7 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtHoger beroepProcedure over diverse naheffingsaanslagen omzetbelasting. Voor zover belanghebbende zich beroept op…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 december 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:4559
procedure niet aan de orde kan komen. Enkele van de op artikel 29, lid 2, Wet OB 1968 gebaseerde correcties vervallen. Bovendien komt de vraag aan de orde of kosten van beroepsmatige
- Europees bestuursrechtHoger beroepAan belanghebbende is een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd in verband met de uitgifte en verkoop van…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 oktober 2012|ECLI:NL:GHSHE:2012:BY0552
onder vrijstelling voor handelingen inzake andere waardepapieren (artikel 11, lid 1, onderdeel 1, onder 2°, Wet OB 1968) dan wel voor handelingen betreffende andere handelspapieren (artikel 11, lid 1, onderdeel j, onder … 2°, Wet OB 1968). GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH Sector belastingrecht Vierde meervoudige Belastingkamer Kenmerk: 11/00650 Tussenuitspraak op het hoger beroep van X BV, gevestigd te Y, hierna: belanghebbende, tegen de schriftelijke uitspraak
- BelastingrechtHoger beroepOmzetbelasting. Artikel 29, lid 2, Wet OB 1968. Bestuurswisseling. Op het moment van het beëindigen van de…
Gerechtshof 's-Gravenhage|13 april 2012|ECLI:NL:GHSGR:2012:BX2250
Omzetbelasting. Artikel 29, lid 2, Wet OB 1968. Bestuurswisseling. Op het moment van het beëindigen van de fiscale eenheid verkeerde belanghebbende in een situatie dat redelijkerwijs moest worden aangenomen dat belanghebbende niet
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende heeft facturen ontvangen en heeft ter zake daarvan de voorbelasting in aftrek gebracht. De…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 februari 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:489
betwist dat artikel 29 Wet OB 1968 van toepassing is. 4.2. Artikel 29, lid 2, Wet OB 1968 luidde van 9 juni 1995 tot 1 januari 2017 als volgt: ‘2. De ondernemer
- BelastingrechtHoger beroepOmzetbelasting. Art. 3a, lid 2 Uitvoeringsbeschikking OB ’68, Art. 15 Wet OB 1968. Belanghebbende vormde tot…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 september 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:3955
handelingen niet tot belanghebbendes bedrijfsvermogen behoren, of handelingen als bedoeld in art. 15, lid 2 Wet OB 1968 heeft verricht, kan belanghebbende geen voorbelasting als bedoeld in artikel 2 en artikel
- VerbintenissenrechtHoger beroepArt. 11 lid 1 onder e sub 2 (oud) Wet OB 1968: vrijstelling van btw-plicht voor watersportverenigingen…
Gerechtshof Den Haag|21 juni 2022|ECLI:NL:GHDHA:2022:1055
arrest van het HvJEU is art. 11 lid 1 onder e sub 2 Wet OB 1968 aangepast met ingang van 1 januari 2017. Ingevolge deze wijziging geldt de vrijstelling niet voor
- BelastingrechtHoger beroepBelanghebbende bewijst voor de omzetbelasting niet dat de leveringen niet in Nederland zijn verricht…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 juni 2022|ECLI:NL:GHSHE:2022:1896
Belanghebbende bewijst voor de omzetbelasting niet dat de leveringen niet in Nederland zijn verricht. Belanghebbende maakt toepassing van het nihiltarief niet aannemelijk. De boete wordt vernietigd, omdat het door belanghebbende geschetste alternatieve scenario dat alle voor de toepassing van het nihiltarief van…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.