318 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|3 juni 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF5087
heeft omgekeerd en dat dit in strijd is met het strafvorderlijk bewijsrecht en met art. 6 EVRM. 3.2. Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat hij: "in de periode
- Civiel recht overig31 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C03/103HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DE STAAT DER…
Parket bij de Hoge Raad|31 oktober 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AI0351
klacht van één van de drie, [betrokkene 1], een schending aangenomen van art. 6 EVRM. Het ging om een gebrek in de procedure die tot het strafvonnis heeft geleid. De beide medeverdachten … EVRM voortvloeiende verplichtingen tot het verzekeren van de in art. 6 EVRM neergelegde rechten en tot het voorzien in een "recours effectif"/"effective remedy" in geval van schending van die rechten, moet
- Strafrecht overigHoger beroepDe verdachte heeft gedurende een aantal jaren de belastingdienst omtrent zijn feitelijke woonplaats onjuist…
Gerechtshof Amsterdam|25 november 2003|ECLI:NL:GHAMS:2003:AN9010
De verdachte heeft gedurende een aantal jaren de belastingdienst omtrent zijn feitelijke woonplaats onjuist ingelicht. De verdachte heeft de belastingdienst voorgespiegeld dat hij in de jaren 1990 tot en met 1995 in Zuid-Afrika woonde en in Nederland niet belastingplichtig was, terwijl hij in werkelijkheid in…
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVerdachte heeft zich in de nacht van 16 op 17 maart 2002 schuldig gemaakt aan één van de zwaarste delicten…
Rechtbank Breda|15 december 2003|ECLI:NL:RBBRE:2003:AO0057
termijn geen gevolgen verbinden, omdat zij van oordeel is dat de redelijke termijn van artikel 6 EVRM niet is overschreden. Immers, onderhavige strafzaak dient als ingewikkeld en omvangrijk te worden beschouwd … grond van het bovenstaande acht de rechtbank de redelijke termijn van artikel 6 EVRM niet geschonden. Het openbaar ministerie kan derhalve in haar vordering worden ontvangen. 6 Schorsing der vervolging
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|4 maart 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF3334
behoorlijke strafrechtspleging, althans met de eisen die aan een eerlijk proces als bedoeld in artikel 6 EVRM moeten worden gesteld. Het [Hof] overweegt hierop als volgt. Het hof is van oordeel
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|6 mei 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF1924
zodoende, in strijd met het stelsel van (strafvorderlijk) bewijsrecht en met art. 6 EVRM, in het bijzonder de presumptio innocentiae, van verzoeker heeft gevergd dat deze een verklaring voor het aangaan … omstandigheid haar redengevendheid verliest, vgl HR NJ 1997, 584. Ook de waarborgen die art. 6 EVRM een verdachte toekent verhinderen "in situations which clearly call for an explanation of the accused
- Strafrecht overigCassatieOndervragingsrecht. Art. 6 lid 3 sud d EVRM is in acht genomen indien de verdachte de gelegenheid is geboden…
Hoge Raad|25 november 2003|ECLI:NL:HR:2003:AM2772
Beoordeling van het eerste middel 3.1. Het middel bevat onder meer de klacht dat art. 6 EVRM is geschonden, nu de verdachte in hoger beroep op geen enkel moment de gelegenheid heeft
- Strafrecht overigCassatie30 september 2003 Strafkamer nr. 02213/02 LR/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie…
Hoge Raad|30 september 2003|ECLI:NL:HR:2003:AI1571
verdachte verleende machtiging. Niet uitgesloten is evenwel dat op grond van het bepaalde in art. 6 EVRM in uitzonderlijke gevallen anders moet worden geoordeeld (vlg. onder meer HR 23 april
- Strafrecht overigCassatie8 juli 2003 Strafkamer nr. 00815/02 KD/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen…
Hoge Raad|8 juli 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF5454
middel acht zulks "in strijd met de beginselen van een behoorlijke procesorde en/of met art. 6 EVRM", nu de verklaring die de verdachte ten overstaan van de PEC Opsporingsmethoden heeft afgelegd
- Strafrecht overigCassatie6 mei 2003 Strafkamer nr. 02737/02 U EW/ABG Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen…
