239 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepVerdeling perceel grond. Geen eigendom door verjaring. Artikel 130 Rv eiswijziging.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|4 december 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:5069
bezit te goeder trouw, met een verjaringstermijn van tien jaar (artikel 3:99 jo 3:108 BW), geen sprake kan zijn. Voor verjaring door bezit niet te goeder trouw (3
- Civiel recht overigHoger beroepAangrenzende eigenaren twisten over de vraag of door bevrijdende verjaring een erfdienstbaarheid van overpad…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|6 april 2021|ECLI:NL:GHARL:2021:3287
bezit moet worden beoordeeld aan de hand van de maatstaf neergelegd in artikel 3:108 BW. De verjaringstermijn begint te lopen vanaf 1 januari 1992 (artikel 95 Overgangswet Nieuw BW). In hoger
- Civiel recht overigHoger beroepGeschil over de juridische eigendomsgrens aangrenzende percelen. Beroep op verkrijgende verjaring slaagt ten dele.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|8 februari 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:983
inachtneming van de wettelijke regels en overigens op grond van de uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Voor de beantwoording van de vraag of iemand een zaak in bezit heeft genomen
- Civiel recht overigHoger beroepBurenrecht. Rij coniferen blijkt, anders dan aanvankelijk gedacht, op het perceel van de buren te staan…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|30 oktober 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:4492
BW. Uit artikel 3:107 lid 1 BW in verbinding met artikel 3:108 BW volgt dat de vraag of iemand bezitter is moet worden beantwoord naar de verkeersopvatting, met inachtneming
- Civiel recht overigHoger beroepRetentierecht op onroerende zaak. Vereiste feitelijke macht. Uitoefening retentierecht via een ander…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|4 mei 2010|ECLI:NL:GHSHE:2010:BM5195
zaak is, een vraag die aan de hand van de maatstaven van art. 3:108 BW dient te worden beantwoord. Van een zodanige feitelijke macht kan bijvoorbeeld sprake zijn wanneer de zaak
- Civiel recht overigHoger beroepAan de orde is de vraag of door verjaring een recht van overpad is ontstaan. Oud-BW, nieuw-BW…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|27 maart 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:2865
geworden. 4.6 Uit artikel 3:107 lid 1 BW in verbinding met artikel 3:108 BW volgt dat de vraag of iemand bezitter is, moet worden beantwoord naar verkeersopvatting, met inachtneming
- Civiel recht overigHoger beroepburengeschil, onrechtmatige daad
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 juli 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:2881
burengeschil, onrechtmatige daad
- Civiel recht overigHoger beroepGeen verkrijgende verjaring van een strook grond van de gemeente.
Gerechtshof Den Haag|8 september 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:3460
bezit wordt naar verkeersopvatting en met inachtneming van het bepaalde in artikel 3:108 BW e.v. beoordeeld. Vereist is dat [appellante] en haar rechtsvoorgangers gedurende een onafgebroken periode van 20 jaar feitelijk
- Civiel recht overigHoger beroepDoor verjaring van de rechtsvordering van de eigenaar van de grond verkrijgt de bezitter erfdienstbaarheid…
Gerechtshof Amsterdam|30 november 2010|ECLI:NL:GHAMS:2010:BO7584
deze toestand - in elk geval sinds 1 januari 1992 op grond van artikel 3:108 BW (tevens) te kwalificeren als bezit van een erfdienstbaarheid van weg - in 1992 is blijven voortbestaan, terwijl
- Civiel recht overigHoger beroepIs appellant eigenaar geworden van een perceel grond? Verkrijgende (3:99) en extinctieve verjaring (3:105 jo…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 december 2012|ECLI:NL:GHSHE:2012:BY6266
BW is bezit gedefinieerd als het houden van een goed voor zichzelf. Krachtens artikel 3:108 BW wordt de vraag of iemand een goed houdt en of hij dit voor zichzelf
- Civiel recht overigHoger beroepGoederenrecht. Geen verkrijgende verjaring van strook grond door de geïntimeerde. Anders dan de rechtbank…
