5 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigPartijen waren gehuwd in algehele gemeenschap van goederen. Partijen hebben de huwelijksgoederengemeenschap…
Rechtbank Almelo|14 september 2005|ECLI:NL:RBALM:2005:AU9910
gemeenschap gevallen. Het subsidiaire beroep van de vrouw op artikel 1:164 BW gaat niet op, nu er een redelijke prijs tegenover stond, welke in de gemeenschap is gevloeid en waarvan … vrouw heeft meegeprofiteerd. Overigens verzet de zes maanden termijn van artikel 1:164 BW zich tegen de ontvankelijkheid van de vrouw ten aanzien van die subsidiaire vordering. Derhalve dient de conventionele vordering
- Civiel recht overigHoger beroepPartijen zijn in algehele gemeenschap van goederen gehuwd geweest. Dit huwelijk is op 31 oktober 1995…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|8 maart 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:AT9883
geval sprake is geweest van verspilling van gemeenschapsgoederen voorafgaande aan de ontbinding (art. 1:164 BW) of in geval van een afwijkende afspraak tussen partijen, maar een dergelijke uitzondering is niet gesteld … onderbouwd. Dit geldt eveneens indien hij bedoeld heeft een beroep te doen op art. 1:164 BW (verspilling), nog afgezien van het feit dat de vervaltermijn, genoemd in het tweede
- Civiel recht overigHoger beroepNaar het oordeel van het hof is geen overeenkomst, ook geen deelovereenkomst, tot financiële afwikkeling tot…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 januari 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:AT8294
rechtbank (rov. 3.16 tussenvonnis van 18 oktober 2001) begrijpt op artikel 1:164 BW. Ingevolge lid 3 van deze bepaling vervalt het recht om op deze grond te vorderen drie jaar
- Civiel recht overigKort gedingHet beroep van de vrouw op (haar rechten krachtens) de huwelijkse voorwaarden is geenszins naar maatstaven…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|25 januari 2005|ECLI:NL:GHSHE:2005:AT8296
gesteld noch gebleken is dat daarbij sprake was een situatie als bedoeld in artikel 1:164 BW) moeten worden verdeeld. Vandaar dat wel juist is, zoals de rechtbank deed
- Civiel recht overig28 januari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/298HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [De…
Parket bij de Hoge Raad|28 januari 2005|ECLI:NL:PHR:2005:AR5382
BW, die opgaat in gevallen waarin niet ook andere (specifieke) regels, zoals bijvoorbeeld art. 1:164 BW of 3:194 lid 2 BW, van toepassing zijn. Waar de ene echtgenoot niet onrechtmatig
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.