415 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtHoger beroepVervangende toestemming erkenning minderjarige
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 november 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:5349
Vervangende toestemming erkenning minderjarige
- Personen- en familierechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Personen- en familierecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|2 november 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:3632
conform vaste jurisprudentie van de HR en EHRM (genoemd in Productie 93) aangaande art. 1: 377a BW en art. 8 EVRM belanghebbenden waren althans in de bodemzaak. Appellante verwijst hierbij naar
- Personen- en familierechtHoger beroepOmgang: artikel 1:337a BW Geen nauwe persoonlijke betrekking tussen grootouders en kleinkinderen. Het hof is…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|6 december 2011|ECLI:NL:GHSHE:2011:BU7330
nauwe persoonlijke betrekking staan tot de kinderen en zij met een beroep op artikel 1:377a BW aan de rechter vaststelling van een omgangsregeling met de kinderen kunnen verzoeken. De stelling
- Personen- en familierechtHoger beroepErkenning kind door man die op het moment van erkenning met een andere vrouw een geregistreerd partnerschap heeft.
Gerechtshof Amsterdam|5 augustus 2008|ECLI:NL:GHAMS:2008:BG2522
kind], zal bij dergelijke verzoeken ingevolge artikel 1:253c BW dan wel ingevolge artikel 1:377a BW wederom een toetsing door de rechter dienen plaats te vinden, zodat dit bezwaar niet
- Personen- en familierechtHoger beroepOmgang tussen kind en de vader, die niet heeft erkend, in casu niet in strijd met het belang van het kind…
Gerechtshof 's-Gravenhage|29 augustus 2007|ECLI:NL:GHSGR:2007:BB3715
juridisch ouderschap over hem heeft verkregen, is artikel 1:377f BW en niet artikel 1:377a BW van toepassing. Dit leidt ertoe dat in dit geval het verzoek van de man uitsluitend
- Personen- en familierechtHoger beroepOntvankelijkheid verzoek tot vaststelling van een omgangsregeling met een meerderjarige geestelijk…
Gerechtshof 's-Gravenhage|13 juli 2005|ECLI:NL:GHSGR:2005:AT9502
incidentele beroep van de moeder gericht. Zij verzet zich ertegen, dat art. 1:377a BW analoog wordt toegepast bij het verzoek van een ouder om omgang met een meerderjarig kind. De moeder
- Personen- en familierechtHoger beroepOndertoezichtstelling. Verzoek om uitbreiding omgangsregeling met opbouw afgewezen. Meisje met kwetsbare…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|10 februari 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:748
oordeel van het hof Wat staat in de wet? 5.1. In artikel 1:377a BW en artikel 1:377e BW staat – onder meer – dat de rechter op verzoek van de ouders
- Civiel recht overigHoger beroepBekrachtiging beslissing rechtbank dat het verzoek van een niet-gezaghebbende ouder tot vaststelling van een…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|22 januari 2026|ECLI:NL:GHARL:2026:356
strijd is met zwaarwegende belangen van het kind. Volgens vaste rechtspraak is artikel 1:377a BW ook van toepassing indien de voogdij bij een gecertificeerde instelling berust (zie de onder 5.1 vermelde
- Personen- en familierechtHoger beroepOmgang wordt ontzegd op grond van de gronden als vermeld onder artikel 1:377a lid 3 sub b en c BW.
