Zoekresultaten

Voor “"3:307 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

598 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigHoger beroep
    Grensdiscussie. Beëindiging van een duurovereenkomst met betrekking tot de toegang tot een woonark. Bestaan…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch14 maart 2023ECLI:NL:GHSHE:2023:834

    Grensdiscussie. Beëindiging van een duurovereenkomst met betrekking tot de toegang tot een woonark. Bestaan gronden voor een opzegging van een gebruiksovereenkomst voor onbepaalde tijd?

  • Personen- en familierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht

    Parket bij de Hoge Raad12 november 1999ECLI:NL:PHR:1999:AA3369

    verbintenis tot een geven. De verjaring van dergelijke rechtsvorderingen wordt geregeld door art. 3:307 BW. Dit wetsartikel bepaalt in zijn tweede lid, nadat in het eerste lid is vooropgesteld … verjaring van [overledene]s vordering op grond van art. 73 Overgangswet juncto art. 3:307 BW. 5.De Rechtbank oordeelde in een tussenvonnis van 16 april 1996 waarbij [eiser] tot bewijslevering werd toegelaten

  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Een van de verstuurde aanmaningen wordt geacht gedaagde partij te hebben bereikt. De koop van het recht om…

    Rechtbank Limburg11 juli 2018ECLI:NL:RBLIM:2018:6617

    brieven vanaf 11 mei 2017, ontvangen. [gedaagde partij] beroept zich op verjaring ex artikel 3:307 BW. 2.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 3 … meest verstrekkende verweer doet [gedaagde partij] een beroep op verjaring (ex artikel 3:307 BW). Dit zal derhalve als eerste beoordeeld worden. 3.2. Tickets4U stelt zich op het standpunt dat de verjaring

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Verjaring vordering tot nakoming.

    Gerechtshof Den Haag25 november 2014ECLI:NL:GHDHA:2014:3695

    tegen de kostenveroordeling. 6. Het debat van partijen is gevoerd binnen het door artikel 3:307 BW gegeven kader. Het hof zal de vraag of de vordering is verjaard … verricht. Dat betekent dat de vordering op grond van het bepaalde in artikel 3:307 BW in beginsel is verjaard indien deze eerder opeisbaar is geworden dan op 23 april

  • ArbeidsrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Werknemer stelt vordering tot vergoeding van dienstreizen. Werkgever kent een regeling reis- en…

    Rechtbank Limburg20 juni 2018ECLI:NL:RBLIM:2018:5679

    stelt zich op het standpunt dat een vervaltermijn van vijf jaar geldt conform artikel 3:307 BW. De door gedaagde partij gehanteerde termijn van drie maanden voor de indiening van de declaratie … redelijkheid en billijkheid. 4.7. Eisende partij beroept zich verder op de vervaltermijn van artikel 3:307 BW. Kennelijk bedoelt eisende partij de verjaringstermijn van artikel 3:307 BW. Dit standpunt is onvoldoende

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Burengeschil over de aabouw van een serre; goederenrecht; nakoming overeenkomst, verjaring.

    Gerechtshof Den Haag19 februari 2013ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ2335

    hebben gesteld dat deze vordering is verjaard op grond van het bepaalde in artikel 3:307 BW. Deze stelling is juist. Er zijn immers méér dan vijf jaren verlopen sinds 2002, terwijl … overeenkomst en niet bijvoorbeeld tot opheffing van een onrechtmatige toestand, is artikel 3:307 BW aan de orde. [appellante] is met haar stelling dat er geen sprake is van een overeenkomst (akte

  • Civiel recht overigCassatie
    Overeenkomst van opdracht. Tekortkoming in belangenbehartiging? Betaling van voor opdrachtgever bestemde…

