144 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigBeklag ex art. 552a Sv. De opvatting dat beginselen van een behoorlijke procesorde meebrengen dat de klager…
Parket bij de Hoge Raad|9 december 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AN7282
Melai, art. 311 Sv, aantekening 9a. 2 Vgl. HR NJ 1987, 174. 3 HR 26 februari 2002, NJB 2002, p. 768, nr. 57, HR LJN AD5297 en HR LJN AF9561
- Strafrecht overigLaatste woord, art. 311.4 Sv. Uit het pv van de tz. in h.b. blijkt niet dat aan verdachte het recht is…
Parket bij de Hoge Raad|6 juni 2017|ECLI:NL:PHR:2017:828
spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat het in het vierde lid van art. 311 Sv op straffe van nietigheid gegeven voorschrift niet in acht is genomen. 7. Het middel klaagt
- Strafrecht overigRijden terwijl verdachte wist dat rijbewijs ongeldig was verklaard (art. 9.2 WVW 1994). Laatste woord (art…
Parket bij de Hoge Raad|23 maart 2021|ECLI:NL:PHR:2021:455
Tekst & Commentaar Strafvordering , Deventer: Wolters Kluwer (online bijgewerkt tot 1 juli 2020), art. 311 Sv. Zie ook G.J.M. Corstens, Het Nederlands strafprocesrecht , bewerkt door M.J. Borgers & T. Kooijmans, Deventer: Wolters
- Strafrecht overigAftrek voorarrest bij combinatie onvoorwaardelijke taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf. Het Hof…
Parket bij de Hoge Raad|28 oktober 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BF0563
vordering van de AG dan wel luidde. 3.2. Het eerste lid van art. 311 Sv houdt in dat de officier van justitie zijn vordering na voorlezing aan de rechtbank overlegt
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVeroordeelde en zijn mededaders hebben geld bespaard door het dumpen van grote hoeveelheden drugsafval in De…
Rechtbank Overijssel|11 december 2023|ECLI:NL:RBOVE:2023:5039
officier van justitie wel op de juiste wijze in de zin van artikel 311 Sv is geschied en er dus geen sprake is van een vormverzuim, of in ieder geval niet
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Art. 225.2 en 420bis Sr; art. 326.1 en 341 Sv. Hypotheekfraude en witwassen. Mag één…
Parket bij de Hoge Raad|28 mei 2019|ECLI:NL:PHR:2019:541
zijn gelaten het laatst te spreken zoals dat aan hem is toegekend in art. 311 Sv. 13. Als vierde deelklacht wordt aangevoerd dat het opmaken van “een ’verzamel’ proces-verbaal” in strijd
- Strafrecht overigOM-cassatie. Profijtontneming. Art. 36e.1 Sr houdt in dat op vordering van het OM bij een afzonderlijke…
Parket bij de Hoge Raad|17 februari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BG4258
december 2003, NJ 2004, 199 vormde het "enkele feit" dat art. 311 Sv was geschonden geen reden tot niet-ontvankelijkheid. 13 Het beroep dat mr. Huisman bij het tegenspreken van het cassatiemiddel
- Strafrecht overigConclusie AG over motivering toewijzing vordering benadeelde partij. Samenhang met 17/03088 en 17/03090.
