526 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtBeschikkingEchtscheiding met nevenvoorzieningen. Strafrechtelijke veroordeling van de man voor onder andere het…
Rechtbank Den Haag|14 november 2023|ECLI:NL:RBDHA:2023:19046
Echtscheiding met nevenvoorzieningen. Strafrechtelijke veroordeling van de man voor onder andere het mishandelen van de vijf kinderen. De vrouw krijgt eenhoofdig gezag. Geen omgangsregeling tussen de man en de kinderen. Wijziging geslachtsnaam van de kinderen niet mogelijk binnen echtscheidingsprocedure.…
- Personen- en familierechtEerste aanleg - enkelvoudigNevenvoorzieningen na echtscheiding. Partijen hebben overeenstemming over de hoofdverblijfplaats van de…
Rechtbank Amsterdam|22 april 2026|ECLI:NL:RBAMS:2026:4199
Nevenvoorzieningen na echtscheiding. Partijen hebben overeenstemming over de hoofdverblijfplaats van de kinderen en de zorgregeling. De rechtbank stelt een te betalen kinder- en partneralimentatie vast. Partijen hebben grotendeels overeenstemming over de verdeling. Tussen partijen is in geschil of sprake is van een…
- Personen- en familierechtEerste aanleg - meervoudigEchtscheiding met nevenvoorzieningen. Hoofdverblijfplaats. Eenhoofdig gezag toegewezen. Omgangsregeling…
Rechtbank Den Haag|17 maart 2026|ECLI:NL:RBDHA:2026:9747
Echtscheiding met nevenvoorzieningen. Hoofdverblijfplaats. Eenhoofdig gezag toegewezen. Omgangsregeling. Kinderalimentatie. Verdeling van de gemeenschap.
- Personen- en familierechtRekestprocedureEchtscheiding met nevenvoorzieningen. Ouderschapsplan ontbreekt, maar partijen zijn toch ontvankelijk. De…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|1 mei 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:3029
Echtscheiding met nevenvoorzieningen. Ouderschapsplan ontbreekt, maar partijen zijn toch ontvankelijk. De echtscheiding is uitgesproken. Partijen zijn het eens over het hoofdverblijf van de minderjarige . Kinderalimentatie is berekend. T.a.v. draagkracht vrouw alleen uitgegaan van inkomen uit arbeid, niet van winst…
- Personen- en familierechtCassatiePersonen- en familierecht. Relatievermogensrecht. Huwelijksgoederengemeenschap. Art. 1:94 lid 5 (oud) BW…
Hoge Raad|6 maart 2026|ECLI:NL:HR:2026:347
beginsel alle schulden op de huwelijksgoederengemeenschap verhaalbaar zijn. Op basis van art. 1:100 BW moet de huwelijksgoederengemeenschap bij helfte worden verdeeld. Slechts onder zeer uitzonderlijke omstandigheden kan van een verdeling
- Personen- en familierechtHoger beroepNaar Egyptisch recht geen bruidsgave verschuldigd indien de vrouw zelf de echtscheiding verzoekt…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|24 juni 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:1759
appellant] aan [geïntimeerde] ter zake van de bruidsgave in die gemeenschap valt. Ingevolge art. 1:100 BW hebben partijen immers een gelijk aandeel in de ontbonden gemeenschap. Daarom kan [geïntimeerde] ten aanzien
- Personen- en familierechtHoger beroepHuwelijksgoederenrecht. Vordering tot verdeling. Schulden kunnen niet verdeeld worden. Als een…
Gerechtshof Den Haag|7 maart 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:645
gemeenschapsschuld dan valt deze in de wettelijke gemeenschap van goederen. Op grond van artikel 1:100 BW hebben beide deelgenoten een gelijk aandeel in de wettelijke gemeenschap van goederen en partijen zijn
- Civiel recht overigHoger beroepverdeling; geen recht van reprise bij aanpassing van de woning; kosten van de huishouding
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 november 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:4872
schulden bij [creditcard] en [winkel] . Partijen zijn op grond van het bepaalde in art. 1:100 BW, ieder voor de helft, draagplichtig voor deze schulden. De exacte hoogte van deze schulden
- Personen- en familierechtHoger beroepVaststelling omvang en samenstelling van de huwelijksgemeenschap. Bewijslastverdeling.
