707 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtCassatieBank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Cassatiemiddel tegen een niet gegeven…
Hoge Raad|13 november 2015|ECLI:NL:HR:2015:3274
Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Cassatiemiddel tegen een niet gegeven oordeel door het Hof. 13 november 2015 nr. 14/01747 Arrest gewezen op het beroep
- BelastingrechtCassatieBank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is…
Hoge Raad|12 juni 2015|ECLI:NL:HR:2015:1559
Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is gehandeld moet worden vernietigd. Belanghebbende mag na verwijzing opening van zaken geven. 12 juni
- BelastingrechtCassatieBank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is…
Hoge Raad|12 juni 2015|ECLI:NL:HR:2015:1562
Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is gehandeld moet worden vernietigd. Belanghebbende mag na verwijzing opening van zaken geven. 12 juni
- BelastingrechtCassatieBank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is…
Hoge Raad|12 juni 2015|ECLI:NL:HR:2015:1558
Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is gehandeld moet worden vernietigd. Belanghebbende mag na verwijzing opening van zaken geven. 12 juni
- BelastingrechtCassatieBank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is…
Hoge Raad|12 juni 2015|ECLI:NL:HR:2015:1547
Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is gehandeld moet worden vernietigd. Belanghebbende mag na verwijzing opening van zaken geven. 12 juni
- BelastingrechtCassatieBank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is…
Hoge Raad|12 juni 2015|ECLI:NL:HR:2015:1555
Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is gehandeld moet worden vernietigd. Belanghebbende mag na verwijzing opening van zaken geven. 12 juni
- BelastingrechtCassatieBank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is…
Hoge Raad|12 juni 2015|ECLI:NL:HR:2015:1548
Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen. Beslissing Hof dat niet voortvarend is gehandeld moet worden vernietigd. Belanghebbende mag na verwijzing opening van zaken geven. 12 juni
- BelastingrechtCassatieBank Zonder Naam. Aanvangstijdstip overschrijding redelijke termijn bij samenhangende zaken. Art. 16, lid 4…
Hoge Raad|13 november 2015|ECLI:NL:HR:2015:3292
Bank Zonder Naam. Aanvangstijdstip overschrijding redelijke termijn bij samenhangende zaken. Art. 16, lid 4, AWR. Eis van voortvarend handelen 13 november 2015 nr. 14/01723 Arrest gewezen op het beroep in cassatie
- BelastingrechtCassatieProject Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR; art. 63 VWEU. Verlengde navorderingstermijn…
Hoge Raad|2 mei 2014|ECLI:NL:HR:2014:1029
Project Bank Zonder Naam. Art. 16, lid 4, AWR; art. 63 VWEU. Verlengde navorderingstermijn. Voortvarendheidseis. Onjuistheid in dictum Hofuitspraak i.v.m. vermindering boeten. 2 mei 2014 nr. 13/04726 Arrest gewezen op het beroep
- BelastingrechtHoger beroepWoonplaats art. 4 AWR; duurzame band van persoonlijke aard; belanghebbende woont op grond van nationaal recht…
Gerechtshof Amsterdam|23 januari 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:721
Woonplaats art. 4 AWR; duurzame band van persoonlijke aard; belanghebbende woont op grond van nationaal recht in Nederland; toepassing Verdrag Nederland - Duitsland. GERECHTSHOF AMSTERDAM kenmerken 22/2549 en 22/2550 23 januari 2024 uitspraak … grond van de daarin opgesomde feiten en omstandigheden dient hij voor de toepassing van artikel 4 AWR als inwoner van Duitsland te worden aangemerkt, omdat
- Strafrecht overigConclusie AG. Opmaken van valse belastingaangiften (art. 225 lid 1 Sr). Klachten over i)…
Parket bij de Hoge Raad|10 januari 2023|ECLI:NL:PHR:2023:40
valse belastingaangiften (art. 225 lid 1 Sr). Klachten over i) vervolgingsuitsluitingsgrond a.b.i. art. 69 lid 4 AWR , ii) voorhouden van stukken (art. 301 Sv) en iii) bewijs van het valselijk opmaken. Conclusie … onderkend, de verdediging in hoger beroep geen niet-ontvankelijkheidsverweer op basis van art. 69 lid 4 AWR heeft gevoerd, zodat het hof zich in zijn veroordelend arrest niet expliciet over de ontvankelijkheid
- BelastingrechtDe onderhavige procedure maakt deel uit van drie samenhangende uitspraken inzake zeven verschillende…
Parket bij de Hoge Raad|7 juli 2016|ECLI:NL:PHR:2016:787
onderhavige navorderingsaanslag is opgelegd met gebruikmaking van de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR. De A-G volgt belanghebbende in zijn stelling dat het Hof de voortvarendheid over een onjuiste … Inspecteur gebruik mocht maken van de twaalfjaarstermijn van artikel 16, lid 4, AWR, (ii) op grond van artikel 27e, onderdeel b, AWR de omkering en verzwaring van de bewijslast moest worden toegepast
- BelastingrechtArtikel 16, lid 4 WAR. Zijn aan een in Nederland gevestigde vennootschap onttrokken, vanuit het buitenland…
