736 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden…
Rechtbank Overijssel|11 mei 2026|ECLI:NL:RBOVE:2026:2642
boekhouder [naam 2] als getuige te horen. inkeer in de zin van artikel 69 lid 3 AWR Tot slot heeft de raadsman gesteld dat sprake is van inkeer van verdachte … artikel 69 lid 3 AWR. Verdachte was vóór de aanvang het onderzoek van de belastingambtenaren al begonnen met het op orde maken van de bedrijfsadministratie van zijn eenmanszaak [bedrijf]. Door het onderzoek
- Belastingrecht[A] is bestuurder en voor 99 percent aandeelhouder van [D] Beheer B.V., die enig aandeelhouder is van…
Parket bij de Hoge Raad|16 juni 2021|ECLI:NL:PHR:2021:611
onrechte niet geheven bedrag aan belasting. Dit volgt uit artikel 10a(3) Awr in samenhang met artikel 15(4) Uitv.besl. OB. Evenals voor andere vergrijpboeten is vereist dat opzet of grove schuld … evenmin plaatsvinden, omdat met een tijdige suppletie wordt voldaan aan de inkeerregeling van artikel 69(3) Awr. 2.8 Het blijft voor de inspecteur na suppletie wel mogelijk een verzuimboete op te leggen
- BelastingrechtHoger beroepIB/PVV en ZVW 2014 tot en met 2017. Het hof oordeelt dat de inspecteur niet beschikt over een nieuw feit. Het…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|8 november 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:3700
staat, omdat de aanslagtermijn drie jaar bedraagt zoals bepaald in artikel 11, lid 3, AWR. 4.4. De inspecteur heeft de primitieve aanslag IB/PVV 2016 op 26 oktober 2018 opgelegd en derhalve binnen … driejaarstermijn. De inspecteur heeft op grond van artikel 16, lid 3, AWR, een termijn van vijf jaar na het tijdstip waarop de belastingschuld is ontstaan om een navorderingsaanslag op te leggen
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank veroordeelt de verdachte tot een taakstraf van 228 uur. Mocht de taakstraf niet naar behoren…
Rechtbank Overijssel|31 juli 2023|ECLI:NL:RBOVE:2023:3018
ontvankelijkheid van de officier van justitie. Met betrekking tot de inkeerregeling van artikel 69 lid 3 Awr De raadsvrouw van verdachte heeft een beroep gedaan op de inkeerregeling zoals bedoeld in artikel … 3 Awr, omdat verdachte bij brief van 26 februari 2021 melding heeft gemaakt van zijn (privé)bankrekening in [plaats 2] . Hoewel de raadsvrouw ter zitting geen uitdrukkelijk verweer heeft gevoerd, zoals bedoeld
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigDe rechtbank Overijssel veroordeelt een 38-jarige man tot een taakstraf van 228 uren voor het meerdermaal…
Rechtbank Overijssel|31 juli 2023|ECLI:NL:RBOVE:2023:3017
ontvankelijkheid van de officier van justitie. Met betrekking tot de inkeerregeling van artikel 69 lid 3 Awr De raadsvrouw van verdachte heeft een beroep gedaan op de inkeerregeling zoals bedoeld in artikel … 3 Awr, omdat verdachte bij brief van 26 februari 2021 melding heeft gemaakt van zijn (privé)bankrekening in [plaats] . Hoewel de raadsvrouw ter zitting geen uitdrukkelijk verweer heeft gevoerd, zoals bedoeld
- BelastingrechtHoger beroepAanslagen Vpb 2013, 2014 en 2015. Artikel 3, lid 1, letter a, en lid 2, Wet Vpb; artikel 17a, letter a, Wet…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|31 oktober 2023|ECLI:NL:GHSHE:2023:3802
Aanslagen Vpb 2013, 2014 en 2015. Artikel 3, lid 1, letter a
- Strafrecht overigCassatieOpzettelijk onjuist doen van aangifte omzetbelasting voor escortbureau (art. 69 AWR) en opzettelijk in…
Hoge Raad|20 december 2022|ECLI:NL:HR:2022:1900Aangehaald in 6 uitspraken
