8 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- VerbintenissenrechtBodemzaakIncident. O.g.v. de algemene voorwaarden is de Nederlandse rechtbank bevoegd. Partijen zijn niet afgeweken…
Rechtbank Den Haag|19 april 2023|ECLI:NL:RBDHA:2023:5713
overeenkomst voortvloeiende, rechtsbetrekking zijn ontstaan dan wel zouden kunnen ontstaan aan arbitrage onderwerpen. Artikel 1021 Rv bepaalt dat een overeenkomst tot arbitrage wordt bewezen door een geschrift. Daarvoor is voldoende een geschrift
- VerbintenissenrechtBodemzaakincident onbevoegheid toegewezen. Algemene voorwaarden, waarin een arbitratebeding is opgenomen, zijn…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|15 april 2026|ECLI:NL:RBZWB:2026:3064
overeenkomst beroept, tenzij de overeenkomst ongeldig is onder het op die overeenkomst toepasselijke recht. Artikel 1021 Rv bepaalt dat een overeenkomst tot arbitrage wordt bewezen door een geschrift. Daarvoor is voldoende
- Internationaal privaatrechtBodemzaakIncidentele vordering tot onbevoegdheid. Aannemingsovereenkomst. Arbitragebeding. Geen ondubbelzinnig en…
Rechtbank Noord-Holland|12 augustus 2026|ECLI:NL:RBNHO:2026:10261
geldigheid. De formele geldigheid ziet op (vorm)vereisten die aan de arbitrageovereenkomst worden gesteld. Artikel 1021 Rv bepaalt dat de overeenkomst schriftelijk moet zijn vastgelegd en uitdrukkelijk of stilzwijgend zijn aanvaard door
- Burgerlijk procesrechtBodemzaakVonnis in incident. Is er sprake van een arbitragebeding? Nee, in schriftelijke overeenkomst tussen partijen…
Rechtbank Amsterdam|1 juli 2026|ECLI:NL:RBAMS:2026:7111
ingeroepen. [gedaagde] was daarmee op tijd en is daarom ontvankelijk in het incident. 4.3. Artikel 1021 Rv bepaalt dat een overeenkomst tot arbitrage wordt bewezen door een geschrift dat in arbitrage voorziet
- Civiel recht overigBodemzaakHerroeping. Geen bedrog. Vergoeding van volledige proceskosten
Rechtbank Oost-Brabant|26 februari 2025|ECLI:NL:RBOBR:2025:1139
overeenkomsten tot stand zijn gekomen. Op grond van het schriftelijkheidsvereiste dat is neergelegd in artikel 1021 Rv geldt dan dat EYAN c.s. niet hadden kunnen bewijzen dat partijen arbitrage zijn overeengekomen. Volgens
- VerbintenissenrechtBodemzaakVonnis in incident. Onbevoegdheid ten aanzien van twee gedaagden i.v.m. arbitragebeding. De tegen de derde…
Rechtbank Noord-Holland|27 november 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:13707
Vonnis in incident. Onbevoegdheid ten aanzien van twee gedaagden i.v.m. arbitragebeding. De tegen de derde gedaagde gevorderde voorlopige voorziening (bestaande uit een voorschot op de gevorderde schadevergoeding) wordt afgewezen, om niet is gebleken dat eiser een zodanig dringend belang bij de gevraagde voorziening…
- Burgerlijk procesrechtBodemzaakBevoegdheidsincident in een zaak tussen een in de V.S. gevestigde vennootschap en een moeder- en…
Rechtbank Den Haag|19 augustus 2020|ECLI:NL:RBDHA:2020:8030
november 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX0331 (Baltic Shipping/Ingosstrakh) Artikel 1053 Rv. Artikel 1021 Rv. Burgerlijk Wetboek Artikel 3:33 en 3:35 BW. Afdeling 6.5.2 BW. Afdeling 6.5.3 BW. Artikel
- Civiel recht overigBodemzaakInternationaal privaatrecht; IPR; Incidentele vordering tot onbevoegdverklaring afgewezen. Bij de beoordeling…
Rechtbank Noord-Holland|24 augustus 2016|ECLI:NL:RBNHO:2016:6885
worden overeengekomen. Nu JFO een dergelijke overeenkomst betwist, dient de overeenkomst tot arbitrage ingevolge artikel 1021 Rv te worden bewezen door een geschrift. Een dergelijk geschrift is niet overgelegd. Aan de schriftelijkheidseis
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.