220 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 juni 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:2237
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden, dat gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel – door
- Personen- en familierechtHoger beroepUithuisplaatsing. Ondertoezichtstelling.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 augustus 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:2900
rechtbank – van oordeel dat niet voldaan is aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. Hoewel de moeder er in het verleden anders over heeft gedacht, staat zij thans reeds geruime
- Personen- en familierechtHoger beroepOntheffing van het gezag.
Gerechtshof Leeuwarden|12 januari 2012|ECLI:NL:GHLEE:2012:BV1424
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door ongeschiktheid
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|28 augustus 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:3279
oordeel dat voldaan is aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. Het hof overweegt daartoe als volgt. 3.8.3. Bij [de zoon] is, zoals het hof reeds in zijn beschikking
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 juli 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:2703
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|26 februari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:623
oordeel dat voldaan is aan de wettelijke vereisten van artikel 1:261 BW. 3.10.4. Het hof stelt voorop dat voor zover de moeder in eerste aanleg onvoldoende in de gelegenheid zou zijn
- Personen- en familierechtHoger beroepEen schriftelijke aanwijzing van de stichting is in hoger beroep alsnog vervallen verklaard. De tekst van de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|9 januari 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:150
doel van de uithuisplaatsing van een minderjarige als bedoeld in artikel 1:261 BW voor de duur van de uithuisplaatsing, de contacten tussen de met het gezag belaste ouder en het kind
- Personen- en familierechtHoger beroepUitgebreide motivering ontheffing van het gezag.
Gerechtshof Leeuwarden|5 juli 2011|ECLI:NL:GHLEE:2011:BR1699
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepMachtiging uithuisplaatsing. Geen sprake van vrijwilligheid.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 oktober 2014|ECLI:NL:GHARL:2014:7968
hierover als volgt. Uitgangspunt is dat uithuisplaatsing van een minderjarige uitsluitend geschiedt krachtens artikel 1:261 BW, derhalve niet zonder een door de kinderrechter aan de stichting verleende machtiging
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|29 januari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:255
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|31 juli 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:2622
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Personen- en familierechtHoger beroepMachtiging uithuisplaatsing. Ontvankelijkheid grootouders. Netwerkplaatsing in plaats van voorziening voor…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|8 januari 2015|ECLI:NL:GHARL:2015:63
maatregel die door de kinderrechter kan worden uitgesproken indien aan de voorwaarden van artikel 1:261 BW wordt voldaan. Alleen de uit het gezag over het kind voortvloeiende rechten en verplichtingen
- Personen- en familierechtHoger beroepOntheffing van het gezag. Traject 'terug naar huis' beëindiging vanwege spanningen bij de minderjarige.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|22 oktober 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:8038
tenminste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door ongeschiktheid
- Personen- en familierechtHoger beroepGedwongen ontheffing van het gezag.
Gerechtshof Amsterdam|24 september 2013|ECLI:NL:GHAMS:2013:3095
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel – door
- Personen- en familierechtHoger beroepOntheffing van de moeder van het ouderlijk gezag over de minderjarigen.
Gerechtshof 's-Gravenhage|12 januari 2011|ECLI:NL:GHSGR:2011:BP3738
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan één jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel – door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof Leeuwarden|3 juli 2012|ECLI:NL:GHLEE:2012:BX2674
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door ongeschiktheid
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof Leeuwarden|21 augustus 2002|ECLI:NL:GHLEE:2002:AE6658
tenminste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel -door ongeschiktheid
- Personen- en familierechtHoger beroepDe moeder is ongeschikt en onmachtig om de minderjarige te verzorgen en op te voeden. Perspectief van de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 oktober 2014|ECLI:NL:GHSHE:2014:4398
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
- Civiel recht overigHoger beroepOntheffing van het gezag.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|11 juli 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:5210
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel -door
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|29 januari 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:252
minste zes maanden blijkt, of na een uithuisplaatsing krachtens het bepaalde in artikel 1:261 BW van meer dan een jaar en zes maanden gegronde vrees bestaat, dat deze maatregel - door
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.