Gerechtshof Amsterdam|27 oktober 2020|ECLI:NL:GHAMS:2020:2920
volgende juridisch kader. Uit art. 3:107 lid 1 BW in verbinding met art. 3:108 BW volgt dat de vraag of iemand bezitter is, moet worden beantwoord naar verkeersopvatting, met inachtneming
- Civiel recht overigHoger beroepBurenrecht. Geen bezit stuk grond, want niet ondubbelzinnig als eigenaar van stuk grond gedragen. Sprake van…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|28 oktober 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:6688
BW bepaalt dat bezit het houden van een goed is voor zichzelf. Volgens art. 3:108 BW wordt de vraag of iemand een goed houdt en of hij dit voor zichzelf
- Civiel recht overigHoger beroepVerjaring; eigendom; erfdienstbaarheid
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 oktober 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:4265
BW. 5.5 Uit art. 3:107 lid 1 BW in verbinding met art. 3:108 BW volgt dat de vraag of iemand bezitter is moet worden beantwoord naar de verkeersopvatting, met inachtneming
- Civiel recht overigHoger beroepDoor landaanwinning ontstane gronden. Verkrijgende verjaring. Bezit. Erfpacht.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba|26 juli 2016|ECLI:NL:OGHACMB:2016:80
voor zichzelf of voor een ander doet, wordt naar verkeersopvattingen beoordeeld (art. 3:108 BW). Voor verkrijging op de voet van art. 3:105 BW is vereist dat de toestand
- Civiel recht overigHoger beroepHet hof is van oordeel dat in het midden kan blijven of reeds in de periode dat [grootvader geïntimeerde sub…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|29 mei 2007|ECLI:NL:GHSHE:2007:BA6826
goed houdt voor zichzelf of voor een ander wordt naar verkeersopvatting beoordeeld, zoals art. 3: 108 BW bepaalt. De wijze waarop [geïntimeerde sub 3] het onderhavige onroerend goed als één gebruiksgeheel heeft
- Civiel recht overigHoger beroepGeschil tussen buren over juridische erfgrens. Verkrijgende verjaring? Ondergrond haag.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 oktober 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:6414
inachtneming van de wettelijke regels en overigens op grond van de uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Voor de beantwoording van de vraag of iemand een zaak in bezit heeft genomen
- Civiel recht overigHoger beroepBuren. Erfgrens. Coniferen. Geplant in 1992 of 1993. Beschadigd in 2013. Verkrijgende verjaring? Inbezitneming?
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|5 februari 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:395
wettelijke bepalingen inzake het bezit en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). 3.11. Het planten van de coniferen achter de door (de rechtsvoorganger van) [appellant] geplaatste schutting heeft
- Civiel recht overigHoger beroepbruikleenovereenkomst, houderschap, strook grond gemeente, geen interversie, geen verkrijgende verjaring ex…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 november 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:4228
wettelijke bepalingen inzake het bezit en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Is sprake van houderschap, dan duurt dat houderschap voort zolang niet blijkt dat daarin verandering
- Civiel recht overigHoger beroepPartijen in deze zaak zijn buren. Zij bewonen ieder een gedeelte van een zogenaamde carréboerderij en hebben…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|4 april 2006|ECLI:NL:GHSHE:2006:AW4334
3:306 jo art. 73 OW bezien in samenhang met art. 3:108 BW). [appellant] biedt aan te bewijzen dat de ramen in kwestie eerst na maart 1980 zijn geplaatst
- GoederenrechtHoger beroepKort geding over contant geld aangetroffen bij ontvanger van een bijstandsuitkering. Voorshands niet…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|9 januari 2024|ECLI:NL:GHSHE:2024:30
eigenaar zijn gebleven van de bankbiljetten, voor het bezitsbegrip op grond van artikel 3:108 BW aangesloten moet worden bij de verkeersopvattingen van (de cultuur van) appellanten, volgt het hof niet
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.