300 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtHoger beroepArt. 7:4, lid 2 en 8:42, lid 1 Awb; art. 17 en 40 Wet WOZ De Heffingsambtenaar is niet verplicht om…
Gerechtshof Den Haag|13 juni 2023|ECLI:NL:GHDHA:2023:1290
Art. 7:4, lid 2 en 8:42, lid 1 Awb; art
- BelastingrechtCassatieWet waardering onroerende zaken; artikel 40 Wet WOZ; werkafspraken in relatie tot artikel 2, lid 3, van het…
Hoge Raad|20 december 2024|ECLI:NL:HR:2024:1880
heffingsambtenaar ervan mocht uitgaan dat voldaan was aan de verplichtingen van artikel 7:4 Awb en/of artikel 40 van de Wet WOZ. 3.4 Ook als met juistheid zou kunnen worden betoogd
- BelastingrechtHoger beroepDe inspecteur is bij het vaststellen van de aanslagen IB/PVV en Zvw 2014 afgeweken van de ingediende…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 mei 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:1572
gemotiveerd? Heeft de inspecteur gehandeld in strijd met de artikelen 7:2 en artikel 7:4 Awb (hoorrecht en recht op inzage) en, naar het hof begrijpt, artikel 8:42 Awb? Heeft
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigToezendplicht in bezwaar op grond van art. 40 Wet WOZ, vergelijkingsmethode, voldoende rekening gehouden met…
Rechtbank Rotterdam|8 februari 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:794
vastgestelde waarde. 3. De rechtbank overweegt als volgt. Uit de tekst van artikel 7:4 Awb en uit de wetsgeschiedenis bij dit artikel kan niet worden afgeleid dat het bestuursorgaan in alle … gerechtshof Amsterdam van 30 juni 2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:1878). Artikel 7:4 Awb vormt echter ook een belangrijke waarborg dat het bestuursorgaan een beslissing op bezwaar neemt op basis
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigTer zake van de omwisseling van aandelen in een beursfonds dat (uitsluitend) aandelen hield in een ander…
Gerechtshof Amsterdam|8 februari 2006|ECLI:NL:GHAMS:2006:AV1517
Ter zake van de omwisseling van aandelen in een beursfonds dat (uitsluitend) aandelen hield in een ander beursfonds is met de inspecteur een compromis gesloten dat heeft geleid tot een betaling. Belanghebbende ziet in deze betaling een afdracht van (dividend)belasting die van haar is ingehouden. Het Hof acht…
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigVoor deze uitspraak is geen samenvatting gemaakt.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|14 mei 2021|ECLI:NL:RBZWB:2021:3295
wordt belanghebbende in deze brief gewezen op de mogelijkheid om op grond van artikel 7:4 Awb inzage te verkrijgen in de op zaak betrekking hebbende stukken. 2.10. Belanghebbende heeft niet gereageerd … gebruik wil maken van het recht om gehoord te worden. 4.3.2. In artikel 7:4 Awb wordt het recht op inzage gekoppeld aan het horen. Een mededeling van een belanghebbende
- BelastingrechtCassatieWet WOZ; artikel 40, lid 2; gegevens die niet in het taxatieverslag zijn opgenomen.
Hoge Raad|15 maart 2024|ECLI:NL:HR:2024:393
verstrekken van het taxatieverslag zowel aan zijn verplichtingen op grond van artikel 7:4 Awb als aan zijn verplichtingen op grond van artikel 40, lid 2, Wet WOZ heeft voldaan. 4 Beoordeling
- BelastingrechtCassatieWet WOZ; artikel 40, lid 2; gegevens die niet in het taxatieverslag zijn opgenomen.
Hoge Raad|15 maart 2024|ECLI:NL:HR:2024:396
heeft geoordeeld dat de heffingsambtenaar niet verplicht was op grond van artikel 7:4 Awb de aanvullende gegevens waarom belanghebbende in de bezwaarfase had verzocht, digitaal beschikbaar te stellen
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigVoor deze uitspraak is geen samenvatting gemaakt.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|14 april 2021|ECLI:NL:RBZWB:2021:3294
inspecteur. Belanghebbende schrijft: “De belastingdienst heeft, geheel in strijd met (oa) art 7:4 Awb, art 7:3 Awb, (i) belastingplichtige niet een redelijke termijn gesteld voor het gebruik maken van diens
- BelastingrechtHoger beroepInformatievoorziening bezwaarfase; WOZ-waarde woning.
Gerechtshof Amsterdam|6 september 2022|ECLI:NL:GHAMS:2022:3789Aangehaald in 45 uitspraken
beschouwing laten. Informatievoorzienig in de bezwaarfase 5.2. Het Hof is van oordeel dat artikel 7:4 Awb niet de verplichting bevat tot toezending van alle op de zaak betrekking hebbende stukken
- BelastingrechtArtikel 24 (oud) AWR. Is dividendbelasting ingehouden?
