5 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- InsolventierechtRekestprocedureWHOA, afkondiging van een afkoelingsperiode. Verzoeker is doende een akkoord aan te bieden aan de…
Rechtbank Noord-Nederland|19 maart 2021|ECLI:NL:RBNNE:2021:5095
rechtbank thans dient vast te stellen welk soort akkoordprocedure als bedoeld in art. 369 lid 6 Fw door [verzoeker] is gekozen bij de voorbereiding van het akkoord. Vervolgens dient de rechtbank
- InsolventierechtRekestprocedureWHOA, afkoelingsperiode afgewezen omdat verzoeker onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van de…
Rechtbank Noord-Nederland|4 maart 2024|ECLI:NL:RBNNE:2024:858
rechtbank nu moet vaststellen welk soort akkoordprocedure als bedoeld in art. 369 lid 6 Fw door [verzoekers] is gekozen bij de voorbereiding van het akkoord. Vervolgens moet de rechtbank beoordelen
- InsolventierechtRekestprocedureWhoa. Afwijzing verzoek ex artikel 376 Fw.
Rechtbank Noord-Holland|24 december 2025|ECLI:NL:RBNHO:2025:15474
rechtbank moet vaststellen voor welk soort procedure, zoals bedoeld in artikel 369 lid 6 Fw, is gekozen bij de voorbereiding van het akkoord. Tevens moet de rechtbank beoordelen of aan haar rechtsmacht
- InsolventierechtRekestprocedureWHOA, verzoek afkoelingsperiode en nevenvoorzieningen afgewezen omdat verzoeker onvoldoende aannemelijk heeft…
Rechtbank Noord-Nederland|13 maart 2024|ECLI:NL:RBNNE:2024:859
rechtbank nu moet vaststellen welk soort akkoordprocedure als bedoeld in art. 369 lid 6 Fw door [verzoekers] is gekozen bij de voorbereiding van het akkoord. Vervolgens moet de rechtbank beoordelen
- InsolventierechtRekestprocedureWhoa. Afkondiging afkoelingsperiode en aanwijzing observator.
Rechtbank Noord-Holland|25 september 2025|ECLI:NL:RBNHO:2025:12524
rechtbank moet vaststellen voor welk soort procedure, zoals bedoeld in artikel 369 lid 6 Fw, is gekozen bij de voorbereiding van het akkoord. Vervolgens moet de rechtbank beoordelen of aan haar rechtsmacht
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.