6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepVervolg van LJN BY6152. Art. 3:33, 3:35 en 3:307 BW. Uitleg van mondelinge pachtovereenkomst. Verjaring.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|9 april 2013|ECLI:NL:GHARL:2013:BZ8804
Vervolg van LJN BY6152. Art. 3:33, 3:35 en 3:307 BW. Uitleg van mondelinge pachtovereenkomst. Verjaring. GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem afdeling civiel recht zaaknummer gerechtshof 200.082.344 (zaaknummer rechtbank Utrecht
- Civiel recht overigHoger beroepBurengeschil over de aabouw van een serre; goederenrecht; nakoming overeenkomst, verjaring.
Gerechtshof Den Haag|19 februari 2013|ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ2335
hebben gesteld dat deze vordering is verjaard op grond van het bepaalde in artikel 3:307 BW. Deze stelling is juist. Er zijn immers méér dan vijf jaren verlopen sinds 2002, terwijl … overeenkomst en niet bijvoorbeeld tot opheffing van een onrechtmatige toestand, is artikel 3:307 BW aan de orde. [appellante] is met haar stelling dat er geen sprake is van een overeenkomst (akte
- Personen- en familierechtHoger beroepVerschuldigdheid van een 'ere'compensatie uit hoofde van het tussen partijen gesloten Mut'a huwelijk.
Gerechtshof Den Haag|4 juni 2013|ECLI:NL:GHDHA:2013:5254
opeising van het bedrag overgaat, in aanmerking genomen de hoogte daarvan. Ingevolge artikel 3: 307 BW verjaart een vordering tot nakoming van een verbintenis uit overeenkomst tot een geven of een doen
- Civiel recht overigHoger beroepToezegging door werkgever een ouderdomspensioen te verzekeren houdt niet in dat werkgever zich heeft…
Gerechtshof Den Haag|16 april 2013|ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ8982
grond dat deze vorderingen wegens het verstrijken van de verjaringstermijn van artikel 3:307 BW (vijf jaar), respectievelijk 3:310 BW (20 jaar) waren verjaard. 4. Grief I is gericht tegen
- Civiel recht overigHoger beroepArt. 21 Aw, art. 130 Rv ; Intellectueel eigendomsrecht ; Procesrecht. Vordering van betaald voetbalspelers op…
Gerechtshof Amsterdam|10 december 2013|ECLI:NL:GHAMS:2013:4501
hebben als meest vergaand verweer aangevoerd dat de VVCS naar analogie van artikel 3:307 BW in haar vorderingen niet-ontvankelijk verklaard moet worden nu het laten verlopen van een periode
- ArbeidsrechtHoger beroeploonvordering; bewijsopdracht werkzaamheden in overeenstemming met functieomschrijving in toepasselijke CAO
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|10 december 2013|ECLI:NL:GHSHE:2013:5974
rechtsvordering tot nakoming van een verbintenis uit overeenkomst verjaart op grond van artikel 3:307 BW door verloop van 5 jaar na de aanvang van de dag volgende op die waarop
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.