hiervoor onder A.3 weergegeven verweer treft derhalve ook geen doel.” 2.3 Artikel 69 lid 3 AWR luidt, voor zover van belang, als volgt: “Het recht tot strafvervolging op de voet … geoordeeld dat de verdachte geen beroep toekomt op toepassing van de inkeerbepaling (artikel 69 lid 3 AWR) met betrekking tot het tenlastegelegde en bewezenverklaarde doen van onjuiste en onvolledige belastingaangiften voor haar
- BelastingrechtGemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 31 januari 2025 inzake: 24/01480 ECLI:NL:PHR:2025:130 en…
Parket bij de Hoge Raad|31 januari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:200Aangehaald in 11 uitspraken
omkering van de bewijslast wegens het niet doen van de vereiste aangifte (art. 25(3) AWR en art. 27e AWR. Die vragen zijn gerezen naar aanleiding van het zogenoemde trustvraagarrest … afwezigheid van alle schuld. 2 De stand van zaken 2.1 In art. 25(3) AWR is voor de bezwaarfase geregeld dat als een belastingplichtige de vereiste aangifte niet heeft gedaan, de bewijslast
- BelastingrechtVennootschapsbelasting. Vaste inrichting. Artikel 7:900 BW. Aanvullende werking van redelijkheid en…
Parket bij de Hoge Raad|5 oktober 2012|ECLI:NL:PHR:2012:BT7448
beroepen op het verstrijken van de 5 jaarstermijn van artikel 16 lid 3/20 lid 3 AWR alsmede voor zover het de aanslagbelastingen betreft van het recht zich te beroepen op het ontbreken
- BelastingrechtHoger beroepInformatiebeschikking, territoriale begrenzing op grond van artikel 47 en 52a AWR, schending met artikel 8…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 december 2024|ECLI:NL:GHSHE:2024:4081Aangehaald in 5 uitspraken
Informatiebeschikking, territoriale begrenzing op grond van artikel 47 en 52a AWR, schending
- BelastingrechtHoger beroepInkomstenbelasting. Verzwegen vermogen in Zwitserland. Navordering. Voortvarendheidstoets…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|25 maart 2014|ECLI:NL:GHARL:2014:2586
artikel 63 VWEU (vrijheid van kapitaalverkeer) nu de Inspecteur de vijfjaarstermijn van artikel 16, lid 3, AWR verder heeft overschreden dan noodzakelijk is. In dat verband heeft belanghebbende aangevoerd dat de standstill … tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel 16, lid 3, AWR is verstreken. 4.3. Op grond van deze regels moet, na het verkrijgen van aanwijzingen
- BelastingrechtBekendmaking belastingaanslagen aan niet langer bestaande vennootschap; status belanghebbende; bevoegdheid…
Parket bij de Hoge Raad|31 oktober 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1168
aanslagen zijn gedagtekend binnen de termijnen als bedoeld in art. 16(3), respectievelijk 20(3) AWR. De beide belastingaanslagen zijn echter volgens het Hof nog niet bekendgemaakt, terwijl deze termijnen inmiddels (ruimschoots … naheffingsaanslag omzetbelasting zijn gedagtekend binnen de termijnen als bedoeld in art. 16(3), respectievelijk 20(3) AWR. De beide belastingaanslagen zijn echter volgens het Hof nog niet bekendgemaakt, terwijl deze termijnen inmiddels
- BelastingrechtCassatieArt. 16, lid 4, AWR. Verenigbaarheid met EG-recht van een navorderingsaanslag die wordt opgelegd met…
Hoge Raad|9 april 2010|ECLI:NL:HR:2010:BM0476
tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel 16, lid 3, AWR is verstreken. De rechtvaardiging die het Hof van Justitie aanwezig heeft geacht voor de aan toepassing … mede heeft gegrond op de stelling dat de Inspecteur de vijfjaarstermijn van artikel 16, lid 3, AWR verder heeft overschreden dan noodzakelijk was in de hierboven in 2.1.2 bedoelde zin. Middel
- BelastingrechtCassatieArt. 16, lid 4, AWR. Verenigbaarheid met EG-recht van een navorderingsaanslag die wordt opgelegd met…
Hoge Raad|9 april 2010|ECLI:NL:HR:2010:BM0454
