245 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatie(Appel)procesrecht. Geen verval partijperemptoirstelling of aanzegging akte niet-dienen voor memorie van…
Hoge Raad|12 juli 2013|ECLI:NL:HR:2013:BZ5664Aangehaald in 17 uitspraken
conclusie was genomen, en derhalve na het verstrijken van de termijn van art. 44 lid 3 Rv., bij de Hoge Raad is ingekomen, heeft de Hoge Raad deze brief terzijde gelegd. 3
- Civiel recht overigCassatieAuteursrecht. Auteursrecht op transcripten van achterbankgesprekken met politieambtenaren; werk; maatstaf…
Hoge Raad|30 mei 2008|ECLI:NL:HR:2008:BC2153Aangehaald in 105 uitspraken
blijft binnen de grenzen van het 'schriftelijk commentaar' als bedoeld in art. 44 lid 3 Rv. 3. Uitgangspunten in cassatie 3.1 In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan. (i) De zonen
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Faillissement eiseres hangende geding in eerste aanleg. Art. 27 F. vereist rechterlijke…
Hoge Raad|11 december 2009|ECLI:NL:HR:2009:BK0857Aangehaald in 46 uitspraken
maart 2006. De nadien verrichte proceshandelingen zijn ingevolge art. 225 lid 3 Rv. nietig. Nu uit de gedingstukken niet blijkt dat beide partijen in hoger beroep te kennen hebben gegeven
- Civiel recht overigCassatieKort geding. Schietincident Alphen aan den Rijn. Hebben slachtoffers en nabestaanden recht op afgifte van…
Hoge Raad|10 juli 2015|ECLI:NL:HR:2015:1834Aangehaald in 68 uitspraken
vordering behoeft te worden voldaan in verband met een functioneel verschoningsrecht (art. 843a lid 3 Rv), wegens gewichtige redenen of omdat redelijkerwijs kan worden aangenomen dat een behoorlijke rechtsbedeling ook zonder verschaffing
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Aanvulling grondslag vordering. Twee conclusie-regel. Aanpassen stellingen na cassatie en…
Hoge Raad|30 oktober 2015|ECLI:NL:HR:2015:3195Aangehaald in 21 uitspraken
dagvaarding van [verweerster] daarvan melding maakt in de context van de in art. 111 lid 3 Rv verlangde opgave van de verweren van de gedaagde. [verweerster] heeft noch in die dagvaarding, noch
- InsolventierechtCassatieProcesrecht. Niet-ontvankelijk cassatieberoep tegen tussenbeschikking waarin niet aan het geding omtrent de…
Hoge Raad|22 december 2006|ECLI:NL:HR:2006:AZ2724Aangehaald in 5 uitspraken
beschikking van 13 juli 2006 [verzoekster] op grond van art. 270 lid 3 Rv. niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep. De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht
- Internationaal privaatrechtCassatieIPR. Rechtsmacht. Ambtshalve onderzoek in hoger beroep naar grondslag voor rechtsmacht. Maatstaf voor het…
Hoge Raad|12 april 2019|ECLI:NL:HR:2019:566Aangehaald in 55 uitspraken
voldaan aan de voorwaarde waaronder de voorzieningenrechter op de voet van art. 700 lid 3 Rv het beslagverlof heeft verleend, te weten dat de Stichting c.s. binnen een termijn van drie maanden
- Internationaal privaatrechtCassatieIPR. Kinderontvoering. Bevoegdheid Nederlandse rechter om kennis te nemen van verzoek tot gedwongen afgifte…
Hoge Raad|5 juli 2019|ECLI:NL:HR:2019:1085Aangehaald in 69 uitspraken
afgifte en teruggeleiding ontbreekt, dient de Nederlandse rechter zijn rechtsmacht aan de hand van art. 3 Rv te bepalen. Art. 5 Rv ziet uitsluitend op zaken betreffende ouderlijke verantwoordelijkheid en is niet
- Civiel recht overigCassatieArbeidsrecht. Procesrecht. Beëindiging van pensioenregeling ter zake provisie inkomsten behelst in dit geval…
Hoge Raad|12 februari 2010|ECLI:NL:HR:2010:BK3570Aangehaald in 58 uitspraken
conclusie was genomen, en derhalve na het verstrijken van de termijn van art. 44 lid 3 Rv., bij de Hoge Raad is ingekomen, heeft de Hoge Raad deze brief terzijde gelegd. 3
- Civiel recht overigCassatieCassatie. Wet griffierechten burgerlijke zaken. Niet-ontvankelijkheid op grond van art. 409a lid 2 Rv.
