Zoekresultaten

Voor “"2:248 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

301 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigHoger beroep
    bestuurdersaansprakelijkheid, niet voldaan aan boekhoudplicht en publicatieplicht; onbehoorlijke…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch6 augustus 2019ECLI:NL:GHSHE:2019:2949

    bestuurder van [de vennootschap 1] kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld waardoor zij ingevolge artikel 2:248 BW aansprakelijk is jegens de curator en gehouden is tot betaling en/of aanzuivering van het tekort … voor het verzuim, de bepaling [hof: in de slotzin van lid 2 van art. 2:248 BW] kan worden toegepast om de al te scherpe kantjes van het tweede

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Boekhoudplicht en publicatieplicht. Belangrijke oorzaak van het faillissement?…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch30 april 2019ECLI:NL:GHSHE:2019:1606

    taken als bestuurder onbehoorlijk heeft vervuld en als gevolg daarvan op basis van art. 2:248 BW aansprakelijk is voor het boedeltekort van het failliete [transport] ; - [appellant] te veroordelen tot betaling … veroordeling van [appellant] in de kosten van het geding. De curator heeft de artikelen 2:248 BW, 2:10 BW en 2:395 BW (schending van de boekhoudplicht en de publicatieplicht

  • Civiel recht overigHoger beroep
    turboliquidatie; verzoek heropening vereffening art. 2:23c BW; (potentiële) bate; vordering vennootschap op…

    Gerechtshof Den Haag17 juli 2018ECLI:NL:GHDHA:2018:1677

    potentiële) bate in de vorm van een vordering op grond van artikel 2:248 BW niet aan de orde kan zijn, omdat een dergelijke vordering alleen kan worden ingesteld indien de vennootschap … bestaan van een (potentiële) bate in de vorm van een vordering ex artikel 2:248 BW, niet toegekomen. Beoordeling van het incidentele verzoek tot uitvoerbaar bij voorraadverklaring 17. Hericon heeft in eerste

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Gerechtshof Arnhem · Hoger beroep · Civiel recht overig

    Gerechtshof Arnhem19 februari 2002ECLI:NL:GHARN:2002:AD9640

    zijn van een kennelijk onbehoorlijke taakvervulling door het bestuur in de zin van artikel 2:248 BW, dan is vereist dat geen redelijk denkend bestuur onder dezelfde omstandigheden tot een dergelijke praktijk … 2:11 BW rechtvaardigt in beginsel om de leden 3 en 4 van artikel 2:248 BW met inachtneming van de daarin gestelde eisen op de ingevolge het eerstgenoemde wetsartikel aansprakelijke bestuurder

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Onbehoorlijk bestuur, bestuurder aansprakelijk voor tekort in faillissement.

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden26 mei 2020ECLI:NL:GHARL:2020:4045

    geïntimeerde] aansprakelijk is ter zake van kennelijk onbehoorlijk bestuur op grond van art. 2:248 BW, althans op grond van onrechtmatige daad dan wel toerekenbaar tekortschieten, en veroordeling van [geïntimeerde] tot betaling … geïntimeerde] aansprakelijk is ter zake van kennelijk onbehoorlijk bestuur op grond van art. 2:248 BW voor het bedrag van de schulden in het faillissement van El-Ino; veroordeelt [geïntimeerde] tot betaling

  • Civiel recht overigHoger beroep
    faillissement stichting (primair onderwijs); aansprakelijkheid van bestuurders op grond van artikel 2:9 BW…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch11 december 2018ECLI:NL:GHSHE:2018:5184

    bestuurders van een stichting jegens die stichting. Anders dan de artikelen 2:138 en 2:248 BW bepalen ten aanzien van kennelijk onbehoorlijk bestuur, voorziet artikel 2:9 BW voor haar toepassing

  • Civiel recht overigHoger beroep
    (Middellijk) bestuurders van een vennootschap hebben hun taak onbehoorlijk vervuld en dat is een belangrijke…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden19 juli 2022ECLI:NL:GHARL:2022:6128

    Lopen c.s. in het faillissement van Shoes Online aansprakelijk zijn op grond van artikel 2:248 BW in verbinding met artikel 2:11 BW. Het hof heeft daarbij gebruik gemaakt van zijn … curator op Beter Lopen c.s. op basis van de primaire grondslag (artikel 2:248 BW) en subsidiaire grondslag (artikel 2:9 BW) niet toewijsbaar is. Het hof heeft vervolgens geoordeeld dat Beter

