjaring op 16 december 2002 is gestuit
- Civiel recht overigHoger beroepDe [..] vordering van Ruysbroek strekt niet tot veroordeling van Sano tot nakoming van de garanties, maar tot…
Gerechtshof Arnhem|14 november 2006|ECLI:NL:GHARN:2006:AZ6239
verjaringstermijn van artikel 7:23 lid 2 BW, maar de vijfjarige termijn van artikel 3:307 BW. Een bedongen garantie zet de conformiteitsregel opzij, aldus Ruysbroek. 4.8 De grief slaagt niet
- Civiel recht overigHoger beroepgeen vergoedingsrecht voor ex-partner omdat niet kan worden vastgesteld dat betalingen ten behoeve van de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 december 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:5906
vergoedingsrecht ten gunste van de vrouw, dan is sprake van verjaring ex art. 3:307 BW in die zin dat de vordering van de vrouw niet verder
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring vordering tot betaling exploitatiebijdrage.
Gerechtshof Den Haag|28 januari 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:1752
grieven in het incidenteel hoger beroep. 5.2. Op grond van artikel 3:307 BW verjaart een vordering tot nakoming van een betalingsverplichting door verloop van vijf jaar na de aanvang
- Civiel recht overigHoger beroep3:194 lid 2 BW, 3:321 lid 1 f BW. Opzettelijk verzwijgen vordering nalatenschap op deelgenoot door die…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|8 februari 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:948
3:194 lid 2 BW, 3:321 lid 1 f BW. Opzettelijk
- Civiel recht overigHoger beroepUitleg exploitatie-overeenkomst. Verjaring vordering tot betaling van exploitatiebijdrage.
Gerechtshof Den Haag|28 januari 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:97
grieven in het incidenteel hoger beroep. 5.2. Op grond van artikel 3:307 BW verjaart een vordering tot nakoming van een betalingsverplichting door verloop van vijf jaar na de aanvang
- Civiel recht overigHoger beroepAansprakelijkheidsverzekering bedrijven; vervalclausule; verjaring; overgangsrecht; 7:942 BW en stuiting…
Gerechtshof Amsterdam|26 februari 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:599
vordering van [X] tot nakoming van de verzekeringsovereenkomst de vijfjarige verjaringstermijn van artikel 3:307 BW van toepassing was. Deze termijn was nog niet verstreken toen op 1 januari 2006 het toenmalige
- Civiel recht overigHoger beroepHet gaat in dit hoger beroep nog om het volgende. De gemeente [gemeente] heeft van de vrouw fl. 90.020,36…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 januari 2006|ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ5128
vrouw is een vordering tot nakoming van een verbintenis als bedoeld in artikel 3:307 BW. De verjaring vangt eerst aan ná het opeisbaar worden, dat wil hier zeggen nadat de vrouw
- Personen- en familierechtHoger beroepErfrecht. Vordering van een erfgenaam op de nalatenschap. Hof komt tot het oordeel van de vordering is…
Gerechtshof Den Haag|17 april 2018|ECLI:NL:GHDHA:2018:1466
aanvang van de dag volgende op die waarop de vordering opeisbaar is geworden (3:307 BW). Een rechtsvordering tot vergoeding van schade of tot betaling van een bedongen boete verjaart door verloop
- Civiel recht overigHoger beroepAanspraak heeft op een gelijke pensioenpositie als de medewerkers in vaste dienst, wegens het zich feitelijk…
Gerechtshof Amsterdam|23 oktober 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:BY2533
voor deze vordering de verjaringsregels van primair artikel 3:310 BW, subsidiair artikel 3:307 BW gelden. TNT heeft gesteld, en [appellant] heeft dit niet (gemotiveerd) betwist, dat [appellant] uiterlijk naar aanleiding
- Civiel recht overigHoger beroepzie ook ECLI:NL:GHAMS:2014:3155 en ECLI:NL;GHAMS:2014:4792
Gerechtshof Amsterdam|30 oktober 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:3038
zie ook ECLI:NL:GHAMS:2014:3155 en ECLI:NL;GHAMS:2014:4792
- VerbintenissenrechtHoger beroepKredietovereenkomst. Saldo ineens opgeëist. Stuiting verjaring met twee openbare exploten? Gesteld noch…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 mei 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:1587
uitgegaan dient te worden van een verjaringstermijn van vijf jaar zoals bedoeld in artikel 3:307 BW. De kantonrechter heeft vervolgens het volgende overwogen: “Het kredietsaldo is, gelet op productie
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.