271 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepbestuurdersaansprakelijkheid; ongerechtvaardigde verrijking.
Gerechtshof Den Haag|12 februari 2013|ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ1158
bestuurdersaansprakelijkheid; ongerechtvaardigde verrijking.
- Civiel recht overigHoger beroepSamenwoners. Vrouw heeft schuld man betaald. Heeft zij recht op vergoeding?
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|23 augustus 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:7294
zekerheidsstelling’. In feite is de man de ‘echte’ schuldenaar van deze geldlening. Artikel 6:30 BW maakt het mogelijk dat een ander (de vrouw) dan de schuldenaar (de man) een verbintenis nakomt
- Civiel recht overigHoger beroepHoreca zaak. Wie is contractspartij? Gerechtvaardigd vertrouwen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|24 februari 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:1302
gerichte facturen van Inbev heeft voldaan, nu op grond van artikel 6:30 BW een verbintenis door een ander dan de schuldenaar kan worden nagekomen. De slotsom
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigTegen makelaar gerichte terugvordering bemiddelingskosten door vader van dochter die de onderliggende…
Rechtbank Overijssel|21 februari 2017|ECLI:NL:RBOVE:2017:742
vordering in. Dat de bemiddelingskosten door [eiser] zijn voldaan stuit, gelet op artikel 6:30 BW, op geen kenbaar bezwaar. En het eigenhandig optreden van [eiser] , zoals blijkt uit de brief
- Civiel recht overigHoger beroepSchadevordering over weigering opheffing beslag nadat een derde partij de vordering heeft betaald waarvoor…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|19 januari 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:510
januari 2021. Geregeld in artikel 6:155 BW. Een mogelijkheid die artikel 6:30 BW hem biedt
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|17 februari 2009|ECLI:NL:GHSGR:2009:BH9323
geïntimeerde] de borg en de huur heeft voldaan leidt niet tot medehuurderschap. Ingevolge art. 6:30 BW kan een zodanige verbintenis door een derde worden nagekomen. Bijkomende omstandigheden, waaruit volgt dat [geïntimeerde
- Civiel recht overigHoger beroepTussenarrest. Onverschuldigde betaling. Bewijsopdracht.
Gerechtshof Den Haag|12 november 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:3736
hoofde van de factuur van [geïntimeerde] van 16 oktober 2017 (op grond van artikel 6:30 BW). Aldus was haar betaling aan [geïntimeerde] op 31 oktober 2017 onverschuldigd, aangezien er slechts aanspraak
- Civiel recht overigBodemzaakGedaagde had de huurschuld van eiser voldaan aan de verhuurder. Vervolgens is het bedrag aan huurschuld…
Rechtbank Amsterdam|16 oktober 2013|ECLI:NL:RBAMS:2013:6992
Zulks blijkt ook niet uit de wet, meer in het bijzonder artikel 6:30 BW. Ook ontstaat in dat geval niet vanzelf een recht op een vergoeding van (vertragings)schade. Uitgangspunt
- Civiel recht overigKort gedingartikel 7:670b lid 2 BW: bedenkrecht; schriftelijkheidsvereiste.
Rechtbank Rotterdam|10 februari 2016|ECLI:NL:RBROT:2016:996
bedenkrecht te laat ingeroepen. De vaststellingsovereenkomst is namelijk ex artikel 6:227a juncto artikel 6:30 BW en verder schriftelijk tot stand gekomen op 21 september 2015. De bedenktermijn is daarom geëindigd
- Civiel recht overigHoger beroepbestuurder van besloten vennootschappen die leascontracten hebben gesloten; niet persoonlijk jegens lessor…
Gerechtshof 's-Gravenhage|17 maart 2009|ECLI:NL:GHSGR:2009:BH9331
zijn deze gebleken, waaruit volgt dat deze BV de termijnen als derde voldeed (artikel 6: 30 BW). Door deze betalingen, die gelet op het voorgaande moeten worden gezien als voldoening van eigen
- Civiel recht overigHoger beroepEiser, de ene aandeelhouder in BV stelt ik heb de aandelen van verweerder, de andere aandeelhouder…
Gerechtshof Amsterdam|16 december 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:5447
geïntimeerde] welbewust de schuld van [appellant] uit hoofde van diens volstortingsverplichting heeft voldaan, artikel 6:30 BW. Naar voorlopig oordeel rechtvaardigen de omstandigheden van het geval dan een regresrecht voor [geïntimeerde], waarbij
- Civiel recht overigBodemzaakBeroep op absolute en relatieve onbevoegdheid afgewezen. Vraag of eiseres consument is.