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. Boekhoudplicht (HR 11 juni 1993, ECLI:NL:HR:1993:ZC0994)…

    Gerechtshof Amsterdam8 juni 2021ECLI:NL:GHAMS:2021:1741

    memorie van antwoord, biedt aanknopingspunten voor de lezing dat deze niet (uitsluitend) op art. 2:248 BW, maar (mede) op art. 2:9 BW is gebaseerd. Het hof begrijpt het vonnis … vordering van de curator heeft toegewezen op basis van art. 2:248 BW. Voor zover deze lezing onjuist is, en het vonnis zo moet worden gelezen dat de vordering op grond

  • Civiel recht overigHoger beroep
    vrijwaringsprocedure, eindarrest voor einde schadestaatprocedure in de hoofdzaak,

    Gerechtshof Den Haag12 mei 2020ECLI:NL:GHDHA:2020:894

    vrijwaringszaak moeten worden beoordeeld in het kader van de bestuurdersaansprakelijkheid van art. 2:248 BW. Zowel in de hoofdzaak als in de vrijwaringszaak zijn alle elementen die bij de aansprakelijkheid uit hoofde … 2:248 BW een rol spelen aan de orde gekomen. 2.9. De curator vordert – kort gezegd – aanzuivering door [geïntimeerde 1] en [geïntimeerde 2] van het tekort in het faillissement van SPG. Onder

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Geen bestuurdersaansprakelijkheid voor achterstallige salarisbetalingen. Geen aansprakelijkheid andere bv dan…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch16 september 2014ECLI:NL:GHSHE:2014:3654

    bepaalt alsof hij bestuurder is, kan worden aangesproken op grond van onbehoorlijk bestuur (artikel 2: 248 BW). Volgens [geïntimeerde] is er feitelijk binnen de diverse bv’s met de salarisverplichtingen jegens [geïntimeerde … eveneens zeggenschap had over de betalingen. 3.5.2. Het hof oordeelt als volgt. Artikel 2:248 BW is niet van toepassing nu dat artikel ziet op de aansprakelijkheid van de bestuurder in geval

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Bestuurdersaansprakelijkheid. Art. 2:248 lid 1 en 2 BW. Andere belangrijke oorzaken faillissement niet…

    Gerechtshof Den Haag15 december 2020ECLI:NL:GHDHA:2020:2484

    Detachering een zienswijze is gevraagd. 5 Beoordeling van de grieven Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW 5.1 Met grief I in principaal hoger beroep komt [appellant] op tegen het oordeel … aangevoerd dat geen sprake is van aansprakelijkheid van [appellant] op grond van artikel 2:248 BW en dat daarmee ook de grondslag van artikel 106a lid 1 sub a FW voor

  • VerbintenissenrechtHoger beroep
    Eindarrest. Zie tussenarrest van 11 juli 2023. Verzekeringsovereenkomst. Een deel van het in een…

    Gerechtshof Den Haag7 mei 2024ECLI:NL:GHDHA:2024:731

    curator slechts één vordering pretendeerde, met als grondslag onbehoorlijk bestuur ex artikel 2:248 BW in samenhang met artikel 2:9 BW dan wel onrechtmatige daad als bedoeld in artikel … één vordering van de curator die (primair) is gebaseerd op onbehoorlijk bestuur ex artikel 2:248 BW in samenhang met artikel 2:9 BW dan wel onrechtmatige daad als bedoeld in artikel

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Vervolg Montedison-zaak na verwijzing door de Hoge Raad; het hof acht nu een deskundigenbericht aangewezen

    Gerechtshof 's-Gravenhage7 augustus 2007ECLI:NL:GHSGR:2007:BB6864

    failliet], door aldus te handelen, onbehoorlijk bestuur heeft/hebben gepleegd als bedoeld in artikel 2:248 BW, terwijl dit onbehoorlijk bestuur een belangrijke oorzaak is geweest van het faillissement van [failliet], waarbij geldt … tekort in het faillissement. De vordering van de curator voorzover gegrond op artikel 2:248 BW is door de rechtbank afgewezen omdat Montedison naar het oordeel van de rechtbank slechts als aandeelhouder

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Termijn instellen derdenverzet. Benadeling. Bestuurder van besloten vennootschap geen “wettelijk”…

