Zoekresultaten

Voor “"2 Rv"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

191 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudig
    Gerechtshof Arnhem · Eerste aanleg - meervoudig · Civiel recht overig

    Gerechtshof Arnhem20 augustus 2002ECLI:NL:GHARN:2002:AE7813

    civielrechtelijk gewaarborgd door de onder meer in artikel 475h Rv, hier ingevolge artikel 724 lid 2 Rv. van toepassing zijnde regel, dat vervreemding of bezwaring van het beslagen goed, nadat daarop beslag

  • Civiel recht overig
    Verzuim en ingebrekestelling. Fatale termijn. Beperkende en aanvullende werking van redelijkheid en billijkheid.

    Parket bij de Hoge Raad4 oktober 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE4358

    doet intreden). Deze klacht voldoet niet aan de eisen die daaraan blijkens art. 407 lid 2 Rv. gesteld kunnen worden. Bovendien faalt zij, nu uit de behandeling van de onderdelen 2

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad18 januari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD7321Aangehaald in 5 uitspraken

    heeft ondervonden. 2.6 Naar mijn mening stuit het onderdeel al af op art. 407 lid 2 Rv omdat daarin niet de vindplaatsen in de processtukken worden vermeld van de zojuist onder

  • Civiel recht overigConservatoire maatregel
    Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Conservatoire maatregel · Civiel recht overig

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch19 december 2002ECLI:NL:GHSHE:2002:AF4554

    Hoge Raad overwoog in HR 14-6-'96, NJ 1997/481: "Volgens artikel 705 lid 2 Rv. dient het beslag te worden opgeheven indien summierlijk van de ondeugdelijkheid van het door de beslaglegger

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad20 december 2002ECLI:NL:PHR:2002:AF0100

    gedoemd. Dat is eveneens het geval omdat de onderdelen niet voldoen aan art. 407 lid 2 Rv. Uit het feit dat het om nieuwe stellingen gaat volgt immers dat de vindplaatsen

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Gerechtshof Arnhem · Hoger beroep · Civiel recht overig

    Gerechtshof Arnhem11 juni 2002ECLI:NL:GHARN:2002:AE4988

    Hieruit volgt dat het beroep van Exakta op het bepaalde in art. 184 lid 2 Rv haar evenmin kan baten. 4.11 Uit het vorenoverwogene volgt dat grief VIII met betrekking tot artikel

  • Civiel recht overigKort geding
    Rechtbank Arnhem · Kort geding · Civiel recht overig

    Rechtbank Arnhem12 april 2002ECLI:NL:RBARN:2002:AE1398

    Daarom is het niet verenigbaar met de belangen van eiseres om ex artikel 557a lid 2 RV inlichtingen te vragen aan en af te wachten van het college van burgermeester en wethouders

  • Insolventierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht

    Parket bij de Hoge Raad12 juli 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE2508

    stukken van het geding (art. 419 lid 2 jo. art. 429 lid 2 Rv). Noch uit het bestreden arrest, noch uit de stukken van het geding blijkt dat de schuldenaar of zijn

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Arnhem · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig

    Rechtbank Arnhem22 augustus 2002ECLI:NL:RBARN:2002:AE6879

    vonnis staat slechts open tegelijk met dat van het eindvonnis (art. 401a lid 2 Rv.). Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden. De beslissing De rechtbank verwijst de zaak naar de rolzitting

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad11 januari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD4926

    verwezenlijkt.(5) 3.3 Het tweede middel voldoet niet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. Het voert aan dat het Hof zich onder de "navolgende zowel op zichzelf

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad29 november 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE8459

    alle omstandigheden zoals deze ten processe zijn gebleken (art. 176 lid 1 en lid 2 Rv), althans zijn beslissing, in het licht van de vaststaande feiten, niet genoegzaam met redenen heeft omkleed

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad20 december 2002ECLI:NL:PHR:2002:AF0202

    leiden). Het middel voldoet dus niet aan de eis die in art. 426a lid 2 Rv besloten ligt. De klacht lijkt mij overigens ook daarom niet doeltreffend, omdat de in het bestreden

  • Civiel recht overigKort geding
    Rechtbank Arnhem · Kort geding · Civiel recht overig

    Rechtbank Arnhem19 juli 2002ECLI:NL:RBARN:2002:AE5552

    Nederlandse voorzieningenrechter om in kort geding een voorziening te treffen (artikel 1022 lid 2 Rv). Bij gebreke van een andere bevoegdheid in Nederland op grond van de artikelen

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad1 februari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD5813

    exceptie van onbevoegdheid opgeworpen, stellende dat de rechtbank op grond van art. 1022 lid 2 Rv. onbevoegd is nu ingevolge het op onderhavige werkzaamheden toepasselijke art. 20 lid 1 van de Regeling

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad1 februari 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD5814

    worden. Ik betwijfel of de klacht daarmee aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. voldoet. Er wordt immers niet, of maar nauwelijks aangegeven waarom aan de hand van deze gegevens

  • Civiel recht overigKort geding
    Rechtbank Maastricht · Kort geding · Civiel recht overig

    Rechtbank Maastricht9 september 2002ECLI:NL:RBMAA:2002:AF2537

    Daartoe wordt het volgende overwogen. 3.2. Vooropgesteld wordt dat de termijn van artikel 477a, lid 2, Rv waarbinnen de Ontvanger de bevoegdheid toekomt de door de derden afgelegde verklaringen te betwisten

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad11 oktober 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE7000

    stellingen geplakt. 11 Nog afgezien van het in deze zaak niet ingeroepen art. 164 lid 2 Rv (art. 213 Rv (oud)). 12 Ik verwijs daartoe naar de uiteenzettingen in Asser/Hartkamp

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad3 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD9340

    realiseert dat in cassatie geen beroep kan worden gedaan op nieuwe feiten (art. 419 lid 2 Rv), heeft zij de klacht op een eigenaardige wijze ingekleed. De gemeente stelt dat de verklaring

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad13 december 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE8220

    welke stellingen wordt gedoeld, voldoet het middel niet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. (6). 2.8 Overigens faalt het middel omdat het oordeel van het hof niet onbegrijpelijk

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad3 mei 2002ECLI:NL:PHR:2002:AD9341

    overigens" onbesproken is gelaten, voldoet het middel niet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. 3. Conclusie De conclusie strekt tot verwerping van het beroep. De Procureur-Generaal

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.