19 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- VerbintenissenrechtCassatieVerbintenissenrecht. Procesrecht (art. 25 Rv). Dwaling. Terugbetaling van koopsommen op grond van…
Hoge Raad|22 april 2022|ECLI:NL:HR:2022:596Aangehaald in 38 uitspraken
Procesrecht (art. 25 Rv). Dwaling. Terugbetaling van koopsommen op grond van onverschuldigde betaling (art. 6:203 BW). Klacht dat ten onrechte wettelijke handelsrente (art. 6:119a BW) is toegewezen. HOGE RAAD … verbintenissen tot terugbetaling zijn niet gebaseerd op de koopovereenkomsten, maar vloeien voort uit art. 6:203 BW. Art. 6:119a BW heeft alleen betrekking op de geldelijke tegenprestatie voor geleverde goederen
- Strafrecht overigCassatieOM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94a Sv op geldbedrag onder ander (A), die laptops en iPads van zijn…
Hoge Raad|25 juni 2019|ECLI:NL:HR:2019:1018Aangehaald in 8 uitspraken
buiten redelijke twijfel als eigenaar van inbeslaggenomen geldbedrag worden aangemerkt? Art. 3:40 en 6:203 BW. Rechter moet in geval als het onderhavige, waarin ex art. 94a Sv beslag rust … niet de strekking hebben de geldigheid van daarmede strijdige rechtshandelingen aan te tasten." - art. 6:203 BW: "1. Degene die een ander zonder rechtsgrond een goed heeft gegeven, is gerechtigd
- Civiel recht overigCassatieOnverschuldigde betaling; art. 6:203 BW. Miskenning door hof dat grieven mede ertoe strekten terugbetaling te…
Hoge Raad|13 februari 2015|ECLI:NL:HR:2015:302Aangehaald in 7 uitspraken
Onverschuldigde betaling; art. 6:203 BW. Miskenning door hof dat grieven mede ertoe strekten terugbetaling te verkrijgen van hetgeen ter uitvoering van vonnis was voldaan. Wettelijke rente, ingangsdatum, verzuim … zijn berekening dienen te betrekken. Vervolgens had het hof [verweerder] c.s. ingevolge art. 6:203 BW dienen te veroordelen het door [eiseres] te veel betaalde aan haar terug te betalen
- InsolventierechtCassatieInsolventierecht. WSNP. Ontstaansmoment vordering uit onverschuldigde betaling wegens vernietiging…
Hoge Raad|19 december 2014|ECLI:NL:HR:2014:3678Aangehaald in 32 uitspraken
rechtsgrond ontvalt aan een eerdere nakoming van een vonnis in eerste aanleg. 3.4.2 Art. 6:203 BW kent degene die zonder rechtsgrond heeft gepresteerd, een vordering toe strekkende tot ongedaanmaking … prestatie komt te ontvallen (TM, Parl. Gesch. Boek 6, p. 805). Uitgangspunt van art. 6:203 BW is dat op het ogenblik waarop jegens een ander zonder rechtsgrond wordt gepresteerd, voor degene
- Civiel recht overigCassatieArt. 81 RO. Onrechtmatig handelen door weigering teruglevering als onverschuldigd betaald aan te merken…
Hoge Raad|14 september 2012|ECLI:NL:HR:2012:BW9234
door weigering teruglevering als onverschuldigd betaald aan te merken varkensrechten. Art. 6:162 en 6:203 BW. 14 september 2012 Eerste Kamer 11/02850 DV/LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak
- Civiel recht overigCassatieOnverschuldigde betaling. Verjaring. Huurrecht. Huurverhoging wordt in appel (na vernietiging in cassatie en…
Hoge Raad|3 juni 2016|ECLI:NL:HR:2016:1052Aangehaald in 39 uitspraken
hoofde van onverschuldigde betaling moet de prestatie zonder rechtsgrond zijn verricht (vgl. artikel 6:203 BW). Met andere woorden: er mag op het moment van presteren geen rechtsverhouding, zoals een verbintenis, aanwijsbaar … vonnis van 28 december 2006 hadden verricht en ontstond er op grond van artikel 6:203 BW een opeisbare vordering tot ongedaanmaking van de door Momus II verrichte prestatie
- Civiel recht overigCassatie26 maart 2004 Eerste Kamer Nr. C02/243HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: de…
Hoge Raad|26 maart 2004|ECLI:NL:HR:2004:AN7849
standpunt van USZO dat zij buiten art. 21 BWOO om, op grond van art. 6:203 BW, het te veel betaalde van [verweerder] kan terugvorderen, derhalve onjuist … Algemene wet bestuursrecht. Bij de beoordeling van dit onderdeel moet worden vooropgesteld dat art. 6:203 BW uitdrukking geeft aan een beginsel dat voor het gehele recht geldt, en dat deze bepaling
- Civiel recht overigCassatieInvorderingswet 1990; art. 54. Naheffingsaanslag dochtervennootschap, die door Ontvanger in verrekening is…
Hoge Raad|13 februari 2015|ECLI:NL:HR:2015:299
door haar voldane naheffing CCI is verminderd, op de voet van art. 6:203 BW een vordering uit onverschuldigde betaling toekomt jegens de Ontvanger. De Invorderingswet 1990 en de Awb staan volgens … zich tegen het oordeel van het hof dat HCCI op de voet van art. 6:203 BW een vordering uit onverschuldigde betaling toekomt jegens de Ontvanger. Anders dan het hof heeft geoordeeld
