10 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- VerbintenissenrechtBodemzaakKansspelzaak. Tussenvonnis Voornemen tot stellen prejudiciële vragen aan de Hoge Raad.
Rechtbank Noord-Holland|12 juni 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:5808Aangehaald in 14 uitspraken
strafbaar heeft gehandeld. De kansspelovereenkomst is daarom (ver)nietig(baar) op grond van artikel 3:40 BW. Dat betekent dat hij zijn inleg onverschuldigd heeft betaald en dat Electraworks gehouden is deze … nietige overeenkomst in de zin van artikel 3:40 BW? Maakt het voor de beantwoording van vraag 3 nog uit of de kansspelaanbieder (of een daaraan gelieerde entiteit) voldeed aan de prioriteringscriteria
- Civiel recht overigBodemzaakDeense curator vordert terugbetaling door Nederlandse onderneming van betalingen die zijn ontvangen van…
Rechtbank Oost-Brabant|21 augustus 2024|ECLI:NL:RBOBR:2024:3760
zich naar Nederlands recht op onverschuldigde betaling (artikel 6:203 BW) en/of nietigheid (artikel 3:40 BW) en naar Deens recht op faillissementspauliana (artikel 64 DFw), schending van vennootschapsrecht (artikelen … Transacties bestaat dus een rechtsgrond en de betalingen zijn niet onverschuldigd gedaan. Nietigheid 3:40 BW; onaanvaardbaar naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid 4.19. De Curator beroept zich ook op onverschuldigde betaling
- VerbintenissenrechtBodemzaakKansspelzaak. Tussenvonnis. Verwijzing parkeerrol vanwege het voornemen van de rechtbank tot het stellen van…
Rechtbank Noord-Holland|12 juni 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:5847
illegaal en strafbaar heeft gehandeld. De kansspelovereenkomst is daarom (ver)nietig(baar) ex artikel 3:40 BW. Zodoende is sprake van onverschuldigde betalingen, zodat N1 gerechtigd is een bedrag … nietige overeenkomst in de zin van artikel 3:40 BW? Maakt het voor de beantwoording van vraag 3 nog uit of de kansspelaanbieder (of een daaraan gelieerde entiteit) voldeed aan de prioriteringscriteria
- Civiel recht overigBodemzaakKort Geding. Executiegeschil. Geen uitzondering op formele rechtskracht. Afwijzing conventionele vorderingen…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|8 februari 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:761
artikel 3:13 BW misbruik van bevoegdheid oplevert en op grond van artikel 3:40 BW in strijd is met de wet en goede zeden. In haar 240 bladzijde tellende dagvaarding legt
- Civiel recht overigBodemzaakZonder vergunning in Nederland aanbieden van online kansspelen. Geen terugbetaling verloren geld omdat het…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|29 mei 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:3524Aangehaald in 10 uitspraken
orde. 5.5. Bwin betwist dat van (ver)nietig(baar)heid op grond van artikel 3:40 BW sprake is. Volgens Bwin is het gelegenheid geven tot deelname aan een kansspel geen rechtshandeling
- VerbintenissenrechtBodemzaakKansspelzaak. Incident onbevoegdheid. Bevoegdheid op grond van Brussel I bis. Verzoek om tussentijds hoger…
Rechtbank Noord-Holland|17 januari 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:443
illegaal en strafbaar heeft gehandeld. De kansspelovereenkomst is daarom (ver)nietig(baar) ex artikel 3:40 BW. Zodoende is sprake van onverschuldigde betalingen, zodat [eiser] gerechtigd is dit terug te vorderen
- VerbintenissenrechtBodemzaakKansspelzaak. Tussenvonnis. Bevoegdheidsincident. Onvoldoende informatie voor ambtshalve beoordeling…
Rechtbank Noord-Holland|31 januari 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:1275
illegaal en strafbaar heeft gehandeld. De kansspelovereenkomst is daarom (ver)nietig(baar) ex artikel 3:40 BW. Zodoende is sprake van onverschuldigde betalingen, zodat [eiseres] gerechtigd is dit terug te vorderen
- OndernemingsrechtBodemzaakVordering tot vernietiging van een besluit van Vereniging FME tot het aangaan van gewijzigde CAO Metalektro…
Rechtbank Den Haag|27 november 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:19862
heeft FME niet gehandeld in strijd met de openbare orde of goede zeden (artikel 3:40 BW) of in strijd met de redelijkheid en billijkheid (artikel 2:8 BW), dan wel misbruik
- Civiel recht overigBodemzaakCryptovaluata, boilerroomfraude.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|8 mei 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:7554
voor recht te verklaren dat de overeenkomsten nietig zijn op grond van art. 3:40 BW jo. 23g Wwft, althans om voor recht te verklaren dat [gedaagde] onrechtmatig heeft gehandeld en/of toerekenbaar
- Civiel recht overigBodemzaakProcedure tussen moeder en dochter. Dochter is eigenares van een onroerende zaak die zij heeft verhuurd aan…
Rechtbank Oost-Brabant|6 maart 2024|ECLI:NL:RBOBR:2024:1029
Procedure tussen moeder en dochter. Dochter is eigenares van een onroerende zaak die zij heeft verhuurd aan de v.o.f. van moeder en vader. Tussen moeder en vader enerzijds en dochter anderzijds is een overeenkomst gesloten waarbij aan moeder en vader een voorkeursrecht c.q. koopoptie is verleend met betrekking tot de…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.