Gerechtshof 's-Gravenhage|29 juli 2009|ECLI:NL:GHSGR:2009:BJ4870
onmiddellijke werking. 6. Het hof oordeelt als volgt. Op grond van artikel 1:377a BW hebben het kind en de niet met het gezag belaste ouder recht op omgang met elkaar, tenzij
- Personen- en familierechtHoger beroepOuders strijden al meer dan 10 jaar. Vader krijgt nu alleen het gezag in de hoop dat er voor het kind rust…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|28 januari 2020|ECLI:NL:GHARL:2020:838
moeder het recht op omgang en informatie, zoals onder meer voorzien in artikel 1:377a BW, houdt. Bovendien rust ingevolge artikel 1:247 lid 3 BW op de vader de verplichting
- Personen- en familierechtHoger beroepVerzoek omgangsregeling. Ontvankelijkheid grootmoeder. Geen nauwe persoonlijke betrekking tussen grootmoeder…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|12 november 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:9744
conclusie dat sprake is van een nauwe persoonlijke betrekking als bedoeld in artikel 1:377a BW. Dat betekent dat de rechtbank de grootmoeder op goede gronden niet-ontvankelijk heeft verklaard in haar
- Personen- en familierechtHoger beroepDe moeder wil dat een ruimere omgangsregeling tussen de vader en de minderjarige wordt vastgesteld. De vader…
Gerechtshof 's-Gravenhage|25 juli 2012|ECLI:NL:GHSGR:2012:BX2774
vader en de minderjarige; immers het gaat hier om de toepassing van artikel 1:377a BW. Het hof volstaat met de constatering dat daar waar het woord zorgregeling staat gelezen dient
- BelastingrechtHoger beroepErfbelasting. Kindvrijstelling en tarief 1 voor biologisch, maar niet-juridisch kind.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|17 mei 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:4050
family life’ zodat de biologische vader op grond van voormeld artikel [Hof: artikel 1:377a BW (nieuw)] recht heeft op omgang met [belanghebbende]. Dit wordt pas anders indien zwaarwegende belangen
- Personen- en familierechtHoger beroepHoewel niet wordt getwijfeld aan de wijze waarop grootmoeder de huidige omgang met haar kleindochter invult…
Gerechtshof Leeuwarden|30 november 2010|ECLI:NL:GHLEE:2010:BP0583
maart 2009 van de Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding geregeld in artikel 1:377a BW. 6. Het belang van [kind 1] staat hier centraal. Het hof acht het niet
- Personen- en familierechtHoger beroepVervangende toestemming tot erkenning, omgang, kosten deskundigenonderzoek en proceskosten.
Gerechtshof 's-Gravenhage|1 augustus 2012|ECLI:NL:GHSGR:2012:BX4803
worden bekrachtigd. Omgang 11. Het hof overweegt als volgt. Op grond van artikel 1:377a BW hebben een kind en degene die in een nauwe persoonlijke betrekking tot hem staat recht
- Personen- en familierechtHoger beroepOmgang na periode van ontzegging en na proefperiode in het Omgangshuis; dwangsom opgelegd.
Gerechtshof Den Haag|8 mei 2013|ECLI:NL:GHDHA:2013:2156
gebleken is dat zich in dezen één of meer ontzeggingsgronden zoals opgesomd in artikel 1:377a BW voordoen. Voldoende is vast komen te staan dat de contacten tussen de vader
- Personen- en familierechtHoger beroepOmgang ex artikel 1:377 BW. Verantwoordelijkheid gezagsdragende ouder.
Gerechtshof 's-Gravenhage|4 augustus 2010|ECLI:NL:GHSGR:2010:BN5626
Gesteld noch gebleken is dat zich één of meer ontzeggingsgronden zoals opgesomd in artikel 1:377a BW voordoen. Voldoende is vast komen te staan dat het contact tussen de vader
- Personen- en familierechtHoger beroepOmgang en informatieregeling. Hoewel in hoger beroep voor het eerst wordt verzocht om een informatieregeling…
Gerechtshof 's-Gravenhage|22 december 2010|ECLI:NL:GHSGR:2010:BP5719
omgang met elkaar, tenzij sprake is van de in het derde lid van artikel 1:377a BW genoemde gronden voor ontzegging. Het hof is van oordeel dat, gelet op de gebeurtenissen tussen
- Personen- en familierechtHoger beroepIn verleden herhaalde malen getracht omgang tot stand te brengen, waarbij vader telkens na kortere of langere…
Gerechtshof Arnhem|16 november 2010|ECLI:NL:GHARN:2010:BO4986
omgang heeft met de niet-verzorgende ouder. Dienovereenkomstig heeft de wetgever in artikel 1:377a BW dan ook bepaald dat het kind en de niet-verzorgende ouder recht op omgang met elkaar
- Personen- en familierechtHoger beroepVerzoek tot contact met hun vader. Vader weigert categorisch. Onderzoek Raad voor de Kinderbescherming. Is de…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|17 mei 2016|ECLI:NL:GHARL:2016:3939
behoeve van de vader dat op de vader ingevolge lid 1 van voornoemd artikel 1:377a BW ook de verplichting tot omgang met [de minderjarige1] en [de minderjarige2] rust en daarmee tenminste
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.