Gerechtshof Den Haag|18 juni 2025|ECLI:NL:GHDHA:2025:1913
beginsel een gemeenschapsschuld waarbij beide partijen gelijk draagplichtig voor zijn (artikel 1:100 BW). Indien de man meer dan 50% van de betreffende schuld heeft betaald uit privévermogen bestaat er voor
- Personen- en familierechtEerste aanleg - enkelvoudigEchtscheiding bij verstek. Voor zover het verzoek tot verdeling ziet op bepalen dat de ene echtgenoot de…
Rechtbank Amsterdam|25 maart 2026|ECLI:NL:RBAMS:2026:3009
recht is daarop nog steeds van toepassing. 2.3.5. Op grond van artikel 1:100 BW dient de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap bij helfte te worden verdeeld, tenzij partijen (bij echtscheidingsconvenant) zijn overeengekomen
- Personen- en familierechtVerwijzing na Hoge RaadHuwelijksvermogensrecht. Verdeling bij helfte van de ontbonden gemeenschap is in de omstandigheden van het…
Gerechtshof Amsterdam|5 augustus 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:3118
Raad heeft in zijn arrest van 22 november 2013 het volgende vooropgesteld. Ingevolge artikel 1:100 BW hebben de echtgenoten in beginsel een gelijk aandeel in de ontbonden gemeenschap, zodat die gemeenschap
- Civiel recht overigHoger beroepregres in verband met betaling gemeenschapsschuld
Gerechtshof Amsterdam|21 juni 2011|ECLI:NL:GHAMS:2011:BR2366
beoordeling van dit verweer stelt het hof voorop dat [A.] en [geïntimeerde] ingevolge artikel 1:100 BW ieder voor de helft de schulden van de (ontbonden) huwelijksgemeenschap dienen te dragen
- Civiel recht overigHoger beroepHuwelijksvermogensrecht. Gemeenschapsschuld. Uitzonderlijke omstandigheden die afwijking van een draagplicht…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|3 april 2018|ECLI:NL:GHARL:2018:3056
onaanvaardbaar zijn als [appellante] als enige draagplichtig is voor de schuld. 4.4 Ingevolge artikel 1:100 BW hebben de echtgenoten een gelijk aandeel in de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap, zodat de ontbonden gemeenschap
- Personen- en familierechtHoger beroepVerdeling huwelijksgoederengemeenschap. IPR, Nederlands recht. Geen verknochtheid sieraden. Geen verdeling…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|19 september 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:8191
leningen ten behoeve van de gemeenschappelijke huishouding zijn aangegaan. 5.19 Ingevolge art. 1:100 BW hebben de echtgenoten in beginsel een gelijk aandeel in de ontbonden gemeenschap, zodat die gemeenschap bij helfte
- Personen- en familierechtHoger beroepGeschil over de omvang van de pensioenverrekening, tussen partijen overeengekomen bij akte van 5 november 1986.
Gerechtshof 's-Gravenhage|23 februari 2005|ECLI:NL:GHSGR:2005:AS7305
ontvangen dan [appellant]. Dat betekent dat - mede gelet op het bepaalde in artikel 1:100 BW - de redelijkheid en billijkheid met zich brengen dat [appellant] er vanuit mocht gaan dat een zodanige
- Civiel recht overigHoger beroepVerdeling huwelijksgemeenschap. Geen reconventie nodig voor het aanvoeren van een andere verdeling dan de…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 mei 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:1838
verdeling van de ontbonden gemeenschap partijen op grond van het bepaalde in artikel 1:100 BW in beginsel een gelijk aandeel in die ontbonden gemeenschap hebben. Tegen deze uitgangspunten zijn geen grieven
- Personen- en familierechtHoger beroepGeen gebruiksvergoeding over de periode voor de ontbinding van het huwelijk, over periode van leegstand. Ook…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|7 oktober 2009|ECLI:NL:GHSHE:2009:BL0287
peildatum zijn geen zodanig uitzonderlijke omstandigheden die afwijking van verdeling bij helfte ex artikel 1:100 BW rechtvaardigen. Evenmin is er grond om af te wijken van de onderlinge draagplicht bij helfte
- Personen- en familierechtHoger beroepVerdeling huwelijksgoederengemeenschap. Gemeenschapsschulden. Afwijking van de hoofdregel van verdeling bij helfte.
Gerechtshof Amsterdam|9 september 2014|ECLI:NL:GHAMS:2014:6105
vrouw heeft de stellingen van de man gemotiveerd betwist. 4.3. Ingevolge art. 1:100 BW hebben de echtgenoten als uitgangspunt een gelijk aandeel in de ontbonden gemeenschap, zodat die gemeenschap bij helfte
- Personen- en familierechtHoger beroepVerdeling huwelijksgemeenschap. Man is in eerste aanleg en in hoger beroep niet verschenen. Redelijkheid en…
Gerechtshof Den Haag|25 oktober 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:3169
overweegt het hof als volgt. Uitgangspunt is dat (ex-) echtgenoten op grond van artikel 1:100 BW ieder een gelijk aandeel hebben in de ontbonden huwelijksgemeenschap, zodat die gemeenschap in beginsel
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVernietiging tussen partijen gesloten echtscheidingsconvenant wegens rechtsvermoeden dwaling ex artikel 3:196 BW.
Rechtbank Rotterdam|30 mei 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:4946
resulterende overwaarde dient te worden bepaald, en wel bij helfte op grond van artikel 1:100 BW. In het kader van het verweer tegen de daarop gebaseerde vordering heeft de man zich
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.