Hoge Raad|6 mei 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF5835
EVRM is geschonden en dat sprake is van dreigende flagrante schending van art. 6 EVRM hetgeen dient te leiden tot ontoelaatbaarverklaring van de verzochte uitlevering. 3.2. Blijkens de aan het proces-verbaal
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepIn geschil is de vraag of betrokkene in de periode 1994/1997 in een verzekeringsplichtige arbeidsverhouding…
Centrale Raad van Beroep|18 juni 2003|ECLI:NL:CRVB:2003:AH9126
namens appellante naar voren gebracht grief dat gedaagde de redelijke termijn op grond van artikel 6 EVRM heeft geschonden kan de Raad uitgaande van de datum van de primaire beslissing niet delen
- Personen- en familierechtHoger beroepHoofdelijk aansprakelijk voor premieachterstand sociale werknemersverzekeringen; medeverantwoordelijkheid…
Centrale Raad van Beroep|13 november 2003|ECLI:NL:CRVB:2003:AO0386
zijn verstreken. Dit gegeven leidt er toe dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM is overschreden. De Raad vindt hierin aanleiding om de opgelegde boete met 10% te matigen
- BestuursstrafrechtHoger beroepGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden|12 maart 2003|ECLI:NL:GHLEE:2003:AF6252
WAHV behorende bijlage, een criminal charge is als bedoeld in art. 6 EVRM. Dat brengt mee dat de betrokkene aan wie een dergelijke sanctie is opgelegd, op de voet van het tweede
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepCentrale Raad van Beroep · Hoger beroep · Socialezekerheidsrecht
Centrale Raad van Beroep|17 april 2003|ECLI:NL:CRVB:2003:AF8252
correctienota's in verband met overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM dienen te worden vernietigd dat, ervan uitgaande dat deze termijn is aangevangen met het bezwaarschrift
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepDient betrokkene als werkgever te worden aangemerkt? Is er sprake van aanzienlijke fraude?
Centrale Raad van Beroep|17 juli 2003|ECLI:NL:CRVB:2003:AI0429
beroep van appellant op de overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM betreft, is de Raad van oordeel dat dit beroep ten aanzien van de opgelegde correctienota
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigCollege van Beroep voor het bedrijfsleven · Eerste aanleg - meervoudig · Bestuursrecht overig
College van Beroep voor het bedrijfsleven|30 januari 2003|ECLI:NL:CBB:2003:AF4455
periode die vooraf gaat aan de indiening van een tuchtklacht, buiten de termijn van artikel 6 EVRM. Het vorenstaande neemt niet weg dat, zoals het College heeft overwogen in zijn uitspraak
- BestuursstrafrechtHoger beroepGerechtshof Leeuwarden · Hoger beroep · Bestuursstrafrecht
Gerechtshof Leeuwarden|29 april 2003|ECLI:NL:GHLEE:2003:AF9124
ander in het onderhavige geval zou neerkomen op een ontoelaatbare beperking van het in art. 6 EVRM gegarandeerde recht op toegang tot een onafhankelijke rechterlijke instantie. Bij een positieve beantwoording
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|1 april 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF4232
werken een ernstige inbreuk oplevert op het interne openbaarheidsbeginsel (in verband met art. 6 EVRM jo 14 IVBPR). In dit verband betoogt de verdediging nog: "het niet-verbaliseren van informatie
- BestuursstrafrechtHoger beroepart. 14 WAHV; Geen rechtsregel schrijft de rechter voor de (gemachtigde van de) betrokkene, die deugdelijk is…
Gerechtshof Leeuwarden|1 oktober 2003|ECLI:NL:GHLEE:2003:AM1900
desondanks in het hoger beroep dient te worden ontvangen, omdat de behandelend kantonrechter art. 6 EVRM zou hebben geschonden omdat hij de betrokkene op de voet van art. 6:6
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepWie dient op grond van art. 3 CSV als werkgever te worden aangemerkt? Kan een foute adressering leiden tot…
Centrale Raad van Beroep|3 juli 2003|ECLI:NL:CRVB:2003:AI0426
sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM. Het vorenstaande brengt mee dat de aangevallen uitspraak, voor zover deze in hoger beroep is aangevochten, dient
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.