4 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepPraktijkovereenkomsten kwalificeren niet als arbeidsovereenkomst, nu het leerdoel overheerst. De…
Gerechtshof Amsterdam|25 juni 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:2134
leerdoel overheerst. De praktijkovereenkomsten tellen daarom niet mee bij de vaststelling ex art. 7:610b BW van de omvang van de daarnaast gesloten oproepovereenkomsten. Het tijdens een praktijkovereenkomst betaalde loon is niet … november 2015 van € 9,16. De kantonrechter heeft het beroep van [appellant] op artikel 7:610b BW, resulterend in een conclusie dat hij vanaf begin 2015 een arbeidsovereenkomst had voor
- Civiel recht overigHoger beroepArbeidsrecht. Loonvordering. Min-max (oproep)overeenkomst. Rechtsvermoeden omvang arbeidsduur. Goed werkgeverschap.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|21 mei 2019|ECLI:NL:GHARL:2019:4424
ontvangen en beroept zich ter onderbouwing van haar loonvordering op het rechtsvermoeden van artikel 7:610b BW. Gedurende de periode april tot en met november 2016 heeft [appellant] gemiddeld … loonbetaling, corresponderend met dat urenaantal. DH betwist primair dat het rechtsvermoeden van artikel 7:610b BW van toepassing is en betoogt subsidiair dat zij het rechtsvermoeden heeft weerlegd. 5.2 Artikel 7
- Civiel recht overigHoger beroepVaststelling arbeidsomvang. Loonvordering op grond van Cao voor het horeca- en aanverwante bedrijf…
Gerechtshof Amsterdam|19 februari 2019|ECLI:NL:GHAMS:2019:483
maand vanaf 1 december 2015 toewijsbaar is op grond van artikel 7:610b BW. 3.3 Lundi Finance heeft het oordeel van de kantonrechter met drie grieven bestreden. In grief 1 stelt Lundi … arbeidsomvang met ingang van 1 december 2015 geldt het (weerlegbare) vermoeden van artikel 7:610b BW. Omdat het gesprek over de inroostering eind juli 2015 plaatsvond acht het hof het juist
- ArbeidsrechtHoger beroepArbeidsrecht WWZ. Billijke vergoeding op grond van 7:681 lid 1 aanhef en onder a BW. Min/max contract…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|31 januari 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:322
zijn vernietigd. Volgens [appellant] zou hij op grond van het rechtsvermoeden van artikel 7:610b BW en artikel 14 van de cao recht hebben gehad op een vaste arbeidsomvang … geen sprake van een structurele overschrijding van het min/max-oproepcontract, zodat het rechtsvermoeden van artikel 7:610b BW niet geldt. Volgens [verweerster] is er in de periode maart 2017 tot en met november
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.