292 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepTerugvordering WAO-uitkering. Voor verjaringstermijn aansluiting zoeken bij Burgerlijk Wetboek. Redelijke…
Centrale Raad van Beroep|28 maart 2007|ECLI:NL:CRVB:2007:BA2284
voor de termijn van terugvordering. Dit is de regeling die voortvloeit uit artikel 3:309 BW.” Nu in het onderhavige geval sprake is van een terugvordering van onverschuldigd betaalde WAO-uitkering
- Civiel recht overigHoger beroepEffectenlease. Vervolg van ECLI:NL:GHAMS:2019:3735 en ECLI:NL:HR:2020:810 (prejudiciële vragen). Vernietiging…
Gerechtshof Amsterdam|22 december 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:3567Aangehaald in 39 uitspraken
bestaan van de vordering als de persoon van de ontvanger bekend is geworden (artikel 3:309 BW). De effectenleaseovereenkomst is op 1 juli 2005 buitengerechtelijk vernietigd en de op dat moment aanhangige
- VerbintenissenrechtCassatieVerbintenissenrecht. Overeenkomstenrecht. Stuiting verjaring rechtsvordering tot ontbinding, art. 3:317 BW…
Hoge Raad|14 november 2025|ECLI:NL:HR:2025:1685
andere hier bedoelde gevallen, met name ook die van de artikelen 3.11.12a [3:309 BW] , 13 [3:310 BW] en 13aa [3:311 BW] dezelfde termijn geldt. Vorderingen tot schadevergoeding
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigKennelijk onbehoorlijk bestuur door jarenlang hoge managementvergoedingen uit te laten betalen zonder titel…
Rechtbank 's-Gravenhage|11 mei 2011|ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ6042
Kennelijk onbehoorlijk bestuur door jarenlang hoge managementvergoedingen uit te laten betalen zonder titel; onvoldoende optreden daartegen van bestuurders. Causale verband met faillissement. Toerekening wetenschap aan holding.
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|18 april 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF4604
deze verbintenis voortvloeiende rechtsvordering is gezien de aard van de vordering art. 3:309 BW van overeenkomstige toepassing. Middel 1 faalt derhalve. Nu het terugvorderingsbesluit is genomen op 4 september
- Civiel recht overigBodemzaakUitspraak over beleggingsverzekering met de naam “DIN-Plan” van Allianz. De verzekering is in 1988 via een…
Rechtbank Oost-Brabant|11 september 2025|ECLI:NL:RBOBR:2025:6210
Uitspraak over beleggingsverzekering met de naam “DIN-Plan” van Allianz. De verzekering is in 1988 via een assurantietussenpersoon afgesloten bij rechtsvoorgangster De Zwolsche. Tijdens de looptijd zijn verschillende kosten en risicopremies ingehouden. Het beoogde rendement is niet gehaald. De formele verweren van de…
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepVerjaring terugvordering. Verjaringstermijn voor het nemen van een terugvorderingsbesluit met betrekking tot…
Centrale Raad van Beroep|23 januari 2009|ECLI:NL:CRVB:2009:BH0981
Raad overweegt als volgt. 4.2. Op grond van het bepaalde in artikel 3:309 BW verjaart de rechtsvordering uit onverschuldigde betaling door verloop van vijf jaren na aanvang van de dag, volgende
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepTerugvordering te veel betaalde uitkering ingevolge de WAO. Geen dringende reden om (deels) van…
Centrale Raad van Beroep|1 februari 2008|ECLI:NL:CRVB:2008:BC3551
voor de termijn van terugvordering. Dit is de regeling die voortvloeit uit artikel 3:309 BW." (..) Op grond van het bepaalde in artikel 3:309 van het BW verjaart de rechtsvordering
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigHeffingen Productschap Tuinbouw. Verzoek restitutie van zonder rechtsgrondslag betaalde heffingen. Beperking…
College van Beroep voor het bedrijfsleven|28 september 2010|ECLI:NL:CBB:2010:BN9202
BW dan wel de verjaringstermijn van vijf jaar voor rechtsvorderingen uit onverschuldigde betaling (artikel 3:309 BW). Die termijn is aangevangen op het moment dat appellante op de hoogte raakte
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepTerugvordering teveel betaalde WAO-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Verjaring: Met appellant is de Raad…
Centrale Raad van Beroep|19 februari 2010|ECLI:NL:CRVB:2010:BL4590
Burgerlijk Wetboek (BW) neergelegde verjaringstermijnen voor vorderingen uit onverschuldigde betaling. Artikel 3:309 BW bepaalt dat de vordering uit onverschuldigde betaling verjaart door verloop van vijf jaar nadat de schuldeiser zowel