    Hoge Raad3 december 2010ECLI:NL:HR:2010:BO0190

    deze primair berust op de grondslag nakoming en gelet op het bepaalde in art. 3:307 BW niet is verjaard, toegewezen tot een bedrag van € 27.226,81 (tweederde deel van de vordering … tegen het oordeel van het hof dat vordering II (omzetschade) op grond van art. 3:307 BW niet is verjaard. Aan deze klachten is als gevolg van de gegrondbevinding van onderdeel

  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    verjaring; artikel 3:321 lid 1 sub f BW

    Rechtbank Rotterdam16 november 2018ECLI:NL:RBROT:2018:9636

    gesteld dat de primaire vordering van [naam eiseres] is verjaard op grond van artikel 3:307 BW. [naam gedaagde] betwist dat sprake is van voordeel, zodat [naam gedaagde] niets aan [naam eiseres … verweer gevoerd dat de vordering van [naam eiseres] is verjaard op grond van artikel 3:307 BW. Volgens [naam gedaagde] is de verjaringstermijn van vijf jaar gaan lopen op 11 juni

  • Civiel recht overigKort geding
    Kort geding. Executiegeschil. Opheffing diverse executoriale beslagen, omdat de vordering die is opgenomen in…

    Rechtbank Rotterdam17 juni 2026ECLI:NL:RBROT:2026:7039

    heeft ingeschreven. De vordering van [gedaagde] is dan ook op grond van artikel 3:307 BW in december 2023 verjaard. [gedaagde] betwist dit en stelt dat haar vordering pas opeisbaar is geworden … december 2018, wat betekent dat de vordering van [gedaagde] op grond van artikel 3:307 BW – vijf jaar na opeisbaarheid – is verjaard. 5.8. De voorzieningenrechter is van oordeel dat het aannemelijk

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Rotterdam · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Rotterdam28 januari 2009ECLI:NL:RBROT:2009:BI6299

    rechtbank vat het betoog van Fortress aldus op, dat zij aanvoert dat artikel 3:307 BW en niet artikel 7:23 lid 2 BW hierop van toepassing is, omdat haar stellingen niet … geleverde niet aan de koopovereenkomst beantwoordt. Uitgaande van lid 2 van artikel 3:307 BW zou de verjaring volgens Fortress pas voltooid zijn op 8 maart 2022 en uitgaande

  • Civiel recht overig
    Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Uitleg exploitatieovereenkomst. Vordering verjaard (art. 3:307 lid 1…

    Parket bij de Hoge Raad9 april 2021ECLI:NL:PHR:2021:358

    bijzonder om het moment van opeisbaarheid van de vordering: “5.2. Op grond van artikel 3:307 BW verjaart een vordering tot nakoming van een betalingsverplichting door verloop van vijf jaar

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Verhuurder wijst verzoek om indeplaatsstelling van huurder af. Geen misbruik van bevoegdheid en ook geen…

    Rechtbank Den Haag13 juni 2024ECLI:NL:RBDHA:2024:9216

    Sunny Beach als huurder was geen rechterlijke machtiging afgegeven zoals bedoeld in artikel 3:307 BW. Daarom mocht Stadsherstel de toestemming voor de indeplaatsstelling weigeren. Dit was haar goed recht als verhuurder … eiseres] toen zij het verzoek deed voldeed aan de wettelijke criteria van artikel 3:307 BW. 5.4.2. Stadsherstel mocht ook over het verzoek tot indeplaatsstelling in gesprek gaan en zelfs onderhandelen

  • SocialezekerheidsrechtHoger beroep
    Renteloze geldlening ingevolge het Bijstandsbesluit Zelfstandigen. Terugvordering restant lening. Is…

    Centrale Raad van Beroep15 februari 2005ECLI:NL:CRVB:2005:AT0371

    Raad (JVB 1999,22) ziet op de toepasselijkheid van het eerste lid van artikel 3 :307 BW. Daarin is bepaald dat de verjaringstermijn aanvangt na de dag, volgend op die waarop … verbintenis tot nakoming naonbepaalde tijd. Derhalve is het tweede lid van artikel 3:307 BW op de onderhavige geldlening van toepassing. Daarin staat dat in geval van een verbintenis tot nakoming