Hoge Raad|4 november 2011|ECLI:NL:HR:2011:BQ4182
geheel of gedeeltelijk buiten toepassing laten van laatstgenoemde bepaling op de in art. 127a lid 3 Rv. genoemde grond. 3. Beslissing De Hoge Raad: verklaart [eiser] niet-ontvankelijk in zijn beroep; veroordeelt
- InsolventierechtCassatieVerzoek tot herstel van gezamenlijk ouderlijk gezag. Cassatieberoep niet-ontvankelijk. Cassatieverzoekschrift…
Hoge Raad|7 februari 2014|ECLI:NL:HR:2014:269
partijen was verzonden, en derhalve na het verstrijken van de termijn van art. 44 lid 3 Rv, bij de Hoge Raad is ingekomen en overigens ook niet door tussenkomst door een advocaat
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Deformalisering. Onjuiste vermelding van naam requirant in appeldagvaardingsexploot. Herstel…
Hoge Raad|15 april 2016|ECLI:NL:HR:2016:668Aangehaald in 18 uitspraken
uitgebracht voor de roldatum. Bij het uitbrengen van dat exploot dient volgens art. 120 lid 3 Rv de voor dagvaarding voorgeschreven termijn in acht te worden genomen; indien daardoor de roldatum niet
- Civiel recht overigCassatieProcesrecht. Schorsing en hervatting; art. 225-227 Rv. Onder verlies van hoedanigheid als bedoeld in art. 226…
Hoge Raad|9 december 2011|ECLI:NL:HR:2011:BT2915Aangehaald in 15 uitspraken
middel. 3.4 Op grond van art. 226 lid 2 in verbinding met art. 225 lid 3 Rv. zijn proceshandelingen die verricht zijn nadat de schorsing bedoeld in deze artikelen is ingetreden, nietig
- Civiel recht overigCassatieOndertoezichtstelling minderjarige. Procespartijen verzoekschriftprocedure, belanghebbenden…
Hoge Raad|18 januari 2013|ECLI:NL:HR:2013:BY0572Aangehaald in 12 uitspraken
Rv) dan wel in hoger beroep een verweerschrift indienen (art. 361 lid 3 Rv), bij welk verweerschrift zij ook incidenteel hoger beroep mogen instellen (art. 358 lid 5 Rv). Omdat aldus
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht; goederenrecht. Devolutieve werking; verhouding tussen verweer en afgewezen vordering in…
Hoge Raad|26 mei 2023|ECLI:NL:HR:2023:784Aangehaald in 32 uitspraken
rechtsmiddel aanwenden, en waarin het gezag van gewijsde niet ambtshalve wordt toegepast (art. 236 lid 3 Rv). De Hoge Raad ziet daarin thans geen aanleiding meer om aan de geïntimeerde/verweerder
- Burgerlijk procesrechtCassatieProcesrecht. Wet Bopz. Toetsing na cassatie en verwijzing van verzoek om machtiging: ex tunc of ex nunc? Kan…
Hoge Raad|12 juli 2019|ECLI:NL:HR:2019:1202Aangehaald in 22 uitspraken
enkelvoudige kamer. Deze kan de zaak echter op grond van art. 15 leden 2 en 3 Rv verwijzen naar de meervoudige kamer. 3.2.3 In zijn uitspraak van 9 december 1994 heeft
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|26 oktober 2001|ECLI:NL:HR:2001:AD2687
ander een uitzondering geldt voor de verplichting tot procureurstelling, neergelegd in art. 429d lid 3 Rv. 4. Beslissing De Hoge Raad: vernietigt de beschikking van het Gerechtshof te Amsterdam van 21 december
- Civiel recht overigCassatieVordering tot vergoeding immateriële schade, onrechtmatige kwalificatie in dagblad. Getuigenverhoor…
Hoge Raad|1 maart 2013|ECLI:NL:HR:2013:BY7845Aangehaald in 22 uitspraken
beroep te doen op een hem - op de voet van art. 165 lid 2 of 3 Rv - toekomend verschoningsrecht, als in het geval van het verhoor van een getuige aan wie geen
- Civiel recht overigCassatieVerzekeringszaak; vergoeding letselschade, causaliteit. Bewijsrecht; (voorlopig) deskundigenbericht…
Hoge Raad|22 februari 2008|ECLI:NL:HR:2008:BB5626Aangehaald in 24 uitspraken
opgedragen onderzoek noodzakelijk zijn. De partijen zijn op grond van art. 198 lid 3 Rv. tot medewerking aan het deskundigenonderzoek verplicht - en dat geldt dus ook voor de (eventuele) wederpartij
- Civiel recht overigCassatieSchadestaatprocedure. Huurrecht. Schade huurder door tekortschieten verhuurder. Uitleg dictum hoofdzaak…
Hoge Raad|10 juni 2022|ECLI:NL:HR:2022:854Aangehaald in 26 uitspraken
zijn cassatieberoep niet ontvankelijk. Tegen een dergelijke weigering staat op grond van art. 32 lid 3 Rv immers geen hogere voorziening open. 4 Beoordeling van het middel 4.1.1 De onderdelen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.