Parket bij de Hoge Raad|19 februari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:147
derde lid, Sv was geschied nadat de officier van justitie overeenkomstig art. 311 Sv het woord had gevoerd. Zie ten aanzien van eenzelfde benadering ten aanzien van wettelijke rente: HR 11 juli
- Strafrecht overigConclusie AG. Verdachte is in h.b. niet-ontvankelijk verklaard en is door het hof niet in de gelegenheid…
Parket bij de Hoge Raad|8 oktober 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1018
311 lid 4 gegeven voorschrift niet in acht is genomen. Art. 311 Sv regelt in de leden 1 tot en met 3 de bevoegdheid tot het voeren van het woord
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|5 januari 2010|ECLI:NL:PHR:2010:BJ8617
januari 1993, NJ 1993, 494. 3 Vgl. Melai, aant. 7 bij art. 311 Sv. 4 Zie HR 19 juni 2007, LJN BA3627. 5 HR 17 juni 2008, NJ 2008, 358, m.nt. P.A.M
- Strafrecht overigRecht op laatste woord ex art. 311.4 Sv. Nietigheid van ’s hofs arrest nu uit het p-v van de terechtzitting…
Parket bij de Hoge Raad|14 september 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AP4134
laatste [aan de verdachte het recht laten het laatst te spreken, WHV] in art. 311 Sv. den gewonen strafrechter op straffe van nietigheid is voorgeschreven en als waarborg dat geen onderdeel
- Strafrecht overigOverzichtsarrest m.b.t. motivering van verzoeken tot het oproepen en horen van getuigen i.h.l.v. rechtspraak…
Parket bij de Hoge Raad|17 januari 2017|ECLI:NL:PHR:2017:172Aangehaald in 8 uitspraken
Overzichtsarrest m.b.t. motivering van verzoeken tot het oproepen en horen van getuigen i.h.l.v. rechtspraak van het EHRM. Voorafgaande beschouwingen over hoe de eisen die in de rechtspraak van de HR worden gesteld aan de onderbouwing van een verzoek tot het oproepen en horen van een getuige, zich verhouden tot het in…
- Strafrecht overigRecht op laatste woord. Uit het p-v blijkt niet dat aan verdachte het recht is gelaten het laatst te spreken…
Parket bij de Hoge Raad|26 juni 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BW9179
spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat het in het vierde lid van art. 311 Sv op straffe van nietigheid gegeven voorschrift niet in acht is genomen. Dat de verdediging
- Strafrecht overigHoger beroepontneming na internetoplichting
Gerechtshof Arnhem|11 juli 2012|ECLI:NL:GHARN:2012:BX4194
voornemen daartoe op de wijze als voorzien in het eerste lid van art. 311 Sv is aangekondigd, de rechter bij de beslissing op die vordering zal dienen na te gaan in welke
- Strafrecht overigMiddelen verdachte: HR 81 RO en vermindering van de opgelegde taakstraf i.v.m. overschrijding van de…
Parket bij de Hoge Raad|20 november 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BY0198
vordering van de benadeelde partij aan de orde gekomen voordat het Openbaar Ministerie overeenkomstig art. 311 Sv het woord heeft gevoerd. Ook dan dient, indien - zoals hier - het Openbaar Ministerie zich over
- Strafrecht overig1. Art. 311.4 Sv, laatste woord, 2. Afwijzing getuigenverzoek. Ad 1. Uit het p-v van de tz. blijkt niet dat…
Parket bij de Hoge Raad|17 februari 2015|ECLI:NL:PHR:2015:379
spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat het in het vierde lid van art. 311 Sv op straffe van nietigheid gegeven voorschrift niet in acht is genomen. 3.4. Het middel slaagt
- Strafrecht overigConclusie plv. AG. Oplichting. Art. 326 Sr. Drie middelen. 1. Afwijzing getuigenverzoek. 2. Dient op grond…
Parket bij de Hoge Raad|29 januari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:48
vordering heeft voorgelezen en overgelegd. Daarmee is voldaan aan de vereiste vormen van artikel 311 Sv. Het middel berust op de opvatting dat op grond van artikel 326, eerst lid Sv
- Strafrecht overigToepassing art. 279 Sv. Verdediging door (gemachtigde) raadsman in geval van door schorsing onderbroken…
Parket bij de Hoge Raad|9 december 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AG3022
één middel van cassatie voorgesteld. 3. Het middel bevat de klacht dat het Hof art. 311 Sv heeft geschonden, omdat uit het proces-verbaal van de terechtzitting niet blijkt
- Strafrecht overigSchending art. 511b.3 Sv (geen gelijktijdige betekening van sluiting s.f.o. met ontnemingsvordering) leidt…
Parket bij de Hoge Raad|1 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO3438
voornemen daartoe op de wijze als voorzien in het eerste lid van art. 311 Sv is aangekondigd, zal de rechter bij de beslissing op die vordering dienen na te gaan in welke
- Strafrecht overigLaatste woord, art. 311.4 Sv. De Hoge Raad herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR: 2015:1239…
Parket bij de Hoge Raad|4 april 2017|ECLI:NL:PHR:2017:378
Laatste woord, art. 311.4 Sv. De Hoge Raad herhaalt toepasselijke overwegingen uit
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.