Parket bij de Hoge Raad|16 januari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BG9898
bezwaarschriften op 10 augustus 2001 van een motivering voorzien en onder verwijzing naar art. 7:4 Awb inzage in hun dossier gevraagd. Zij hebben op 28 september 2001 hun dossiers ingezien … term 'de op de zaak betrekking hebbende stukken' in artikel 7:4 Awb vergelijkbaar is met de inhoud van diezelfde term in artikel 8:42 Awb. Het Hof komt hierna
- BelastingrechtArtikel 24 (oud) AWR. Is dividendbelasting ingehouden?
Parket bij de Hoge Raad|16 januari 2009|ECLI:NL:PHR:2009:BB3371
bezwaarschriften op 10 augustus 2001 van een motivering voorzien en onder verwijzing naar art. 7:4 Awb inzage in hun dossier gevraagd. Zij hebben op 28 september 2001 hun dossiers ingezien … term 'de op de zaak betrekking hebbende stukken' in artikel 7:4 Awb vergelijkbaar is met de inhoud van diezelfde term in artikel 8:42 Awb. Het Hof komt hierna
- BelastingrechtHoger beroepFormeel recht; art. 7:4, tweede lid, van de Awb; ter inzage legging stukken, voorafgaand aan hoorzitting. In…
Gerechtshof Amsterdam|31 juli 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:2706Aangehaald in 13 uitspraken
zenden; in de bezwaarfase geldt ter zake van diezelfde stukken op grond van artikel 7:4 Awb enkel een (passief) inzagerecht. Slotsom 5.3. De slotsom is dat het hoger beroep ongegrond
- BelastingrechtHoger beroepArtikel 7:4, lid 4 van de Algemene wet bestuursrecht verplicht de Heffingsambtenaar niet de op de zaak…
Gerechtshof Den Haag|16 augustus 2022|ECLI:NL:GHDHA:2022:1652Aangehaald in 32 uitspraken
hoorzitting, heeft verweerder aan de op hem rustende verplichtingen op grond van artikel 7:4 Awb voldaan. Ten aanzien van het in de bezwaarfase beschikbaar stellen van de twee matrices
- BelastingrechtHoger beroepWOZ-waarde woning. De Heffingsambtenaar mag die vergelijkingsverkopen kiezen die het beste voldoen aan het…
Gerechtshof Den Haag|9 december 2020|ECLI:NL:GHDHA:2020:2480Aangehaald in 13 uitspraken
Heffingsambtenaar niet verder dan dat belanghebbende en zijn gemachtigde op grond van artikel 7:4 Awb voorafgaand aan het horen inzage van de stukken kunnen krijgen. Belanghebbende heeft niet gesteld
- Bestuursrecht overigHoger beroepBij besluiten van 20 augustus 2021 heeft het Instituut Mijnbouwschade Groningen aan [appellant A] en…
Raad van State|6 november 2024|ECLI:NL:RVS:2024:4491
vernietigd, omdat [appellant A] en [appellant B] in bezwaar in strijd met artikel 7:4 Awb niet over een advies beschikten dat mede ten grondslag is gelegd aan de besluiten
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingKort geding; Belastingdienst niet verplicht tot verstrekking gegevens Luxemburgse tipgever. Infomatieplicht…
Gerechtshof 's-Gravenhage|24 april 2012|ECLI:NL:GHSGR:2012:BW4595Aangehaald in 12 uitspraken
belasting¬procedure, niet uit gedwongen openbaarmaking. 11. Het beroep van [appellanten] op artikel 7:4 Awb, dat in de bezwaarfase geldt, maakt dit niet anders. Uitgangspunt is immers dat de Belastingdienst
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|16 december 1998|ECLI:NL:HR:1998:AA2591
beslissing op het bezwaar aangegeven op welke grond dat is geschied. 2.6. Bij artikel 7:4 Awb is bepaald: "1. Tot tien dagen voor het horen kunnen belanghebbenden nadere stukken indienen
- BelastingrechtHoger beroepWet waardering onroerende zaken; uitspraak op bezwaar deugdelijk en voldoende gemotiveerd
Gerechtshof Amsterdam|15 januari 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:88
zenden; in de bezwaarfase geldt ter zake van diezelfde stukken op grond van artikel 7:4 Awb enkel een (passief) inzagerecht. Nu de stelling van belanghebbende dat een onderdeel van het dossier
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepWeigering WAO-uitkering. Onzorgvuldige voorbereiding. Verzoek om uitstel hoorzitting in verband met vakantie…
Centrale Raad van Beroep|10 januari 2006|ECLI:NL:CRVB:2006:AU9331
horen aanwezig kan zijn. Daarbij geldt, gelet op het bepaalde in artikel 7:4 Awb, dat de minimale termijn tussen oproeping en horen in ieder geval meer dan tien dagen bedraagt
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.