    Gerechtshof Amsterdam27 mei 2014ECLI:NL:GHAMS:2014:2014

    geïntimeerde sub 1] als (indirecte) bestuurders van BPD aansprakelijk zijn voor het boedeltekort (artikel 2:248 BW). Luta is, zoals vermeld, failliet gegaan. Bij vonnis van de rechtbank Arnhem van 20 juni … heeft [appellant] bij dagvaarding van 12 februari 2010 een vordering op grond van artikel 2:248 BW ingesteld bij de rechtbank Breda, strekkend onder meer tot een verklaring voor recht

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch17 juni 2014ECLI:NL:GHSHE:2014:1812

    bestuurders aansprakelijk zijn voor het tekort in de faillissementen op grond van artikel 2:248 BW. Volgens de curator hebben [appellant] en [gedaagde] niet voldaan aan hun publicatieplicht inzake de jaarrekeningen … volgt. Van kennelijk onbehoorlijke taakvervulling door het bestuur in de zin van artikel 2:248 BW is pas sprake, indien geen redelijk denkend bestuurder onder dezelfde omstandigheden aldus gehandeld zou hebben. Tussen

  • InsolventierechtHoger beroep
    Bekrachtiging faillissement.

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch6 april 2023ECLI:NL:GHSHE:2023:1122

    Deze in artikel 2:394 BW geregelde verplichting heeft bij schending daarvan ex artikel 2:248 BW tot gevolg dat er sprake is van onbehoorlijk bestuur en geldt het weerlegbare bewijsvermoeden … curator niet uit dat er ook op andere grondslagen aansprakelijkheid op basis van artikel 2:248 BW en/of 2:9 BW en/of 6:162 BW aan de orde zal zijn. Dergelijke aansprakelijkheden

  • Civiel recht overigHoger beroep
    bestuurdersaansprakelijkheid, bestuurder geen bemoeienis met gewraakt handelen? derde-beleidsbepaler…

    Gerechtshof Den Haag10 december 2019ECLI:NL:GHDHA:2019:3238

    onbelangrijk verzuim als bedoeld in de slotzin van het tweede lid van artikel 2:248 BW. De gebreken aan de administratie zijn bovendien zodanig ernstig dat ook om die reden niet … beroep op disculpatie. 2.24. Ingevolge het bepaalde in het vierde lid van artikel 2:248 BW kan de rechter het bedrag waarvoor het bestuur aansprakelijk isverminderen indien hem dit bovenmatig voorkomt, gelet

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Appel van ECLI:NL:RBNHO:2015:2480. Aansprakelijkheid van feitelijke beleidsbepaler. Situatie waarin de…

    Gerechtshof Amsterdam27 juni 2017ECLI:NL:GHAMS:2017:2551

    herhaalt dat uiteindelijk [X] als de bestuurder de beslissingen nam. 3.6 Volgens art. 2:248 BW is iedere bestuurder jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk voor het tekort indien het bestuur zijn taak … belangrijke oorzaak is van het faillissement. Lid 7 van art. 2:248 BW bepaalt dat met een bestuurder gelijk gesteld wordt degene die het beleid van de vennootschap heeft bepaald of mede

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Artt. 2:10 en 2:248-1 BW; bestuurdersaansprakelijkheid; administratieplicht, kennelijk onbehoorlijk bestuur…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden12 november 2024ECLI:NL:GHARL:2024:6992

    onbehoorlijkheid van de taakvervulling in aanmerking moet worden genomen. Volgens de wetsgeschiedenis van artikel 2:248 BW is hierbij meer in het bijzonder gedacht aan handelen of nalaten dat als schuldige verwaarlozing … bepalen van het bestuursbeleid van belang zijn. Voor onbehoorlijke taakvervulling als bedoeld in artikel 2:248 BW is meer nodig, in het bijzonder dat onverantwoordelijk is gehandeld met de objectief te bepalen

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch3 april 2012ECLI:NL:GHSHE:2012:BW1092

    geval van haar faillissement, als bedoeld in de artt. 2:138 en 2:248 BW. In dit geval is echter aan de orde een eventuele aansprakelijkheid van een bestuurder jegens derden … aspect zou, indien juist, een rol kunnen spelen bij aansprakelijkheid uit hoofde van art. 2:248 BW, doch is van ondergeschikt belang bij de vraag of [geintimeerde] in zijn functie van bestuurder

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.