12 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Burgerlijk procesrechtKort gedingOp grond van art. 1:386 jo 1:349 BW is voor curator als eiser in rechte optreden machtiging van kantonrechter…
Rechtbank Noord-Holland|12 mei 2023|ECLI:NL:RBNHO:2023:4488
grond van art. 1:386 jo 1:349 BW is voor curator als eiser in rechte optreden machtiging van kantonrechter nodig, bij gebreke waarvan curator niet-ontvankelijk wordt verklaard. Machtiging ontbreekt. Volgt
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Jeugdcompetitie badminton. Gebod tot het verlenen van dispensatie met betrekking tot de '1…
Rechtbank Midden-Nederland|9 november 2018|ECLI:NL:RBMNE:2018:5525
voeren namens zijn minderjarige dochter zonder machtiging van de kantonrechter. 3.4. In artikel 1:349 BW staat dat de voogd van een minderjarige een machtiging van de kantonrechter nodig heeft … eiser] niet-ontvankelijk moet worden verklaard op grond van de artikelen 1:253k en 1:349 BW, slaagt dus niet. Spoedeisend belang 3.5. De voorzieningenrechter stelt vast dat [eiser] spoedeisend belang heeft
- Civiel recht overigKort gedingVerwijderingsbesluit onrechtmatig, leerling moet weer worden toegelaten tot basisschool.
Rechtbank Amsterdam|22 februari 2024|ECLI:NL:RBAMS:2024:961
achter deze procedure staat. Het tweede verweer dat, onder verwijzing naar de artikelen 1:349 BW jo.1:253k BW, [eiseres] niet-ontvankelijk moet worden verklaard, nu een procesmachtiging van de kantonrechter … wordt verworpen omdat in deze procedure zo’n machtiging niet nodig is. In artikel 1:349 BW staat dat de voogd van een minderjarige een machtiging van de kantonrechter nodig heeft
- OndernemingsrechtKort gedingOpheffing conservatoir beslag op aandelen Slotervaartziekenhuis. De familie Erbudak had beslag laten leggen…
Rechtbank Noord-Holland|20 december 2013|ECLI:NL:RBNHO:2013:12721
vertegenwoordiger van Merdan in de gelegenheid gesteld om een machtiging als bedoeld in artikel 1:349 BW over te leggen. Iedere verdere beslissing werd aangehouden. 2.15. Op 16 oktober 2013 is tussen
- Civiel recht overigKort gedingStaken publicatie en promotie boek en rectificatie
Rechtbank Rotterdam|25 februari 2016|ECLI:NL:RBROT:2016:1431
dochter op te treden. Op grond van artikel 1: 253k BW juncto artikel 1:349 BW dient [eiser 1] derhalve niet-ontvankelijk te worden verklaard in de door hem in zijn hoedanigheid
- Civiel recht overigKort gedingMoeder verlaat huurwoning met achterlating van haar beide dochters en vordert in kort geding ontruiming door…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|16 maart 2004|ECLI:NL:RBSHE:2004:AO5646
heeft ten onrechte niet de beschikking over de machtiging van de kantonrechter ex artikel 1:349 BW (jo. 1:253k BW) om voor de minderjarige in rechte als eisende partij
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Vader en moeder vorderen namens drie minderjarige kinderen de Staat te veroordelen om de…
Rechtbank Den Haag|7 november 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:18127
niet-ontvankelijk wordt verklaard. Via het bepaalde in artikel 1:253k BW is artikel 1:349 BW van overeenkomstige toepassing op het bewind van ouders over het vermogen van hun kinderen, waaronder
- Civiel recht overigKort gedingRechtbank Rotterdam · Kort geding · Civiel recht overig
Rechtbank Rotterdam|26 februari 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:2593
kantonrechter ingediend spoedverzoek tot verlening van een machtiging op grond van artikel 1:349 BW voor het optreden namens minderjaren. [gedaagde] heeft bij brief van 12 februari 2026 [gedaagde] bezwaar gemaakt tegen
- Civiel recht overigKort gedingDe kort gedingrechter van de rechtbank Breda heeft bepaald dat de Stichting Abot Kamay de publicatie van een…
Rechtbank Breda|3 februari 2009|ECLI:NL:RBBRE:2009:BH1712
rechte op namens de minderjarige maar alleen voor zichzelf. Bovendien zou ingevolge artikel 1:349 BW, op straffe van niet-ontvankelijkheid, het instellen van de vordering namens de minderjarige slechts mogelijk zijn
- Civiel recht overigKort gedingRechtbank Utrecht · Kort geding · Civiel recht overig
Rechtbank Utrecht|31 juli 2001|ECLI:NL:RBUTR:2001:AB2909
Stichting ingeroepen artikelen, te weten artikel 1:253k BW in samenhang met artikel 1:349 BW, niet van toepassing zijn. 3.6. De Stichting heeft voorts als verweer aangevoerd dat de ouders, voor
- Civiel recht overigKort gedingEisers vragen een uitgebreider gebiedsverbod dan door de strafrechter is bepaald. Eisers eisen daarnaast…
Rechtbank Midden-Nederland|6 september 2013|ECLI:NL:RBMNE:2013:3682
namens hun minderjarige dochter, [minderjarige]. Ingevolge artikel 1:253k BW in samenhang met artikel 1:349 BW is daarvoor een machtiging van de kantonrechter vereist. Nu de ouders deze in het geding
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Eiser vordert dat gedaagde op sociale media geen uitlatingen over hem meer doet, reeds gedane…
Rechtbank Rotterdam|27 februari 2026|ECLI:NL:RBROT:2026:2075
zijn kinderen. Op grond van artikel 1:253k BW in combinatie met artikel 1:349 BW behoeft een ouder een machtiging van de kantonrechter voor het instellen van vorderingen namens een minderjarige
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.