- Civiel recht overigHoger beroepEffectenlease. Art. 1:88/1:89 BW. Stuiting van de verjaring van de vordering van de echtgenote door…
Gerechtshof Amsterdam|11 november 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:3129
bestaan van de vordering als de persoon van de ontvanger bekend is geworden (artikel 3:309 BW). De leaseovereenkomsten zijn op 13 februari 2003 buitengerechtelijk vernietigd door de echtgenote
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepHerziening, weigering en terugvordering kinderbijslag. Naar het oordeel van de Raad heeft appellant niet op…
Centrale Raad van Beroep|7 april 2010|ECLI:NL:CRVB:2010:BM1225
Wetboek (BW) neergelegde verjaringstermijn voor vorderingen uit onverschuldigde betaling. Terzake is van belang artikel 3:309 BW waarin is bepaald dat de rechtsvordering uit onverschuldigde betaling verjaart door verloop van vijf jaren
- Civiel recht overigHoger beroepEffectenlease. Art. 1:88/1:89 BW. Stuiting van de verjaring van de vordering van de echtgenote door…
Gerechtshof Amsterdam|11 november 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:3138
bestaan van de vordering als de persoon van de ontvanger bekend is geworden (artikel 3:309 BW). De effectenleaseovereenkomsten zijn op 11 augustus 2006 buitengerechtelijk vernietigd door [geïntimeerde
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigOp 2 mei 2000 heeft het College van appellante een beroepschrift ontvangen, waarbij beroep wordt ingesteld…
College van Beroep voor het bedrijfsleven|22 oktober 2003|ECLI:NL:CBB:2003:AN9049
Gemeenschap en die op de wereldmarkt te overbruggen. De verjaringstermijn neergelegd in artikel 3:309 BW betreffende de vordering uit hoofde van onverschuldigde betaling, is in het onderhavige geval pas aangevangen
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigOp 2 mei 2000 heeft het College van appellante een beroepschrift ontvangen, waarbij beroep wordt ingesteld…
College van Beroep voor het bedrijfsleven|22 oktober 2003|ECLI:NL:CBB:2003:AN9051
Gemeenschap en die op de wereldmarkt te overbruggen. De verjaringstermijn neergelegd in artikel 3:309 BW betreffende de vordering uit hoofde van onverschuldigde betaling, is in het onderhavige geval pas aangevangen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEffectenlease, 1:88/1:89 BW, verjaring vordering onverschuldigde betaling
Rechtbank Amsterdam|9 november 2021|ECLI:NL:RBAMS:2021:6389Aangehaald in 7 uitspraken
verjaard. 6.8. De verjaringstermijn van een vordering uit onverschuldigde betaling is volgens artikel 3:309 BW vijf jaar nadat de schuldeiser zowel met het bestaan van de vordering als de persoon
- Personen- en familierechtHoger beroepTerugbetaling teveel ontvangen alimentatie vanaf 1999.
Gerechtshof Amsterdam|24 juli 2012|ECLI:NL:GHAMS:2012:BX6057
blijkt dat alimentatie in het verleden onverschuldigd is betaald, verjaart op grond van artikel 3:309 BW een rechtsvordering tot terugbetaling daarvan door verloop van vijf jaren na de aanvang
- Civiel recht overigHoger beroepMoeder stelt q.q., als wettelijk vertegenwoordiger van minderjarige zoon, hoger beroep in zonder machtiging…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 april 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:1076
verjaring. 4.6.2. Voor zover [minderjarige zoon] doelt op verjaring op grond van artikel 3:309 BW (de verjaring van een rechtsvordering uit onverschuldigde betaling door een tijdsverloop van vijf jaren na aanvang
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigRenteswap, onbedoelde overhead, dwaling, zorgplichtschending en verjaring.
Rechtbank Amsterdam|1 februari 2017|ECLI:NL:RBAMS:2017:101
vordering als met de persoon van de ontvanger bekend te zijn geworden (artikel 3:309 BW). Hetzelfde geldt voor zover de vordering van Maastank is gebaseerd op schadevergoeding vanwege ongerechtvaardigde verrijking door
- Civiel recht overigHoger beroep70f lid 3 en lid 5 Pachtwet. De kern van de zaak is de kwalificatie van de tussen partijen gesloten…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|2 april 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:2921
toen met het bestaan van deze vordering bekend is geworden (zie artikel 3:309 BW). Omdat niet is aangevoerd en ook niet kan worden aangenomen dat [geïntimeerde] te kwader trouw was (artikel
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.