  • Ondernemingsrecht
    Verbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is…

    Parket bij de Hoge Raad27 maart 2020ECLI:NL:PHR:2020:391

    volgende verweren gevoerd: - Primair: de vordering van Rabobank op [C] Holding is ingevolge art. 3:307 BW op 26 november 2013 verjaard, zodat de borgtocht op grond van art. 7:853 BW

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Kredietinstelling vordert terugbetaling geldlening. Na onderzoek handtekening niet aangetoond dat…

    Gerechtshof Amsterdam8 maart 2016ECLI:NL:GHAMS:2016:870

    verjaring is het van belang vast te stellen dat hier het verjaringsregime van artikel 3:307 BW van toepassing is. De oorspronkelijke vordering van LaSer is namelijk een vordering uit overeenkomst … voor die van de oorspronkelijke vordering. De verjaringstermijn van vijf jaar van artikel 3:307 BW begint te lopen vanaf de dag volgende op het moment van opeisbaarheid van de vordering. Voor

  • Burgerlijk procesrecht
    Verjaring. Hypotheekrecht. Procesrecht. Verjaring restschuld lening na uitwinning hypothecair verbonden goed…

    Parket bij de Hoge Raad28 november 2025ECLI:NL:PHR:2025:1296

    Verjaring. Hypotheekrecht. Procesrecht. Verjaring restschuld lening na uitwinning hypothecair verbonden goed. Stuit de maandelijkse inning van afdracht krachtens loonbeslag de verjaring van de restschuld als een daad van rechtsvervolging in de zin van art. 3:316 lid 1 BW? Is art. 3:323 lid 3 BW van toepassing op…

  • GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Nakoming koopovereenkomst? Verkrijgende of bevrijdende verjaring van eigendomsrecht of recht van erfpacht?…

    Rechtbank Midden-Nederland11 maart 2015ECLI:NL:RBMNE:2015:1658

    verjaringstermijn van een jaar of langer, zoals in het hiervoor bedoelde artikel 3:307 BW het geval is, en indien deze termijn is aangevangen onder de werking van het BW … één jaar, derhalve tot 1 januari 1993, van toepassing. De termijn(en) van artikel 3:307 BW wordt (worden) in dat geval geacht niet te zijn voltooid vóór de afloop

  • Civiel recht overigCassatie
    Hernieuwde vordering na eerder verval van instantie. Rechtsverwerking. Verjaringstermijn te dezen niet maatgevend.

    Hoge Raad29 september 1995ECLI:NL:HR:1995:ZC1827Aangehaald in 81 uitspraken

    geldende voor verjaring van de vorderingen bedoeld in – het te dezen niet toepasselijke – art. 3:307 BW, en voor verval van instantie, wordt tevergeefs voorgesteld, omdat deze termijnen niet maatgevend zijn voor

  • Intellectueel-eigendomsrechtBodemzaak
    Tussenvonnis - Uitleg licentieovereenkomst - (tegen)gewijsopdracht

    Rechtbank Den Haag26 februari 2014ECLI:NL:RBDHA:2014:17272

    heeft voldaan, de vordering ter zake deels is verjaard met een beroep op artikel 3:307 BW. NKI betwist dit en stelt dat artikel 3:311 BW van toepassing is. Gemakshalve worden … waarop de overeenkomst is ontbonden. De rechtbank overweegt dienaangaande als volgt. 4.5. Artikel 3:307 BW ziet op de situatie dat aan de primaire prestatie in het geheel geen gevolg is gegeven

  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad3 december 1999ECLI:NL:HR:1999:AA3816

    Kantonrechter incidenteel geappelleerd. Zij heeft met betrekking tot haar primaire vordering betoogd dat art. 3:307 BW toepassing mist omdat krachtens art. 73 Overgangswet nog tot 1 januari 1993 de naar

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.