Rechtbank Oost-Brabant|19 juni 2024|ECLI:NL:RBOBR:2024:2575
vennootschap. Betalingen kunnen immers ten behoeve van een andere partij worden verricht (artikel 6:30 BW). De argumenten die – daartegenover – erop duiden dat [eiseres] in privé optrad wegen zwaarder, namelijk
- VerbintenissenrechtHoger beroepkosten delen, ook als derde deze kosten heeft betaald.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 april 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:1497
memorie van grieven) of op grond van art. 6:30 BW (nr. 18 memorie van grieven) of op grond van art. 6:198 BW (nr. 20 memorie van grieven). Het hof ziet
- Civiel recht overigHoger beroepDat een vordering door een vennootschap niet wordt betaald vormt zonder bijkomende feiten en omstandigheden…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 september 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:8672
ander (CCC) dan de schuldenaar (Vivid) mag de verbintenis nakomen (artikel 6:30 BW). Op geen enkele wijze is onderbouwd dat [geïntimeerde] heeft kunnen en moeten voorzien dat CCC vier jaar later
- Civiel recht overigHoger beroepOnverschuldigde betaling. Terugvordering na enkele jaren. Stelplicht en betwisting.
Gerechtshof Den Haag|22 april 2014|ECLI:NL:GHDHA:2014:1284
sprake zijn geweest van betaling voor een ander in de zin van artikel 6:30 BW. Voor een nadere onderbouwing door [appellant] is volgens [geïntimeerde] des te meer reden omdat [appellant] jarenlang
- Civiel recht overigHoger beroepHuur bedrijfsruimte. Wie is huurder? De huurder van een tankstation schort huurbetalingen op en wil…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|19 december 2023|ECLI:NL:GHARL:2023:10765
vrij staat voor een ander (namelijk [geïntimeerde] ) de huur te betalen (artikel 6:30 BW). [geïntimeerde] heeft dan ook te weinig aangevoerd op grond waarvan sprake is van een stilzwijgende instemming
- Civiel recht overigHoger beroepIn hoger beroep is uitsluitend de bewijsbaarheid van de vordering in conventie aan de orde. Voor de…
Gerechtshof Arnhem|24 januari 2006|ECLI:NL:GHARN:2006:AV0822
Drie D mocht worden verlangd dat zij nadere - zich van de rechtsfiguur van artikel 6:30 BW onderscheidende - feiten en omstandigheden had gesteld ter onderbouwing van haar stelling dat zij er gerechtvaardigd
- Civiel recht overigHoger beroepVraag of in eigen naam dan wel in naam van de B.V. is gecontracteerd met een advocaat.
Gerechtshof Leeuwarden|27 december 2011|ECLI:NL:GHLEE:2011:BU9568
uitdrukkelijk om had verzocht. Nu ook derden schulden van de schuldenaar mogen nakomen (art. 6:30 BW) heeft zij aan dit verzoek meegewerkt, aldus [geïntimeerde]. 9. Het hof stelt voorop
- Civiel recht overigHoger beroepGeldleningen onvoldoende onderbouwd.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|9 juli 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:5638
repliek in reconventie zijn overgelegd), de schuld van [appellant4] aan [C] teniet gegaan (art. 6:30 BW). Er viel ter zake van die voldane vordering in 2018 dus niets meer te cederen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigSamenhang met zaak onder kenmerknummer 220924 CV EXPL 08-6359. Overname van onderneming door derde leidt er…
Rechtbank Dordrecht|11 juni 2009|ECLI:NL:RBDOR:2009:BI9336
niet tot de conclusie leiden dat [gedaagde] huurder is geworden. Op grond van art. 6:30 BW kan een schuld immers ook door een derde worden voldaan, tenzij de inhoud of strekking
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.