5 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigBeschikkingVerzet tegen heffing griffierecht in kort geding, waarin de gedaagde partij vrijwillig is verschenen…
Rechtbank Den Haag|11 januari 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:4177
vrijwillig verschijnt. Kort geding 23-555 betreft volgens hem een zaak als bedoeld in artikel 254 Rv, in welke zaken op grond van artikel 3 Wgbz griffierecht wordt geheven. In dit geval … niet anders is bepaald en vindt deze heffing in zaken als bedoeld in artikel 254 Rv plaats op de eerste zitting. Zaken als bedoeld in artikel 254 Rv zijn alle spoedeisende zaken
- ArbeidsrechtBeschikkingafwijzing wedertewerkstelling en betaling loon gelet op oordeel in verzoekschriftprocedure 6057237
Rechtbank Rotterdam|1 augustus 2017|ECLI:NL:RBROT:2017:6076
heeft na 3 april 2017 geen werkzaamheden bij ThuisZorgzeker verricht. 5 De beoordeling 5.1 Artikel 254 Rv bepaalt dat in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke
- Personen- en familierechtBeschikkingKort geding. Eis van moeder die in voorarrest in Penitentiaire Inrichting verblijft, om contact te hebben met…
Rechtbank Rotterdam|22 mei 2024|ECLI:NL:RBROT:2024:5117
worden dan ook bij gebrek aan belang afgewezen. Voorlopige omgangsregeling 4.2. Op grond van artikel 254 Rv is de voorzieningenrechter bevoegd in alle spoedeisende zaken waarin gelet op de belangen van partijen
- Personen- en familierechtBeschikkingVordering nakoming afspraak over verhuizing in ouderschapsplan afgewezen; uitleg ouderschapsplan over daarin…
Rechtbank Rotterdam|11 april 2025|ECLI:NL:RBROT:2025:4918
hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 5 De beoordeling in conventie Ontvankelijkheid 5.1. Artikel 254 Rv bepaalt dat in alle spoedeisende zaken waarin, gelet op de belangen van partijen, een onmiddellijke
- Civiel recht overigBeschikkingKort geding, nakomen overeenkomst. De mantelovereenkomst wordt gekenmerkt als een duurovereenkomst van…
Rechtbank Rotterdam|1 april 2021|ECLI:NL:RBROT:2021:3588
Kort geding, nakomen overeenkomst. De mantelovereenkomst wordt gekenmerkt als een duurovereenkomst van onbepaalde tijd. Gedaagde mocht de mantelovereenkomst opzeggen wegens zwaarwegende belangen, maar had gelet op de redelijkheid en billijkheid een langere opzegtermijn in acht moeten nemen.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.