tijdstip waarop de ten aanzien van binnenlandse tegoeden geldende vijfjaarstermijn van artikel 16, lid 3, AWR is verstreken. De rechtvaardiging die het Hof van Justitie aanwezig heeft geacht voor de aan toepassing … mede heeft gegrond op de stelling dat de Inspecteur de vijfjaarstermijn van artikel 16, lid 3, AWR verder heeft overschreden dan noodzakelijk was in de hierboven in 2.1.2 bedoelde zin. Klacht
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende verstrekt in 2008 voor een totaalbedrag van $ 186 miljoen leningen aan in de [J] gevestigde…
Gerechtshof Den Haag|19 februari 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:388
standpunt van belanghebbende en overweegt daartoe als volgt. Op grond van artikel 11, lid 3, AWR vervalt de bevoegdheid tot het vaststellen van een aanslag – behoudens in het geval dat uitstel … wijze is bekendgemaakt. Voor de toepassing van artikel 5 in verbinding met artikel 11, lid 3, AWR komt de datum van bekendmaking dan in de plaats van de dagtekening van het aanslagbiljet
- BelastingrechtBijlage: ECLI:NL:PHR:2024:1185 Art. 2.17(4) en (9) Wet IB 2001. Herverdeling tussen partners mogelijk bij…
Parket bij de Hoge Raad|25 oktober 2024|ECLI:NL:PHR:2024:1133
meerdere ook na het verstrijken van vijf jaren op de voet van art. 16(3) AWR kan worden nagevorderd. 2.12 Het Hof heeft voorts overwogen dat de passage uit de parlementaire totstandkomingsgeschiedenis … verhogen. Wel kan de Inspecteur volgens het Hof op de voet van art. 16(3) AWR in dit verband alsnog een (tweede) navorderingsaanslag aan belanghebbenden opleggen. 2.14 Het Hof is op deze
- Strafrecht overigCassatie1. Inkeerbepaling art. 69.3 AWR en feitelijke leidinggever. 2. I.c. geen compensatie termijnoverschrijding…
Hoge Raad|19 december 2006|ECLI:NL:HR:2006:AY6710
ingediend ten aanzien van die aangiften. Een beroep op het bepaalde in artikel 69 lid 3 AWR, de zogeheten inkeerbepaling, vereist dat de verdachte tijdig is overgegaan, dan wel heeft doen overgaan … zijn gecorrigeerd. Gelet op de tenlastelegging kan de inkeer als omschreven in artikel 69, lid 3 AWR zoals die zou blijken uit de genoemde correctie-aangiften over januari, februari en juli
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|8 juli 1996|ECLI:NL:HR:1996:AA2028
toepassing zijnde heffingssysteem van de AWR, gedurende de termijn van artikel 11, lid 3, AWR in verbinding met artikel 66, lid 1, onder 2, Sw, geen navorderingsaanslag zou mogen opleggen … verzuim van aangifte geen andere sanctie ten dienste staan dan die van artikel 9, lid 3, AWR. 3.8. Dit noopt ertoe artikel 52, lid 2, Sw zo uit te leggen
- BelastingrechtHoger beroepVennootschapsbelasting. Verzuimboete ten onrechte opgelegd. Afwezigheid van alle schuld. Belanghebbende heeft…
Gerechtshof Den Haag|12 maart 2013|ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ6162
aangifte heeft ontvangen. 4. Ingevolge artikel 67a AWR, gelezen in samenhang met artikel 9, lid 3, AWR, kan voor het niet-tijdig indienen van de aangifte voor een aanslagbelasting een boete worden … AWR elk geval geen plaats is indien de aanmaning als bedoeld in artikel 9, lid 3, AWR niet door de belastingplichtige is ontvangen en hem evenmin op andere wijze heeft bereikt
- BelastingrechtCassatieAanmaning tot het doen van aangifte vereist voor omkering en verzwaring van de bewijslast.
Hoge Raad|14 april 2017|ECLI:NL:HR:2017:675Aangehaald in 135 uitspraken
doen van aangifte, maar tevens dat hij daartoe op de voet van artikel 9, lid 3, AWR is aangemaand, aldus het Hof. Het vijfde middel richt zich tegen dit oordeel
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.