- Civiel recht overigCassatieRelatievermogensrecht. Samenwoning zonder huwelijk, geregistreerd partnerschap of samenlevingscontract. Vrouw…
Hoge Raad|10 mei 2019|ECLI:NL:HR:2019:707Aangehaald in 151 uitspraken
informeel samenlevenden, indien aan de voorwaarden van onverschuldigde betaling (art. 6:203 BW) of ongerechtvaardigde verrijking (art. 6:212 BW) is voldaan, op een van die gronden een aanspraak heeft op teruggave
- BelastingrechtCassatieInkomstenbelasting/premie volksverzekeringen; art. 6.40, lid 1, aanhef en letter a, Wet IB 2001; aftrek…
Hoge Raad|12 juli 2024|ECLI:NL:HR:2024:1060Aangehaald in 477 uitspraken
bedrag, vanaf het moment van die toekenning onverschuldigd is betaald als bedoeld in artikel 6:203 BW. 3.2.2 Dit betekent naar het oordeel van de Rechtbank dat sprake is van een depotstorting
- Civiel recht overigCassatie30 januari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/218HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser]…
Hoge Raad|30 januari 2004|ECLI:NL:HR:2004:AN7327Aangehaald in 56 uitspraken
uitvoering van dit vonnis is verricht en dat dan op de voet van art. 6:203 BW een vordering tot ongedaanmaking van deze prestatie ontstaat (vgl. HR 19 februari
- Civiel recht overigCassatie9 september 2005 Eerste Kamer Nr. C04/094HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres]…
Hoge Raad|9 september 2005|ECLI:NL:HR:2005:AT4039Aangehaald in 39 uitspraken
uitvoering van dat vonnis is verricht en ontstaat op de voet van art. 6:203 BW een vordering tot ongedaanmaking van de verrichte prestatie. Het strookt met de eisen van een goede
- Civiel recht overigCassatieHuur bedrijfsruimte. Wederzijds ontbinding gevorderd wegens tekortkoming; art. 6:265 BW, vraag of…
Hoge Raad|7 juli 2017|ECLI:NL:HR:2017:1263Aangehaald in 13 uitspraken
hetgeen reeds ter uitvoering van dit vonnis is verricht. Op de voet van art. 6:203 BW ontstaat dan een vordering tot ongedaanmaking van deze prestatie. Het strookt met de eisen
- ArbeidsrechtCassatieArbeidsrecht. Bedrog door werknemer bij sluiten arbeidsovereenkomst. Mogelijkheid tot vernietiging…
Hoge Raad|7 februari 2020|ECLI:NL:HR:2020:213Aangehaald in 20 uitspraken
worden gehouden bij de terugvordering van hetgeen onverschuldigd is betaald als bedoeld in art. 6:203 BW, aldus het onderdeel. 3.2.1 Indien een werknemer een werkgever ertoe beweegt een arbeidsovereenkomst tot stand
- Civiel recht overigCassatieFinancieel recht. Procesrecht. Arbeidsovereenkomst bankdirecteur beëindigd met overeengekomen…
Hoge Raad|1 juni 2018|ECLI:NL:HR:2018:818Aangehaald in 15 uitspraken
betaling niet onder art. 1:125 lid 2 Wft valt, maar berust op art. 6:203 BW (onverschuldigde betaling). 3.5.5 Nu art. 1:125 lid 2 Wft in het voorliggende geval niet
- InsolventierechtCassatieFaillissementsrecht. Onverschuldigde betaling; terugbetalingsverplichting faillissementscurator in geval van…
Hoge Raad|8 juni 2007|ECLI:NL:HR:2007:AZ4569Aangehaald in 9 uitspraken
worden aangeknoopt bij de betekenis die het begrip "zonder rechtsgrond" heeft in art. 6:203 BW. De Hoge Raad heeft de terugbetalingsverplichting van de curator niet aangenomen voor elke na de faillietverklaring
- VerbintenissenrechtCassatieVerbintenissenrecht; rentederivaat. Informatieverstrekking bij renteswap. Aan beroep op dwaling te stellen…
Hoge Raad|4 oktober 2019|ECLI:NL:HR:2019:1500Aangehaald in 24 uitspraken
wederzijds een vordering uit hoofde van onverschuldigde betaling hebben verkregen als bedoeld in art. 6:203 BW. (rov. 3.18-3.19) De prestatie van ING, bestaande in het gedurende de looptijd
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|30 juni 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA6338
worden gehouden dat de debite-ring zonder rechtsgrond is geschied, zodat Ermer ingevolge art. 6:203 BW gerech-tigd is het bedrag van US$ 75.000,-- terug te vorderen. Het Hof heeft
- Civiel recht overigCassatieRelatievermogensrecht. Caribische zaak. Partijen hebben samengewoond en zijn nadien gehuwd geweest. Man…
Hoge Raad|26 mei 2023|ECLI:NL:HR:2023:773Aangehaald in 7 uitspraken
informeel samenlevenden, indien aan de voorwaarden van onverschuldigde betaling (art. 6:203 BW) of ongerechtvaardigde verrijking (art. 6:212 BW) is voldaan, op een van die gronden een aanspraak heeft op teruggave
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.