Parket bij de Hoge Raad|7 oktober 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AT5946
verloop van de normale navorderingstermijn is opgelegd en de twaalfjaarstermijn van artikel 16, lid 4 Awr volgens belanghebbende niet geldt, omdat het inkomensbestanddeel niet in het buitenland is opgekomen. Het door belanghebbende … verweerschrift in. Het geschil in cassatie 3.6. De Staatssecretaris stelt dat artikel 16, lid 4 Awr geschonden is, doordat het Hof deze bepaling niet van toepassing acht in een geval waarbij door
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting. Art. 16, lid 4, art. 25, lid 3, en art. 27e, lid 1 AWR. Geen omkering van de bewijslast…
Hoge Raad|16 maart 2018|ECLI:NL:HR:2018:359Aangehaald in 36 uitspraken
bijzonder hield partijen verdeeld of de verlengde navorderingstermijn als bedoeld in artikel 16, lid 4, AWR daarop van toepassing is. 2.8. De Rechtbank heeft geoordeeld dat het inkomen uit sparen en beleggen … vraag of navordering mogelijk is met toepassing van de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR. Een andersluidende opvatting zou ook onvoldoende recht doen aan de in artikel 16 AWR vervatte
- BelastingrechtHoger beroepInkomstenbelasting. Verzwegen vermogen in Zwitserland. Navordering. Ambtelijk verzuim? Voortvarendheidstoets…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|25 maart 2014|ECLI:NL:GHARL:2014:2583Aangehaald in 5 uitspraken
ziet op buitenlandse tegoeden – navordering slechts mogelijk is op de voet van artikel 16, lid 4, AWR en dat derhalve dient te worden getoetst of de navorderingsaanslag voortvarend is opgelegd. Voor zover … deze navorderingsaanslag geen gebruik gemaakt van zijn bevoegdheid op grond van artikel 16, lid 4, AWR om een navorderingsaanslag op te leggen op een tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden
- BelastingrechtHoger beroep(Navorderings)aanslagen IB/PVV 2003 t/m 2015 en boetebeschikkingen. Het Hof oordeelt onder meer dat de door…
Gerechtshof Amsterdam|16 juni 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:1790Aangehaald in 6 uitspraken
aanknopingspunt hebben met een ander land dan Nederland en vallen onder verlengde navorderingstermijn (art. 16 (4) AWR). Verder komt belanghebbende geen geslaagd beroep toe op de inkeerregeling (art. 67n AWR). Daarnaast
- BelastingrechtHoger beroepHet Hof heeft in 92 BZN-hoger-beroepen beslist dat de inspecteur niet voortvarend gehandeld heeft. Het Hof…
Gerechtshof Amsterdam|3 juli 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:2557
betrekking hebben op zaken die met toepassing van de verlengde navorderingstermijn ex artikel 16, lid 4, AWR zijn vastgesteld (categorie 1), en hoger beroepen die zonder toepassing van de evenvermelde verlengde navorderingstermijn … belanghebbende behandelen. 4 Beoordeling van het geschil 4.1. Op grond van artikel 16, lid 4, AWR heeft de inspecteur, in afwijking van artikel 16, derde lid, AWR, gedurende twaalf jaar de bevoegdheid
- BelastingrechtCassatieArtikel 16, lid 4, artikel 25, lid 3, en artikel 27e, lid 1, AWR. Omkering van de bewijslast bij verlengde…
Hoge Raad|20 november 2020|ECLI:NL:HR:2020:1810Aangehaald in 7 uitspraken
toepassing is, en of de Inspecteur terecht de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR heeft toegepast. 2.2.2 Het Hof heeft de over 2004 opgelegde navorderingsaanslag vernietigd en de over … beoordeling van de klacht wordt het volgende vooropgesteld. Op grond van artikel 16, lid 4, AWR vervalt de bevoegdheid tot navordering na twaalf jaren indien te weinig belasting is geheven over
- BelastingrechtInkomen uit aanmerkelijk belang, economisch belang, genietingstijdstip, verlengde navorderingstermijn, nieuw feit
Parket bij de Hoge Raad|30 januari 2026|ECLI:NL:PHR:2026:124
deze zaak aan de orde of de verlengde navorderingstermijn, bedoeld in art. 16(4) AWR van toepassing is. De dividenden in deze zaak zijn afkomstig van een Nederlandse vennootschap en uiteindelijk … voordeel door buitenlandse transacties aan het zicht van de fiscus wordt onttrokken, is art. 16(4) AWR naar zijn strekking toepasbaar (?4.12). 1.5 In deze zaak komt ook aan de orde
- BelastingrechtHoger beroepDe inspecteur heeft in een BZN zaak niet voortvarend gehandeld. Pas eind augustus 2006 stelde de…
Gerechtshof Amsterdam|22 april 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:1411
belanghebbende behandelen. 4 Beoordeling van het geschil 4.1. Op grond van artikel 16, lid 4, AWR heeft de inspecteur, in afwijking van artikel 16, derde lid, AWR, gedurende twaalf jaar de bevoegdheid … maart 2008, nr. 43 050 (LJN: BA8179), over de verlengde navorderingstermijn van artikel 16, lid 4, AWR, aan het Hof van Justitie van de Europese gemeenschappen (hierna: Hof van Justitie) prejudiciële vragen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.